Weekend magazine cover
  • In dit nummer Path 400 Created with Sketch.

  • Z Life - week 47 Path 400 Created with Sketch.

  • Menu Path 400 Created with Sketch.

Oval 3 + Path 400

Hoe Sissy-Boy uit haar eigen as herrees

Toen topman Victor van Nieuwenhuizen aan de slag ging bij Sissy-Boy stond de lifestyleketen er belabberd voor. Door het opfrissen van de formule, afstoffen van de winkels en wakker schudden van medewerkers bracht hij de energie terug op de winkelvloer. “We begonnen kantje boord.”

Wat trof je aan bij je aantreden?
“Enorme voorraden, een formule die afgestoft moest worden. Het goede was wel: de ziel was er en de klanten kwamen nog steeds. Sissy-Boy heeft altijd heel veel fans gehad. Die kwamen nog wel, maar ze kochten steeds minder.”

Wat pakte je als eerste aan?
“Zorgen dat de voorkant weer aantrekkelijk werd. Met liefde voor het product en voor mensen die van mooie dingen houden. Maar ook de achterkant. Met goeie IT.”

"De fans kwamen nog wel maar kochten steeds minder"

Je vertelde dat er pakhuizen vol spullen waren waarvan niemand precies wist wat en hoeveel. Was het een voordeel dat het zo’n zooitje was?
“Eigenlijk wel. We konden aan alle knoppen gaan draaien.”

Wat zie je als de sterke kant van het merk?
“Het DNA van Sissy-Boy is heel sterk. Dat is grotendeels bepaald door oprichter Michael Smit. Maar dat hij alles bepaalde, was ook een klassieke valkuil.”

Hoe voorkom je dat het bedrijf daar nog een keer in valt?
“Ik heb mijn visie heel duidelijk in het bedrijf verspreid, onder meer door letterlijk met iedereen te gaan praten. Maar het is niet de bedoeling dat het bedrijf volledig aan mij hangt.”

Is dat al gelukt? ‘Voelt’ iedereen inmiddels waar het nieuwe Sissy-Boy voor staat?
“Voelen wel. Maar het bedrijf is zo breed, dat je daar telkens opnieuw aan moet blijven werken. Dat kun je niet allemaal in een brandbook vastleggen. Niemand kan je precies

"We zijn de populairste formule op NS-stations"

vertellen waarom dit dé vaas is van het moment. Maar hij is het wel.”

Speelt de mening van de klant een grote rol?
“We vragen veel aan de klant, houden veel cijfers bij. Het belangrijkste is onze fanbase. We deden onlangs onderzoek op NS-stations. Bleek dat we daar de populairste formule zijn. Mensen die vijfentwintig jaar geleden bij ons kochten, komen nog steeds terug. Dat is heel bijzonder.”
 

Jullie zijn smaakbepalers.
“Precies. Wij kiezen. We weten dat mensen op zoek zijn naar smaak. We zijn een miniwarenhuisje, een curator voor mooi en lelijk.”

Je hebt onderzoek gedaan onder medewerkers. Waar bestaat het Sissy-Boy gevoel volgens hen uit?
“Niemand kon het precies onder woorden brengen omdat het heel erg in het hoofd van de founder zat. Maar wat we wel vaak hoorden: toegankelijkheid, gastvrijheid, lifestyle, smaak, special basics. Dus geen gewone basics, special basics.”

"We zijn een curator voor mooi en lelijk"

Hoe blijf je als stenen winkel in deze onlinetijden relevant?
“Het is onze uitdaging om de winkels een destination te maken, die aanvullend is aan de online ervaring. Dit betekent gastvrijheid, inspiratie uit de winkel en service vanuit onze medewerkers.”

Hoe belangrijk zijn de eigen merken?
“We doen voor 90% eigen merk. We zitten hier met 70 mensen die alles ontwerpen. Onze visie is dat we ons eigen merk bouwen, alles zelf ontwikkelen en daarmee controle houden over ons smaakgevoel.”

Lukt dat?

