Weekend magazine cover
  • In dit nummer Path 400 Created with Sketch.

  • Z magazine - april 2017 Path 400 Created with Sketch.

  • Menu Path 400 Created with Sketch.

Oval 3 + Path 400

Not as Usual



De Devialet Phantom Gold

De draadloze speaker die iedereen wil hebben

Dat het Franse audiofiele speaker- en versterkermerk Devialet (spreek uit: duv'-ē-a-lay) überhaupt te koop is, mag een klein wonder heten. Want bijna was de droom van technicus Pierre-Emmanuel Calmel – letterlijk – in rook opgegaan. De protoypes die Calmel van zijn laatste spaarcenten liet bouwen, gingen verloren tijdens een vliegtuigcrash in 2010. Gelukkig zat hij niet in het vliegtuig en was de fabrikant zo coulant om hem een tweede kans te gunnen. Met succes: van de Devialet D Premier-versterker met een prijskaartje van 12.000 euro werden het eerste jaar 250 stuks verkocht. Dat was voldoende om de business voort te zetten. De techniek die Devialet met kop en schouders boven andere high-end audiomerken laat uitsteken, is door Calmel zelf ontwikkeld. Het is een hybride van digitale en analoge techniek waar bij het één voor de power en de ander voor de warmte zorgt. Paradepaardje van dit moment is de hierbij afgebeelde draadloze speaker. En zeg nou zelf: wie wil dit ding niet hebben? Een video van Phantom in actie, mét trillende woofer, kun je hier bekijken. Hij komt in drie versies. De instapper kost 1699 euro, de middenmoter 1999 euro en het topmodel 2950 euro.


De zipline aan boord van de MS Oasis

Monster-cruiseschip, voor monsterlijke vakanties

Je moet er maar zin in hebben: drie weken lang uitzicht op geriatrische gevallen die hun leergelooide decolletés aan de buitenwereld tonen. Hoe dan ook: de MS Oasis is een van de grootste, meest luxe cruiseschepen van de wereld. En o, wat valt er aan boord veel te beleven. Wie de supersnel gemonteerde video bekijkt ziet glijbanen, parken, promenades, zwembaden, klimwanden, een tattooshop (!) en een ijsbaan voorbij komen. Ook is er een zipline waar je in een tuigje vanaf kunt roetsjen. De schuit is verdeeld in zeven thematische ‘buurten’ die elk geadopteerd zijn door bekende mensen als Gloria ‘Miami Soundmachine’ Estefan en presentatrice Daisy Fuentes. Bij Cruisecritic, de site voor al je cruiseschipbeoordelingen, krijgt de Oasis een vierenhalf uit vijf. Mensen die mee hebben gevaren, prijzen de vele activiteiten. Er valt ook wat te klagen: de rijen zijn vaak lang. Het schip is ook zo groot dat je soms niet eens doorhebt dat je ergens op een oceaan ronddobbert.


Drie van de reclameposters van NASA

NASA maakt alvast posters voor ruimtetoeristen

Het duurt nog even (niet als het aan Elon Musk ligt), maar binnen afzienbare tijd kunnen wij, doodgewone stervelingen, ook daar gaan waar bijna niemand ging: de ruimte. Kost een paar centen, maar dan heb je ook wat te instagrammen – mits je heelhuids op aarde wederkeert. SpaceX-concurrent NASA stelt dat verbeelding van wat er in de toekomst kan gaan gebeuren, de reden is waarom zij op aard zijn. Vooruitlopend op de technische vindingen van de toekomst heeft de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie vast wat posters laten ontwerpen van de ruimtebestemmingen van de toekomst. Wegdroommateriaal.

Hanna Verboom wil groeien tot in de hemel

Ze is vooral bekend van de films en series waarin ze speelde. Maar Hanna Verboom kan en doet veel meer dan acteren alleen. Drie jaar geleden stapte ze (tijdelijk) uit de spotlights om Cinetree op te richten, een video-on-demandservice voor de betere arthouse film.

Je bent een tijdje buiten beeld geweest, was dat bewust?

“Ik had tien jaar geacteerd en voelde dat het tijd was voor iets nieuws. Soms kun je de dingen dan –letterlijk- wat helderder zien. Ik acteer al vanaf mijn negentiende.”

Als acteur sta je altijd in dienst van het scenario en de regisseur. Was je dat zat?

“Het verschilt. Soms zit je op een lijn met de regisseur en maak je echt iets samen. Maar in andere gevallen, bij de commerciële  projecten, ben je meer dienend. Ik had al een aantal projecten zelf geregisseerd en dat smaakte naar meer.”

Je kon jezelf onvoldoende kwijt?

“Ik ben ontzettend nieuwsgierig en speel net zo makkelijk in een arthouse film als dat ik in een grote show van RTL 4 zit. Maar ik wou voorbij de nieuwsgierigheid, de tijd nemen om de ideeën die ik zelf koesterde een kans te geven."

Was je, toen je je op Cinetree stortte, niet bang dat je straks niet meer zou worden gevraagd voor rollen in Nederlandse films?

“Ja natuurlijk wel, doodeng. Maar soms moet je een keuze maken vanuit je hart en niet vanuit je hoofd. Ik ben wel dankbaar dat ik na 2 jaar hard werken weer ruimte heb voor acteren, zo speel ik deze zomer in de nieuwe serie '800 woorden'.”

Heeft je bekendheid geholpen bij het opzetten van je bedrijf?

“Bepaalde deuren gaan zeker makkelijker open. Maar dat kan net zo goed een nadeel zijn.”

Als je op jonge leeftijd begint met modellen- en acteerwerk, lever je dan een stukje jeugd in?

“Ik heb altijd gewerkt. Toen mijn ouders en ik terugkwamen uit Afrika, ben ik op mijn vijftiende achter de vleeswaren gaan staan bij de C1000.”

Je moest je eigen broek ophouden?

“Mijn ouders hebben me nooit te kort gedaan, maar ze hadden het ook niet breed. Ik vond het fijn om vanaf jonge leeftijd mijn eigen geld te verdienen.”

Waarom heb je Cinetree opgericht?

"Ik wil healthy content maken"

“Ik houd ontzettend van film. Een mooie documentaire of speelfilm heeft een enorme potentie om je te raken; de juiste vragen te stellen. Ik miste zelf als consument een plek waar ik deze films kon kijken, waar ik niet oneindig hoefde te zoeken. Daarnaast miste ik als maker een plek waar dit soort films hun publiek vinden. Dat was, in een notendop, het begin van Cinetree.  Wij verzamelen films met een goed verhaal. ”

Hoe ben je begonnen?

“Veel gesprekken. Met Videoland, ik heb met RTL gesproken en ook met Netflix dat toen net bezig was de Nederlandse markt te betreden. In eerste instantie zocht ik samenwerking. Later besloot ik het zelf te gaan doen.”

Waarom?

“Omdat het bij grote bedrijven  toch uiteindelijk om geld gaat. Dat is niet erg maar Cinetree begon vanuit een andere plek, dat wou ik in de hand houden. Natuurlijk wil je een gezonde business bouwen maar de keuze om grassroots te beginnen is heel bewust gemaakt. En ik wil healthy content  maken.”

Je bedoelt dat je er, als je de hele dag herhalingen van Utopia kijkt, geestelijk niet op vooruitgaat?

“Utopia heb ik niet gezien, daar kan ik niks over zeggen. Kijk, entertainment zal altijd bestaan, we hebben dat nodig om ons te ontspannen. Maar ik geloof dat je ook entertainment kan maken wat beklijft.”

Wat wilde jij daar tegenover zetten?

“Ik wilde iets beginnen wat vertrekt vanuit het verhaal. Als het verhaal ‘waar’ is vanuit de maker, dan is het waardevoller.”

"Ik ben mezelf wel honderd keer tegengekomen"

Tegen welke hobbels ben je bij het opzetten van Cinetree aangelopen?

“Het is alsof ik drie jaar op een business school heb gezeten. Ik ben mezelf echt wel honderd keer tegengekomen.”

Heb je Cinetree helemaal zelf gefinancieerd?

“Grotendeels. Er zat ook een softe lening in.”

Hoeveel leden hebben jullie nu?

“Iets minder dan Netflix, haha.”

Opzeggingen en churnrates zijn de bedreiging voor iedere abonnementsdienst. Hoe zit dat bij jullie?

“We hebben we een ontzettende trouwe following. Het is echt een community die we hebben opgebouwd.”

Een minimaal marketingbudget scheelt. Waar hebben jullie nog meer op bespaard?

“Ik heb er in het begin voor gekozen om mezelf ook niet uit te betalen.”

Betalen jullie de partijen die de content leveren per view?

“We werken nauw samen met de distributeurs en makers, zij krijgen fixed fees voor de rechten. Vanaf 11 april lanceren we een vernieuwd platform, waarbij kijkers ook voor een losse titel kunnen betalen. Dat gaat zo’n 5 euro per film kosten, afhankelijk van de streamingkwaliteit.”

En dan krijg je een nieuwe film?

“Klopt, net uit de bioscoop. Maar we hebben ook klassiekers. Samen met onze curators zorgen voor een selectie aan de mooiste films en de consument kijkt zoals jij wilt. 10 films per maand voor €5,99 of losse films.”

Cinetree werkt met curatoren die een selectie maken. Hoe gaat dat in z’n werk?

"Spreading great stories, dat is mijn doel"

“Wij geloven in de persoonlijke selectie. Je kijkt wat je wordt aangeraden door iemand die je vertrouwt. Voorafgaand aan de film vertelt de curator hoe die tot de keus is gekomen. Dat kan een persoonlijk verhaal zijn, maar ook een thema. Komend jaar gaan we dat meer rond films doen, met interviews of artikelen die mensen dan in hun mail ontvangen.”

Wat is je doel met Cinetree? Europa en de wereld veroveren?

“De eerste internationale investering is binnen. Waar we ons eerst hebben gericht op een werkend concept, kunnen we nu gaan focussen op groei.  Maar het uitgangspunt blijft het creëren van een plek waar het begint bij de verhalen, bij spreading great stories.”

Wil je ook een productietak oprichten en net als Videoland eigen producties gaan maken?

“Ik zou heel graag een plek voor jonge makers willen creëren. Er is heel veel talent. Jongeren groeien op met video.”

Zijn er vloggers die je volgt?

“Niet echt. Maar ik kijk er wel naar. Het is vermakelijk maar het gaat vaak nergens over. We zijn aan het onderzoeken of we via Cinetree rond bepaalde thema’s gaan vloggen.”

