Carrière

Wereld van verschil: de droombaan van scholieren en wat ze worden

Michaël Niewold (wilde vrachtwagenchauffeur worden) • 05 juli 2019 00:01

Jeugddroom van velen: bij de politie of de brandweer werken, later, als je groot bent. Beeld © ANP

Piloot, kapper, dierenarts of automonteur. Iedere tiener heeft zo zijn of haar droomjob in gedachten. Maar tussen droom en werkelijkheid zit zoals vaker een groot verschil.

Van brugklassers uit het jaar '99/ 2000 die wisten wat ze wilden worden, had één op de vijf in 2017 ook écht de baan die ze wilden, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Of dat veel of weinig is, daar durft het CBS geen uitspraken over te doen, want het is voor het eerst dat dit onderzoek is gedaan. En, nog belangrijker: "Het gaat om kinderen van twaalf, dus de helft wist nog niet wat hij of zij wilde worden", vertelt Tanja Traag, woordvoerder van het CBS die zelf eigenlijk lerares Engels wilde worden. "Pubers veranderen om de dag van mening, ook in hun beroepskeuzes."

'Zoek een beroep bij je passie'

"Heel herkenbaar, ik wilde kapster worden op m'n veertiende, maar dat is dus echt totaal iets anders geworden en dat bevalt heel goed", vertelt Rianne van Boxtel, die studieadvies geeft op middelbare scholen met haar bedrijf StudieBox.

"Kinderen weten vaak slecht welke beroepen bij hun passie passen", geeft Van Boxtel een verklaring voor het verschil tussen droombaan en uiteindelijke werk. "Het liefst worden ze allemaal YouTube-ster: gratis spullen, geld en iedereen kent je. Voor mijn gevoel willen ze dat nog liever dan profvoetballer."

Vrouwen vaker

Vrouwen lukte het iets vaker om hun droom uit te laten komen, bijna 20 procent heeft een beroep dat ze ook wilden toen ze net naar de middelbare school gingen. "Meisjes ontwikkelen zich sneller, dus zullen al eerder een reëel droomscenario hebben", vertelt Traag. 

"Jongens zijn gemiddeld genomen toch wat minder snel volwassen, dus blijven langer dromen over een toekomst als profvoetballer of astronaut, al zijn er ook heus wel meisjes die zangeres of actrice willen worden", verklaart zij. "En dat zijn beroepen die maar weinig uitgeoefend worden."

Bij jongens is dat iets minder, daar heeft maar 16 procent de baan die ze al van jongs af aan wilden hebben. Diegenen die timmerman wilden worden, slaagden daar relatief gezien het vaakst in. 

83 procent werkt

Lang niet iedereen gaat dus werken in een sector die hij of zij ambieerde. Maar waar zijn ze dan wel terecht gekomen, vraag je je misschien af. Van de brugklassers bijna twintig jaar geleden, had 83 procent in 2017 een baan. Van diegenen, waren 9 op de 10 in dienst, tien procent zelfstandig ondernemer. 

Analyseren we de beroepen dan zijn de meeste brugklassers van toen terechtgekomen in de zorg, ongeveer 20 procent. Ook zijn velen aan de slag gegaan in een winkel, apotheek of ander handelsbedrijf. Werk in de cultuursector of als sporter is maar voor weinigen weggelegd. 

Keuzestress

Dat niet iedere tiener uiteindelijk het werk gaat doen waar hij van droomde, is op zich helemaal geen ramp, vertelt Van Boxtel. "Kinderen weten het allang: een beroep is niet definitief, je kunt van baan veranderen en een opleiding doen." In sommige gevallen vergroot dit overigens alleen maar de keuzestress, vertelt zij. 

"Maar er zijn nog jongetjes en meisjes die bij de brandweer willen, de mogelijkheden zijn groter doordat vrouwen ook mannenberoepen kunnen doen en andersom", voegt zij toe. De belangrijkste tips die ze heeft voor het zoeken van een geschikte opleiding bij een baan: "Vraag hulp bij de decaan op school en neem rustig de tijd om na te denken wat je graag wil." 

"Stel: je kijkt graag op Discovery naar films over dinosauriërs, dan is daar misschien wel iets bij te vinden. Kinderen moeten er zelf achter komen wat ze leuk vinden, en wat voor beroep of opleiding daar bij past", aldus Van Boxtel.

Bron • RTL Z