Weekend magazine cover
  • In dit nummer Path 400 Created with Sketch.

  • Z Magazine - juli 2017 Path 400 Created with Sketch.

  • Menu Path 400 Created with Sketch.

Oval 3 + Path 400

Not As Usual


Fake vrienden voor fake-selfies

Het Japanse bedrijf Real Appeal adverteert met stand-in vrienden en vriendinnen die komen opdagen op verjaardagsfeestjes en andere partijen. Speciaal om een selfie te maken die daarna gedeeld kan worden via Instagram.

Volgens Real Appeal helpt het maken en delen van succesvolle selfies met knappe, leuke mensen bij de stijging op de maatschappelijke ladder. Het bedrijf is een dochterbedrijf van Family Romance dat opereert is dezelfde branche. Zij voorzien single mensen die niet alleen naar een bruiloft durven van een tijdelijke ‘partner’.

De kosten voor een fake-vriend of –vriendin bedragen slechts zeventig euro per keer. Voor dat bedrag komt de stand geliefde al voor een avond opdagen. Er zit geen max aan het aantal bestelbare opvulvrienden. Helaas is er ook geen discountkorting.


Is dit de sterkste koffie ter wereld?

Wie ’s ochtends al gaat stuiteren bij zo’n mierzoete emmer Starbucks moet ver weg blijven bij een espressokopje Black Insomnia. Het Zuid-Afrikaanse merk is de creatie van koffiemaker Sean Kristofor. Hij claimt dat Black Insomnia met 702 milligram cafeïne per 340 gram bonen de sterkste koffie van de wereld is.

Volgens Kristofor zijn er nog een negental andere koffies die dit via Amazon beweren, maar dat zijn volgens hem allemaal opscheppers die hun genoemde cafeïnegehalte bovendien niet in een officieel Zwitsers lab laten controleren.

Kan het nog sterker? Volgens Kristofor is dat technisch geen probleem, al beginnen ze er niet aan. De hoeveelheid cafeïne van Black Insomnia wordt tijdens de productie opzettelijk verminderd, zodat de koffie geschikt blijft voor consumptie. Over deze grens heengaan, zou volgens de mensen achter Black Insomnia gevaar op kunnen leveren voor de volksgezondheid.

Even een luxe waggie trekken

Een paar minuutjes rondneuzen op een enorm touchscreen, de creditcard trekken en huppekee daar komt die nagelnieuwe Bentley, Ferrari of Porsche naar beneden suizen. In Singapore kan het want daar is nu de eerste luxury car vending machine van de wereld geopend.

De autoautomaat is liefst vijftien verdiepingen hoog en bevat zestig voertuigen tegelijk. Het aankoopproces is kinderlijk simpel. Na keuze en betaling duurt het slechts twee minuten voor de auto rijklaar voor je neus staat.

Initiator is de Zuid-Aziatische autoverkoper Autobahn Motors, een dealer die ooit begon met tweedehandsjes maar nu dus het luxe topsegment in de aanbieding heeft. Inmiddels heeft het concept navolging gekregen. Ook in het Amerikaanse Carvana is een soortgelijke automatische autodealautomaat geopend.

“Ik vind een bedrijf leiden helemaal niet leuk”

Atilay Uslu is oprichter van de snel groeiende touroperator Corendon. Met de 'grote vakantie' voor de deur, is hij al weer bijna klaar met de inkoop van bedden en bestemmingen voor vólgend jaar.

Atilay Uslu ontvangt op de bovenste verdieping van het Corendon Vitality Hotel in het westen van Amsterdam. Vanachter zijn bureau heeft hij pontificaal uitzicht op de knalrode reclameletters die bovenop het gebouw pronken. Uslu vertelt dat hij soms het dakterras opgaat. Tussen de o en de r kijkt hij uit over de stad.

Twee jaar geleden opende het hotel haar deuren voor de eerste gasten. Naast hotels en een touroperator bestaat Corendon ondertussen uit een vliegtuigmaatschappij met eigen vliegtuigen. Wat begon als een kleine, Haarlemse Turkijespecialist die heimwee-immigranten in de zomer naar het land van herkomst bracht, is inmiddels een brede reisorganisatie die elke type reiziger van vertrek tot thuiskomst bedient.

Hoe lees je het nieuws, altijd met een schuin oog op ontwikkelingen die de bestemmingen van Corendon direct raken?
“De meeste tijd gaat naar nieuws. Ik lees alle kranten als ik ’s ochtends opsta. Vroeger van papier. Nu van de iPad. Daar leef ik mee.”

"Escalatie kost geld"

Kun je een voorbeeld geven?
“Laatst waren er verkiezingen in Gambia (een van de veertien bestemmingen van Corendon red.). De zittende president moest weg maar die vond het zo leuk om president te zijn dat hij bleef. Tsja, daar zitten wij dan mee. Want wij hebben op dat moment een kleine duizend klanten in Gambia.”

Wat doe je dan?
“Hopen dat het niet escaleert want escalatie kost geld. Wij gaan in geval van nood dag en nacht live om in de gaten te houden wat er gebeurt. In een speciale Whatsappgroep delen we informatie. Toen Senegal Gambia dreigde binnen te vallen hebben we besloten iedereen terug naar Nederland te halen. Dat kostte ons een miljoen. Een dag later trad de president alsnog af.”


Atilay in de 'cockpit-kamer' in zijn Corendon Vitality Hotel 

Hoe neem je als touroperator een positie in?
“Niet. We hebben mensen voor ons werken die ons veel informatie geven. Zij vertellen wie goed en wie slecht is. We gebruiken meerdere kanalen om objectief te kunnen zijn. Maar uiteindelijk maakt het ons niet uit welke president er zit. Dat is aan het volk.”

Hoe doe je dat met inkopen van bedden en kiezen van bestemmingen? Je kunt moeilijk in de toekomst kijken.
“Maar dat moet je toch doen. De inkoop voor volgend jaar is over een maand klaar.”

Er wordt altijd een jaar vooruit gepland?
“Ja. Voor 2018 weten we nu al dat het een Griekenlandjaar wordt. Dat is dit jaar al bezig. Maar volgend jaar zet het door. Ik heb dertigduizend stoelen extra ingepland.”

Neem de couppoging een jaar geleden in Turkije. Er gebeuren totaal onverwachte dingen.
“Turkije is het meest makkelijke land. Van Turkije weet je namelijk dat het altijd onvoorspelbaar is. Het voordeel van de Turkije is dat er veel bedden zijn. Dus als het ineens nodig is, kun je heel veel boeken.”

Wat voor afspraken maak je?
“Wij nemen garanties af. Dus zo veel bedden voor een bepaalde prijs. Maar als er een incident is, dan vallen alle garanties weg. En weet je wat? Er is altijd een incident.”

Dus onzekerheid is je enige zekerheid?
“Ja.”

"Als ik 's ochtends binnenstap weet ik echt niet wat er die dag gaat gebeuren."

Hoe zit dat met de andere landen?
“Het moeilijkste, om andere redenen, zijn Spanje, Portugal en Griekenland. Daar moet je op bedniveau plannen. Hogere wiskunde. De kwaliteit is niet te vergelijken met Turkije dat met hotels op level tien zit terwijl een land als Spanje op vier zit. Dat heeft met achterblijvende investeringen en gestegen werkgeverslasten te maken. Nu komen we weer met een citytax. In Turkije is de kwaliteit hoog en de prijs laag. In Spanje is dat omgekeerd.”

Wat voor rol speelt de actualiteit in Turkije in het maken van deals met andere vakantielanden?
“Je ziet dat een land als Spanje de grens opzoekt. Toeristen die uitwijken naar Spanje wordt de hoofdprijs gevraagd. Dit keert zich tegen Spanje. Dit jaar is er een kopersstaking. Spanje is niet gegroeid maar gedaald. Meer Griekenland, minder Spanje; dat is mijn voorspelling.”

Is dat een aantrekkelijke kant van je werk, dat je zo verbonden bent met de ontwikkelingen in de wereld?
“Ik denk dat iedereen dat op een of andere manier stiekem toch wel leuk vindt. Het draait er om dat je het onmogelijke mogelijk maakt. Op het laatste moment nog even zes vliegtuigen voor de Ajax-finale in Stockholm regelen, dat soort dingen. Ik weet ’s ochtends als ik hier binnenstap echt niet wat er die dag gaat gebeuren.”