Naast een videoplatform voor healthy content run je ook nog goededoelenorganisatie Get it Done. Heeft dat te maken het feit dat je ouders in het ontwikkelingswerk zaten?

“(Lachend) Ja het is niet meer te ontkennen, ik ben een idealist. Al heb ik niet echt vergelijkingsmateriaal. Ik weet niet beter.”

Hoe was dat opgroeien in Afrika?

"Dankzij mijn jeugd laat ik me niet leiden door geld en carrière "

“We leefden in extremen omdat we altijd op plekken zaten waar iets ergs aan de hand was. We zaten in Soedan toen daar de oorlog uitbrak en in Oeganda toen de oorlog tussen de Hutu’s en de Tutsi’s begon in buurland Rwanda.”

Ben je daarom ook Get It Done begonnen?

“Ja. Get It Done ontstond rond een hele heftige situatie. De zevenjarige dochter van een vrouw die altijd op mij paste in Afrika kreeg aids. Het ging niet goed, ze zou nog twee jaar te leven hebben. Daar moesten we iets aan doen. Toen heb ik schilderijen die ik had gemaakt geveild via een gallerie. We haalden veertienduizend euro op waar we medicijnen en voedsel van kochten. Het meisje is nu zestienen doet het heel goed op school.”

Het idee is: schouders eronder?

“Ja, we hebben een kleine 90 projecten gecrowdfund via Facebook. We hadden projecten die schapen voor vrouwen in Kameroen regelden, zonnepanelen voor een schooltje in Nepal maar ook een project met de Voedselbank in Roermond. Inmiddels zijn we van koers aan het veranderen en willen we lokaal in Nederland projecten gaan ondersteunen.”

Heb je, wat ontwikkelingswerk betreft, kunnen leren van de ervaringen van je ouders?

“Niet alle ngo’s zijn over een kam te scheren. Er is veel goed gegaan maar helaas ook veel mis. Het belangrijkste punt is dat geld niet genoeg is. Projecten moeten duurzaam zijn en, zodra de ontwikkelingswerkers weer vertrekken, op eigen kracht kunnen doorgaan. Soms lukt dat, soms niet.”

Je bent religieus. Welke rol speelt het geloof in wat je doet?

“Het geloof is voor mij een fundament, in alles wat ik doe.”

Hang je een bepaalde richting aan?

"Het geloof is voor mij een fundament"

“Nee, ik begrijp die vraag ook nooit. Toen ik terugkwam in Nederland kreeg ik die vraag vaak: waar geloof je in, welke stroming? Nou, gewoon in God.”

Wat betekent dat dan voor jou?

“Ik geloof honderd procent in God en dat Hij mens werd. Maar niet in de God die wij er met z’n allen van gemaakt hebben. Op het moment dat mensen gaan denken dat zij weten hoe het zit en dat gaan bepalen voor iemand anders, dan gaat het mis.”

Dat is de basiskritiek van veel mensen op religie.

“En dat is heel terecht. Maar ik geloof dat als ik met mensen die dat vinden een avondje ga eten en we drinken een goed glas wijn, dat we het aan het eind van de avond voor een heel groot deel eens zijn.”​

Door Matthijs van der Pol

Van negen tot vijf happy hour

Nederlandse werknemers behoren tot de gelukkigste van de wereld. Maar hoe kijken expats eigenlijk tegen onze werkcultuur aan? Hollandse werkethos door buitenlandse ogen.

Goed nieuws: Nederlanders zijn de gelukkigste werknemers van Europa. Dat blijkt uit onderzoek van HR-dienstverlener ADP onder tienduizend Europese werknemers. Kleine kanttekening bij het onderzoek is dat Scandinavische landen hier niet aan meededen. In een vergelijkbaar onderzoek van Universum Global (specialist in employer branding) werden die wel meegenomen en natúúrlijk eindigden onze noorderburen bovenaan in dit gelukslijstje. Maar zelfs wereldwijd staat Nederland op een prachtige zesde plek.


ADP Top 8 meest tevreden werknemers

De oorzaak van ons werkgeluk is volgens het onderzoek van ADP een combinatie van factoren. Als je het op de man af vraagt, zal slechts een enkeling het toegeven – maar geld en secundaire voorwaarden als vakantiedagen of een leaseauto worden toch door bijna drie vierde van de Nederlandse werknemers als invloedrijkste motiverende aspecten genoemd. Daarna wordt een fijne relatie met collega's belangrijk gevonden. En een goede werk-privébalans volgt als derde: 22 procent van de Nederlandse werknemers duidt dit aan als factor voor tevredenheid. 
Maar hoe zien ‘onafhankelijke’ niet-Nederlandse werknemers in Nederland dit? Zijn de voorwaarden hier inderdaad zo goed? En die fijne relaties met collega’s, hoe zit het daarmee? Z Magazine sprak drie niet-Nederlandse werknemers: bij de oer-Hollandse bedrijven Heineken en Philips, en bij Vodafone, dat bekend staat als beste werkgever van Nederland. 

Wie: Noreen Murphy
Werkt bij: Heineken Amsterdam
Komt uit: Ierland
In Nederland sinds: vijf jaar
Ter voorbereiding op haar vertrek naar Nederland kreeg Noreen een tweedaagse cursus Dutchness. Deze cursus was vooral gericht op de sociale omgang in Nederland. “Er werd bijvoorbeeld uitgelegd hoe jullie verjaardagen vieren: zittend in een kring, that’s so Dutch!” Over de Nederlandse werkcultuur werd verteld dat een goede balans tussen werk en privé hier erg belangrijk is en dat niemand na vijf uur ’s middag nog werkt. Dit laatste bleek niet helemaal te kloppen, maar de goede balans tussen werk en privé herkent Noreen zeker. “Jullie vinden je vrije tijd veel belangrijk dan bijvoorbeeld

"Ik kreeg een cursus Dutchness"

Ieren en benutten deze tijd dan ook optimaal. Nederlanders gaan sporten, wandelen, naar buiten, zelfs als het keihard regent. Ieren zitten alleen maar in de pub.” Ook kenmerkend voor de Nederlandse werkcultuur: directe en duidelijke communicatie. “Nederlanders zeggen gewoon wat ze vinden, maakt niet uit tegen wie. Ook tegen hun baas zijn ze open en eerlijk. Dit komt het werk absoluut ten goede, want hierdoor wordt altijd snel duidelijk wat er aan de hand is en wat er moet gebeuren.” Maar uitsluitend positief over werken in Nederland is Noreen niet: “Jullie lunch is verschrikkelijk! De eerste keer dat ik in het restaurant van Heineken Amsterdam ging lunchen, keek ik mijn ogen uit: ik had nog nooit zoveel brood bij elkaar gezien. Nee, die broodlunch zal nooit wennen.”

Wie: Vlada Sacara
Werkt bij: Philips Eindhoven
Komt uit: Moldavië
In Nederland sinds: vijf jaar
Vlada kwam naar Nederland om Marketing te studeren. Inmiddels werkt ze ruim een jaar op de marketingafdeling van Philips in Eindhoven. Ook Vlada noemt de directe communicatie als meest kenmerkend voor de Nederlandse werkcultuur. “In het begin schrok hier echt van. Ik was totaal niet gewend dat iemand zo duidelijk aangaf wat hij van mij verwachtte. Laat staan dat ik vervolgens nee durfde zeggen, dat is in Moldavië echt niet

"In het begin schrok ik echt van de Nederlandse directheid"

gebruikelijk. Inmiddels zie ik deze directheid als iets heel positiefs, iedereen weet waar hij aan toe is.” In het verlengde hiervan noemt Vlada de openheid op de werkvloer als typisch Nederlands. “Iedereen gaat hier zo informeel met elkaar om. In Moldavië noemde in mijn manager bijvoorbeeld echt niet bij voornaam en vertelde ik hem/haar ook niet wat ik in het weekend gedaan had. Dat dit in Nederland wel gebeurt, maakt de sfeer op het werk veel losser en prettiger.” Daarnaast valt het Vlada op dat Nederlanders vooral werken om in hun vrije tijd leuke dingen te kunnen doen, in plaats van om te overleven, zoals in Moldavië. “Dat maakt de werksfeer er een stuk prettiger op, in Nederland zijn werknemers veel minder gestrest. Wat niet wil zeggen dat er niet hard gewerkt wordt, hoor. Maar na het harde werken wordt er ook extra hard van de vrije tijd genoten.”

Wie: Xavier Feliu
Werkt bij: Vodafone Amsterdam (sinds januari 2017: VodafoneZiggo)
Komt uit: Spanje
In Nederland sinds: zes jaar
Als íémand iets zinnigs kan zeggen over de verschillende werkculturen in Europa, dan is het Xavier wel. Hij komt oorspronkelijk uit Spanje, maar heeft daarnaast ook in Frankrijk, Groot-Brittannië en Zweden gewerkt. Inmiddels woont en werkt hij alweer zes jaar in Nederland. Langer dan hij op voorhand had verwacht, maar werken in Nederland bevalt hem dusdanig goed dat hij hier voorlopig blijft. Meest kenmerkend voor de Nederlandse werkcultuur vindt hij de vrijheid die je krijgt. “In Nederland wordt gekeken naar output, niet naar het aantal uren dat je op kantoor zit, zoals in Spanje. Daar is het vooral belangrijk dat je veel op kantoor aanwezig bent. Ook heb je in Spanje heel weinig te zeggen over je werktijden en vakanties. Je bent

"Jullie lunch met brood en melk zal ik nooit begrijpen"

bijvoorbeeld verplicht om twee uur lunchpauze te nemen en pas rond acht uur te stoppen met werken. Eerder naar huis gaan dan je baas is in Spanje echt not done.” Deze vaste (en late) werktijden komen de werk-privébalans volgens Xavier niet ten goede. Iets anders waar Xavier zich over verbaasde toen hij net in Nederland was, is onze openheid op het werk. Zowel richting collega’s als richting andere bedrijven of zelfs concurrenten. “Ik wist niet wat ik meemaakte toen we op vrijdagmiddag gewoon gezellig gingen borrelen met concurrerende bedrijven. Dat is in Spanje echt niet denkbaar.” Minder leuk aan werken in Nederland? Wéér die lunch: “Boterhammen met kaas en een glas melk? Nee, dat zal ik echt nooit begrijpen.”

Door Nynke Nijp

Strak, wit en modern aan de Reeuwijkse Plas

Het was niet het eerste huis dat Piet en Annelia Govers lieten bouwen aan de Reeuwijkse plas bij Gouda. Dertig jaar woonde het stel vijfhonderd meter verderop, ook in een woning die ze zelf hadden laten neerzetten. Al die tijd hadden ze zicht op de kavel waar hun huidige woning zou komen.