"We groeien al vijf jaar met dubbele cijfers"

“Ja. De afgelopen vijf jaar groeien we met dubbele cijfers. Niet alleen door nieuwe winkels te openen, maar ook binnen de winkels die we al hebben. We doen wel derden merken, maar alleen als het iets toevoegt doordat we het zelf niet kunnen of in huis hebben.”

Kun je een voorbeeld noemen?
“De regenjassen van Rains bijvoorbeeld. Dat zijn de beste regenjassen van Nederland. Die gaan we ook niet namaken. Of de decoupage-schildjes van John Derian, een heel kritische kunstenaar uit New York. Ik moest bij hem pitchen. Een onwijze purist. Hij selecteert zelf de winkels waar ze zijn werk mogen verkopen. Als je als keten toestemming van hem krijgt, heb je toch iets goed gedaan.”


In het Sissy-Boy-hoofdkantoor in Amsterdam Noord

Is het margetechnisch het meest gunstig om je eigen merk te verkopen? Ook in de Varova (investeerder, red)-constructie, met merken als JC Rags en Kings of Indigo die in het portfolio zitten?
“We doen het onder normale voorwaarden. Maar het blijft bijverkoop. We zullen een JC Rags nooit te groot maken. Wij hebben geen betere deals, wel delen we onderling suppliers waardoor we volume toevoegen en de afname van stoffen kunnen delen.”

Zijn er in de recente crisisjaren momenten geweest dat het kantje boord was voor Sissy-Boy?

"Toen ik begon was het kantje boord"


“We zijn kantje boord begonnen. Er was helemaal niks meer. Sinds drie jaar zijn we winstgevend. Toen we na twee jaar onze eerste flagshipstore in Haarlem opende, liep die meteen significant beter dan de andere winkels. Dat gaf zo veel vertrouwen. Daar zijn we verder op gaan bouwen. Alle nieuwe winkels die we nu openen, dragen meteen bij aan de winst.”

Dat klinkt goed. Maar waar ben je tegenaan gelopen?
“We waren een jaar bezig met plannen maken en toen bleek er nog heel veel verdriet te zijn. Rouw. Over het overlijden van Michael Smit (oprichter Smit overleed in 2011 op 53-jarige leeftijd, red). Tegelijk wantrouwen: ik kwam bij Etam vandaan, partner Rogier bij WE. Men vroeg zich af: wat wisten wij van het merk? Ze waren ook bang, voor ontslag. Voor de

"Ik ging iedere week op een zeekistje staan"

toekomst. Sommige mensen zijn opgestapt.”

Hoe heb je het vertrouwen gewonnen?
“Ik ging iedere week op een zeepkistje staan. Vertellen hoe het ging. Dat doe ik nog steeds, nu iedere week op maandagochtend. En ik heb iedereen gesproken, iedere dinsdagochtend om acht uur een ontbijtafspraak. Zestig keer gedaan. We hadden een hypothese, een plan, een drive; of je doet mee, of niet.”


Victor vertelt

Met praten alleen kom je er niet.
“Met succesjes wel. We zijn ons bijvoorbeeld gaan richten op de stationswinkels. We stonden al met één been buiten. Toen zijn we alles handmatig gaan doorlichten, hebben twee winkels weten te keren. Dat werkte.”

Waar kwam het idee van de brocantemarkt vandaan?
“Michael Smit kwam iedere keer dat hij op vakantie was geweest terug met in zijn spoor een stoet vrachtwagens. Had hij allemaal spullen gekocht. Dat lag allemaal opgeslagen en

"We bedachten de Sissy-Boy Kerstmarkt"

daar zaten hele waardevolle spullen tussen. Hier ontstond bij mij het idee deze broquante markt naar Amsterdam te halen in de vorm van de Sissy-Boy Kerstmarkt. Zo konden we ons merk op een onderscheidende manier presenteren, de fans bedienen, de pakhuizen legen, wat geld verdienen en aan het eind van de dag wat drinken met z’n allen.”