Atilay memoreert aan een mislukte aanslag, de dag ervoor bij het vliegveld van Brussel waar Corendon ook vliegt. Wat was er gebeurd als die spijkerbom wél was afgegaan?
“We weten dat de nasleep van een aanslag zo’n twee weken duurt. Was het misgegaan, dan moet je de capaciteit vanaf Brussel onmiddellijk verminderen. Dat verplaatst dan naar Nederland. Hier heb je een dag of vier effect. Uit ervaring weten we dat. Daarna herstelt de situatie zich weer en keren we terug naar het oude niveau.”

Dus je kunt inmiddels inschatten wat de nasleep van een aanslag is?
 “Ja. Een bomaanslag in Istanbul heeft een dag effect. Maar is er een aanslag in Antalya, dan heeft dat twee weken effect. Wat ook meespeelt: zijn er Nederlanders geraakt? Dan komt het hier in het nieuws. Anders is een aanslag in Istanbul hier eigenlijk geen nieuws meer. Vroeger waren bomaanslagen groot nieuws. Tegenwoordig zijn ze inherent aan ons leven geworden.”

Wat is nog meer van invloed op de boekingen?
“Mooi weer. Met mooi weer boeken mensen minder last-minute. Mooi weer is slecht voor ons, haha.”

Je bent teruggetreden als CEO van het bedrijf. Waarom?
“Ik vind een bedrijf leiden helemaal niet leuk.”

"Ik wil met bier, wijn en koffie zaken doen"

Wat is het minst leuke er aan?
“Saai gewoon. Je hebt OR, werkoverleggen, commissies. Het is gewoon: vergaderen. En ik hou niet van vergaderen. Ik wil met bier, wijn of koffie zaken doen. Daar ben ik goed in. Dat is mijn sterke kant. Niet de hele dag vergaderen en lekker interessant doen.”

Was het moeilijk om een goeie vervanger te vinden?
“Heel moeilijk. Dus heb ik de CEO bij onze grote concurrent (TUI red.) weggehaald. En die kwam. Daar ben ik blij mee.”

Wat doe je nu?
“Ik hou me bezig met nieuwe bestemmingen, nu bijvoorbeeld Sicilië. Daar ga ik heen. Morgen bijvoorbeeld. Bedden inkopen.”

Hoe onderhandel je met die hoteleigenaren daar?
“Ik trigger die eigenaren. Ik zeg: als jij bij ons een score haalt van achtenhalf in de reviews, krijg je twee ton bonus van mij. Bij een acht krijg je een ton. Haal je een zeveneneenhalf, krijg je niks. Krijg je een zeven, moet jij een ton aan mij betalen. Dat zetten we in het contract.”

Een zeven is onvoldoende?
“Ja, voor ons is een bestemming makkelijk verkoopbaar als de gasten het complex een cijfer boven een acht geven. Daaronder wordt het steeds moeilijker. Of een zeven moet heel goedkoop zijn. Maar eigenlijk is dat een onvoldoende. Die bonus is fractie van de marketingkosten die je bespaart.”

Hoe pikt een hoteleigenaar zo’n signaal op?
“Wat ze doen, ze gaan naar iedere klant toe. Gaan ze extra leuk doen. Gratis biertje, komen ze ‘m ook nog brengen. Extra aandacht geven. En dan vragen: willen jullie ons wel een goed cijfer geven? En dat is prima! Wat daarvoor gaan mensen op vakantie! Om verwend te worden. Als klanten maar niet met een pistool op hun hoofd een tien moeten geven, dan vind ik het best.”

Heb jij moeite om werk en vrij tijd in evenwicht te houden?
“Helemaal niet. Ik heb ook nooit dat ik deadlines niet haal. En ik slaap acht uur per nacht.”

Atilay vertelt op weg naar de lift dat hij zijn dag in blokjes indeelt, althans: dat doet zijn assistente voor hem. Hij denkt dat zijn geheim is dat hij zich goed kan concentreren. Ieder blokje weer.

"Ik adem dit bedrijf"

We komen er op of Atilay er bezwaar tegen heeft dat hij vereenzelvigd wordt met zijn bedrijf.
“Mijn kinderen worden er op school ook op aangesproken. Sommige mensen kennen mijn naam niet maar noemen me ‘mijnheer Corendon’. Als je dat niet accepteert, dan moet je er niet aan beginnen. Ik heb dit hele bedrijf zelf bedacht en opgezet, van callcenter tot de IT. Ik adem dit bedrijf.”

Je wordt ook vaak benaderd door de Nederlandse media als er in Turkije iets aan de hand is met de vraag om je mening te geven. Wat vind je daar van?
“Ik denk altijd: wat kan ik er nou van vinden? Ja, het is erg dat het gebeurd is, een bomaanslag of wat dan ook. Wat voor antwoord moet ik geven?”

Men is op zoek naar het echte geluid van een authentieke Turkse Nederlander.
“Ja, ze willen emotie. Ik accepteer het. Het is nou eenmaal zo. Ik weet ook waarom ze me bellen.”


De cockpit in de 'cockpit-hotelkamer'

Er zijn veel verhalen over de lange arm van Ankara. Turkije zet Turken in het buitenland onder druk om een kant te kiezen. Heb jij daar mee te maken?

“Mensen willen heel graag dat ik een kant kies. Zowel Nederlanders als Turken. Maar er is ook een kant die geen van beiden is. Dat accepteren mensen niet.”

Jij bent neutraal?
“Ik ben, zoals altijd, neutraal. Ik ben het niet altijd eens met de regering in Ankara. Maar ze doen ook goede dingen. Ik woon in Nederland. Ik leef in Nederland. Over Nederland kan ik wel wat vinden. Maar ik heb bijvoorbeeld niet gestemd tijdens de laatste verkiezingen in Turkije. Wat ik jammer vind is dat je alleen nog maar voor of tegen kunt zijn.”

Is er in Nederland onvoldoende begrip voor de situatie in Turkije?
“Mensen hebben daar tijdens de laatste coup een traumatische ervaring meegemaakt. Dat begrijpt men niet.”

"Ik ben tegen positieve discriminatie"


De meeste mediabedrijven die ik ken zijn lelieblanke bastions met af en toe een verdwaalde excuus-allochtoon. Hoe belangrijk is diversiteit voor Corendon?

“Ik ben bijvoorbeeld tegen positieve discriminatie omdat ik geloof dat je op je capaciteiten moet worden beoordeeld, niet op je afkomst. Het is ook niet goed onderling. Als iemand op z’n afkomst wordt geselecteerd, hoe kijken collega’s daar dan tegenaan?”

Wat is je eigen favoriete vakantiebestemming eigenlijk?

“Curaçao en Cesme in Turkije.”

Wat zijn de plannen voor de toekomst?

“We zijn nu bezig met de bouw van Corendon Village, een groot hotel met short-stay appartementen in het oude Sony-kantoor in Badhoevedorp. Voorlopig zijn we nog niet klaar!”

Van shoarmazaak naar 700 miljoen omzet

Atilay Uslu neemt begin jaren negentig een shoarmazaak over van een oom in het uitgaansgebied van Haarlem met de voorspellende naam Paspoort. Hij verklapt dat het geheim de knoflook- en tomatensaus in combinatie met de kruidenmix was. De recepten kreeg hij van een oom, waarbij hij moest zweren deze nimmer met iemand te delen.

Maar op een gegeven moment was hij helemaal klaar politieagentje spelen in het weekend. “Ik was iedere week bezig opstootjes in de zaak te sussen tussen dronken jongens die allebei vonden dat ze gelijk hadden.” Dat het niet meer lukte om de geur van shoarmakruiden uit z’n huid te wassen, was een andere reden om Corendon te beginnen. “Ik kon douchen wat ik wilde.”

Vorig jaar moest hij voor een tv-programma weer eens een broodje klaarmaken. Volgens Uslu was hij de kunst nog niet verleerd. Iedereen was behoorlijk onder de indruk van zijn skills met het lange mes. Met een glimlachje: “Wat er ook gebeurt: ik kan altijd weer shoarma gaan verkopen.”

Door Matthijs van der Pol 

Is dit het einde van de auto (zoals we die kennen)?