Annelia: “Het stuk grond was van een boomkweker uit Boskoop. Hij had daar alle soorten bomen staan die hij kweekte.” De plek was inmiddels overwoekerd. Er stond nog een plashuisje. Juist op het moment dat Piet met pensioen ging, kwam de kavel te koop. Volgens Annelia was dat een kans die ze niet voorbij konden laten gaan. “Het plashuisje mocht gesloopt worden. De verkoper had een bouwvergunning geregeld. Maar daar zaten wel wat restricties aan.” Belangrijkste beperking was dat het nieuwe huis niet hoger mocht worden dan vier meter. Maar dat was geen probleem, zegt Govers. Om de beperkingen van de bouwhoogte te omzeilen, werd besloten de volledige woning te onderkelderen.  Ook werd volop gebruikgemaakt van de mogelijkheid tot uit- en bijbouwen. Hierin werd het gastenverblijf gerealiseerd.


Doorsnede van de villa

Strak, wit en modern
Het stel stelde een breed programma van eisen op. “We wilden allebei een strak en modern huis, bij voorkeur gelijkvloers.” Het idee was om naast de woning een gastenverblijf te bouwen met botenhuis en dubbele garage. Verder wensten ze vijf slaapkamers om hun twee zonen met hun gezinnen, als die over zijn uit het buitenland, onder te brengen. En er moest plek komen voor de zes meter lange sloep voor een tochtje over de plas.


Strak, wit en modern

Sauna en stoombad
De ambitie om een modern, wit, licht en superstrak huis te bouwen, komt volgens Annelia door hun achtergrond: “Wij zijn allebei bèta’s. Mijn man is altijd werkbouwtuigkundige geweest. Ik heb in het lab gewerkt. We houden van strak en overzichtelijk.”
De voorkeur voor modern komt ook tot uiting in de zogeheten domotica, bedieningspanelen in huis waarmee systemen zoals licht en verwarming kunnen worden aangestuurd. Piet wilde graag een sauna en stoombad.

Meteen raak
De zoektocht naar een geschikte architect bracht hen bij Loek Stijnen van Lab32, gespecialiseerd in modernistische woningen. Het ontwerpproces ging verrassend soepel, zegt Annelia. “We hebben vijf uur met de architect gezeten om alle wensen door te nemen.” Toen het stel terugkeerde na een wereldreis van twee maanden, lag er een compleet plan. “We hadden meteen zoiets van: wow!” Volgens Annelia is dit oorspronkelijke plan daarna nauwelijks meer aangepast


Het ontwerp van Loek Stijnen was meteen raak

Strikte taakverdeling
Waar Annelia de keus voor de architect op zich nam, deed Piet de begeleiding van het bouwproces. Daarbij kwam zijn achtergrond als ingenieur goed van pas. Als de dromen van de architect stuitten op de praktische bezwaren van de aannemer, dan hakte Piet de knoop door.
Na de bouw was het weer de beurt aan Annelia. Aangezien haar man niet zo heel veel zin had om eindeloos veel meubelwinkels af te lopen, nam zij de inrichting op zich. “Als ik dan iets uitgekozen had, nam ik hem mee, en dan zei hij meestal ‘ja’.” Ze besloten om niets van hun oude inrichting mee te nemen naar het nieuwe huis. “Helemaal opnieuw beginnen maakte het wel makkelijker.”

Ieder een eigen uitzicht
Na twee jaar bouwen staat de woning er. Annelia is heel tevreden met het resultaat. De witte tegels van het terras lopen in dezelfde maatvoering binnen door. Vanuit de woonkamer is er spectaculair uitzicht op het water. Er is veel wit, zodat zelfs op grijze dagen het interieur nog licht en ruim aandoet. Zelf heeft ze een werkkamer richting straatkant, zodat ze naar voorbijgangers kan kijken. Piets werkkamer is op het water gericht, zijn favoriete uitzicht. In de kelder is een zwembad ondergebracht.


Ruim uitzicht over het water

Nergens spijt van
Het huis dat er nu staat, voldoet aan alle verwachtingen, zegt Annelia. Er is eigenlijk niets waar ze spijt van hebben. De familie Govers heeft bij de bouw wel rekening gehouden met hun veranderende levensloop. Annelia spreekt uit ervaring. “Ik heb mijn moeder in de laatste fase van haar leven thuis kunnen verzorgen. Dat willen we zelf ook, in een vertrouwde omgeving oud worden.” Maar zover is het nog lang niet. “Voorlopig willen we er gewoon graag van genieten dat we hier wonen. Aan het water.”

Vers van het vat

Bier is al jaren hip en de lijst Nederlandse brouwerijen blijft maar groeien. Wie graag nieuwe biertjes uitprobeert, kan natuurlijk terecht bij de speciaalzaak. Maar is het niet veel leuker om direct bij de bron die hoppige IPA of dat frisse saisonbiertje te laten inschenken? Een overzicht van bijzondere proeflokalen in Nederland.

Het Uiltje in Haarlem
Haarlem heeft op het gebied van craft beer meer te bieden dan de bekende Jopenkerk. Zo is de Zijlstraat is niet alleen meer beroemd vanwege Monopoly: fijnproevers weten hier feilloos de bar van het Uiltje te vinden. Met dertig bieren op tap en barpersoneel met veel kennis is hier voor een ieder het perfecte biertje te vinden. Naast bijzondere biercreaties uit Estland of Noorwegen schenken ze uiteraard ook hun eigen bier, dat met veel liefde en vakmanschap wordt gebrouwen op een industrieterrein buiten het centrum. Ook daar vind je een taproom waar met gepaste trots het eigen bier aangeboden wordt. Een aanrader voor komende zomer is FF lekker met je bek in het zonnetje, een fruitige session-IPA met maar 3,6 procent alcohol. Daar kun je er op het terras met een gerust hart een paar van wegwerken.
Het Uiltje

Kompaan in Den Haag
In een oude krokettenfabriek op het Haagse bedrijventerrein Binckhorst vind je de brouwerij en bar van Kompaan. Sinds 2012 brouwen ze biertjes als Kameraad, Vrijbuiter en Bondgenoot. Naast deze toegankelijke bieren heeft Kompaan nu ook een reeks genaamd Foreign Legion. Sommige van deze experimentele brouwsels zullen blijvertjes blijken, andere worden eenmalig uit het vat getapt. Een topper is Joey Greenhorn. Deze fruitige IPA is goed doordrinkbaar en, dankzij een goede afweging van Amerikaanse hopsoorten, zeer vol van smaak. Wie na een aantal van deze rakkers trek heeft gekregen, kan een BBQ-gerecht bestellen dat regelrecht uit de slow-smoker komt. Een aanrader: de pulled pork bitterballen met huisgemaakte biermosterd. Dit alles nuttig je aan een van de picknicktafels op het ruime terras, of binnen in de industriële bar, die dankzij slim gebruik van zeecontainers uit twee verdiepingen bestaat.
Kompaan

Martinus in Groningen
Wie op het dakterras van brouwerij Martinus om het hoekje kijkt, kan de Martinitoren zien. Maar voor het uitzicht kom je hier niet. Wel om de driegranentripel te proberen of de weizen, waar vleugjes banaan en kruidnagel in voorbijkomen. In het pand zat voorheen de drukkerij van Albert-Jan Swierstra gehuisvest, maar toen deze de vraag naar drukwerk zag afnemen, besloot hij zijn persen te vervangen door brouwketels. Zoon Martijn volgde een opleiding in België en staat nu vol enthousiasme in de ketels te roeren. Hij vertelt er ook graag over tijdens de rondleidingen die in het weekend gegeven worden. Daarnaast worden regelmatig concerten georganiseerd en kan er gedineerd worden – met als dessert de bieramisu.
Martinus

Butcher’s Tears in Amsterdam
Onze hoofdstad heeft tal van brouwerijen en bijbehorende proeflokalen. Waar toeristen massaal naar de Heinekenbrouwerij gaan, zoekt de bieravonturier de kleinere brouwerijen op. Butcher’s Tears zit goed verstopt in een achterafsteegje in Amsterdam-Zuid. In een onopgesmukt industrieel pand kun je je smaakpapillen flink laten werken, want het sobere uiterlijk van het proeflokaal staat in schril contrast met de bonte mix aan biertjes die Butcher’s Tears weet te brouwen. Oude tradities vormen de basis, experimenten zorgen voor de unieke afronding. Momenteel is bijvoorbeeld de Thunderhoney op tap te verkrijgen. Een IPA gemaakt van roggemout en Oost-Europese hop. Ook interessant is de Elvamox, een licht fruitige pale ale met een bittere afdronk.
Butcher's Tears

De Drie Ringen in Amersfoort
In het fraaie oude centrum van Amersfoort kan aan de rivier de Eem worden neergestreken op het terras van De Drie Ringen, vernoemd naar een van de vele brouwerijen die de stad in de zeventiende eeuw telde. De originele gevelsteen uit 1626 verwijst naar de dagen van weleer en wie bij de stadsbrouwerij binnenstapt, krijgt het prettige gevoel ergens te zijn waar de tijd heeft stilgestaan. Een ideale plek om te onthaasten. De sfeer is ontspannen en gemoedelijk, wat ook gezegd kan worden van de 82-jarige gastheer Gert van Reenen, die met zijn imposante snor een hipster avant la lettre is. Aan hip gedoe doet de brouwerij niet. Hier geen broodjes pulled pork of Kimchiburgers op het menu, maar een schaaltje met gekookte eitjes op de bar. Een populair bier is de Vuurvogel, een blonde ale, zacht van smaak en naar een zeventiende-eeuws recept.
De Drie Ringen

Kaapse Brouwers in Rotterdam
Schiereiland Katendrecht is de afgelopen jaren volledig getransformeerd. Wat ooit een probleemwijk was, is nu een bruisende plek waar jonge, hippe Rotterdammers graag vertoeven. Ook de Kaapse Brouwers hebben zich hier gevestigd. Hun stoere stadsbiertjes kunnen genuttigd worden in het proeflokaal in de Fenix Food Factory, waar ook de brouwerij is. Met tal van hapjes binnen handbereik nip je hier aan een Kaapse Gozer, een stevige stout met tonen van koffie en chocolade. Of zetel je op het terras aan de kade met een Carrie, een amberkleurige IPA met aroma’s van citrusvruchten en een karamelachtige nasmaak. Gerstenat van hoog niveau. Of zoals de brouwers zelf zeggen: “Het beste Rotterdamse bier van de wereld.”
Kaapse Brouwers

De Molen in Bodegraven
Voor degenen die als bierconnaisseur enigszins serieus genomen willen worden, is een bezoek aan deze brouwerij verplichte kost. Volgens het Amerikaanse bierproeversplatform RateBeer.com behoort De Molen tot de tien beste brouwerijen ter wereld. En het is zeker niet de eerste keer dat de brouwers internationaal worden geroemd. Wie een kijkje neemt op het jaarlijkse Borefts Bier Festival, dat in 22 en 23 september in en om de molen gehouden wordt, ziet hoeveel bierliefhebbers er van heinde en ver naar Bodegraven komen. En terecht. Ook de rest van het jaar kun je in het brouwcafé terecht voor de vele stevige bieren waar De Molen om bekendstaat. Favoriet is de rijke imperial stout Hel & Verdoemenis. Alsof er een engeltje over je tong piest.
De Molen

Ook bierconcerns zetten in op speciaalbier

Bij biergiganten als Heineken en Bavaria zijn ze natuurlijk niet gek. Ook daar zien ze dat de vraag naar speciaalbier fors toeneemt. De markt verandert, dus moeten de bierconcerns meebewegen.

