Roderick Veelo

Roderick Veelo

@RVeelo

Roderick presenteert op RTL Z en verbaast zich over wat er zich in het nieuws afspeelt.

Opinie

Meer democratie? Het kabinet moet er niet aan denken

27 juni 2019 06:21

Weet u het nog? Te veel burgers voelen zich niet vertegenwoordigd in de Eerste en Tweede Kamer en haken af. Voor een democratie die in de Grondwet stelt dat alle Nederlanders in het parlement vertegenwoordigd zíjn, is dit een zorgelijke diagnose.

De commissie-Remkes stelde de diagnose in december en spoorde het kabinet aan er met 'buitengewone urgentie' mee aan de slag te gaan. Het kabinet deelt die urgentie niet en zet deze week de belangrijkste aanbevelingen van Remkes bij de vuilnis.

De staatscommissie Parlementair Stelsel (zoals de commissie-Remkes officieel heet) deed bijna twee jaar onderzoek en concludeerde dat een derde van het electoraat ontevreden is over het functioneren van de democratie en dat een groeiende groep kiezers afhaakt.

Belangrijkste reden: zij hebben niet het idee dat er naar hen geluisterd wordt en zij herkennen zich niet in de besluiten die er op het Binnenhof genomen worden. 

Het is de verklaring voor de opkomst van het populistische verzet tegen het politieke establisment hier en elders, inclusief het verzet van de gele hesjes in Frankrijk.

In Nederland geldt ook nog dat politici bijna altijd meer beloven dan ze kunnen waarmaken, omdat er water in de wijn moet als er geregeerd gaat worden. Veel beloftes sneuvelen in het compromis van de coalitie. Naast begrip daarvoor geeft het kiezers ook weinig houvast of hun politieke keuze in het stemhokje er toe doet, ook als hun partij gaat meeregeren.

Dat wordt erger naarmate er - zoals het laat aanzien - almaar grotere coalities nodig zijn voor een parlementaire meerderheid. Zo verwateren verschillen en standpunten steeds meer en herkennen kiezers zich niet langer in de partij die voorheen zo hartstochtelijk op hun stem kon rekenen.

Als dit kabinet en een volgende niet ingrijpen, ziet de staatscommissie de toekomst somber in. Parlementariërs die de afstand niet meer overbruggen tot de mensen die zij behoren te vertegenwoordigen. En coalitiekabinetten die vijf of zes partijen binnen boord moeten houden en compromissen sluiten waar op straat geen meerderheid voor te vinden is. 

Bovendien raken bestuurders en beslissers op grotere afstand van de kiezer doordat nationale besluiten zich verplaatsen van Den Haag naar Brussel. En gemeenteraden anoniemer worden door gemeentelijke herindeling en schaalvergroting.

Zo kan het aantal afhakers snel groeien. Mensen die hun vertrouwen in de democratie kwijt raken, de stembus mijden en uit frustratie sympathie kunnen opdoen voor minder democratische alternatieven. 

Dat klinkt mij allemaal urgent genoeg in de oren. Maar niet voor het kabinet. Van alle ingrijpende voorstellen wordt er niet één door het kabinet overgenomen.

Remkes constateert dat er wetten worden aangenomen, die via deals en onderhandelingen aan een parlementaire meerderheid komen, maar die geen meerderheid onder de bevolking hebben. Om burgers in zo'n geval een laatste mogelijkheid te geven op de rem te staan, stelt de commissie een bindend correctief referendum voor. 

Het kabinet moet er niet aan denken.

Om kiezers meer invloed te geven op de samenstelling van de coalitie (wat voor kabinet gaat het land besturen?) is het voorstel om ook de formateur te kiezen. Dat komt in de buurt van een gekozen minister-president. 

Het kabinet moet er niet aan denken.

En een derde ingrijpend voorstel is het instellen van een Constitutioneel Hof, die wetten kan toetsen aan de klassieke grondrechten in de Nederlandse Grondwet. Zo zijn burgers beter beschermd tegen wetten, die inbreuk maken op hun grondwettelijke rechten. 

Het kabinet moet er ook niet aan denken.

Veel verbazing wekt het ijzige antwoord van de regering op de bevindingen en aanbevelingen van de commissie-Remkes niet. Dit kabinet heeft met de afschaffing van het raadgevend referendum onverbloemd aangegeven hoe groot hun dedain is tegenover de opvattingen van burgers. 

De voorstellen van deze commissie vragen parlementariërs over hun eigen schaduw heen te stappen en burgers niet één keer in de vier jaar, maar het hele jaar door serieus te nemen. Dat is duidelijk teveel gevraagd.