Opinie

'UvA verpest de privacyweek met foute sponsors'

Sidney Vollmer • 27 oktober 2015 14:05

'UvA verpest de privacyweek met foute sponsors'

De Universiteit van Amsterdam organiseert deze week een privacyconferentie. Mooi, want: het is een heel belangrijk onderwerp, dacht auteur en privacyvoorvechter Sidney Vollmer. Totdat hij de sponsoren zag: de grootste privacyschenders, waaronder Google en Facebook, betalen mee aan de week.

De UvA, bastion van kenniszoekers sinds Barlaeus en Vossius daar in 1632 hun openingsredes hielden, organiseerde deze week een conferentie over kanker. De conferentie werd gesponsord door Marlboro, Gauloises, Lucky Strike en Pall Mall.

Ik dacht eerst dat het een grapje was. Toen bekeek ik de website, en zag het daar toch echt staan: Facebook en Ziggo zijn de "Diamond Sponsors" van de Amsterdam Privacy week.

Ik was niet de enige die met de oren klapperde. Privacy-activiste Ancilla Tilia viel om van verbazing.  

Aral Balkan, activist en ontwerper: 

What the fuck, indeed.

Een van de meest wijdverspreide problemen van onze tijd, een van de meest eroderende krachten die onze vrijheid en privacy aantasten wordt bediscussieerd bij de op twee na oudste universiteit van Nederland — maar wel dankzij de sponsoring van hen die het merendeel van de problemen veroorzaken (ik noem ze graag: The Silicon Empire.)

De organisatie heeft kennelijk op geen enkele andere manier financiering kunnen vinden. Men heeft toegegeven aan de verleidelijke lokroep en de klinkende munt van Big Tobacco die ondertussen hun toxische beleid konden witwassen. En chocolaatjes kon uitdelen

Ik heb contact gezocht met Edo Roos Lindgreen, een van de commissieleden die #APC2015 organiseerden, tevens partner bij (sponsor) KPMG. Hieronder ons gesprek:

Edo’s opvatting: waarom niet? Zolang academische onafhankelijkheid is gegarandeerd, en de sponsoren geen invloed op de programmering hebben.

Hij nodigde me uit om ook even langs te komen. Een aardige geste, zeker gezien de toegangsprijs van €150 (voor studenten), €250 (academici en ambtenaren) of €500 (private sector).

De eerste zes sponsorende bedrijven, die in 2014 een jaaromzet hadden van een slordige 188,8 miljard dollar (10 miljard Facebook, 0,5 miljard Ziggo, 24,8 miljard KPMG, 66 miljard Google, 87 miljard Microsoft en 0,5 miljard Palantir (schatting)) zorgden er dus voor dat ik als geïnteresseerde Amsterdammer, schrijver en mediawetenschapper voor slechts €500 de conferentie had mogen meemaken.

Chique wel.

Edo maakte ook het punt dat hij vond dat bedrijven die de problemen veroorzaken voor de oplossingen mogen opdraaien. Dat klinkt aardig, maar is niet waar het om draait. Later meer daarover.

Ik was, overigens, wel van plan om de conferentie te bezoeken. Maar ik kon die mentale jeuk niet meer onderdrukken na de sponsors te hebben gezien. Ik ga niet deelnemen aan een theatervoorstelling. Er was net iets teveel cognitieve dissonantie en net te weinig uitleg over hoe dit tot stand was gekomen.

De eerstvolgende paar opmerkingen die ik stuurde naar Edo (1,2) bleven onbeantwoord. Fair enough.

Op dezelfde dag begon Edo met wat ook wel "spinnen" wordt genoemd. Nu het verhaal over de bizarre sponsoring naar buiten kwam (AT5) twitterde Edo die publicaties, waarmee hij ze omarmde als onderdeel van het publieke debat. Een treffend houding voor een Aikido beoefenaar.

En wederom: fair enough.