Bavaria vergrootte vorig jaar zijn belang in Brouwerij de Molen. Het concern kocht aantal private investeerders uit en bezit nu 35 procent van de aandelen. De Molen kan hierdoor gebruik maken van het distributienetwerk van Bavaria, dat op zijn beurt een slimme investering heeft gedaan.

Daarnaast is Heineken in maart een online bierhandel gestart. Via de site beerwulf.com,  zowel geïnitieerd als gefinancierd door het bierconcern, zijn momenteel 220 verschillende speciaalbieren te bestellen. Een simpel Heinekenpils verkoopt Beerwulf niet, wel heel wat bier van concullega’s en kleine, lokale brouwers. Heineken zou Heineken niet zijn als de plannen niet groots waren; het streven is dat de online bierwinkel op korte termijn ook in andere landen voet aan de grond gaat krijgen.

Door Kita van Slooten

Iconisch ionisch

Met de Ioniq levert Hyundai een elektrische auto af die meer luxe biedt dan je verwacht, lekkerder rijdt en er tegelijk beter uitziet dan we van de Koreanen gewend zijn.

De auto
Wat altijd werkt als je wilt weten of een auto ook bij anderen in de smaak valt, is de geparkeerde auto van een afstandje observeren. De hemelsblauwe Hyundai blijkt een blikvanger. Menig passant werpt eerst een achteloze blik en keert dan om voor een tweede blik. Alsof het even moet doordringen: is dit een Hyundai? Niet slecht voor een automerk dat bekend staat om de fletse uitstraling.



Hemelsblauwe blikvanger

Bij het ophalen van het elektrische testexemplaar bij het Nederlandse hoofdkantoor van Hyundai vertelt de vertegenwoordiger dat er nogal wat aan het veranderen is rond het merk. Hyundai heeft een nieuwe ontwerper aangetrokken die bij BMW vandaan komt. Er vindt een kwaliteitsslag plaats met mooiere ontwerpen en iets completere, wat luxer uitgevoerde auto’s. De komende jaren gaat het Zuid-Koreaanse merk volop inzetten op elektrisch aangedreven modellen, ook met waterstofmotoren. Met deze Ioniq hoopt men de strijd aan te gaan met concurrenten als Toyota, Volkswagen maar ook BMW. De vraag is: maakt deze compacte hatchback die ambitie ook waar?

De techniek
De Ioniq zit vol slimme, elektronische foefjes. De door de fabrikant beloofde actieradius (afhankelijk van wind, temperatuur en regen) is zo’n 280 kilometer. In praktijk komen we na een volle oplaadbeurt rond de 210 kilometer uit. Achter het stuur zitten twee flippers waarmee de regeneratietechniek wordt bediend. Bij standje 0 stroomt er het minst teruggewonnen energie terug naar de accu. In de hoogste stand merk je dat bij het loslaten van het gas de auto vol in de remmen gaat. Even wennen. Al merk je al snel dat je volledig kunt rijden op je gaspedaal. Afremmen kun je aan de auto zelf overlaten.




De ingebouwde slimme navigatie

Dankzij de slimme navigatiekaart benut de auto bij viaduct of tunnel de zwaartekracht en zet de bespaarde energie om in elektriciteit. Een andere indrukwekkende technische prestatie is de meedenkende cruisecontrol. Wie ’m op de snelweg aanzet, hoeft daarna eigenlijk alleen nog maar een beetje bij te sturen. Sensoren in de neus (en rondom) registreren voor- en zijliggers en laten de wagen anticiperen op afremmers en invoegers. Sensoren beginnen luid te piepen als het omringende verkeer te dichtbij komt.

Ook handig: een vakje in de middenconsole dat dienstdoet als draadloze oplader van de telefoon. Die valt overigens via bluetooth makkelijk te verbinden met het aanwezige mediasysteem.

De rijervaring
De Ioniq ligt als een blok op de weg en zweeft probleemloos over drempels en andere oneffenheden. In de bochten merk je wel iets van het zware accupakket in de bodem. De prettige (zelfs uitstekende) elektrisch verstelbare stoelen bieden gelukkig voldoende tegendruk. Optrekken gaat vlot, al moet de auto natuurlijk niet vergeleken worden met sportieve krachtpatsers. Vanuit de cabine is er volop zicht rondom. Wel wat eigenaardig is de raamstijl die de achterruit in tweeën deelt. Vanuit de achteruitkijkspiegel kijk je de hele tijd tegen een brede balk aan.


Het dashboard: een verademing

Erg fijn is de tot op de kilometer betrouwbare actieradiusmeter. Zoals bekend is elektrisch rijden een kwestie van plannen. Vooral langere ritten moeten nauwkeurig voorbereid worden met apps en routeplanners. Zo lukt het prima om met een dubbele tussenstop bij een snellaadstation het nabije buitenland te bereiken. Staat er nog een resterende kilometer op de teller, dan is die ook echt beschikbaar. Daarmee wekt de Ioniq vertrouwen.
Sowieso is het dashboard een verademing vergeleken met dat van sommige andere automakers. Alle meters zijn overzichtelijk en prettig binnen de stuurkolom aangebracht. Helder en duidelijk.

De Ioniq is weliswaar geen autonoom rijdende auto, maar de ervaring komt wel een beetje in de buurt. Wie de regeneratie met de flippers in de hoogste stand zet, hoeft eigenlijk alleen nog maar een beetje bij te gassen. In de cruisecontrol-stand blijft er weinig meer over dan bijsturen. Om te voorkomen dat je in slaap sukkelt, is er gelukkig een soundsystem van formaat. Echt prima allemaal.

Conclusie
De Ioniq is echt een fijne middenklasser die zowel qua luxe als uitstraling niet onderdoet voor de Duitse en Japanse concurrenten. Vooral Volkswagen mag de borst natmaken. 

Negen YouTube-kanalen die wél ergens over gaan

Per minuut wordt op YouTube driehonderd uur aan video gezet. Uit die oceaan aan bewegend beeld doken we deze negen bijzondere, leerzame én grappige pareltjes op.

1. Caspian report

Shirvan is een jongen uit Azerbeidzjan die met een moddervet Oostblokaccent commentaar geeft bij de geopolitieke achtergronden van het nieuws. Check vooral zijn video’s over Rusland als je wilt doorgronden waarom Poetin doet wat hij doet.

2. The Great War

Presentator Indy Neidell (foto) en zijn team verzorgen vanuit een studio in Berlijn wekelijks items over de Eerste Wereldoorlog. Hierin kijken ze precies honderd jaar terug naar het bloederige frontnieuws van destijds. Het kanaal neemt vier jaar de tijd om het hele verhaal, synchroon aan de oorlog, van week tot week te vertellen. Tevens specials over propaganda, wapentuig en onnozele generaals die hun troepen de onvermijdelijke dood injagen.

3. Every frame a painting

De Canadese editor Tony Zhou maakt diep inspirerende video’s over film. Hoe werkt beeldtaal? Welke keuzes maken filmmakers en waarom? Over de kunst van het vertellen van een verhaal in beelden. De video waarin hij de rol van stoelen in cinema analyseert, is simpelweg briljant.

4. De Snijtafel

Schrijver Kasper C. Jansen fileert Nederlandse media-uitingen (liedjes, tv-programma’s en politiek). Heeft helaas ruzie gekregen met oud-medepresentator Michiel Lieuwma, die het geheel net even wat verteerbaarder wist te maken. Kijk vooral de video’s over DWDD, maar let op: daarna kijk je nooit meer naar DWDD.

5. Geography Now!

Hyperactief mannetje Paul B. (a.k.a. Barby) heeft een ambitieus doel: video’s maken over alle landen van de wereld, te beginnen met de A van Afghanistan. Van ieder land vertelt hij iets over de vlag en bevolkingsopbouw, eventuele grensdisputen, cultuur en economie. Bij het opdissen van al die feitjes stuit hij op de ene na de andere geschiedkundige ongerijmdheid. Goed voorbeeld: de ongelooflijk ingewikkelde staatkundige samenhang van België.

6. PocketNow

PocketNow biedt dagelijks nieuws uit de wereld van de wearables, slimme horloges en met name mobiele telefoons. Wie overweegt een nieuw mobieltje aan te schaffen maar nog twijfelt, kan hier perfect terecht voor previews, reviews en ‘after the hype’-video’s. Daarin wordt gekeken of de veelbelovende telefoon na een paar maanden nog steeds bevalt.

7. Mr Porter’s

Hoort bij de gelijknamige webshop met upscale-confectiekleding voor mannen. Bij Mr Porter’s laten celebs als John Legend zien hoe je een smoking draagt. Verder veel uitlegvideo’s (hoe strik je een bow tie) en items waarin iets over de herkomst van bekende merken wordt verteld. Die je vervolgens natuurlijk onmiddellijk bij Mr Porter kunt aanschaffen.

8. Boiler Room

Onwaarschijnlijke schat aan geregistreerde livesets, one-offs en exclusieve dj-optredens uit binnen- en buitenland. De Boiler Room is gespecialiseerd in elektronische dansmuziek. Ieder denkbaar genre komt voorbij, gedraaid door de dj-goden van dit moment.

9. JulesCooking

De Nederlandse kok Jules Wiringa liep stage bij Ron Blaauw en La Rive. In zijn kookvideo’s laat hij zien hoe je traditionele Franse gerechten bereidt, zoals coquilles. Totaal humorloos en ontdaan van elke franje. Gaat alleen maar over koken. Heerlijk.

