Van onze partner

Growing Ideas - Hoe bits en bytes van de boer een hightech ondernemer maken

03 mei 2018 16:28

Beeld ©

Bij innovatie en startups denken we vooral aan Silicon Valley-achtige disruptors die complete sectoren overhoop halen. Maar er wordt nu juist volop geïnvesteerd in food- en agribedrijven. En daarin speelt Nederland een opvallend grote rol.

Vertical farming
De wereld van agtech (agricultural technology) is volop in beweging. Neem een Nederlands voorbeeld als Deliscious, producent en marktleider op het gebied van sla. Het bedrijf wordt gerund door twee broers die zich op vertical farming hebben gestort.

Hierbij worden groentes niet op het land of in een kas verbouwd maar in een warehouse.  Daarvoor is een volledig gesloten systeem ontworpen met speciale belichting en een uitgekiende toevoer van voeding en water.

De voordelen zijn legio. Vertical farmers kunnen hun gewassen dicht bij de afnemers produceren, wat foodmiles scheelt. Er is minder verspilling en er wordt zuiniger met grondstoffen omgesprongen. De afnemers hebben er ook voordeel bij: zij kunnen beter vertrouwen op een constante aanvoer.

Miniatuurvoorbeeld

Vertical farming

Groeiende investeringen in agtech
De nieuwe manier van boeren, zoals in een loods op een industrieterrein, trekt in toenemende mate investeringen aan. Wie de cijfers erbij pakt, ziet een stijgende lijn. In de VS zijn vorig jaar bijvoorbeeld de investeringen ruimschoots verdubbeld. Wereldwijd werd er in 2017 een derde meer door investeerders in de modernisering van het boerenbedrijf gestopt.

Het zijn op het eerste gezicht indrukwekkende groeipercentages. Toch vallen de investeringen in agtech afgezet tegen de astronomische bedragen die richting Silicon Valley gaan nog wel mee (of tegen). In de VS gaat slechts 1,7 procent van het VC-kapitaal van in totaal 59 miljard dollar naar agtech. Europese landen die veel investeren in agrarische innovatie zijn Duitsland, Frankrijk en Nederland.

Transparantie en efficiëntie
Volgens Jeroen Leffelaar, die zowel ervaring heeft met startups als met grote corporates die met agrarische innovatie bezig zijn, wordt de transformatie door twee megatrends voortgestuwd. In de westerse en ontwikkelde wereld is die trend vooral ‘transparantie’. Leffelaar: “Bij een bepaalde groep consumenten ligt een grote nadruk op de herkomst van producten. Men wil weten hoe en waar voeding wordt geproduceerd. Milieu, gezondheid en dierenwelzijn zijn belangrijk.”

De tweede trend die Leffelaar signaleert komt vooral uit landen waar de bevolking momenteel hard groeit, bijvoorbeeld in Afrika en Azië. Daar gaat het vooral om het verhogen van opbrengsten. Hoe zorg je ervoor dat alle monden gevoed blijven worden? Leffelaar: “Daar moet de efficiëntie omhoog en de verspilling omlaag. De grootste uitdaging is het verhogen van de volumes.”

Grote rol voor Nederland
Er zijn tal van startups en andere innovatieve bedrijven die op dit moment oplossingen proberen te bedenken voor dit soort uitdagingen. Volgens Leffelaar speelt Nederland daarbij een belangrijke rol. Nederland is, ondanks de geringe oppervlakte, een van de grootste agrarische exporteurs van de wereld. We hebben hier een ongelooflijke hoeveelheid kennis in huis. De Universiteit van Wageningen staat wereldwijd bekend als het Harvard op het gebied van wetenschappelijk onderzoek naar gewassen en werkt zeer nauw samen met het bedrijfsleven. Leffelaar: “Samen met al die bedrijven vormt het aan samenhangend ecosyteem dat je kunt vergelijken met Silicon Valley.”

