Gastcolumn

Bij een pandemie is de economie niet de eerste zorg

05 februari 2020 10:21

Beeld © GettyImages

Naast de virusslachtoffers, wordt ook de economie geraakt door het coronavirus. Maar die financiële pijn is wel functioneel. Het stilleggen van de economie zorgt namelijk voor minder slachtoffers, schrijft Menno Middeldorp, hoofdeconoom van de Rabobank, in deze gastcolumn.

De hele wereld kijkt bezorgd naar de verspreiding van het coronavirus uit Wuhan. Naast ernstige berichten over ziekte, dood en onzekerheid wordt er ook veel geschreven over de economische gevolgen. Als het meezit, zullen die breder worden verspreid dan de ziekte zelf maar wel tijdelijk van aard zijn.

China en andere landen maken bewust en terecht economische belangen ondergeschikt aan het in toom houden van het virus. Het op slot zetten van een miljoenenstad en vervoersknooppunt als Wuhan, het verlengen van de Nieuwjaarsvakantie, samen met reisrestricties binnen en naar China leggen het normale economische verkeer grotendeels plat. Ook waar er geen officiële maatregelen zijn getroffen, nemen mensen vaak het zekere voor het onzekere, waardoor restaurants, winkels en zelfs kantoren leeg raken. Toeristen en andere reizigers blijven vooral thuis.

Economische schade is tijdelijk

Als het virus zich vergelijkbaar ontwikkeld als SARS in 2002-2003 verwachten Rabo-economen dat de schade voor de Chinese economie 1-2 procent van het bbp zal bedragen. De Chinese economie is nu wel veel groter en meer vervlochten met de rest van de wereld dan toen, dus de mondiale impact zal groter zijn; ook Nederland zal het voelen.

De economische is schade is fors, maar staat wel in dienst van het beperken van de verspreiding van de ziekte. Het goede scenario is dus dat veel meer mensen last zullen hebben van de economische impact dan in aanraking komen met het virus zelf. Deze economische schade is ook slechts tijdelijk, want de productiecapaciteit van de economie wordt nauwelijks aangetast. Alle fabrieken, winkels, treinen en vliegtuigen zijn er dan nog en gelukkig bijna alle werknemers ook.

De Spaanse Griep en de Zwarte Dood

Maar hoe is dat als een ziekte zich harder verspreidt? Honderd jaar geleden doodde de Spaanse griep grofweg 5 procent van de wereldbevolking. De Zwarte Dood in de veertiende eeuw doodde een derde van alle Europeanen. Gruwelijk. Er zijn helemaal geen tekenen die erop wijzen dat het coronavirus zo'n dodelijke potentie heeft, maar deze historische vergelijkingen geven wel een beeld van wat er gebeurt met de economie bij een flinke epidemie. 

Kort gezegd is er eerst wel een flink effect, maar past de economie zich uiteindelijk aan aan de nieuwe situatie. En als alle ellende voorbij is gaat de economie harder groeien.

Het effect op de productiecapaciteit staat in direct verband met de sterfte, want als een economie een derde minder werknemers heeft dan gaat de productiecapaciteit ook flink omlaag. Dat effect is blijvend, totdat de bevolking weer herstelt. Bij de Zwarte Dood duurde dat twee eeuwen. Maar het aantal consumenten neemt natuurlijk ook flink af, dus vanuit het arbeidsaanbod geredeneerd verandert er weinig in de productie per hoofd van de bevolking.

Hogere groei en lonen

Hoewel er minder mensen zijn, blijft de hoeveelheid land, molens, fabrieken et cetera hetzelfde. In economische termen betekent dit dat de kapitaalintensiteit flink omhoog gaat. Dat heeft hetzelfde effect als een investeringsgolf: de economische groei per werknemer krijgt een boost.

Gebieden in de VS die door de Spaanse Griep harder werden geraakt, zagen dan ook een hogere economische groei per hoofd van de bevolking in de decennia daarna. Na de Zwarte Dood moesten landeigenaren meer betalen omdat arbeid schaars was. Helaas ging dit in eerste instantie gepaard met hoge inflatie, maar uiteindelijk ebde deze inflatie weg en bleef er meer koopkracht over voor arbeiders.

Forse pandemieën hebben in verleden dus, naast veel lijden en verdriet, ook een paar positieve economische gevolgen gehad. Maar dat is maar een heel kleine geruststelling, want op de lijst van zorgen bij massaziekten staan bbp-groei en loonontwikkeling toch niet hoog. Bij een pandemie is economie vooral een bijzaak.