Carrière

Schip, molen of oude fabriek: deze makelaar verkoopt het allemaal

Maaike Homan • 21 september 2019 14:49 @maaike_homan

De watertoren van Roelofarendsveen uit 1931. Beeld © Redres

Of het nu om een kasteel in de provincie Utrecht gaat, een watertoren in Roelofarendsveen of een oude kerk of fabriek in het noorden van het land: makelaar Jan-Willem Andriessen verkoopt het allemaal. "Dit is anders dan een woning verkopen. Soms ruikt een gebouw nog naar zware metalen of dode koe."

Wie een blikt werpt op de site van zijn bedrijf Redres (wat staat voor herstellen, weer op orde brengen) ziet alleen maar bijzondere objecten voorbij komen. Een deel staat te koop, een ander deel is klaar voor verhuur. Het zijn culturele, industriële, militaire, of religieuze gebouwen. Opknappers maar veelal panden waar je zo in kan trekken.

De site trekt wekelijks tienduizenden potentiële kopers en woningliefhebbers, waarvan 15 procent uit het buitenland afkomstig, vertelt Andriessen. "Allemaal mensen die op zoek zijn naar iets bijzonders." Allemaal mensen met een flink budget: prijzen lopen uiteen van 350.000 tot 10 miljoen euro. "Ik werk in een niche."

Makelaar Jan-Willem Andriessen. Beeld © Redres

'Oude troep' verkopen

Toen Andriessen vijftien jaar geleden begon, werd hij uitgelachen door zijn studievrienden uit Delft waar hij architectuur studeerde. "Waarom zou je oude troep verkopen", zeiden zij. Maar hij wist inmiddels dat hier een markt voor was.

Al tijdens studie richtte hij met een vriend een bedrijf op dat een groot monumentaal kantoorpand uit 1870 in Amsterdam restaureerde. "Een liefde voor monumenten en oude gebouwen was geboren."

Na een baan als projectontwikkelaar voor nieuwbouwwijken begon hij voor zichzelf en werkte toen onder andere voor Boei, dat Nederlands industrieel erfgoed nieuw leven inblies door restauratie of herbestemming. Dat was eind jaren negentig, toen 'de interesse en herwaardering hiervoor toenam.' 

Een kerk getransformeerd tot een woonhuis in Amersfoort. Beeld © Redres

Leerlooierij en oude locomotieven

Hij toverde leerlooierijen om tot appartementencomplex, verbouwde een oude loods voor locomotieven en leerde dat dit soort panden verkopen wel even wat anders is dan wat een reguliere makelaar doet met een standaardwoning.

"Je gaat niet door een huis met links een badkamer, rechts een kast. Oude gebouwen ruiken soms nog dode koe of zware metalen. Er is soms asbest aanwezig, funderingen kunnen rot zijn."

Volgens Andriessen moet je veel meer een droom verkopen. En hem leek niets leuker dan dat te doen. Het belangrijkste daarbij: de juiste foto. "Dat moet een winning shot zijn, beeld dat prikkelt." Dat kan net goed de binnenkant van een object of pand zijn als de (groene) omgeving, vertelt hij.

Te koop in Amsterdam: een knalrood lichtschip met vuurtoren. Beeld © Redres

Details en goede materialen

Zijn kantoor met een handvol medewerkers verkoopt twee tot vier objecten per maand. Zijn omzet, zonder cijfers te geven, vergelijkt hij met die van een regulier makelaarskantoor. Alleen staan zijn objecten vaak langer te koop: van drie maanden tot drie jaar.

Andriessen verkoopt ook veel landhuizen. Die staan volgens hem op de mooiste plekken van Nederland. "Die zijn tweehonderd jaar geleden gebouwd toen er nog keuze en ruimte was. Grond was toen niet duur, dus is er geld gestoken in details en goede materialen." 

Stilleven

Inmiddels moeten zijn vrienden niet meer lachen om zijn werk als 'oude-troep-verkoper'. Hij merkt dat panden met een verleden juist weer als aantrekkelijk worden gezien, en er vaker wordt gekozen voor opknappen en restaureren.

Zelf woont hij overigens in een twee-onder-een-kapwoning uit 1928. Al komt hij genoeg panden tegen waar hij, als hij het geld er voor had, zou willen wonen. "Laatst stond ik in een woning van een kunstschilder die is overleden. Dan sta je echt in een soort stilleven." Lachend: "Ja, ik heb echt een hele leuke baan."

Bron • RTL Z / Maaike Homan