Wat de toekomst betreft: als de kaalslag in de winkelstraat voortzet, en het umfeld verdwijnt hoe kun je als daar als winkel dan nog iets aan doen?
“Niet. Maar wat ik wel zie is dat steeds meer steden er op gemeentelijk niveau iets proberen te doen. Wij worden ook benaderd door gemeentes en vastgoedmensen. Steden als Eindhoven doen iets met design, Den Bosch met kunst. Daar willen we zitten. Het gaat om de integrale aanpak. Als je over tien jaar een stad wilt bezoeken dan wil je naar een

"We zetten groot in op stations"

expositie, naar retailers waar je echt iets kunt beleven. Verder gaat het om wijken, kleinschaliger. En om stations, waar we groot op inzetten. Daar neemt de traffic nooit af. Dat wordt, ook voor online, een hele belangrijke hub.”

Een paar jaar geleden lagen de grote ketens nog voor op het gebied van voorraadbeheer en het inrichten van de productieketen. Op welk terrein liggen ze nu nog voor?
“Op het gebied van het combineren van big data met artificial intelligence liggen de grote modebedrijven nu nog voor. Ze kunnen voorspellen wat de trends worden en wat de vraag wordt. Dat kunnen wij over een paar jaar ook. Wat we nu al doen is praten met onze klanten. Dat helpt ook.”

Als je kijkt naar de fast fashion, is dat voor Sissy-Boy dan een verloren strijd?
“Het gaat niet alleen maar om de laatste trends, de piektrends. Wij hebben gewoon nog marinestrepen in het rek hangen. We gaan voor de grotere bewegingen. Dat is het briljante aan het idee van Michael Smit, de special basics. Die kunnen wat langer mee.”

"Het gaat niet alleen maar de laatste trends"

Wat is het grootste verschil tussen jou en je voorganger?
“Hij deed het allemaal alleen en sneed alles door. Ik probeer juist alles te delen. Dat is het grote verschil. We mogen niet nog een keer in dezelfde valkuil vallen.” 

Beeld: Nine van IJff

Studio Job blikvanger op kunstbeurs PAN

Van onze sponsor PAN Amsterdam

De nationale kunstbeurs PAN Amsterdam staat op het punt van losbarsten. Galeriehoudster Pien Rademakers is strijdvaardig om PAN naar een hoger niveau te tillen, onder meer met nieuw werk van Studio Job.

Ieder jaar vindt in november PAN plaats, een grote beurs in de RAI voor kunst, design en antiek. PAN (Pictura Antiquairs Nationaal) biedt voor de liefhebber een duizelingwekkend aanbod aan objecten. Van schilderijen en installaties, tot meubelen, fotografie en etnografische kunst; het hangt of staat verspreid over tal van fraai ingerichte paviljoens, die passend bij de huidige museumtrend, ongedisciplineerd kriskras door elkaar staan.

In tegenstelling tot de TEFAF in Maastricht, met vooral een internationaal aanbod en publiek, is PAN -zoals de naam al doet vermoeden- meer nationaal georiënteerd. Maar dat verandert snel, vertelt galeriehoudster Pien Rademakers van de gelijknamige Amsterdamse gallery. Ze is sinds een jaar of zes als exposant betrokken bij de beurs.

Hedendaags
De grootste verandering sinds haar aantreden is dat er op de beurs steeds meer aandacht is voor ‘hedendaags’, zegt Rademakers: “In Nederland excelleren we op het gebied van hedendaagse kunst en design. Onze makers draaien mee in de absolute wereldtop.” Ze signaleert daarbij een beweging die Nederlandse kunstenaars wel vaker maken, willen ze ook in eigen land serieus genomen en opgemerkt worden. “Bij Willem de Kooning zag je ook dat die pas doorbrak in Nederland nadat ze hem in Amerika hadden ontdekt.”