Bedrijfseconoom wordt slager

Carla van Eijk (34) rondde haar studie Bedrijfseconomie met vlag en wimpel af. Verscheidene goedbetaalde banen bij multinationals als Unilever en Nestlé volgden. Toch gooide Carla het roer om, ze zegde haar baan op om samen met haar broers de slagerij van hun vader in Voorschoten over te nemen.

Het liefst was ze na de middelbare school naar de slagersvakschool gegaan. Ze hielp in de weekenden en vakanties altijd al mee in de slagerij en vond niets leuker dan dat. Maar voor de slagersvakschool was ze te slim, aldus Carla's vader, daar gingen haar broers wel naar toe. Dus ging Carla Bedrijfseconomie studeren. Een fantastische tijd en Carla genoot volop van de studie: "Boekhouden, cijfers, analyseren, ik vond het heerlijk. Ik hou gewoon van Excel."

Geen verrassing dus dat er een master Management Control volgde. Na haar afstuderen kon Carla bij Unilever aan de slag als controller. Ze werkte hier

"Naast mijn fulltime baan bleef ik in de slagerij helpen"

vier jaar lang met veel plezier maar bleef naast deze fulltime baan op zaterdag in de slagerij meehelpen. "Dit voelde niet als werken, ik kende de klanten dus vond het vooral gezellig. En ik hielp mijn familie natuurlijk graag. Inmiddels runden haar vader en twee broers de slagerij met z'n drieën."
Na Unilever volgde een baan bij Nestlé, weer als controller maar nu op de Marktetingafdeling. Ook hier had Carla het naar haar zin en leerde ze veel.

Totdat haar vader rond zijn 65ste verjaardag voor de grap vroeg of Carla zijn aandeel in de slagerij niet over wilde nemen. "Ik weet nog precies wanneer 'ie dat zei. Hij bedoelde het als grapje maar het zette mij wel aan het denken. Als ik dit ooit wilde, dan was dit wel het moment." 
Het grapje van Carla's vader had grote gevolgen. Ze zegde haar baan bij Nestlé op om samen met haar twee broers de slagerij te runnen. "Het spannendste moment was toen ik het mijn broers ging vertellen. Ik had geen idee hoe ze zouden reageren maar ze vonden het eigenlijk meteen 'best'. Ik stelde nog voor om eerst drie maanden proef te draaien, maar dat vonden ze niet nodig." 
En zo geschiedde. Carla had meteen een missie: het eerste jaar 10% extra omzet draaien. "Dat waren mijn broers natuurlijk niet echt gewend, 'ga jij maar lekker terug naar kantoor' zeiden ze." Carla besloot zich iets meer op de achtergrond te houden maar de 10% groei werd glansrijk gehaald. 


Carla en haar broers in de slagerij

"Geen vergaderingen meer: heerlijk!"

Als grootste verschil ten opzichte van haar eerdere banen noemt Carla dat dit werk nooit stopt. "Mijn werkdagen beginnen nu om zes uur 's ochtends en ik werk zes dagen per week. Dat zijn aanzienlijk meer uren dan voorheen maar toch ervaar ik veel meer vrijheid. Ons totale team bestaat uit 20 man dus de lijnen zijn kort en dat maakt dat je meteen effect ziet wanneer je iets verandert. Ik ben niet langer een klein schakeltje in een groot concern én ik heb bijna geen vergaderingen meer. Heerlijk!"

Ook haar salaris is niet meer hetzelfde als toen ze nog bij Nestlé werkte. "We investeren zoveel mogelijk in het bedrijf dus voor het geld had ik deze switch niet hoeven maken. Maar ik werk nu zoveel dat ik toch geen tijd heb om geld uit te geven."

Of ze ooit het bedrijfsleven weer in gaat? Carla denkt van niet. "Mijn missie is nu om dit 'af' te maken. Er gebeurt momenteel zoveel in de retailbranche en ook het gedrag van mensen omtrent het eten van vlees verandert volop." Carla haar doel is om een slagerij van de toekomst te worden en zodoende helemaal ingespeeld te zijn op de klant van nu. Zij en haar broers doen veel onderzoek naar de wensen van hun klant en proberen meer te bieden dan alleen een goed product. Genoeg uitdaging voor deze bedrijfseconoom dus!

Dit artikel wordt gesponsord door ING. Bekijk hier hoe ING ondernemers als Carla direct vooruit helpt. Of kijk naar Z in Zaken, elke vrijdag om 16.30 uur bij RTL Z.

 

Restaurant Sukade blaast frisse groene wind door Meppel

Wat: (koffie)bar, bistro en restaurant Sukade
Waar: in het monumentale smaeckpakhuys in Meppel
Open sinds: 18 november 2016
Keuken: klassiek Frans met uitstapjes naar exotische oorden
Verborgen agenda: “We leggen er naar onze gasten toe geen nadruk op, maar we proberen in alles wat we hier doen een stapje extra te zetten”

Het pittoreske Meppel heeft met zijn gerestaureerde grachten en jachthaven weer een nieuwe reden om deze lente aan te meren. Aan de Stoombootkade zit sinds eind 2016 het eigentijdse restaurant Sukade, waar je voor een billijke prijs kunt genieten van gerechten op topniveau, maar ook ’s ochtends kunt aanschuiven voor een kop koffie, gezet van een eigen bioblend. “We hebben zowel de jonge als oude Meppelers aangenaam verrast.”


Het monumentale smaeckpakhuys

Wie zitten er achter Sukade?
Aan het roer staat Bianca Henken-Meppelink. Ze was hiervoor werkzaam in het duurzame bankwezen, tot haar stiefvader vertelde over een geplande investering. “Het smaeckpakhuys in Meppel stond al jaren leeg. Mijn stiefvader zag samen met een zakenpartner potentie in het vervallen pand voor een restaurant van niveau.”​ Henken zag een kans om van scratch een restaurant op te bouwen en bood haar diensten aan. Zo maakte ze de switch naar horeca-ondernemer. Samen met chef-kok Thomas van Mechelen en sommelier Joleen van Mechelen – liefde gaat toch echt door de maag – vormen de jonge honden het management. “Thomas werd mij aanbevolen door zijn vroegere leraar: ‛Die moet zijn vleugels uitslaan.’ Joleen werkte voorheen onder andere bij De Librije, maar was klaar voor een overstap naar een eigentijds concept.”​

Locatie
Aan de historische Stoombootkade in een voormalig pakhuis. “Sinds 1860 werden hier onder meer specerijen en zuidvruchten zoals sukade verscheept”, zegt Henken. “De geschiedenis van het pand gebruiken we als inspiratie voor onze keuken.” Na een flinke renovatie is het pand energiezuinig, maar heeft het niet ingeboet aan authentiek karakter. Ook buiten is het goed toeven: Sukade beschikt over een beschut terras aan het water.


De azuurblauwe blikvangers

Keuken
Het uitgangspunt is klassiek Frans, maar Thomas maakt graag uitstapjes naar Azië of andere werelddelen. "Hij is altijd aan het experimenteren. Van aardpeer garen in hooi tot prei in plaats van steak bereiden met chimmichurrie op de Green Egg. Laatst wilde hij kroepoek van tomaat te maken. Als dat na een paar experimenten lukt, geeft dat ons allemaal een kick!’, zegt Henken. De kaart is klein en wisselt tweewekelijks, zodat er altijd vers gekookt kan worden en verspilling tot het minimum wordt beperkt. Dieren verwerken ze van kop tot staart. "Het is zonde om alleen de bekendere, duurdere delen te gebruiken. Zo maken we onze eigen paté. Daarnaast maken we onze bouillabaise met vis van bijvangst." 

Interieur
Eigentijds met een knipoog naar het verleden. Uitgekerfde wijnvaten, oorspronkelijke balkenwerk in het plafond en het tropische behang met sukadevruchten voeren je terug naar koloniale tijden. Een absolute blikvanger zijn de twee bars met azuurgroene tegels. “De inspiratie hiervoor kwam van de Watertoren in Utrecht”, zegt Henken. Gasten kunnen plaatsnemen op mosterdgroene banken, rotan stoelen en barkrukken.


Eigentijds met een knipoog naar het verleden

Verborgen agenda
Het groentemenu is goedkoper om vegetarische keuzes te stimuleren, er worden seizoensgebonden ingrediënten gebruikt, koffie, brood, bier (Gulpener) en limonade (fritz-kola) zijn biologisch en het mineraalwater is van Marie-Stella-Maris, waar voor elke fles een bedrag ten goede komt aan projecten voor schoon drinkwater. De waslijst aan duurzame investeringen is indrukwekkend. Toch zie je deze sociale filosofie nauwelijks terug in de communicatie naar gasten. Meppelink: “Toen ik aan dit avontuur begon, wist ik direct: als ik dit doe, moet het waarde hebben. Voor mij is dat gasten een mooie ervaring bieden zonder dat het ten koste gaat van mens, dier en milieu. Maar ik ben ervan overtuigd dat het niet werkt als je hier de nadruk op legt. Lekker eten moet de belangrijkste reden zijn om hier te komen.”

Niet te missen detail
“Ons lieve personeel”, zegt Henken. “​Joleen heeft het personeel in vier maanden veel fijne kneepjes van het vak bij kunnen brengen. En ook Thomas toont zich een uitstekend leermeester.” Bijna iedere gast krijgt persoonlijke aandacht van de chef, wat zeer gewaardeerd wordt, blijkt uit de positieve recensies op Iens (8,8).


"Op zondag koken we de koelkast leeg"

Zondag: eten wat de pot schaft!
Iedere zondag houdt Sukade de Sunday Roast: voor een bescheiden prijs genieten van een driegangenmenu. Henken: “Na een boswandeling of dagje uit kun je gezellig aanschuiven. We koken die dag de koelkast leeg. Het concept slaat goed aan, we zien steeds vaker vaste gasten terugkomen.”

Een nieuw begin

Ik weet wel dat ik dol ben op de lente, maar elk jaar blijkt het nog weer fijner te zijn dan in mijn herinnering. De zomertijd die ingaat, waardoor het ineens om acht uur ‘s avonds nog licht is. Je vergeet in de sombere wintermaanden gewoon dat het bestaat. En alle die kale bomen en struiken, waarvan je denkt dat ze het niet overleefd hebben, die ineens toch weer groene blaadjes en knopjes krijgen. Een nieuw begin, de natuur die gereset is. Eigenlijk zou je zelf ook vaker aan iets nieuws moeten beginnen. Er gaat weinig boven de eerste bladzijden van een nieuw boek, de eerste dag van de vakantie, of de eerste ochtend in een nieuw huis. Maar echt opnieuw beginnen, dat is andere koek. Daar worden we elke week aan herinnerd in tv-programma’s als Ik vertrek en Helemaal het einde. Een nieuw begin lijkt niet mogelijk te zijn zonder helse ontberingen en veel tegenslag. Daarom is het veel fijner om te kijken naar, of te lezen over andere mensen die het wel proberen.