Tim Cook van Apple studeert erop. Net als BMW, Mercedes en Volkswagen. Binnen tien tot twintig jaar worden traditionele auto’s vervangen door slimmere, elektrisch aangedreven deelvoertuigen die geheel zelfstandig hun weg vinden. Van individueel autobezit naar transport-as-a-service.

In grote lijnen komt het er volgens hen die in de glazen bol van het wegvervoer kijken op neer dat er drie grote dingen gaan veranderen op autogebied. Te beginnen met de aandrijflijn. De communis opinio is dat fossiele brandstoffen hun beste tijd hebben gehad. Te vervuilend, afkomstig uit landen met dubieuze regimes en de verbranding is mede-veroorzaker van klimaatopwarming. Hiervoor in de plaats komt een elektrische variant.

Verder, en dat geluid valt vooral te horen uit het kamp waar de fans van Elon Musk zich ophouden, gaat de auto ‘autonoom’. Apple werkt er aan. Tesla heeft al een paar modellen rondrijden met autopilot. Ook klassieke autofabrikanten als BMW hebben de techniek al klaar, maar wachten vanwege de hoge veiligheidseisen (en gevreesde claims) nog even met het op de markt brengen van de eerste modellen. De autonoom rijdende auto gaat in de toekomst alle taken van de mens als bestuurder geleidelijk overnemen.


Zelfrijdende Tesla

Tot slot wordt autobezit vervangen door autodelen. Dat decimeert het totale wagenpark de komende jaren met wel een derde, volgens de wildste voorspellingen. Daarvoor in de plaats komen deelauto’s die kunnen worden opgeroepen via een app waarna ze binnen een paar minuten uit zichzelf komen voorrijden. Autojournalist Allard Kalff moet een beetje lachen om die laatste voorspelling. “Dat deelconcept bestaat al. Dat noemen we de bus.”

Speeltje voor de rijken
De meningen over de autotransitie zijn verdeeld. Aan de ene kant heb je autojournalisten als Allard Kalff (RTL7), Maurice Karssen van Autoblog en Carlo Brantsen van automobielmagazine Carros. Zij wijzen op het ontstaan van een batterijberg, door problemen met de recycling van batterijpakketten. De schaarse grondstoffen die in batterijen zitten. De matige kwaliteit van batterijen. Het ontbreken van voldoende capaciteit en infrastructuur om een landelijk dekkend netwerk van laadpalen op te zetten.

Ook de vermeende voordelen van uitstootreductie van elektrisch rijden kan op kritiek rekenen. In de vermeende reductie van co2-uitstoot wordt vaak, ten onrechte zo vindt men, de belastende productie van elektrische batterijen niet meegenomen. De subsidies, nu nog nodig om elektrische rijden te promoten, kunnen op snoeiharde afwijzing rekenen. Volgens het online platform voor onderzoeksjournalistiek Follow The Money is elektrisch rijden vooral een speeltje voor de rijken, mede mogelijk gemaakt door de belastingbetaler.

"Electrisch rijden is een speeltje voor de rijken"

Porno
Aan de andere zijde van het spectrum trendwatchers als Vincent Evers en de Eindhovense transportprofessor Maarten Steinbuch. Zij zijn superenthousiast en tonen weinig begrip voor alle beren op de weg. Steinbuch verwacht zelfs dat dat de overgang juist veel sneller gaat dan iedereen verwacht. “Veel kritiek gaat uit van de situatie zoals die nu is. Terwijl we in een overgangssituatie zitten waar de techniek voortschrijdt en snel oplossingen vindt.”

Wat opvalt is dat de petrolheads de autotransitie niet per se afwijzen maar wel sceptisch zijn over de snelheid van de overgang en vooral ook de vorm. Om te beginnen met de elektrische auto. Kalff ziet daar weinig in: “Elektrisch rijden op batterijen is iets tijdelijks. Ik geef de waterstofauto meer kans.”


Is waterstof het nieuwe electrisch?

Het argument van Kalff is dat waterstof een veel hogere energiedichtheid heeft. Tanken gaat bijna even snel als bij de ouderwetse benzinepomp. Dat betekent geen lange oplaadtijden (zoals nu met auto’s die op batterijen rijden) en langer doorrijden. Het matige bereik van de huidige generatie elektrische auto’s weerhoudt veel kopers ervan over te stappen, denkt Kalff. Tegelijk erkent hij dat het met waterstof op dit moment ook niet echt storm loopt. “Soms wint niet de beste techniek, maar speelt er iets anders. Kijk maar naar de vroegere strijd tussen Video 2000 en VHS die beslecht werd door porno.”

Allerminst definitief
Steinbuch van de TU in Eindhoven denkt als het om de energiebron van de aandrijving gaat, precies het tegenovergestelde als Kalff. “Het verlies van energie bij de productie en distributie van waterstof is een factor drie groter vergeleken met het gebruik van oplaadbare batterijen.”

"Waterstof gaat het afleggen op kosten, efficiency en co2-emissie"

Onderzoek van de Amerikaanse Stanford universiteit dat een toekomstscenario maakte voor een nabijgelegen stadje, bevestigt wat Steinbuch zegt: waterstof gaat het afleggen op kosten, efficiency en co2 emissie van batterijauto’s. De Amerikanen durfden ook al een jaartal en percentage te noemen: ruim 38 procent van het wagenpark is in 2035 elektrisch. Bovendien bieden waterstofauto’s geen extra voordelen, zoals de opslag van elektriciteit die terug geleverd kan worden aan het energienet of aan huis.

Hoe verdeeld de meningen over dit specifieke onderdeel zijn, blijkt wel uit een enquête die KPMG begin dit jaar hield onder de top van de internationale auto-industrie. De bazen van de Toyota’s en BMW’s van deze wereld zetten hun geld op waterstof. Zij geloven juist helemaal niet in batterijen. Tesla-baas Elon Musk vindt daarentegen dat zelfs de geringste aandacht voor waterstof verspilde moeite is. Het geeft wel aan dat de richting die de autotransitie inslaat, nodig allerminst definitief is.


Tesla-baas Elon Musk

Steinbuch erkent ook dat er nog wel wat hobbels genomen moeten worden. Dan draait het met name om de twee grootste bezwaren die op dit moment spelen bij elektrische autogeïnteresseerden: het beperkte bereik van batterijauto’s en de lange oplaadtijd. Volgens de professor moeten beide zaken opgelost worden, en dat verwacht hij ook, wil elektrisch rijden door het grote publiek omarmt worden.

Autorijden is emotie
Op dit moment is een fractie van het totaal aantal nieuw verkochte auto’s in Nederland elektrisch. Over drie jaar, zo is de ambitie in de Green Deal waarin bedrijven, maatschappelijke organisaties en overheid samenwerken, moet tien procent van de alle verkochte auto’s van een stekker zijn voorzien. Het is de vraag of dat gaat lukken. Verkoopcijfers van de relatief dure elektrische modellen worden sterk beïnvloedt door subsidies. Lopen die terug dan is dat meteen terug te zien aan het aantal nieuwe modellen dat op kenteken wordt geplaatst.

"Over drie jaar, moet 10% van de auto's een stekker hebben"

Dan autonoom rijden. Dus auto’s die niet meer bestuurd worden, maar de hele bediening voor je overnemen ondersteunt door camera’s, sensoren en radar. Vooral Kalff heeft hier zijn bedenkingen bij. Hij zegt dat bij alle toekomstscenario’s wel eens vergeten wordt dat auto rijden niet slechts functioneel maar ook emotie is: “Ik kwam laatst met een Ferrari een schoolplein op. Als je ziet wat er dan gebeurt.”

Wouter Karssen voegt daar aan toe dat er voor de ontwikkeling van zelfrijdende auto’s zes fases zijn gedefinieerd. We zitten volgens hem nu in fase twee, die van drive assistence. Als we fase zes halen dan valt de mens zelfs weg als back-up systeem. Alle beslissingen worden dan onder alle omstandigheden door het systeem genomen. Karssen moet het nog zien: “Ik denk dat we die laatste fase nooit gaan halen. Althans, ik denk niet dat ik die mee ga maken.” Karssen wijst daarbij onder mee naar de ongelooflijk ingewikkelde kwestie van aansprakelijkheid bij ongelukken en verzekeringen.