Maar er zijn op zijn minst drie problemen met wat er hier is gebeurd. Ik ga ze kort aanstippen in de hoop dat Edo en de zijnen er over na zullen denken, de koppen even bij elkaar zullen steken en een heldere reactie weten te formuleren.

Ik geloof niet dat er opzet in het spel was, maar dit is een fuckup. Het onderwerp is schade berokkend.

Dus, Edo, voor jou en je collega’s, 3 redenen waarom jullie sponsorbeleid een grove nalatigheid betrof. Vriendelijk verzoek het te lezen en indien mogelijk te reageren. 

1. Je bent hún vervuiling aan het witwassen

Het is een vaak geciteerd voorbeeld van hoe asymmetrisch het probleem van digitale burgerrechten is: Mark Zuckerberg vraagt ons zoveel mogelijk van onze data gratis af te geven, onze privacy als transactiemiddel te zien, maar koopt zelf a raison van 30 miljoen dollar alle hem omringende huizen op in Palo Alto voor meer privacy.

Door Facebook als diamond sponsor te hebben geef je Facebook een diamanten kans zichzelf te rehabiliteren en gerespecteerd te worden.

Het is óf te wijten aan mijn gebrek aan creativiteit, óf een bewijs van de grove nalatigheid van je organisatie dat ik geen slechtere sponsor kan bedenken dan Facebook voor jullie zo broodnodige conferentie over privacy.

Letterlijk.

Geen enkele.

You pay for it, you own it, zeggen ze wel eens. En terecht.

Nu zeg je dat er geen invloed is geweest op de inhoud van de lezingen. Nee, daar ga ik ook van uit. Dat had er nog eens bij moeten komen. Maar we weten dat evengoed niet zeker. En vertrouwen is waar het om gaat, in deze kwestie.

Je zou moeten weten dat die veronderstelde inmenging dus ook niet het probleem is. Het probleem is het principe. En het principe zou het probleem moeten zijn.

 

2. De luisteraars luisteren mee.

The Amsterdam Privacy Convention 2015 heeft een fascinerende rits sprekers, denkers, activisten. Zij hebben duidelijk minder problemen met de sponsoring dan ik. En, eerlijk is eerlijk: wanneer ik goed betaald was geweest, een mooie hotelkamer in het Drake hotel had gekregen en, ik weet niet, een massage, had ik waarschijnlijk ook gewoon deelgenomen. Enige schizofrenie hoort bij leven in de 21ste eeuw.

Ik neem het de sprekers dan ook niet al te kwalijk. (Je vraagt je evengoed wel af: hoe voelt het om deel te nemen in een conferentie die jouw werk impliciet belachelijk maakt, wanneer het verhaal van de sponsoring naar buiten komt?)

Ik hoop dat ik niet paranoïde klink, maar naast dat witwassen geef je “the listeners”, The Silicon Empire, dus ook de kans te luisteren naar wat er gebeurt.

Dat is immers hoe PR werkt: men identificeert risico’s en discussies en probeert de mogelijke gevolgen te inventariseren, waarna een toekomstbestendige strategie voor het merk kan worden ontwikkeld. Als het al niet de bedrijven zélf helpt nieuwe producten te ontwikkelen — waaronder “jouw” KPMG — dan toch voorzeker hun PR.

Is dat de investering van het organiseren van de conferentie waard? Hoeveel mensen zijn geïnspireerd geraakt, terwijl Facebook meeluisterde, en chocolaatjes uitdeelde?

(Is er een neerbuigender gebaar denkbaar dan chocolaatjes uitdelen aan de mensen die je invloed proberen in te perken?)

Hoe groot, in tegenstelling, was de ROI voor de sponsoren die wat chocolaatjes uitdeelde, meeluisterde, en Brave Henrik konden uithangen?