Dave Eggers - Helden van de grens

Opnieuw beginnen als je gescheiden bent van de vader van je twee kinderen, je tandartspraktijk failliet is gegaan, er een jong iemand onnodig isgestorven, en je ex de kinderen wil voorstellen aan zijn nieuwe verloofde: het lijkt de makkelijkste weg. Maar leven in een camper in het ruige Alaska klinkt idyllischer dan het is, helemaal als je twee jonge kinderen meeneemt. En hoe vrolijk en vrij de dagen ook zijn, ‘s nachts draag je toch je oude leven en zorgen met je mee.


Walter van den Berg - Schuld

Wie geboren is voor een dubbeltje wordt heel soms een kwartje, maar dat geldt niet voor Walter van den Bergs hoofdpersoon in Schuld. Als lezer word je meegezogen in zijn leven in Amsterdam-West, waar mannen niet werken, maar altijd op zoek zijn naar een klus. ‘Zingende’ Ron is in de gevangenis beland omdat hij een vrouw probeerde te redden. Maar nu is hij terug en hoopt hij op een nieuw begin. Met die vrouw en zijn zoon, die al precies zijn vader is. 


Marguerite van Geldermalsen - Ik woonde in een grot

Voor wie net als ik graag kijkt naar 'Floortje naar het einde van de wereld': het verhaal van een Nederlandse vrouw die in een grot in Jordanië belandde met haar grote liefde Mohammad, een bedoeïen. Het is mij altijd een raadsel hoe iemand die is opgegroeid in een warm huis, met stromend water en een wc, dat allemaal kan opgeven en back to basic kan gaan. Daarom lees ik er liever over dan dat ik het zelf zou doen. Maar een bijzonder inkijkje geeft dit boek absoluut.


Chimamanda Ngozi Adichie - Americanah

Ifemelu is geslaagd in Amerika, als jonge immigrant uit Nigeria. Met een goede baan op een universiteit en een Amerikaanse geliefde zou ze zich helemaal thuis moeten voelen. Maar Amerika is niet thuis. In Amerika is ze ‘zwart’, iets waar ze in Nigeria nooit bij stil had gestaan. Ze besluit terug naar huis te gaan, om nog een keer opnieuw te beginnen. Maar ook nu hoort ze er niet helemaal bij, ze is nu een ‘Americanah’. Niemand kan haar terugkeer begrijpen, behalve haar jeugdliefde Obinze, die met dezelfde droom ooit naar Engeland was vertrokken.

De plaaggeest van Trump

Zijn persiflage van de Amerikaanse president gaat de hele wereld over. Binnenkort brengt hij de biografie ‘Nevertheless’ uit. Wie is deze meest bekende van de beroemde broertjes Baldwin?

Alec Baldwin: SAD!

In de VS zijn tal van Trumpimitators opgestaan met een flauwe versie van Jimmy Fallon en een redelijke uitvoering van Stephen Colbert. Maar Alec Baldwin (56), die Trump neerzet als een verongelijkte kleuter wiens speelgoed net is afgepakt, takes the spreekwoordelijke cake. Wekelijks kruipt hij in de rol van de POTUS in Saturday Night Live, tot ongenoegen van Trump zelf. De president heeft zich op Twitter beklaagd over de show (“Not funny, cast is terrible, always a complete hit job. Really bad television!”). Die kritiek heeft een tikje averechts uitgepakt. Sinds de verschijning van Baldwins persiflage zijn de kijkcijfers met 30 procent gestegen. Baldwin heeft wel aangekondigd binnenkort te stoppen. Hij zegt het publiek niet langer te willen geselen met de woede en verbittering van Trump. De satire wordt in het licht van de realiteit steeds minder grappig.

Zeker een verstokte liberal, die Baldwin?

Absoluut. Als hij niet was gaan acteren, was hij voor de Democraten de politiek ingegaan. Baldwin is het cliché van de luidruchtige, charismatische New Yorker die overloopt van zelfvertrouwen. Hij hangt in z’n vrije tijd rond in luxe private member-clubs waar de kosmopolitische New Yorkse elite samenkomt. Opvallend is dat hij het best tot zijn recht komt in de rollen die juist het spiegelbeeld van zijn privépersoonlijkheid zijn. In de tv-serie 30 Rock speelde hij bijvoorbeeld de verrukkelijk rechtse tv-baas Jack Donaghy, een corporate (en Reaganfan) in hart en nieren met een diepe afkeer voor feministische linkse sneeuwvlokjes. Over Baldwin wordt gezegd dat hij de enige liberal is die er goed uitziet in een pak.

Vroeger speelde hij toch in films?

Het had niet veel gescheeld of Baldwin was een soort tweede Bruce Willis geworden. Hij speelde in de duikbootthriller Hunt for the Red October CIA-agent Jack Ryan. Maar het leven in LA beviel niet en hij besloot terug te keren naar New York. Zowel zijn agent als de filmbonzen waarschuwden dat hij zijn carrière om zeep hielp. Baldwin trok zich er niets van aan. Harrison Ford nam later de rol van Jack Ryan over, met enig succes.


Baldwin in Hunt for the Red October

Moeten we medelijden met hem hebben?

Neuh. Baldwins persoonlijke vermogen wordt op 65 miljoen dollar geschat. Hoewel hij niet de Oscarwinnende filmgrootheid is geworden die sommigen in hem zagen, heeft hij een uiterst succesvolle carrière opgebouwd. De zeven seizoenen van 30 Rock, bedacht door Tina Fey, behoren tot de beste moderne ensemble comedy uit de recente Amerikaanse geschiedenis. Baldwin is bovendien nog niet met pensioen. Hij programmeert klassieke muziek voor een New Yorkse concertzaal. Voor de publieke radio maakt hij marathoninterviews met bekende mensen die hij vraagt naar wat hen beweegt. En hij reist de wereld over om filmfestivals te bezoeken. Ook is hij weer gelukkig in de liefde met Hilaria, na de scheiding van Kim Basinger en de rampzalig verlopen voogdijstrijd over hun dochter. Tussendoor speelt hij een rolletje of doet voice-overwerk.

Een modelburger dus?

Alecs heethoofdigheid is berucht. In 2011 werd hij uit een vliegtuig gezet nadat hij voor het opstijgen weigerde zijn telefoon uit te schakelen. Meneer wilde eerst zijn spelletje ‘Words with friends’ afmaken. Ook moest hij zich publiek verantwoorden nadat een serie scheldpartijen uitlekte waarin hij zijn 11-jarige dochter uitmaakte voor dom varken. Maar hé, niemand is perfect, toch?

Die broers, hoe zit het daarmee?

Alec komt uit een groot gezin met twee zussen en drie broers. Wie wie is, is een bekend gezelschapsspelletje in de VS. De zussen blijven een beetje uit beeld, maar de broers (Stephen, William en Daniel) hebben ieder hun eigen een acteercarrière nagejaagd. De enige die daar naast Alec redelijk in geslaagd is, is William, die speelde in films als Flatliners en Backdraft (met Kurt Russell en Robert de Niro). Wie wil weten hoe verschillend mensen uit twee dezelfde ouders eruit kunnen zien, googelt even op bovenstaande namen. Overigens is Alec de enige van de Baldwin-broers die nooit hoeft uit te leggen welke broer hij precies is.


Gebroeders Baldwin

Maar goed, Baldwin gaat dus stoppen met zijn Trump-imitatie?

Dat einde hangt wel in de lucht. De komende tijd zal hij sowieso druk zijn met de promotie van zijn biografie ‘Nevertheless’ (release op 4 april) waarin hij vertelt over zijn jeugd, liefdes, drankgebruik en carrière. Trump verdwijnt niet helemaal uit beeld, want Baldwin werkt momenteel hard aan nog een ‘biografie’ waarin hij de president op de hak neemt. De titel is er al: ‘You Can't Spell America Without Me: The Really Tremendous Inside Story of My Fantastic First Year as President Donald J. Trump’.

Culturele Agenda - Oranje Editie

Koning Cultuur - Almere

Voor het tweede jaar op rij organiseert Almere Haven hun Koningsdag-cultuurfestival aan het water: Koning Cultuur. Het programma bestaat uit muziek, theater en een kunstmarkt. Maar ook uit karaoke, een photoboot en foodtrucks. Cultuur in de breedste zin van het woord, kortom.
Donderdag 27 april, Almere Haven, gratis toegankelijk.


 

The life I live - Den Haag

Den Haag viert de vijftigste verjaardag van Wim-Lex met 50 verschillende live-acts, verspreid door de Hofstad. Eén van de podia staat zelfs pal voor paleis Noordeinde, het werkpaleis van de koning. Het festijn begint uiteraard de 26ste al (Koningsnacht) en de line up is op zijn minst gevarieerd te noemen: van Fresku en Sven Hammond tot Kraak & Smaak.
Woensdag 26 en donderdag 27 april, Den Haag, gratis toegankelijk.

Koninklijk bezoek - Tilburg

Kijk je liever naar de koning zelf in plaats van naar zijn paleis, dan moet je naar Tilburg dit jaar. De koninklijke familie reist per trein naar het zuiden om zich vervolgens onder te dompelen in al het moois dat Tilburg te bieden heeft. Het bezoek van de Oranjes wordt afgesloten met de Grande Finale door Guus Meeuwis. Wie anders?
Donderdag 27 april, Tilburg, gratis toegankelijk.



Carel Kraayenhof en Juan Pablo Dobal - 's Graveland

Ooit iemand zo mooi zien huilen als Máxima tijdens het optreden van Carel Kraayenhof op haar huwelijksdag? Dezelfde Kraayenhof geeft op Koningsdag samen met pianist Juan Pablo Dobal een concert op het sprookjesachtige landgoed Trompenburgh. Wel even een kaartje kopen.
Donderdag 27 april, 's Graveland, kaarten vanaf 75,- (inclusief champagne-borrel en rondleiding).

Oranjebloesem - Amsterdam

Geen zin in dronken mensenmassa's,  koekhappen en vrijmarkt? Vier Koningsdag dit jaar dan lekker met de voeten in het zand bij Blijburg aan Zee. De line up start om 12 uur en bestaat uit meer dan 16 eigenzinnige en verfrissende dj's en acts. Wel snel zijn met kaarten kopen, want op = bijna op.
Donderdag 27 april, Amsterdam, kaarten vanaf 25,-.