Economy of scale
Het idee dat we de auto massaal de deur uit doen en inruilen voor een deelexemplaar met een app, wordt door vrijwel alle ondervraagden met enige argwaan bekeken. De trendwatchers van RethinkX geloven heilig dat de kostenreductie per kilometer (zie kader) zo groot zal zijn, dat het eigen autobezit finaal wordt weggeconcurreerd. Karssen: “Als mensen nu bereid zijn om duizend euro per maand aan een beetje mooie auto uit te geven, waarom straks dan niet meer?” De enige manier om mensen uit de auto te krijgen zijn volgens hem via de klassieke  middelen die overheden altijd toepassen: verbieden en subsidiëren.


Gaan we massaal auto-delen?

Maar dát er dus wat gaat veranderen, daarover bestaat grotendeels wel consensus. Steinbuch gokt dat we over een jaar of zeven, in 2025, al tegen een totaal andere transportwereld aankijken. Tegen die tijd kunnen personenauto’s snel opladen middels palen die veel meer KwH’s produceren dan nu is. Een range van 400 kilometer is makkelijk haalbaar, in modellen die tegen een betaalbare prijs verkrijgbaar zijn. Verwachtingen dat de laadinfrastructuur onvoldoende zal zijn of we niet weten wat we straks met al die afgedankte batterijen aan moeten, daarvoor is Steinbuch niet bang: “Het draait allemaal om de economy of scale. Bij voldoende schaalgrootte gaan de prijzen omlaag en volgt de recycling vanzelf.”

Pr-machine
Steinbuch wijst naar de introductie van de nieuwe Chevy Bolt van General Motors, een auto die hier als Opel Ampera op de markt gaat komen. Het is de eerste ‘instapper’ die voor een prijs van rond de dertigduizend euro (tien mille goedkoper dan de duurste Nissan Leaf) een middenklasse auto biedt die meer dan vierhonderd kilometer haalt. Dat is net zo veel als de vier tot zes keer zo dure Tesla Model S.


De nieuwe Chevrolet Bolt

Overigens komt Tesla ook met een instapmodel dat naar verluidt vanaf 2018 in Nederland verkrijgbaar. Deze maand rollen de eerste exemplaren in de VS van de band. De Model 3, zoals de kleinere auto is gedoopt, heeft bij voorinschrijving al vierhonderdduizend potentiele kopers getrokken die ieder duizend dollar heeft gestort.

Het bijna kinderlijke enthousiasme dat sommige aanhangers van het nieuwe rijden tentoonspreiden kan bij Carlo Brantsen op gefronste wenkbrauwen rekenen.: “Er zit een enorme pr-machine achter om dat elektrisch rijden bij ons tussen de oren te krijgen. Je moet natuurlijk wel zélf blijven nadenken.”

Ocassion
Steinbuch verwacht dat het juist consumenten zijn die straks de grote overgang in een stroomversnelling gaan brengen: “Er komt zo een moment dat autokopers zich gaan afvragen of het nog wel verstandig is om te investeren in een kleine diesel- of benzineauto, wetende dat ze er straks als occasion niks meer voor terugkrijgen.”

Forensisch manager gaat brood bakken

Ze had een baan die qua spanning en sensatie hoger scoort dan de meeste andere banen: rainmaker bij het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Maar toen Lotte Smelik (48) voor de tweede keer opgebrand raakte, besloot ze van haar hobby haar werk te maken. Ze verdient haar brood nu... met brood!

Na haar studie bestuurskunde en enkele banen in de informatiseringssector werd Lotte aangenomen bij het NFI. In het management team van de Digitale Technologie-afdeling nog wel, een droombaan. "Ik ben namelijk best wel een nerd maar heb ook prima sociale vaardigheden. Een vrij unieke combinatie die goed van pas kwam bij deze functie." Het bleek dan ook een match made in heaven, Lotte voelde zich meteen thuis bij het NFI en genoot volop van haar interessante baan in een omgeving met alleen maar slimme mensen. 

Toch kreeg Lotte tot twee keer toe een burnout. Wat haar tijdens deze periodes van thuiszitten erg hielp, was het bakken van haar eigen brood. Een hobby die ze al lange tijd 'voor de lol' beoefende, bleek nu een bijna therapeutische werking te hebben. "Ik vond het heerlijk om minder in mijn hoofd en meer met mijn handen bezig te zijn. Ik was vrijwel dagelijks aan het bakken en voelde me dan meteen rustiger en meer ontspannen."  

"Het concrete en tastbare resultaat deed me goed"

Lotte ontdekte dat vooral het concrete en tastbare resultaat van het bakken haar goed deed. "Aan het eind van de dag kon ik precies zien wat ik gemaakt had. Dat was in mijn werk bij het NFI natuurlijk totaal anders, daar was ik een kleine schakel in een veel groter geheel en het resultaat van dat werk was veel abstracter."
Intussen nam het broodbakken steeds serieuzere vormen aan. Waar Lotte voorheen al haar baksels uitdeelde onder vrienden en familie, ging ze nu bij mensen 'uit het vak' langs om hen om feedback en advies te vragen. Ze sprak meerdere restaurant eigenaren en koks om haar broden zodoende steeds beter te maken. "Terwijl ik nog thuis zat besloot ik al dat ik straks een dag minder wilde gaan werken om naast mijn werk brood te blijven bakken." 


Maar zover is het nooit gekomen. Restaurant Dertien in Rotterdam vroeg Lotte namelijk of ze speciaal voor hen een brood kon ontwikkelen én of ze twee

"Mijn manager begreep mijn keuze niet helemaal"

dagen per week brood voor hen wilde gaan bakken. "Dat had ik echt nooit verwacht. Bakken voor Dertien was in mijn hoofd zo'n beetje het hoogst haalbare, dat leek nu opeens al werkelijkheid te worden." Lotte wist meteen dat ze deze kans moest grijpen en zegde haar baan bij het NFI op. "Mijn manager daar begreep mijn keuze niet helemaal, ze vroeg me alsjeblieft nog een week goed na te denken over dit besluit." Maar Lotte was vastbesloten, bakken zou ze.

Inmiddels is Lotte trotse eigenaresse van 'Das Brot' en bakt ze brood voor zowel horeca als voor consumenten. "Ik heb nog geen winkel dus bak op bestelling. Wel heb ik verschillende ophaalpunten in Rotterdam waar de bestellingen afgehaald kunnen worden." Als grootste verschil met haar baan bij het NFI noemt ze haar werktijden. Ze start 's ochtends om zeven uur en maakt vaak dagen van meer dan twaalf uur. "En daar staat op dit moment

"Ik heb momenteel geen inkomen maar zou voor geen goud terug willen"

eigenlijk nog geen inkomen tegenover, ik investeer alles wat er binnenkomt meteen weer in de zaak." Toch zou Lotte voor geen goud meer terug willen naar haar vorige baan. "Ik barst van de energie en zit vol plannen en ambities. Zo hoop ik ooit een bakkerswinkel (met houtgestookte broodoven) te openen waar mensen ook iets kunnen eten en drinken.” En het mooiste van alles: “Ik heb nu nooit meer het gevoel dat ik aan het werk ben!”

De kleurrijke chaos van Noord-India

De gouden driehoek van India barst van de fascinerende tegenstellingen. Imponerende paleizen liggen vlakbij sjofele sloppenwijken. En naast een mierenhoop aan mensen in de steden vind je er ook uitgestrekte natuurgebieden vol flora en fauna.

India gaat gebukt onder een reeks aan vooroordelen die veel toeristen op afstand houdt. Het is er smerig, alleenreizende vrouwen worden lastig gevallen, je krijgt vrijwel zeker diarree en op elke straathoek klampt er weer een nieuwe bedelaar zich aan je vast. Het is wat overdreven, maar ook weer niet gelogen.

Wie echter goed voorbereid op reis gaat, wacht naast die onaantrekkelijke aspecten ook ontzettend veel moois. Alle pracht en praal, alle geuren en kleuren overschaduwen de minpunten met gemak. Het noorden van India is een ware schatkamer. Acht redenen om de avontuurlijke trip te wagen.

