Hans Stegeman

Hans Stegeman

@hanswstegeman

Hans Stegeman is econoom en werkt bij Triodos Investment Management. 

Opinie

Laten we het toch gewoon noemen wat het is: valsspelen

23 oktober 2018 06:03

Ik doe wel eens een hardloopwedstrijdje met mijn zoon van zes. Natuurlijk geef ik hem een voorsprong, of ik loop wat langzamer. Dat vindt hij nooit een probleem, want dan kan hij tenminste winnen.

Het omgekeerde werkt minder goed. Hij is goed in het spelletje memory. Ik moet de boel een beetje voor de gek houden om nog een beetje bij te blijven. Dat pikt 'ie natuurlijk niet, als hij daardoor verliest.

Mijn zoon lijkt daarmee heel erg op het Nederlandse bedrijfsleven.

Zelfde praktijken, andere lading: een (dreigende) oneerlijke achterstand noemen we een ongelijk speelveld, een voorsprong noemen we vestigingsklimaat. Woorden die je in groep 3 nog niet kan schrijven.

Het wordt tijd dat we hier gewoon in alle situaties hetzelfde woord voor gebruiken: valsspelen. Dan snapt iedereen het. Ook mijn zoon in groep 3.

Vestigingsklimaat

'Wij' scoren de laatste paar jaar erg goed in lijstjes waarin prestaties van landen worden vergeleken. Afgelopen week was het weer de beurt aan het World Economic Forum om het lijstje van de meest concurrerende landen te publiceren.

Nederland staat daarin steevast in de top 10, dit jaar op zes. Een duik in de cijfers waaruit deze ranglijst is opgebouwd laat zien dat die bestaan uit een mix van factoren, sommige beïnvloedbaar, andere totaal niet. Zo is de grootte van de markt, ofwel de grootte van de economie, niet echt te beïnvloeden, maar de kwaliteit van onderwijs en infrastructuur, de werking van de arbeidsmarkt en de kwaliteit van instituties wel.

Nu heb ik eigenlijk niet zo veel met dit soort lijstjes. Maar het laat in dit geval wel zien dat de concurrentiepositie van een land, en dus het vestigingsklimaat, van vele factoren afhangt. Jammer genoeg gaat de discussie totaal niet over de goede punten uit de lijst. Terwijl die nu juist bepalen waarom het economisch goed gaat met Nederlandse bedrijven.

Ongelijk speelveld

De politieke discussie gaat vooral over het verlanglijstje van bedrijven om nog meer concurrentievoordeel te behalen en daarbij expliciet te wijzen naar het buitenland, waar bedrijven bepaalde voordelen (zouden) hebben.

Denk daarbij aan lagere belastingen voor een klein groepje aandeelhouders of uiteindelijk voor het hele Nederlandse bedrijfsleven. Blijkbaar is het voor ondernemers gemakkelijker om in politiek Den Haag zaken te doen dan met andere (buitenlandse) ondernemers.

En de rapen zijn helemaal gaar als het vestigingsklimaat dreigt te verslechteren. Dat was natuurlijk ook het voorspelbare commentaar van VNO NCW op de gepubliceerde concurrentie-index: Nederland uit de competitieve top-5. Een wake-up call.

Ook aan de klimaattafel wordt vooral door de industrie gewezen op de gevaren van een ongelijk speelveld. Hoewel het nog niet helemaal is doorgerekend, overheerst het idee dat als we in Nederland serieuzer werk maken van het tegengaan van klimaatverandering dan in andere landen, bijvoorbeeld door CO2-belasting te gaan heffen, we het speelveld voor de BV Nederland aardig verpesten.

Ofwel, in de woorden van mijn zoon: dat zou niet eerlijk zijn. Ik vind dat een drogreden; Nederland is bij mijn weten niet het enige land dat het klimaatakkoord van Parijs heeft ondertekend. Ook andere landen zullen aan de bak moeten om de doelstellingen van het akkoord te halen en zullen daarbij pijnlijke maatregelen moeten nemen.

Eerlijk vals spelen

Natuurlijk willen bedrijven een zo goed mogelijke uitgangspositie. Een gezond bedrijfsleven biedt banen aan werknemers en zorgt hopelijk ook voor belastinginkomsten. En dan helpt het als Nederland goed opgeleide werknemers heeft, een goede infrastructuur en een stabiel politiek klimaat.

En een heleboel van die factoren zijn ook in het belang van de hele samenleving. Maar de keuze voor bepaalde instrumenten, zeker wanneer het belastingmaatregelen betreft zoals die nu door het kabinet zijn voorgesteld, komen alleen ten gunste aan bedrijven. De gemiddelde burger profiteert er niet van.

Dus laten we eerlijk zijn, binnen Nederland willen we in ieder geval een helemaal gelijk speelveld. Laten we dan dus met zijn allen vals spelen, op manieren waar we allemaal wat aan hebben.