5 prikkelende vragen aan Bart Siemerink

Op 23 maart opende het showvenster van de Nederlandse sierteelt weer zijn poorten. De komende twee maanden zal de Keukenhof meer dan een miljoen bezoekers verleiden met zijn 7 miljoen tulpen. Een logistieke operatie van jewelste die Bart Siemerink, directeur van de Keukenhof, met verve in goede banen leidt. 'In de bloemensector wordt goed samengewerkt: iedereen kent elkaar en gunt elkaar wat.'

De Keukenhof wordt vooral door buitenlandse toeristen bezocht. Komen er nog wel Nederlanders?

Jazeker, zo’n 200.000. Maar dat mogen er van mij meer zijn. Ik vind dat iedere Nederlander minstens één keer in zijn leven de Keukenhof bezocht moet hebben. Het is een van de meest geliefde attracties in Europa. Nederlanders doen hier wat laconiek over, terwijl we het mooiste lentepark ter wereld hebben. Bovendien is de Keukenhof een prachtig uithangbord voor onze bloemensector. Alleen al in logistiek opzicht is het een geweldige prestatie dat wij overal ter wereld binnen één dag een vers Hollands product kunnen leveren. Daar mogen we best wat trotser op zijn.


"Het mooiste lentepark ter wereld"

Je werkt al je hele leven met bloemen. Ben je een fleurig persoon?
Dat moet je eigenlijk aan mijn vrouw en kinderen vragen, maar ik voel me wel een fleurig persoon! Met bloemen werken maakt mij oprecht vrolijk. Dat geldt trouwens voor de meeste mensen in de bloementeelt. Bijna niemand stapt uit economische overwegingen in dit vak, maar vanuit een oprechte passie. Ik heb heel veel waardering voor de mensen met wie ik werk. Het zijn nuchtere Nederlanders die hard werken en weten dat ze elkaar nodig hebben. De kwaliteit van samenwerking tussen hofleveranciers, kwekers en tuinontwerpers bepaalt immers het succes van De Keukenhof.


Directeur Bart Siemerink

Hoe is een bloem uit Azië uitgegroeid tot een Nederlands nationaal symbool?

Een stukje toeval, geluk en strategie. De wilde tulp komt oorspronkelijk uit de hooggebergtes van China en Turkije. Gek genoeg is het klimaat daar vergelijkbaar met het zeeklimaat in Nederland. Koude winters en gematigd warme zomers. De bloembollen bleken ook nog eens goed te gedijen in de vlakke velden achter zee. Zo’n 400 jaar geleden introduceerden kooplieden de wilde tulp in Nederland. De bloem werd in heel Europa populair, maar in Holland ontstond een ware tulpenmanie. Neem daarbij opgeteld een ijzersterke traditie in logistiek, handel en het veredelen van gewassen, en zo ontstond een nationaal symbool.


Mondriaan- en Rietveld-thema in De Keukenhof

Wat is de populairste tulp in de Keukenhof?
Er bloeien 800 soorten tulpen, maar als de traditionele rode tulp zou ontbreken, zouden bezoekers dat zien als een groot gemis. Rood is een kleur die het in iedere cultuur goed doet.

Stemt het je verdrietig als de Keukenhof zijn deuren in mei weer sluit?
Ja. Al krijg ik dan ook weer zin om met het nieuwe seizoen aan de slag te gaan. Maar de maanden dat bezoekers in het park rondlopen, blijven het mooist. Dit jaar hebben we als thema Dutch Design. We hebben samengewerkt met kunstenaars en architecten als Jan des Bouvrie, maar je kunt ook het oer-Hollandse Dafje en de Kip Caravan als bloemencorso spotten. We doen hier alles met een knipoog.

Door Rachel van de Pol

Satirische schets van mannen in crisis

Sneak preview: Quality Time
Regisseur: Daan Bakker
Met: Michiel Romeyn, Anneke Blok, Steve Aernouts
Bioscooprelease: 27 april 2017

De mannen in Quality Time hebben het niet makkelijk. Het zijn dertigers die nog altijd leunen op hun ouders en niet weten hoe ze zichzelf naar de buitenwereld toe moeten presenteren. Filmmaker Daan Bakker plaatst hen in de meest absurde situaties en laat ons toekijken hoe de heren als een stel vissen op het droge liggen te spartelen.

In het competitieprogramma van het International Film Festival Rotterdam was Quality Time dit jaar de enige Nederlandse film. Dat het speelfilmdebuut van Bakker geselecteerd werd, zal ongetwijfeld te maken hebben met de verrassende vorm waarin hij zijn film goot. In vijf totaal verschillende hoofdstukken maken we kennis met vijf wankelende mannen. Bakker koos voor elk hoofdstuk een andere stijl en dat levert een intrigerende film op die doordrenkt is van gortdroge humor.

Koen moet bij elke familiereünie dezelfde flauwe act op voeren, ook al wordt hij er kotsmisselijk van. Stefaan gaat voor een fotoproject samen met zijn vader terug naar belangrijke plekken uit zijn jeugd. Kjell reist terug in de tijd in de hoop zo van zijn lage zelfbeeld te kunnen herstellen. Na zijn ontvoering door buitenaardse wezens komt Karel in een zeer vreemde gedaante terug bij zijn ouders. En dan is er nog slapjanus Jef, wiens pogingen indruk te maken op zijn nieuwe schoonfamilie jammerlijk blijven mislukken.

Het eerste hoofdstuk begint gewaagd, maar grappig, met een witte stip op een knalrood scherm. De stip is Koen, die met monotone robotstem vertelt over de reünie waar zijn oom Ben hem elke keer weer zover krijgt om grote hoeveelheden melk weg te klokken, gevolgd door een overdaad aan plakjes ham. Koens moeder kijkt hoofd schuddend toe, maar haar zoon heeft niet de ballen voor zichzelf op te komen.

De verhouding tussen ouder en kind is het mooist uitgewerkt in het hoofdstuk van Stefaan. Op advies van zijn therapeut stort hij zich op de fotografie, zijn nieuwe hobby. Zijn vader rijdt hem daarbij geduldig van hot naar her. De begraafplaats van de hond, zijn oude hockeyclub of een favoriete visstek. Stefaan maakt er zijn slecht gekadreerde foto’s en stapt weer in de auto. De dialoog verschijnt als tekst in beeld en de camera blijft op afstand. Dus wanneer Stefaan bij zijn jeugdliefde aanbelt om een foto te maken van de kamer waar hij voor het eerst zoende, zien we hem niet. We kijken van bovenaf naar een huis en lezen wat er gezegd wordt.

De gesprekken nemen ongemakkelijke wendingen, maar de camera blijft stil en de muziek kabbelt rustig voort. Vervreemdend, afstandelijk, maar tegelijkertijd heel intiem. Knap is ook hoe de onvoorwaardelijke liefde van een vader voor zijn zoon zonder close-ups of hoorbare dialoog toch haarscherp wordt overgebracht. Met zijn eigenzinnige debuut weet Bakker te ontroeren, verwarren en inspireren, en laat hij zien dat experimenten met vorm de inhoud niet in de weg hoeven te staan.

Door Kita van Slooten

De pot op

Cracking the Design Code

Ontwerper Aldo Bakker ontwierp een theepot zo mooi dat je ‘m bijna niet durft te gebruiken. “Ik kreeg veel lof van critici. Maar commercieel was het geen succes.”

Designer Aldo Bakker werkt, in tegenstelling tot veel van zijn collega’s, bijna nooit vanuit de gedachte dat hij een ‘probleem’ wil oplossen. Integendeel: Bakker maakt gewoon iets wat hij mooi vindt. Of het uiteindelijke object uitblinkt door functionaliteit, boeit hem eigenlijk nauwelijks.

Gunstig bijeffect is dat Bakker dingen ontwerpt zonder de ballast van nut en noodzaak. Bakkers oliekannen, vazen, koppen en schotels en tafels zijn meer vorm dan functie. Heel verfrissend en absoluut uniek.

Pot, zoals de minimalistische theepot gemaakt van fijn Chinees porselein werd genoemd, is een goed voorbeeld van Bakkers werk. Aaibaar, sierlijk, eenvoudig – maar op de een of andere manier toch heel luxe. De fraaie theepot is het resultaat van een lange ontwikkeling die startte toen Bakker in 2015 voor de Franse porseleinmaker Sèvres/Paris werkte.


Aaibaar en sierlijk porselein

Bakker: “Dat nam te veel tijd in beslag. Sindsdien heeft keramiekmaker Frans Ottink de productie overgenomen en geef ik het uit in eigen beheer. Het blijft een razend moeilijk ding om te produceren.”

Hoe hij op het idee kwam, weet Bakker niet precies meer. Maar wel dat hij op een zeker moment het inzicht kreeg om een twee keer een incisie te maken, waardoor tuit en handvat ontstaan. Bakker: “Het startte met een soort oerpot, maar het principe van die vorm werkt vooral in zijn huidige platte, grafische toestand, en was dus weinig functioneel.”

Wat Bakker nogal opbrak in het productieproces, was dat hij onderschat had wat er allemaal mis kon gaan: “De Pot heeft subtiele vormnuances die zich afspelen op een vrij plat volume en dan is er nog de passing tussen container en deksel. Erg lastig allemaal door vervormingen die ontstaan in de oven.”

Gevraagd naar het doel van het ontwerp, kan Bakker kort zijn: “Deze vraag lijkt vanuit een toegepaste hoek te komen, dat is niet van toepassing op Pot.” Volgens Bakker heeft de Pot verder weinig voor zijn carrière betekend, al was de Pot wel geliefd onder critici en galleryhouders. “Maar commercieel was het geen succes.”

 

In de arena van eSports gaat heel veel geld om

Miljoenen mensen kijken tegenwoordig live, via internet of televisie naar game-toernooien. eSports wordt met de dag populairder én lucratiever. Bright-redacteur Jan Meijroos brengt het grote geld van professioneel games spelen in kaart.

Gamers die van het spelen van videogames op toernooien, al dan niet in teamverband, hun werk hebben gemaakt. Het beroep van eSporter is niet voor iedereen weggelegd, maar de populariteit ervan is onomkeerbaar. Lacherig doen over ‘bleke computernerds die de hele dag ​games spelen’ is ongeveer net zo kortzichtig als mensen die ooit dachten dat internet en YouTube iets was ‘dat wel weer over zou waaien’. Gaming is groter dan ooit en eSports is daar een heel groot en bepalend onderdeel van. De cijfers spreken boekdelen.