1. De Lotus Tempel
Naast tal van eeuwenoude tempels en moskeeën staat in Delhi het prachtige Bahá'í House of Worship, beter bekend als de Lotus Tempel. Deze opende in 1986 haar deuren en is hét symbool van de bahá'í-gemeenschap, die aanhangers van elk geloof welkom heet. En dat werkt; dagelijks komt er een flinke stroom bezoekers op de goed onderhouden, lotusvormige tempel af. De vele Indiërs die in en om de tempel werken zorgen voor orde en overzicht en nemen hun taken bloedserieus. Overal worden keurige rijtjes gevormd en de schoenen mogen in een uitgedeeld tasje. Nadat de bijzondere architectuur bewonderd is, kan er binnen genoten worden van een serene stilte, die je nergens anders in Delhi zult vinden.

2. Bollywood in de bios
In Jaipur, ook wel bekend als de roze stad wegens zijn terracotta gekleurde binnenstad, staat de beroemde bioscoop Raj Mandir. De vrolijke gevel, die doet denken aan een gigantische snoepwinkel, is slechts het begin van de pret. Al sinds 1976 leven bezoekers hier hardop mee met de avonturen van hun helden op het witte doek. Dit is dan ook dé plek om een Bollywoodfilm te kijken. In de films wordt voornamelijk Hindi gesproken, maar de mierzoete romantiek en meeslepende familiekwesties spreken voor zich. Bovendien kom je hier als toerist toch vooral voor de ervaring. In de kitscherige lobby kijk je je ogen uit. Er zijn zelfs nog speciale kamertjes waar vrouwen rustig hun make-up kunnen bijwerken. Dan gaat iedereen de zaal in, waar eerst nog uit volle borst het volkslied gezongen wordt. Ook tijdens de film laat het publiek flink van zich horen. Vooral bij liefdesscènes wordt er luid gejoeld en geklapt. Een grandioos avondje uit.

3. Het verkeer
Een belangrijke tip: kruip in India niet zelf achter het stuur. Tenzij je in rap tempo je bloeddruk tot recordhoogte wil hebben. Indiase chauffeurs halen van alle kanten in, terwijl ze non-stop aan het claxonneren zijn. Het is een wonder dat er niet aan de lopende band ongelukken gebeuren, maar vreemd genoeg valt dat dus wel mee. Het is een spektakel om - veilig vanaf de stoep - te aanschouwen; aftandse brommertjes met hele gezinnen erop, riksja’s, paard en wagen, schoolbussen en een wirwar aan auto’s. Ze rijden kriskras door elkaar. Wie de toeterende mierenhoop even beu is, kan in Delhi ook prima de metro nemen. Deze is modern en in tegenstelling tot het verkeer boven de grond zeer overzichtelijk.

4. Taj Mahal
Het is verplichte kost voor elke toerist die door het noorden van India reist; een bezoek aan dit befaamde wereldwonder. Absoluut geen straf, want het marmeren mausoleum dat Shah Jahan in de 17e eeuw voor zijn overleden vrouw liet bouwen is adembenemend. Het maakt niet uit hoe vaak je de Taj Mahal al op foto’s en televisie hebt gezien, in het echt stelt ze niet teleur. Het beste moment om te gaan is in de vroege ochtend, direct na zonsopgang. Dan is het nog relatief rustig en baadt het volledig symmetrische gebouw in het zachte ochtendlicht. Langs de waterloop is er alle gelegenheid om de iconische foto van Lady Di na te bootsen, waarna op witte slofjes het mausoleum betreden kan worden. Het is veel bedompter dan je van buiten zou vermoeden. Van groot en goddelijk naar klein en menselijk. Zo vormen het extravagante exterieur en het meer bescheiden interieur samen het ultieme eerbetoon aan de liefde.

5. De mensen
In een land waar veel mensen in armoede leven ben je als toerist een wandelend euroteken. Voor een deel van de bevolking tenminste, want naast de hosselaars en bedelaars zijn opvallend veel Indiërs vooral nieuwsgierig. De kleine straatschoffies vragen om geld, maar als je dat niet geeft, willen ze graag spelen of Engelse woordjes oefenen. Bij toeristische trekpleisters willen hele families glunderend met je op de foto. Dat is soms vermoeiend, maar als je daarna dan een praatje met ze maakt kom je meer over het land te weten dan wat je reisgids te bieden heeft. Het foto’s maken werkt overigens twee kanten op, want Indiërs vinden het ook hartstikke leuk om zelf gekiekt te worden. Of het nou marktkoopmannen, de riksjachauffeur of vrouwen in kleurrijke sari’s zijn. Soms verlegen, soms extravert, maar altijd warm en hartelijk.

6. Keoladeo National Park
Niet ver van Agra en de Taj Mahal ligt het 2873 hectare grote natuurpark Keoladeo. Na alle hectiek van de steden is het heerlijk om op een plek te zijn waar geen verkeer langs raast en je niks anders hoort dan tjilpende vogels. Daarvan zijn er hier namelijk meer dan 350 soorten te vinden. De riksjachauffeurs fietsen je door het park en houden ondertussen haarscherp in de gaten wat er hoog in de bomen of laag in het struikgewas verstopt zit. Van kleine uiltjes tot grote lepelaars. En nadat je in de dagen ervoor al menig Kingfisher biertje – hét pils van India – hebt gedronken, is het erg leuk om het fraaie vogeltje ook in het echt tegen te komen.  
 

7. Struinen door Old Delhi
Delhi is een van de grootste steden ter wereld en de 24 miljoen inwoners leven er dicht op elkaar. Druk is het dus overal, maar in het centrum van het oude Delhi nog het meest. Een bezoek aan de markt van Chandi Chowk is dan ook een waar avontuur. In de smalle straatjes wordt volop handel gedreven. Maar het kan ook zomaar gebeuren dat plots de hele meute aan de kant gaat omdat er een afgedekt lijk wordt weggedragen. Wat voor ons één grote chaos lijkt, is voor de handelaren en bewoners de normaalste zaak van de wereld. In deze hustle & bustle kun je de meest uiteenlopende zaken kopen. Zo is er deel van de markt gericht op de verkoop van tandartsattributen. Voor iets leukere souvenirs kun je beter naar de kruidenmarkt, waar de bergen specerijen voor een heerlijke geur en mooie plaatjes zorgen.

8. Vegafestijn
Kruidige curry’s, knapperige dosa en rijk gevulde samosas. India staat met stip op één in de lijst van beste landen voor vegetariërs. Niet alleen zijn koeien heilig en worden deze dus nergens geserveerd, de meeste hindoes -de belangrijkste religie in India- houden zich aan een vegetarisch dieet. In praktijk betekent dit dat dertig procent van de bevolking geen vlees eet en dat is te merken aan de menukaarten in restaurants. Een beetje durfal treedt van het gebaande culinaire pad en kiest iets wat hij nog niet kent. Dikke kans dat er een onsmakelijk uitziend bakje smurrie voor je neus gezet wordt. Maar pak er een stukje naanbrood bij, dompel het in de onbekende substantie en laat je positief verrassen.

Praktische informatie

Jet Airways vliegt dagelijks vanaf Schiphol linea recta naar Delhi en Mumbai.
Vanaf oktober zijn er ook rechtstreekse vluchten naar Bangalore.

September tot en met maart is de meest geschikte periode om naar India te reizen.
Van april tot en met juni is het namelijk zinderend heet en juli en augustus zijn de natte maanden.

Door Kita van Slooten

De asfaltjungle heeft een nieuwe koning

De nieuwe SUV van Tesla, de Model X, is een ongelooflijk krachtige auto die bij iedereen die er in heeft gezeten een onvergetelijke indruk achterlaat.

De model X is in de eerste plaats Tesla’s gezinsauto. Voor hockeymoeders of voetbalvaders die de zes zitplaatsen benutten om zo veel mogelijk spelertjes tegelijk naar een veld met kunstgras te vervoeren. Maar tegelijk is de Model X een exhibitionistisch racemonster, met priemende verstralers als koplampen en banden van Formule 1 formaat. Voormalige alpha-males als de BMW X5 en Audi Q5 worden op de snelweg met de staart tussen de benen van de linker- naar  de rechterbaan gedirigeerd. Er kan maar één 'king of the asphaltjungle' zijn.

Arriveren op kantoor met de Model X betekent belaagt worden door collega’s die letterlijk smeken: ‘Mag ik? Mag ik?’. De reden dat iedereen zo graag een rondje mee wil rijden, is natuurlijk de fabelachtige acceleratie van deze auto (van 0 - 100 km in 3,1 sec.).