Dat ziet ze nu ook gebeuren met Studio Job, niet geheel toevallig een kunstenaarsduo dat ze zelf vertegenwoordigt. Studio Job, waar Job Smeets en Nynke Tynagel achter schuilgaan, scoort op dit moment erg goed in de belangrijkste kunstmarkten ter wereld: die in het Zwitserse Basel en het Amerikaanse Miami. “Het helpt natuurlijk ook mee dat er altijd wel wat rumoer rond Job is.”, zegt Rademakers.

Honderd jaar
Speciaal voor PAN Amsterdam heeft Studio Job een enorme bronskleurige mobile ontworpen. De uitvergrote versie bestaat uit een aardbol die in evenwicht wordt gehouden door een drietal rondcirkelende bananen. Job Smeets zegt in een toelichting dat hij geen vederlichte constructie van hout en papier wilde maken, maar juist een fors, zwaar apparaat (zie video).


'Pompien' één van de werken van Studio Job

Volgens Rademakers heeft Studio Job alles in zich om uit te groeien tot een moderne klassieker. Dat blijkt niet alleen uit goed ontvangen tentoonstellingen als Studio Job MAD HOUSE in het Museum Arts and Design in New York, maar ook uit de stroom prijzen die het Belgisch-Nederlandse duo de afgelopen jaren mocht ontvangen. “Over honderd jaar is hun werk nog steeds in trek.”

Rademakers zegt dat haar inzet dit jaar is om een paviljoen in te richten dat niet zou misstaan op  PAN’s grote broer TEFAF. Ze bedoelt daarmee dat de kwaliteit en het niveau minstens zo hoog moet zijn als dat op de Maastrichtse pendant. Het past in haar ambitie om PAN in zijn geheel naar een hoger niveau te tillen: “Ik kan niet voor andere galleryhouders spreken, maar mijn droom is wel dat we in de volle breedte voor PAN gaan. Dus wat minder kruideniersmentaliteit en wat meer groots denken.” Ze voegt daar wel aan toe 'dat daar ook een ander prijsniveau bij hoort’.

 

RTL Z nam een kijkje bij Studio Job

Van kwantumconsultant tot bh-ondernemer

In haar eerste baan hielp natuurkundige Floor van de Pavert (36) wetenschappers om een onderneming te beginnen. Dolenthousiast werd ze van hun verhalen en ideeën. "Maar ik dacht ook: dit kan ik beter." Nu heeft ze een eigen lingeriewinkel.

Van de Pavert is nu zeven jaar ondernemer, maar eigenlijk is ze een echte bèta. Waarom is de lucht blauw? Waarom gaat je hand niet door een tafel heen? Het zijn vragen die haar als kind al bezighielden. Niet gek dus dat ze natuurkunde ging studeren. "Ik wilde een studie kiezen die me zou uitdagen. En ik wist ook dat ik met natuurkunde makkelijk een baan zou vinden."

Kwantumtechnologie
Ze stortte zich op kwantumtechnologie, die gebruik maakt van de kleinste deeltjes die we kennen, en werd consultant in dat vakgebied. Als programmacoördinator hielp ze wetenschappers met ideeën om een startup te beginnen. "Ik merkte dat ik er zelf enthousiast van werd. Het hele idee om met niets te beginnen en een bedrijf op te zetten vond ik ontzettend leuk." Ze besloot om haar ogen en oren open te houden. Er moest ooit een kans voorbij komen om te gaan ondernemen, dacht ze.

"Er moest ooit een kans voorbij komen"

Een grote barrière om voor zichzelf te beginnen was er bovendien niet. "Ik weet dat er op de arbeidsmarkt altijd vraag is naar mensen met een technische achtergrond, die ook goed kunnen communiceren en zonder problemen naar een klant toe kunnen." Als het met een eigen bedrijf niet zou lukken, dan kon Van de Pavert dus altijd nog terug. Ze had een vangnet, en dus weinig te verliezen.