Interesse van startups
Adam Anders van het Amsterdamse VC-fonds Anterra beheert enkele honderden miljoenen euro’s VC-kapitaal voor de agtech sector. Anders ziet wel overeenkomsten tussen wat er nu in de agtech gebeurt, en wat er eerder in de retail, finance en -bijvoorbeeld- de taxiwereld gebeurde: “Je ziet steeds dat er ondernemers opstaan die, gesteund door investeringen uit venture capitals, een sector onderhanden nemen. Dat doen ze met geld, met technologische toepassingen en met het doel zo’n sector te transformeren. De agtech zal wat betreft niet achterblijven.”

Dat de interesse van startups voor de food en agrisector iets later op gang is gekomen dan andere economische sectoren, is volgens Anders prima te verklaren. De agrarische sector heeft volgens hem een ander tempo en andere structuur dan de snelle groeiers in retail en de financiële wereld: “Wie deze sector betreedt, treft gelijk een wereldwijde competitie. Het managen van een oogst op het oostelijk én op het westelijk halfrond kan logistiek behoorlijk uitdagend zijn voor een startup.”

Miniatuurvoorbeeld

Robotisering in food en agri

Innovatie is harder nodig dan ooit
Leffelaar van Rabobank zegt dat innovatie in onze voedselproductie nu meer nodig is dan ooit. Er komen onder invloed van de vraag naar duurzaamheid en bevolkingsgroei een heleboel uitdagingen tegelijkertijd aan bod. Hij licht er eentje uit: die van de voedselverspilling. Dat is in Europa in het begin van de productieketen nog niet zo’n punt. Maar in Afrika, waar de supplychain gefragmenteerd is en de opslag slecht geregeld, wel een enorm probleem.

Tegelijk speelt in het westen het grote probleem dat er aan het eind van de keten, bij supermarkten en consumenten thuis, onwaarschijnlijk veel voedsel wordt weggegooid. Schattingen lopen op naar 143 miljard euro, of zo’n 20 procent van al het voedsel dat in Europa wordt geproduceerd. Leffelaar: “Hier kan dus heel veel winst worden behaald.”

Agricultuur meets health
Adam Anders ziet dat er ontwikkelingen plaats vinden in alle schakels van de voedselketen. Van meer efficiency, door de toepassing van big data en kunstmatige intelligentie waardoor boeren hun gewassen, land en oogst beter kunnen managen, tot totaal nieuwe toepassingen. Hij noemt als voorbeeld drie bedrijven waar Anterra in investeert: EnkoChem, Gingko en Caribou. Dit zijn biotech bedrijven die de cross-over tussen health en agricultuur maken.

Anders: “Biotech verandert de manier waarop we over de behandeling en ontwikkeling van gewassen nadenken, totaal.” EnkoChem ontwikkelt bijvoorbeeld nieuwe manieren om gewassen te beschermen tegen kwalijke invloeden van buitenaf zonder het milieu te schaden. Gingko is een startup die microbes genetisch modificeert die vervolgens als smaak- en kleurstof kunnen worden toegepast. En Caribou richt zich op genoom-engineering waarmee ziektes kunnen worden teruggedrongen via aanpassingen in het DNA.

Open houding
De technologische vindingen en ontwikkelingen gaan dus razendsnel. Volgens Leffelaar is het fascinerende aan de ontwikkelingen in de agtech, dat niemand echt precies weet welke kant het opgaat. Het gevolg is dat er zowel bij grote corporates als Unilever en Nestle, de techbedrijven, startups en kennisinstellingen een enorm open houding is. “Iedereen is heel erg gericht op het delen van kennis en faciliteiten.”

Volgens Leffelaar is de trend dat men minder op jacht is naar IP, maar meer de samenwerking opzoekt. Hij geeft een voorbeeld van Nutreco dat samen met Rabobank een feedtech challenge ontwikkelde. Hierbij konden bedrijven in de diervoeding zich presenteren. Daar rolde uiteindelijk een drietal bedrijven uit waarmee daadwerkelijk de samenwerking is aangegaan. Leffelaar: “Maar in plaats van directe overnames waarbij iedereen gelijk wordt vastgelegd, koos Nutreco ervoor om de testfaciliteiten waar het over beschikt te delen.” Zo helpt zo’n corporate een startup echt verder, zegt hij.