De snoekachtige neus van de Model X

Wat wel opvalt is dat de Model X niet onmiddellijk alle aandacht trekt. Er is weinig in eerste instantie nekbeweging bij het passeren. Maar wie de rode knaller eenmaal in het vizier krijgt, kan de ogen er maar moeilijk vanaf houden. De koets is scherp gesneden, met een snoekachtige neus die ieder moment vanonder het wateroppervlak een onschuldig eendenkuikentje kan verslinden. De binnenruimte is enorm, alsof je een kleine kamer binnenstapt.

De techniek
In de versie die Tesla als testauto ter beschikking stelt, zijn alle aanvinkbare opties aangebracht. Het inmiddels bekende rijtje: biohazard climate control, ludicrious functie voor optimale optrekkracht, auto-pilot, ingebouwde navigatie gebaseerd op Google Maps en Spotify bedienbaar via het enorme aanraakscherm in het dashboard en ga zo maar door.


Het dashboard met enorm aanraakscherm

De Model X die we mochten uitproberen (de P100D) heeft een batterijpakket van 100 Kwh waarmee bij een volle lading 439 kilometer kan worden gereden. Theoretisch wordt er altijd wat meer beloofd. Elektrisch rijden is nogal beïnvloedbaar door weersomstandigheden. Een lege accu snelladen bij Fastned duurt een uurtje of twee. Wie een station vindt met een goede broodjeszaak ernaast, gaat gewoon wat vaker, dus voor de accu helemaal leeg is. Wachten duurt dan korter en het moment kan benut worden als een stukje bezinning met een omelet en de Telegraaf ernaast.

De rijervaring
De Model X is honderdvijftig kilo zwaarder dan de Model S die we eerder reden. Het resultaat is een behoorlijk massieve auto die toch vederlicht aanvoelt. Vooral het bochtenwerk en de wendbaarheid zorgen ervoor dat de wagen een stuk ‘kleiner’ rijdt dan hij werkelijk is.

Wat wel enige zorgen baart zijn de enorme raamstijlen die het gigantische panoramaraam omlijsten. Soms lijken die iets te groot voor goed zicht op het petieterige Nederlandse verkeer met fietsers die van alle kanten komen. Ook de hoogte van de auto is, in verband met het zicht op de fietsers, soms even uitkijken.


De Model X in vol ornaat

We rijden deze Tesla op een reeks tropisch hete dagen. Wanneer de auto uitrolt, met drie tot vijf kilometer per uur, lijkt er iets te gaan schudden van binnen. Samen met de vertegenwoordiger van Tesla verdenken we de batterijkoeling als oorzaak van de vibraties.

Dat die koeling overuren draait is niet zo vreemd. De reden dat collega’s en anderen zo eager staan te springen om een rondje mee te rijden, komt door de ludicrious functie die we eerder al in de Model S beschreven. Het is de allerverpletterende gimmick die Tesla zo hip en sexy maakt: optrekken van 0 naar 100 in een luttele 3,1 seconden (de Model S is 0,2 seconden sneller). Het zijn scores die zelfs veel duurdere Ferrari’s en Porsches de achterlichten toont.

Uitproberen van ludicrious is simpel. Nodig is een rustige lange weg zonder zijwegen en onoverzichtelijke geparkeerde auto’s. Vervolgens is het een kwestie van in het midden stil gaan staan, de geluidsinstallatie op 11 zetten (jep, die gaat tot elf) en in één klap vol gas geven. Gillende passagiers zijn het gevolg. De Efteling is er niks bij. Mijn moeder (van 74) kreeg de onbedaarlijke slappe lach. Dames zijn verder erg onder de indruk van het opmaakspiegeltje dat onder de zonneklep verborgen zit. Wie magnetische klepje opent, wordt beschenen door twee oplichtende led-lampjes.


Minimalistisch en functioneel

Conclusie
Ontzettende prijzige (in deze uitvoering ruim 185.00 euro) maar ook indrukwekkende wagen die plezier, comfort en de toekomst brengt. Het mooie aan Tesla is dat alles klopt. Waar concurrenten als BMW het dashboard volproppen met een chaos aan drukknoppen en jogdials houdt Tesla de inrichting minimalistisch en functioneel. Geen overbodig knopje of schuifje te bekennen. De stoelen ruiken lekker naar leer en zitten beter dan in de businessclass.

Petrolheads blijven maar zeuren ‘dat die batterijen ook niet goed zijn voor het milieu’. Maar wie alle groene beloftes en bezwaren voor een moment opzij zet houdt een fantastisch krachtige, soepele en aantrekkelijke auto over. Eentje die zo veel moderner, completer en fijner is dan al die oude Duitse meesters. Je zou bijna denken dat ze jaloers zijn. Op de nieuwe 'king of the asphaltjungle'.

Bistrobar Mr. Sammi geeft Roermond internationale allure

Wat: Bistro Bar Mr. Sammi
Waar: gevestigd in een industrieel rijksmonument, ECI Cultuurfabriek, in Roermond
Open sinds: 25 mei 2017
Keuken: internationaal met een all-day restaurantconcept (kreeft als ontbijt is een optie)
Publiek: zeer gemêleerd. Gezinnen, yuppen en zzp-ers geplakt aan hun laptop mengen in gemoedelijke sferen. 

Roermond ligt aan de samenvloeiing van de Maas en de Roer en roept beelden op van volle vlaaien, knerpende asperges en Bourgondisch genieten. Mr. Sammi, gevestigd in een robuust industrieel pand, geeft met haar weelderige aankleding en frisse cuisine extra reden om af te dalen naar het gemoedelijke Zuiden.

Wie zitten er achter Mr. Sammi?
Anki Janssens en haar partner chef-kok Michel Schlieger ontmoetten elkaar tijdens hun studietijd. De vonk sloeg eerst romantisch en daarna zakelijk over. Schlieger kookte al zes jaar in sterrenrestaurants en wilde iets van hemzelf. ‘We begonnen een cateringbedrijfje. Toen ik op mijn 23ste onverwacht zwanger bleek, besloten we het serieuzer aan te pakken. We vestigden ons in Lounge44 dat we zes jaar lang hebben gerund.’ Met succes. Tot het pand tegen de vlakte moest en een mogelijkheid zich voordeed in ECI, een oud fabriekspand. Dat was een no brainer. ‘We zijn verslaafd aan ondernemen. Michel is het creatieve brein, ik het organisatorische. Samen vormen we een ijzersterk team.’

Locatie
Het restaurant is gevestigd in het ECI complex (Elektro Chemische Industrie), een industrieel rijksmonument dat voorheen in gebruik was voor de industriële exploitatie van het Roergebied. ‘We waren direct verliefd op de rauwe uitstraling van het pand’, zegt Janssen. De ruimte wordt gekenmerkt door grote ramen, hoge plafonds en kleurrijke graffiti op bakstenen muren. De vele beschikbare vierkante meters geeft het ondernemerskoppel de vrijheid om door te groeien.
De multifunctionaliteit van het ECI-complex is te vergelijken met die van de Westergasfabriek in Amsterdam; het is een plek voor vergaderingen, evenementen, exposities, cursussen en diverse film-, theater- en popvoorstellingen.

Interieur
Rein Rambaldo van De Horeca Fabriek is verantwoordelijk voor het interieur. ‘Het concept heeft Rein ontwikkeld op basis van onze identiteit. Het exterieur is rauw en industrieel, maar het interieur is als een warm dekentje. Een mix van New York en Barcelona.’ Materialen als bananenblad, marmer en leer in combinatie met groene fluwelen fauteuils, bistrostoeltjes en warme lampen, maken de enorme ruimte van 550 vierkante meter tot een intiem geheel. ‘Mensen die ons kennen en binnenlopen, zeggen: “Dit zijn jullie!”’

Keuken
Vanaf tien uur ’s ochtends kun je zeven dagen per week terecht voor ontbijt, lunch, diner of een cocktail met barbytes. ‘Als gast moet je op ieder tijdstip kunnen eten waar je zin in hebt. Waarom zou ik grenzen in mijn horecabedrijf stellen? Ik wil dat iedereen zich hier thuis kan voelen.’ Mr. Sammi hanteert een kleine internationale kaart met dagverse producten. ‘Michel houdt van puur koken, voor liflafjes hoef je niet bij hem te zijn’, zegt Janssens. Zijn filosofie: als je de allerbeste ingrediënten gebruikt, kan er nog weinig misgaan in de keuken.


