Personal finance

Zo pakt de prijsverhoging van NS voor jouw reis uit

Reinder Smit, Wouter van Dijke & Michaël Niewold • 02 november 2018 06:11

Carnavalsvierders bij een kaartjesautomaat in Den Bosch. Beeld © ANP

Je treinkaartje wordt volgend jaar duurder, zo maakte NS eerder deze week bekend. Opmerkelijk: de ene treinreiziger is relatief een stuk duurder uit dan de andere. Afhankelijk van welk traject iemand reist, stijgt de prijs van een tweedeklaskaartje tussen de 2,9 en 7,1 procent. Maar afstand is niet de enige factor die van belang is.

Het hangt behalve van waar je woont, ook af van de factor geluk (of pech). In het ingewikkelde systeem dat NS hanteert voor het beprijzen van de treinkaartjes (zie kader) zit een factor die ertoe leidt dat de mate van prijsstijging per traject verschilt. 

    Prijsverhoging

    De prijsstijging bestaat uit twee componenten, waarvan een verhoging van 1,8 procent vanwege de inflatie. Daarnaast stijgt het lage btw-tarief volgend jaar van 6 naar 9 procent. Die verhoging wordt per tariefeenheid doorgevoerd.

    Tot dan toe is de verhoging voor iedere reiziger min of meer gelijk. Maar bij de manier waarop NS de prijsverhoging afrondt worden de verschillen groter. Dat komt omdat NS het bedrag voor reizigers in de tweede klasse afrondt op tien cent. Dat is volgens NS vanwege het betalingsgemak voor klanten. Het afronden gebeurt niet voor reizigers van de eerste klasse.

    Benieuwd hoe de prijsstijging voor jouw traject uitpakt? Check het hieronder:

    Let op: deze tool gaat uit van reizen met de NS. Het kan dus zijn dat de prijsstijging anders uitpakt omdat een deel van de reis met een andere vervoerder gaat. Die berekenen hun prijzen op een andere manier. Werkt de tool niet goed? Klik dan hier om hem in een nieuw scherm te openen.

    Afronden zorgt voor verschil

    En juist dat afronden vergroot de verschillen. Bij kleinere afstanden met lagere bedragen heeft het afronden namelijk een veel grotere impact. Dat komt omdat je voor iedere reis sowieso al die 2,30 euro kwijt bent als starttarief. 

    Het gevolg: voor een reis van van 11 tariefeenheden, zoals Amsterdam-Zuid naar Schiphol, betaal je volgend jaar 7,1 procent meer. Dat is weliswaar een bedrag van 20 cent per reis, maar een forens die 5 dagen in de week reist, betaalt hierdoor volgend jaar al snel 88 euro meer.

    Niet wenselijk

    "Het is een ontwikkeling die we niet graag zien" stelt Tim van Boerik van reizigersorganisatie Rover. "Je betaalt als reiziger voor korte reizen al relatief meer door die startvergoeding van 2,30. Wij vinden dat onevenredig veel en gezien het maatschappelijk belang om korte reizen te stimuleren is dat niet wenselijk."

    Zo is de prijs van je treinkaartje opgebouwd

    De prijs is gebaseerd op de afstanden tussen stations, die worden vertaald in zogeheten tariefeenheden. Vroeger was de prijs nog meer gebaseerd op kilometers, maar dat is 'in de loop van 180 jaar spoor wat losgelaten', legt een woordvoerder uit. 

    Het systeem van tariefeenheden hanteert nog wel het principe: hoe verder de afstand tussen twee stations, hoe meer tariefeenheden. Zo liggen station Utrecht Centraal en Utrecht Vaartsche Rijn erg dichtbij elkaar en reis je tussen die stations dus maar 1 tariefeenheid. De afstand tussen Oss en station Ravenstein is veel langer en daarom 8 tariefeenheden. 

    Starttarief: 2,30 euro

    Wanneer je reist worden alle tariefeenheden van de snelst mogelijke route tussen je vertrekstation en je eindstation bij elkaar opgeteld. Hierdoor betaal je bijvoorbeeld voor de reis Amsterdam – Zwolle altijd hetzelfde. Of je nou via Lelystad of juist via Amersfoort reist. Er geldt wel een minimum: het starttarief is 2,30 euro. 

    Bron • RTL Z