Lingerie
Maar wat voor bedrijf moest het worden? Dat bleek moeilijk. Een tijdje stond ze aan het roer van een startup die gevoelige lichtdetectoren voor de wetenschap maakte. Zakelijk ging het goed, maar ze kon het met haar compagnons niet eens worden over de financiën. Daarna ging ze een aantal

"Het idee om grotere beha's te verkopen bleef in mijn hoofd zitten"

proefsamenwerkingen aan. "Maar ik vond geen goede match. Sommige wetenschappers begrepen het belang van sales en marketing niet. Soms bleek de samenwerking met het team niet goed genoeg."

Plotseling zag Van de Pavert dat er in Utrecht een lingeriewinkel te koop stond. Totaal niet het hightech bedrijf dat ze in haar hoofd had, maar de zaak viel haar op omdat ze er vroeger klant was geweest. Met haar lastig te vinden behamaat 60 I kwam ze er voor advies. Zou dat niet iets zijn? "Ik sprak met de ondernemers, maar het voorstel was toch niet aantrekkelijk genoeg. Maar het idee om grotere beha's te verkopen bleef in mijn hoofd zitten."


Van de Pavert voor haar winkel in Rotterdam (beeld: Naomi Modde)

De fascinatie kwam voort uit eigen ervaring. Als student kon ze moeilijk een goede beha vinden die niet direct 60 euro kostte, dus maakte ze ze zelf. "Ik kon beha’s maken die niet te onderscheiden waren van een exemplaar uit de winkel. En ik wist dus ook dat er maar weinig winkels waren die beha's in grote maten aanbieden. Daar lag een kans."

Vanaf cup D
In december vorig jaar opende Van de Pavert de eerste winkel van SuperBra in Rotterdam, een winkel met beha's vanaf cup D. Daarnaast zette ze een webshop op. Inmiddels heeft ze klanten uit Friesland, Groningen en België, en acht werknemers. "Het loopt als een trein. We draaien op dit

"In minder dan een jaar tijd draaien we al break-even"

moment break-even. Dat is al heel wat."

Dat komt onder andere door de grote voorraad die Van de Pavert moet aanhouden in de winkel. Ze koopt beha's in van cup D tot O, met omvang 60 tot 95, in verschillende modellen en kleuren. "Het is duur om die voorraad op peil te houden. Maar ik vind het wel belangrijk om iedereen voldoende keuze te bieden. We willen juist niet alleen maar beige omabeha's aanbieden."

Geen zin om te passen
Het is een van de vele nieuwe uitdagingen die Van de Pavert tegenkomt als ondernemer. Ze heeft geen ervaring in de detailhandel, heeft nooit een bijbaantje in een winkel gehad. "In het begin sta je spullen in te pakken bij de kassa, en hoop je maar dat je het netjes doet. Het brafitten (het aanmeten van een beha, red.) is in het begin ook heel spannend. De meeste vrouwen in dit segment hebben helemaal geen zin om beha's te

"Een eigen bedrijf beginnen is pittig"

passen. Wij proberen dat om te buigen. Het moet echt een fijne winkelervaring worden."

Ze moet bovendien plotseling een team van werknemers managen, en de mailtjes blijven binnenlopen. "Een eigen bedrijf beginnen is pittig, maar wel heel erg bijzonder."

Baantje ernaast
Het bedrijf loopt goed, toch heeft ze de natuurkunde nog niet helemaal vaarwel gezegd. Omdat ze nog geen winst maakt met haar bedrijf, werkt Van de Pavert nog steeds anderhalve dag per week bij het Centrum voor Wiskunde en Informatica in Amsterdam, ze als consultant voor een kwantumcomputerproject. 

"In de toekomst wil ik zelf gaan ontwerpen"

Dat is leuk, maar haar hart ligt bij SuperBra. "Zodra we winst gaan maken, ga ik mijn andere werk afbouwen. Dat is het eerste doel. Begin volgend jaar wil ik gaan nadenken over een tweede vestiging. En in de toekomst wil ik ook zelf beha's gaan ontwerpen. Maar je moet niet teveel tegelijk willen doen."

Deze container ontvouwt zich tot huis

Tech & Gadgts by Bright

De Unfold van een Amsterdams bedrijf ontvouwt zich met één druk op de knop tot een compleet gebouw.