Twee miljard mensen spelen games

Dat gaming big business is, mag inmiddels geen verrassing meer zijn. In Nederland speelt driekwart van de bevolking gemiddeld zo’n vier uur per week computerspellen. Hoeveel Nederland elke week aan gaming besteedt? 48 miljoen uur. Wereldwijd wordt het aantal mensen dat games speelt op 2 miljard geschat. En wie denkt dat enkel kids of pubers games spelen, zit er goed naast: de gemiddelde leeftijd van een gamer is 35 jaar. Daarvan is 59 procent mannelijk en 41 procent vrouwelijk. 

Totale markt eSports rond 900 miljoen dollar

Wereldwijd bedraagt de omzet van de game-industrie 100 miljard euro per jaar en volgens Newzoo groeit dat bedrag naar bijna 118 miljard in 2019. eSports is daar een belangrijke factor in. Wereldwijd trekken eSports-wedstrijden momenteel 154,3 miljoen unieke kijkers, waarvan ongeveer 879,000 in Nederland volgens berekeningen van Superdata. Andere cijfers van dit Amerikaanse Games & Interactive Media Intelligence-researchbureau bevestigen de enorme waarde van professioneel gamen voor een groot publiek. De totale markt voor eSports ligt rond 900 miljoen dollar, waarvan sponsoring en reclame-inkomsten het grootste deel vertegenwoordigt (77 procent) in vergelijking tot consumentenuitgaven zoals merchandise en evenementen (23 procent). En het wordt alleen maar meer: de verwachting is dat eSports groeit naar 1,2 miljard dollar in 2018.


Esporter Eric Choupo-Moting voor FC Schalke 04

Terminologie

De cijfers spreken voor zich, toch is er nog veel verwarring rond de terminologie. YouTubers, streamers, eSporters, ze worden gemakkelijk op een hoop geveegd. Niet zo vreemd, want de termen raken elkaar wel. Er zijn wereldberoemde YouTubers die met hun kanaal veel geld verdienen door het uploaden van video’s van potjes gamen. Twitch richt zich meer op livestreamen; mensen spelen live online games en andere gamers kijken live mee. eSports staat voor electronic sports. Finales vinden wereldwijd plaats in uitverkochte stadions en hoofdprijzen lopen in de miljoenen. 

Prijzen lopen in de miljoenen

Zo organiseert ESL wereldwijd de Intel Extreme Masters en ESL One-evenementen en toernooien, en breekt daarbij met honderdduizenden bezoekers en miljoenen online kijkers nog elk jaar records. Gamers die meedoen aan die toernooien kunnen grote geldbedragen winnen. Prijzenpotten lopen soms in de miljoenen. Dat is alleen weggelegd voor professionele gamers die dag in, dag uit – veelal gespecialiseerd in een type spel – met hun eSport bezig zijn. Teams zitten vlak voor grote toernooien vaak maanden bij elkaar in een huis en spelen zeven tot acht uur per dag. Deze eSporters zijn in sommige gevallen beroemdheden die daarnaast een eigen YouTube- en/of Twitchkanaal hebben.

Voetbal ontdekt eSports

Jaap Visser, managing director van ESL Benelux: “Recente cijfers van Newzoo laten zien dat er ongeveer een miljoen mensen in Nederland interesse hebben in eSports. Ongeveer de helft daarvan kijkt zeer regelmatig naar eSports-content via verschillende platformen, waarbij Twitch nog steeds de grootste is.”
Interesse en enthousiasme voor eSports is er dus wel in Nederland, alleen op het gebied van professionalisering is er nog veel te winnen. Visser: “Op het gebied van teams en professionele eSporters lopen we qua organisatiestructuur achter op de rest van de wereld. Maar met de lancering van de ESL Benelux Championship bieden we een basis voor organisaties om verder te professionaliseren en uit te breiden. Met de instap van verschillende voetbalclubs en andere partijen verwachten we dat in 2017 organisaties en spelers in een sneltreinvaart verder zullen professionaliseren.” 

eSports in Nederland

Voetbalclubs hebben eSports inmiddels volledig omarmd. Recent kondigde de eredivisie de E-Divisie aan. Iedere Nederlandse voetbalclub heeft een (of meerdere) gamer(s) aan zich verbonden. Iedere week worden de competitiewedstrijden nagespeeld in het voetbalspel FIFA 17. Als één game eSports in Europa nog groter kan gaan maken dan het al is, dan is het FIFA wel. Dat voetbalclubs graag meerijden op de eSports-hypetrein én dat ze er bovendien geld mee willen verdienen, is bovendien ook niet iets waar men moeilijk over doet. De vraag is natuurlijk, wat verdienden de eSporters er zelf eigenlijk mee? Als we kijken naar het buitenland, dan zijn de bedragen enorm. China bekleedt de top met de vijf beste betaalde eSporters, die rond 2 miljoen dollar per jaar verdienden in 2016. Op de zesde plaats staat de Deen Rasmus Fillipsen met bijna 1 miljoen dollar. Op de tiende plek de Amerikaan David Hull met bijna 720.000 dollar. De meeste eSporters verdienen zogezegd substantieel extra met hun eigen YouTube-kanalen en livestreams op Twitch. Reclame-inkomsten en donaties die daaruit voortvloeien, zijn zeer omvangrijk.


Esports kampioen Zuid-Korea

Grote geld niet in Nederland

Voor Nederlanders is een carrière als eSporter een stuk lastiger. De kans om geld te verdienen is hier groter als YouTuber dan als eSporter. In Nederland bieden toernooien maximaal een paar honderd tot hooguit een paar duizend euro. Het grote geld zit internationaal. Fabian Nieuwstraten met het spel League of Legends en Thijs Molendijk met Hearthstone kunnen er goed van leven, maar zij zijn uitzonderingen.

Visser: “Professionele eSporters internationaal kunnen goed leven van een mix van salaris, prijzengeld, inkomsten uit livestreams en andere marketingactiviteiten. In Nederland zijn er slechts enkelen die naast hun carrière als eSporter geen (bij)baan beoefenen. Wat mij betreft zijn dit belangrijke punten om eSports verder te professionaliseren en daarnaast talent een betere basis te bieden om internationaal door te groeien.” 

Door Jan Meijroos, redacteur Bright.

Welkom in de yacht valley of the world

De Nederlandse scheepsbouw staat onder druk maar in één maritieme klasse blijft Nederland wereldwijd scoren: die van de superjachten. Waarom Nederland zo’n prominente rol speelt in de wereld van het luxe spelevaren.

‘Superjacht’ is niet zo maar een term die op elke beetje grote boot van toepassing is. Volgens de gangbare definitie zijn superjachten ‘commercieel dan wel particulier geëxploiteerde jachten’ met een lengte van minimaal 24 meter en een crew aan boord. Vaak zijn ze in privébezit, soms zijn ze ook als charter te huur.

Doordat de bouw van het aantal superjachten sinds de jaren negentig fors is toegenomen en er steeds grotere jachten van meer dan 65 meter worden gebouwd, is er volgens de website Superyachts een compleet nieuwe classificatie ontstaan. Om de ‘gewone’ superjachten van de bijzondere te onderscheiden, is voor de laatste categorie de term megajacht geïntroduceerd. Jachten die meer dan honderd meter lang zijn worden gigajacht genoemd.


Aan boord van superjacht Savannah

VOC
Volgens Jeroen Sirag, Export Manager van de HISWA Holland Yachting Group, is er een goede verklaring voor de prominente positie van Nederland als belangrijkste scheepsbouwer in het luxesegment. Die is niet verklaren zonder een blik op onze geschiedenis te werpen, aldus Sirag: “In de Gouden Eeuw was vanaf 1600 de VOC dominant op het gebied van zeehandel. In 1648 werd de helft van alle internationale Europese handel met Nederlandse schepen vervoerd.”

Deze maritieme industrie legde volgens hem de basis voor de jachtwerven en gespecialiseerde toeleveringsbedrijven. Zelfs het Engelse woord yacht is geleend uit het Nederlands. Jaarlijks wordt er meer dan een miljard euro omgezet door Nederlandse superjachtbouwers. Die hebben daarmee een kwart van de globale markt in handen, meer dan enig ander land.


Superjacht Unfurled van Vitters

Familiebedrijven
Nu is het in huis hebben van kennis en vaardigheden een goede start. Maar het is volgens  Sirag niet de enige verklaring voor het Nederlandse exportsucces. “Wij danken deze positie aan excellent ondernemerschap en pioniers. Zij konden niet alleen omschakelen van beroepsvaart naar pleziervaart omdat ze daar kansen zagen, maar ook omdat ze al snel doorhadden dat de exportmarkt de toekomst had.”

Wat  bijdraagt aan het grote aandeel dat Nederland heeft in de internationale markt van superjachten, is de manier waarop de Nederlandse werven werken en gerund worden. Vaak zijn het van oorsprong familiebedrijven. Er is erg veel specialistische kennis en expertise in huis. Sirag: “Onze down-to-earth mentaliteit wordt erg gewaardeerd.”


Elfje van Royal Huisman

Superjachtencluster

Hij wijst ook naar de geografische omstandigheden van het ‘superjachtencluster’. Samenwerking tussen toeleveranciers, werven en andere schakels in de keten, vindt plaats binnen een beperkt gebied: alles is binnen een straal van tweehonderd kilometer beschikbaar. Sirag: “Niet voor niets worden wij ook wel 'the yacht valley of the world' genoemd.”

Dat Nederlandse bedrijven zoals onder andere Feadship, Amels en Royal Huisman vooral internationaal actief zijn, heeft tevens te maken met de typisch Nederlandse situatie: een gelijkmatig land als Nederland kent weinig echte superrijken. Wie deze kapitaalkrachtige doelgroep wil bereiken, ontkomt niet aan oriëntatie op de buitenlandse markt.

De opening in 2019 van een gloednieuwe werf in het Westelijk havengebied van Amsterdam geeft aan dat er vertrouwen is in de markt. Royal van Lent gaat zich daar toeleggen op refit, onderhoud en nieuwbouw tot honderdzestig meter lengte. Het levert honderden nieuwe banen op. Voorlopig, zo lijkt het, behoudt Nederland zijn toppositie nog wel even. 

Dit zijn de 5 grootste Nederlandse superjachten tot op heden opgeleverd:

1. Jubilee - 110m
Oceanco 

2. Zeiljacht y712 - 106m​
Oceanco 

3. Symphony - 101.5m​
Feadship 

4. Madame Gu - 99​
Feadship 

5. Vertigo - 96.6m​
Feadship 

Meer superjachten zien? Kijk op maandag 17 april om 20.30 uur naar 'Het Perfecte Superjacht' bij RTL Z.