3. Je verkoopt je autoriteit

Dat brengt me bij mijn voornaamste kritiek. Ook al werk je bij een van de sponsoren, ben je het waarschijnlijk wel met me eens dat het noodzakelijk is om dit soort evenementen te organiseren. Big data verarmt de middenklasse, leidt tot een asymmetrische concentratie van rijkdom, data en informatie (zijn dat eigenlijk nog 3 verschillende dingen?) buiten de Nederlandse grenzen en Europese jurisdictie, en doet dat grotendeels buiten het zicht van het publiek.

Het is een vorm van houtrot die aan onze idealen en principes vreet, aan al die dingen waar we sinds de Verlichting menig gevecht voor hebben gevoerd, en die ten grondslag liggen aan zo goed als ieder ander debat in Nederland: de zorg, de vluchtelingen, de economie, maatschappelijke participatie, enzovoorts, enzoverder.

Dit onderwerp is te belangrijk om aan geloofwaardigheid in te kunnen boeten. Wij, het volk, zoeken naar manieren om onze positie te versterken. We zoeken een vlag, een strijdkreet en een strijdlied.

En de Universiteit van Amsterdam is een te groot en te belangrijk instituut om publiekelijk geridiculiseerd te worden. We mogen de kans niet verminderen dat we samen de juiste symbolen en oplossingen weten te definiëren. Maar dat is onvermijdelijk wanneer je je conferentie over kanker laat sponsoren door Big Tobacco.

Ik kan me voorstellen hoe Mark Zuckerberg, chillend in Palantirs geheime basis onder de vulkaan, zich bescheurt over de publieke ridiculisering die jullie en de UvA nu ten deel valt. Dat is onterecht: jullie hebben vast hard gewerkt de conferentie op poten te krijgen.

Maar het gebeurt wel.

Mission accomplished, zullen ze zeggen, want het ware doel van propaganda is niet om onwaarheden te verspreiden — zoals Columbia Law Professor Eben Moglen zo overtuigend beargumenteerde in zijn magistrale lezingen 'Snowden and the Future' — nee: propaganda’s doel is de impressie te geven dat tegenstand nutteloos is.

Waar planten we onze vlag, Edo? Al die groepen mensen die zich druk maken over burgerrechten en privacy. Al die mensen die zoeken naar een betere, eerlijker weg. De filosofen, de schrijvers, de activisten. De liberalen, de linksen, de cyber-utopisten, de conservatieven en de liberalen. De intellectuelen. We hebben hetzelfde doel.

Te lang is dit doel en deze discussie er eentje geweest aan de randen van de mainstream discussie.

Het was bij uitstek een instituut als de UvA geweest dat, onder de leiding van jou en je mede-organisatoren, had kunnen helpen de discussie te verbreden. Door symbolen te definiëren. Door metaforen te introduceren. En door onze gemeenschappelijke missie geadopteerd te krijgen door de algemene opinie met hulp van al die experts en al die intellectuelen die ons land rijk is.

In tegenstelling daarvan, hebben jullie de aandacht gevestigd niet op het gebrek aan digitale burgerrechten, maar op de belachelijke ironie van het gevecht.

Daarom ben ik best een beetje teleurgesteld in de Amsterdam Privacy Conference 2015.

Benieuwd naar je reactie,

Vriendelijke groeten,

Sidney Vollmer

 

P.S. De vraag dringt zich op: had de conferentie niet gehouden moeten worden als er géén onbesmette financiering te vinden was geweest? Mijn antwoord is een volmondig (en droevig) "ja".

Dan was jullie missie geweest de alarmklok te luiden over hoe een cruciaal debat als dit niet meer gevoerd kan worden in Nederland zonder vies geld. Ik geloof alleen niet dat dat het geval was.

Ik geloof wél dat jouw team, en de zo goed in de politiek ingevoerde organisatie van de UvA, gezamenlijk dit probleem hoog genoeg op de agenda zou kunnen krijgen om de noodzakelijke veranderingen mogelijk te maken.

Waarna de UvA volgend jaar gewoon een conferentie kan organiseren die zijn maatschappelijke belang kraakhelder weet te demonstreren.