Het Amsterdamse bedrijf G3 Spaces introduceert de Unfold, een uitvouwbaar gebouw met het formaat van een zeecontainer. Als hij volledig is uitgevouwen heeft de unit een oppervlakte van 100m2. Hij is zowel met een vrachtwagen als met een containerschip te vervoeren. In een half uur is de Unfold operationeel. Via een knop op de afstandsbediening ontvouwt het gebouw zich volledig automatisch. Het enige wat je zelf moet doen is de binnenwanden naar buiten vouwen en het complex inrichten.

De Unfold ziet er solide uit met zijn stalen constructie en dankzij een airco en isolatie is hij opgewassen tegen allerlei weersomstandigheden. Met een eigen powerunit en interne infrastructuur wat betreft elektriciteit, water en licht kan de Unfold ook volledig autonoom functioneren. Meerdere Unfolds zijn tegen of op elkaar te plaatsen, om zo een groter complex op te bouwen. De Unfold is later deze maand verkrijgbaar. Volgens G3 Spaces zijn onder de geïnteresseerden onder andere bedrijven in het Midden-Oosten die ermee hotels willen bouwen. Als mobiele woning is hij prijzig: één Unfold kost 350.000 euro. We kregen alvast te zien hoe de Unfold zich ontvouwt:

Door Jordy Morsch voor Bright.nl

Cultuuragenda

De wereld van Pyke Koch

Tentoonstelling

Op de schilderijen van Pyke Koch (1901 -1991) vind je geen aristocraten of edellieden, maar kermislui en mensen uit achterbuurten. De Utrechtse kunstenaar is een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het magisch realisme in Nederland, die met werken als De schiettent en Bertha van Antwerpen een sinistere, mysterieuze sfeer wist op te roepen. Het Centraal Museum wijdt nu een grote tentoonstelling aan hem, waarbij meer dan zestig van zijn doeken te zien zijn. Deze worden in context geplaatst met werk van Kochs tijdgenoten, zoals Otto Dix, George Grosz en Henri Rousseau.
18 november t/m 18 maart, Centraal Museum Utrecht, toegang €12,50

De Lief en Leed Tour

Cabaret

Eric van Sauers heeft over het leven nagedacht en in zijn achtste soloprogramma deelt hij zijn conclusies. De macho verhalenverteller komt in opstand tegen de moderne tijd en tegen zijn eigen vergankelijkheid. Dat doet Van Sauers uiteraard in zijn kenmerkende rauwe stijl, waarbij hij zowel weet te schuren als te ontroeren.
16 november t/m 31 mei in theaters door heel Nederland, kaarten vanaf €10

PAN Amsterdam

Beurs

In de RAI vind je komende week een brede selectie aan kunst, antiek en design. Tijdens PAN Amsterdam verkopen 125 galeristen, antiquairs en kunsthandelaren topstukken uit hun collecties, die door onafhankelijke keuringsexperts voorafgaand aan de beurs zijn beoordeeld op echtheid, kwaliteit en conditie. Van objecten uit 3.000 voor Christus tot aan tekeningen van Picasso en meubels van Gerrit Rietveld. Voor elk wat wils dus. Geschikt voor zowel startende kopers als de doorgewinterde verzamelaar.
19 t/m 26 november, RAI Amsterdam, kaarten €15

A Ghost Story

Film

Zowel de titel als poster doen vermoeden dat het hier om een horrorfilm gaat, maar niets is minder waar. A Ghost Story is een bijzonder drama over de dood, waarin grote thema's als rouw, zingeving en het universele verlangen naar liefde en warmte op een originele manier aan bod komen. Een overleden man keert als spookverschijning terug naar zijn vrouw om haar te troosten, maar terwijl hij in zijn absurdistische gedaante de boel observeert, drijft zijn oude leven langzaam maar zeker van hem af.
A Ghost Story is vanaf donderdag 16 november te zien in Nederlandse bioscopen