Mindset veranderen, innovaties kopen of samenwerken
Het karakteriseert volgens Leffelaar de manier waarop er wordt samengewerkt. Volgens hem zijn er sowieso maar drie smaken waar corporates uit kunnen kiezen, willen ze de vernieuwingsslag niet missen: “De mindset veranderen, innovaties kopen of samenwerken.” Om alle partijen bijeen te brengen, organiseert Rabobank F&A Next, een beurs en conferentie waar boeren en biotechnlogiebedrijven samenkomen.

VS vs. Europa
Leffelaar ziet wel een verschil in visie tussen de VS en Europa, als het gaat om de toepassingen van nieuwe technologie. Silicon Valley duikt momenteel enthousiast op de wereld van agtech, maar volgens hem is dat wat kan volgens lang niet altijd nodig. “Er zijn veel tech-startups die iets doen met kaarten waarmee je als boer je land beter kan beheren, precision farming. Voor veel boeren is dat niet relevant, die weten wel dat bij dat en dat bosje wat extra water moet. Soms kan het financieel ook helemaal niet uit. De marges op mais en tarwe zijn zo gering dat investeringen in hightech niet lonen.”

Ook de veranderingen op de arbeidsmarkt, waar arbeid steeds duurder wordt, immigratie onder druk staat en vergrijzing toeneemt, zorgen volgens hem voor nieuwe kansen in agtech. Vooral toepassingen op het gebied van robotisering nemen momenteel sterk toe, stelt Leffelaar. “In de VS gaan boeren failliet omdat ze geen mensen uit het buitenland mogen halen. Hier in Europa hebben steeds minder mensen zin om in een vochtige koelcel sla te snijden. Robots kunnen daarbij een uitkomst bieden.”

Ontregelen en structuren doorbreken
Voor startups die overwegen zich op de dynamische wereld van de voedselvoorziening te storten, heeft Adam Anders nog wel een paar dringende tips. Volgens hem is van groot belang dat beginnende food- en agtechbedrijven een helder kanaal voor ogen hebben, waarbinnen ze actief willen geraken. Hij zegt dat de voedselindustrie geen heel toegankelijke sector is doordat er een paar zeer dominante spelers zijn, wereldwijd en binnen landen. Die houden de essentiële schakels bezet. Tegelijk biedt dat volgens hem grote mogelijkheden: “De kans bestaat eruit een soms luie industrie te ontregelen door bestaande structuren te doorbreken.”

Hij geeft als voorbeeld de Franse startup Agriconomie, een marktplaats voor boeren. Door meer efficiëntie in de keten zorgen ze voor een betere prijs voor hun producten. Boeren ontvangen vaak een schijntje terwijl de distributie, groothandels en winkels er met de grote winsten vandoor gaan. Anders: “Boeren zijn natuurlijk dol op dit soort initiatieven.”

Wees onderscheidend
Leffelaar vindt dat startups die zich op de agtech willen storten, in principe dezelfde overwegingen moeten maken als iedere andere startup. Hoe denk je te slagen? Ben ik de enige? Is mijn idee schaalbaar? Hoe goed is je team? Wat maakt je onderscheidend? Veel partijen komen met dezelfde oplossingen, zegt hij. “Dat is niet genoeg. Vanzelfsprekendheid dat je slaagt is er niet.”

Het is een zware klus, besluit Leffelaar. Een doorbraak kan lang duren. De upside is wel dat als je slaagt, er enorme kansen liggen. “Wie onderscheidend is, kan snel genoeg groeien. Snelheid is heel belangrijk, met de juiste middelen en een goed team van mensen. Er is in de wereld op dit moment gewoon enorm veel vraag naar goede vindingen en oplossingen. Al die monden moeten toch gevoed worden. En de vraag naar transparantie, waar ons voedsel vandaan komt en hoe het is geproduceerd dat zal ook niet minder worden.”

Meer weten over de laatste ontwikkelingen in agtech en de rol van Nederland hierin? Ga naar de website van Rabobank.