Aanrader
Janssens favoriet is de steak tartaar vooraf. Als hoofd gaat ze voor de schelpdierenpasta met een knisperend glas Sauvignon van het Nieuw-Zeelandse wijnhuis Esk Valley.

Niet te missen detail
Een oorspronkelijke wand is volledig behouden inclusief graffiti. Daar kun je Instagramwaardige plaatjes schieten. ‘Je kunt precies tussen twee engelenvleugels staan met daarboven een kroontje’, zegt Janssens.



Anki Janssens

Liefdesnest
In korte tijd heeft Mr. Sammi een vaste schare fans en lovende reviews verzameld. Iets met liefde gaat door de maag? Volgens Janssen draait het in hun zaak om vertrouwen en loyaliteit, naar elkaar en naar hun gasten. ‘Dat zie je ook terug in ons logo, een sleutel die is samengesteld uit een hart die staat voor onze bediening en een hakmes die onze keuken symboliseert.’ Ook de naam van het restaurant is ontsprongen uit het persoonlijk leven van Janssens en Schlieger. ‘Het is een samenvoeging van onze twee zoons Sam en Milan. Sam is de reden geweest dat ik serieus de horeca ben in gegaan. Ons derde kind is onze zaak.'

Culturele Agenda

Festival

Festival Hongerige Wolf

Geen afgelegen festivalterrein maar een heel Gronings dorp vormt het decor van Festival Hongerige Wolf. Een bescheiden dorp welteverstaan, maar alle 70 inwoners doen aan het festival mee. Theatervoorstellingen worden gegeven in schuren, concerten op een schapenveld en in de polder buiten het dorp kan gedanst worden. Naar dit festival ga je niet voor de grote namen, wel voor de sfeer, de creativiteit, het lekkere eten en de gastvrijheid. 
Leuk detail: het betreffende dorp heet echt Hongerige Wolf. Nóg leuker detail: er zijn nog kaarten!
14, 15 en 16 juli in Hongerige Wolf, €19,- voor een dagkaart, €71,- voor een heel weekend incl. camping.


 

Muziek en film

Cultuur in Paleis Soestdijk

Nog even en de koninklijke grond van Paleis Soestdijk verandert in commerciele horeca. Maar tot die tijd kun je er nog prinsheerlijk genieten van kunst en cultuur. In juli staan er optredens van onder andere Doe Maar(!) en Van Morrison op het programma en volgende maand organiseert het paleis filmavonden. Films als LaLaLand en Demain tout commence worden dan in de paleistuin vertoond. Romantischer wordt het niet.
Royal Park: 6 t/m 9 juli. Zomeravond Cinema: 17 t/m 19 augustus in Paleis Soestdijk, kaarten vanaf €18,-


 

Muziek

1967: The Summer of Love 

Twee maanden lang de prachtigste muziek in de mooiste concertzaal van Nederland. Van klassiek tot jazz en van flamenco tot filmmuziek. In juli en augustus is het weer tijd voor de Robeco SummerNights in het Concertgebouw. Met op 8 juli een themaavond over de iconische zomer van 1969: The Summer of Love. De avond wordt aan elkaar gepraat door 'popprofessor' Leo Blokhuis en onder andere Frank Lammers, Pablo van der Poel en Janne Schra pakken de microfoon.
Zaterdag 8 juli in Het Concertgebouw Amsterdam, kaarten vanaf €20,- 


 

Mode

Amsterdam FashionWeek

Tot voor kort was de Amsterdam Fashionweek alleen toegankelijk op uitnodiging en dus een incrowd feestje voor de crème de la crème van de Nederlandse modewereld. Sinds een paar jaar zijn kaarten gewoon te koop en kan heel modeminnend Nederland de shows bijwonen (niet alle shows, verschil moet er klaarblijkelijk blijven). Het aanbod varieert van bekende namen als Bas Kosters en Tony Cohen tot de 14 beste afstudeerders van de Nederlandse modeacademies dit jaar.
13 t/m 16 juli, Westergasterrein Amsterdam, kaarten vanaf €5,-

5 prikkelende vragen aan Ronald Smit

Het hoge woord is eruit: Paleis Soestdijk wordt deels een hotel. Na een grondige verbouwing komen in het oude paleis waar Koningin Juliana en Prins Bernard zeventig jaar weinig lief en veel leed deelden, een hotel, restaurants, woningen en een tuin voor innovatie. Maar zover is het nog niet. Deze zomer zwaait locatie- en evenementmanager Ronald Smit (37) nog de scepter in het paleis.

 


Ronald Smit

Wat vind je van de herbestemming van Paleis Soestdijk?
Ik ben vooral blij dat er een besluit is genomen en er daarmee een einde komt aan een onzekere periode. Oorspronkelijk zou het paleis in 2011 voor een jaar opengesteld worden tot er meer duidelijkheid kwam over de herbestemming. Dit heeft uiteindelijk zeven jaar geduurd. Er moest iets gebeuren. Juist door verval raken we een stukje vaderlandse geschiedenis kwijt, dus het is goed dat de nieuwe eigenaar gaat vernieuwen. Die vernieuwing is wel aan bepaalde restricties gebonden. Zo moet bijvoorbeeld het middelste gedeelte van het paleis waar de stijlkamers van Willem II zich bevinden, behouden blijven. Ook het vooraangezicht blijft intact.

Is ondanks het verval, de koninklijke sfeer nog steeds voelbaar in het paleis?
Zeker. Met name de publieksroutes zijn representatief voor hoe Juliana en haar gezin in die tijd leefden. Er is helemaal niets aan het interieur en de inventaris veranderd. We horen geregeld van bezoekers dat ze echt even terug in de tijd worden geslingerd. Laatst zei iemand nog: ‘Ik kan me helemaal voorstellen hoe kleine Beatrix hier door de gangen rende.’

Wat is voor jou het mooiste moment geweest op Paleis Soestdijk?
Voor mij is dit niet zozeer een moment maar een combinatie van twee sentimenten. Enerzijds de bezoekers die oprecht geëmotioneerd raken door een bezoek aan het paleis. Vooral oudere bezoekers ervaren het als heel bijzonder om een keer aan de andere kant van het bordes te staan in een paleis dat ze altijd van de buitenkant aanschouwden.
Anderzijds ben ik een evenementenman en kijk ik met trots terug op wat we in de afgelopen zeven jaar hebben neergezet. Zonder er een kermis van te maken lukte het ons óók een jongere doelgroep te trekken met concerten en filmavonden. Veel van deze bezoekers kwamen later terug om het paleis te bekijken.  


Zomeravond Cinema 2016

Deze zomer is de laatste kans om het paleis in zijn originele staat te zien. Wat raad je lezers aan te komen doen?Royal Park is zeer bijzonder. De voorzijde van het paleis dient als achtergrond van artiesten als Van Morrisson en Racoon. Ook erg leuk is de expositie van de Nederlandse Portretprijs van 2017. We kregen maar liefst 800 inzendingen, waarvan de vijftig beste -inclusief de winnaar- staan tentoongesteld in het paleis.

De meest toegankelijke tip is langskomen met Zomeravond Cinema. In de paleistuin aan de rand van de vijver vertonen we op het grootste airscreen van Europa films als Lalaland. De sfeer tijdens dit soort avonden is heel informeel. Iedereen neemt zijn eigen drankjes mee en neemt plaats op fatboys in de tuin.


Royal Park

Wat als jij de herbestemming van het paleis kon bepalen?
Dat is makkelijk! Dan had ik gewenst dat Koning Willem Alexander hier met zijn gezin was gaan wonen. Paleis Soestdijk is een van de meest bekende van Nederland, omdat het zichtbaar is voor buitenstaanders. Een hele generatie is opgegroeid met het vooraanzicht. Bewoners van Baarn koesteren nog altijd herinneringen aan Juliana. Hoe ze midden in de samenleving stond en gewoon haar boodschapjes in Baarn deed op de fiets. Ik snap dat dit in deze tijd niet realistisch is, maar ik had het heel mooi gevonden als de huidige koninklijke familie een nieuwe invulling had gegeven aan deze traditie.

