Tech

Amerikanen vinden nepnieuws groter probleem dan terrorisme

Maarten Reijnders • 05 juni 2019 19:46 @rohy

Beeld © AFP

De helft van de Amerikanen vindt nepnieuws een groot probleem. Ze maken zich minder zorgen over terrorisme en illegale immigratie.

Dat blijkt uit onderzoek van het Pew Research Center onder 6.127 Amerikanen. Ook zaken als gewelddadige criminaliteit, klimaatverandering, racisme en seksisme scoren lager op het lijstje van de zaken waarover Amerikanen zich zorgen maken.

De meeste zorgen hebben Amerikanen volgens Pew over drugsverslaving: 70 procent van de respondenten noemt dat een groot probleem. Andere onderwerpen die de ondervraagden zorgwekkend vinden zijn: de betaalbaarheid van de gezondheidszorg (genoemd door 67 procent), het Amerikaanse politieke systeem (52 procent) en de kloof tussen arm en rijk (51).

Vertrouwen

Veel Amerikanen denken dat nepnieuws het vertrouwen in de samenleving erodeert. Zo denkt 68 procent van de ondervraagden dat verzonnen informatie het vertrouwen in de overheid aantast, terwijl 54 procent meent dat nepnieuws ertoe leidt dat Amerikanen elkaar minder vertrouwen. De ondervraagden zijn bang dat het probleem in de nabije toekomst alleen maar groter zal worden.

Bijna zes op de tien Amerikanen vinden dat politieke leiders en hun medewerkers nepnieuws verspreiden. Hoewel Amerikanen politici de schuld geven voor de creatie van verzonnen verhalen, vinden zij dat journalisten het probleem moeten oplossen. Slechts 9 procent meent techbedrijven de grootste verantwoordelijkheid hebben bij de bestrijding van nepnieuws.

Gedragscode

De afgelopen jaren hebben sociale media, zoals Facebook, Twitter en YouTube, de nodige initiatieven ontplooid om de verspreiding van nepnieuws te beperken. Zo zet Facebook factcheckers in, waarschuwt YouTube kijkers van complotvideo’s en nam Twitter deze week nog een bedrijf over dat nepnieuws bestrijdt met behulp van kunstmatige intelligentie.

Overheden en politici dringen er bij de grote techbedrijven voortdurend op aan om in actie te komen tegen nepnieuws. Zo liet de Europese Commissie de techbedrijven vorig jaar een gedragscode ondertekenen waarin ze beloofden meer te doen tegen desinformatie.

Eerder dit jaar riep de Amerikaanse afgevaardigde Adam Schiff technologieplatforms op om de verspreiding van berichten van anti-vaccinatie-activisten terug te dringen. Facebook besloot daarop om advertenties van anti-vaxxers niet langer te accepteren.

Donald Trump

Nepnieuws kwam hoog op de politieke agenda te staan na de presidentsverkiezingen van 2016. Verscheidene commentatoren stelden dat verzonnen verhalen over zijn politieke tegenstanders Donald Trump in de kaart hadden gespeeld – al is het nog altijd onderwerp van debat hoe groot de rol van nepnieuws op sociale media precies was.

Trump zelf gebruikt de term ‘fake news’ sinds zijn verkiezing regelmatig om media die hem niet welgezind zijn, af te serveren. Overigens is de Amerikaanse president zelf een belangrijke verspreider van ‘alternatieve feiten’. In de 828 dagen sinds zijn inauguratie heeft hij volgens een overzicht van de Washington Post 10.111 onjuiste of misleidende uitspraken gedaan.