Zelfgebouwd droomhuis in Blaricum

Architect: Sanne Boks
Woonoppervlakte: 350 - 400 m2
Kaveloppervlakte: 1025 m2
Bouwtijd: 7 maanden


De locatie
Na jaren met hun gezin in Amsterdam te hebben gewoond, vonden Sanne en haar man het tijd om de stad uit te gaan. Uren bracht Sanne op Funda door maar het perfecte huis vond ze niet. Dan staat je als architect maar één ding te doen: je eigen huis bouwen! Per toeval stuitte Sanne online op een kavel in Blaricum. Een voor haar totaal onbekende omgeving maar een dusdanig interessant kavel dat Sanne toch even met haar drie kinderen langsreed. "Ik weet het nog precies. De zon scheen en de kinderen speelden in het gras tussen de twee oude eiken die op het kavel staan. Opeens zag ik het helemaal voor me." Sanne en haar man besloten een bod te doen, wat tot hun verbazing meteen geaccepteerd werd.


De klassieke voorkant...

De voorbereiding
Toen ging het opeens heel snel. Ook hun eigen huis was in no time verkocht en omdat de nieuwe bewoners door brand op straat stonden, wilden ze zo snel mogelijk verhuizen. Sanne en haar gezin huurden een tijdelijke woning en Sanne moest aan de slag met haar ontwerp. Sanne ontdekte dat het kavel een oud koloniegebied was waar ooit twee houten huisjes stonden waarin een soort woongroep woonde. De welstand wilde dat het nieuwe ontwerp hier aan zou refereren dus Sanne kreeg vrij strikte kaders mee. "Het huis moest een puntdak en een houten gevel krijgen. En de gevel mocht alleen zwart of wit worden."


...en de moderne achterkant

Het ontwerp
Deze richtlijnen vanuit de welstand waren voor Sanne geen enkel probleem. "De kaders waarbinnen ik moest blijven gaven juist houvast voor het ontwerp en zorgden voor een verhaal in het ontwerp”. We hadden de vergunning binnen een paar weken rond." Het ontwerp kreeg dus een puntdak en lijkt daardoor, als je recht van voren kijkt, een vrij klassiek huis. Als je beter kijkt zie je dat het twee punthuisjes zijn, die achter elkaar geschoven zijn. Zo creëerde Sanne twee keer zoveel ruimte, zonder dat het ontwerp heel groot en kolossaal werd. Aan de achterkant van het huis heeft Sanne wat meer vrijheid genomen wat heeft geresulteerd in een hele glazen achterpui. “De achtergevel is veel moderner dan de voorkant en in voorzien van een grote glazen vouw pui die we 's zomers helemaal open kunnen zetten." Wat verder opvalt aan het ontwerp is dat de verschillende ruimten rondom de hal gepositioneerd zijn. "In de hal kom je binnen en kun je naar boven, dit is echt de kern van het huis. Hieromheen lopen de verschillende woonruimte vloeiend in elkaar over" Daarnaast is de flexibilieit van de woning kenmerkend, sommige wanden zijn op de vloer gezet, zodat ze op den duur verplaatst kunnen worden, bijvoorbeeld wanneer de kinderen ouder worden en andere woonwensen hebben.



Plattegrond van de begane grond

De bouw
Als architect had Sanne natuurlijk volop contacten in de bouw. Ze koos voor een aannemer die eerder zowel bij haar vader als bij haar zus gewerkt had en waar ze ook zakelijk wel eens contact mee had gehad. Een ook nu was er weer geen tijd te verliezen dus in slechts zeven maanden stond het huis als een huis.
Een ervaren architect als Sanne weet wat ze kan verwachten bij de bouw van een eigen huis. Maar voor diegenen die dat niet weten maar wel een eigen huis willen bouwen, heeft Sanne Lighthouse Living in het leven geroepen. Met deze zelfbouw-configurator kan iedereen in zeven stappen zijn eigen huis ontwerpen. "Hiermee weten mensen veel beter wat ze kunnen verwachten. Qua te nemen beslissingen, qua proces maar ook qua kosten. Ik merkte namelijk dat de onzekerheid over deze factoren veel mensen tegenhoudt om zelf te gaan bouwen. Terwijl het zo leuk is en iedereen het kan!"


De pui die op zomerse dagen helemaal open staat 

100% tevreden?
Sanne en haar gezin wonen inmiddels vijf jaar in hun zelfgebouwde droomhuis en zijn er nog elke dag helemaal blij mee. Ze zitten veel samen in de keuken maar bij de huidige zomerse temperaturen is de woonkamer met vouwpui over de hele breedte ook favoriet. "We zullen ongetwijfeld nog eens iets verbouwen. De kinderen voetballen en tennissen nu bijvoorbeeld veel in de kelder, maar als ze ouder worden maken we daar misschien wel een puber hangout van." Maar dat het gezin hier voorlopig blijft wonen staat vast. "Mijn man zegt altijd dat 'ie alleen tussen zes plankjes dit huis ooit uit gaat."

Ook zelf een huis bouwen? Lighthouse Living helpt je hier bij en maakt het proces overzichtelijker, gemakkelijker en vooral minder stressvol. Probeer de zelfbouw-configurator meteen uit en ontwerp je eigen huis in zeven simpele stappen.

Design met een missie

Het oer-Brabantse familiebedrijf Brabantia verkoopt over de hele wereld onverwoestbare pedaalemmers in tal van hippe kleuren. Romke Swinkels, Marketing & Innovation Director vertelt hoe de newIcon-reeks tot stand kwam. “Blending in of standing out, dat zijn de keuzes.”

Een team van tien man is anderhalf jaar bezig geweest om de pedaalemmerlijn newIcon van tekentafel naar de winkel te brengen, vertel Romke Swinkels van Brabantia. Het familiebedrijf is al sinds 1919 actief, de eerste pedaalemmer verscheen in 1955.

De serie fraaie, ronde afvalbakjes met de aaibare deksels passen in een koerswijziging die het bedrijf in 2012 doorvoerde: Swinkels: “We zijn toen wat meer de focus op design gaan leggen. Dat is iets waar onze klanten om vragen.”

Die wens van de consument is voor Brabantia behoorlijk belangrijk, benadrukt Swinkels: “Mensen zijn steeds meer aandacht aan hun interieur gaan besteden. Dat betekent dat een pedaalemmer niet alleen maar een functioneel item is, maar ook een item waarmee je je interieur wilt verfraaien.”

Volgens hem gaat het daarna twee kanten op: “We hebben kleuren en uitvoeringen die opvallen, en varianten die juist opgaan in de omgeving. Blending in of standing out, dat zijn de keuzes.” De totale newIcon lijn bestaat uit 14 kleuren en vijf maten. Sommige kleuren beschouwt Swinkels nu al als een klassieker, zoals de passion red, terwijl anderen wat meer modisch zijn en na een tijdje weer uit het assortiment zouden kunnen verdwijnen.

Een belangrijk kader dat het ontwerpteam van Brabantia voor het design van de newIcon meekreeg, is dat het product cradle to cradle geproduceerd moet kunnen worden. Al 260 producten die in de fabriek van Brabantia net over de grens in het Belgische Overpelt worden gemaakt, dragen dit certificaat.

Swinkels: “Dat betekent in het geval van de newIcon concreet dat 98 procent van de newIcon recyclebaar is, en 40 procent van de grondstoffen afkomstig is van gerecycleerde grondstoffen.” Een ander duurzaamheidsstreven is dat van elke verkochte emmer een deel van de opbrengst naar het project The Ocean Cleanup gaat dat de plasticsoup in de oceanen aanpakt.

Volgens Swinkels vormden de duurzame voorwaarden nog wel wat uitdagingen bij het ontwerpproces: “Als je cradle to cradle wilt gaan produceren, dan moet je wel zorgen dat leveranciers hier ook aan kunnen voldoen. Bovendien moet de kwaliteit er natuurlijk niet onder lijden. Het materiaal moet even sterk zijn. Daarom testen we de conceptversies in de praktijk, om te kijken of ze aan onze kwaliteitseisen voldoen.”

Voor Swinkels was het best spannend om te zien hoe de nieuwe lijn van Brabantia door het grote publiek werd ontvangen, zo vlak na de introductie. Verkoopcijfers kan hij niet delen, maar ontevreden met de verkoop zijn ze niet in Brabant. Ondertussen is het team druk bezig met nieuwe kleuren en uitvoeringen, maar ook daar kan hij helaas niks over loslaten. “We geven de pedaalemmer gewoon erg veel aandacht.”