Life

Ruige kliffen en pittoreske dorpjes: de verrassende zuidkust van Denemarken

Kita van Slooten • 07 september 2019 15:09 @kitavanslooten

De witte kliffen van Møns Klint. Beeld © Frame&work

De zuidkust van Denemarken wordt ook wel de achtertuin van Kopenhagen genoemd. Zowel de grote eilanden Lolland en Falster als de kleine eilanden Bogø en Nyord zijn een paradijs voor wandelaars en fietsers. Vanuit de Deense hoofdstad ben je er inderdaad zo en het mooie is: dit gebied is nog door relatief weinig toeristen ontdekt.

De populairste bestemming in Denemarken is Kopenhagen. Van de 54 miljoen overnachtingen in het land neemt de hoofdstad ruim 15 procent voor haar rekening en er stappen jaarlijks meer cruisepassagiers van de boot, dan dat de stad aan inwoners heeft. Als het om regio's gaat, trekt Zuid-Jutland de meeste toeristen. Onder gezinnen is Legoland daar een absolute hotspot.

Aanzienlijk minder druk bezocht is de zuidkust van Denemarken, bestaande uit een aantal grote en kleine eilanden. Wie rust en ruimte zoekt, gaat het hier vinden. De kliffen zijn spectaculair en de dorpjes omringd door uitgestrekte velden. Hier kun je fietsen, kajakken en wandelen zonder dat er verder heel veel hoeft te gebeuren, want in Zuid-Seeland wordt het alledaagse tot een kunst verheven.

Boerderij op het eiland Bogø. Beeld © Kita van Slooten

Geen stress

"Stress kennen we hier niet", vertelt Kenneth, die samen met zijn vrouw een bed and breakfast runt op het eilandje Nyord. Er wonen slechts veertig mensen in de pittoreske huisjes, waarvan sommige alleen nog dienst doen als vakantiewoning. "Er komen hier in de zomer wel toeristen en dan wil het wel eens druk zijn op straat en bij de haven. Maar als de avond valt, vertrekken ze en dan hebben we het eiland weer voor onszelf."

De bezoekers komen voor de rust, de natuur en de nachtelijke duisternis, want samen met het eiland Møn maakt Nyord deel uit van het enige Werelderfgoed-gebied dat Denemarken kent. De duizenden sterren kun je kijken met een bijzonder glaasje rum of whisky in de hand, want het piepkleine Nyord heeft een gespecialiseerde drankwinkel waar menig grote stad jaloers op zou zijn: Noorbohandelen importeert zeldzame vaten van over de hele wereld en bottelt deze zelf.

Ook maken en verkopen ze hier de beste gløgg - Scandinavische glühwein - van Denemarken. Het drankje dat vooral in de kerstperiode populair is, won zowel de jury- als publieksprijs.

Wandelen langs de velden op het eiland Møn. Beeld © Kita van Slooten

Wandelwalhalla

Wandelaars komen goed aan hun trekken met de Camøno trail, een route van 175 kilometer die over de eilanden Nyord, Møn en Bogø strekt. Al wandelend door het groen en de kleine plaatsjes kom je opvallend veel bordjes 'Loppemarked' tegen. Deze wijzen je naar rommelmarkten bij mensen aan huis. Leuk om te snuffelen, maar vooral om een praatje te maken met de vriendelijke bewoners.

De wandelroute kan prima zelfstandig gedaan worden, maar wie wat meer wil weten over de eilanden kan ook met een gids op pad. Biologe Susanne Rosenild kent alle paden op haar duimpje en vertelt oprecht enthousiast over alles wat er aan flora en fauna te zien is.

Buiten koken en dineren met lokale ingrediënten. Beeld © Kita van Slooten

Culinaire avond

Een paar uur later kan een stukje van die lokale fauna zomaar op je bord liggen, want bij het dit jaar geopende Klintholm Gods Lake Apartments op Møn koken ze met lokale ingrediënten. Gasten kunnen hun avondmaaltje samen met chef Mads Johansen klaarmaken op open vuur. Voor 500 kronen (€67) boek je zo'n culinaire avond in de buitenlucht.

Mads en zijn collega's zorgen dat de zelfgeplukte kruiden in bakjes klaar liggen. Ook de verse asperges en aardappeltjes komen van het eiland en de hertenbiefstuk die we bereiden is afkomstig van een hert dat daags ervoor op het terrein geschoten is. Terwijl Mads de wijn inschenkt, gaan de gasten onder zijn toeziend oog aan de slag: eerst alles goed kruiden en dan het vuur op.

Het eindresultaat doet niet onder voor een diner in een chic restaurant, maar het eten onder de sterrenhemel naast een gezellig kampvuur is vele malen avontuurlijker.

Het oude marktstadje Stege op Møn. Beeld © Kita van Slooten

De kliffen van Møns Klint

Niet ver van het hotel is de grote publiekstrekker van Møn: de kliffen Møns Klint. Zeven kilometer aan steile krijtrotsen, die ruim 120 meter boven zeeniveau uit steken. Je bereikt het kiezelstrand onderaan de kliffen met een trap die 496 treden telt.

Geen zin om hijgend en puffend weer boven te komen? De kliffen kunnen ook bewonderd worden vanuit een bootje. Vanuit het kleine haventje van Klintholm Havn vertrekt een zeilboot die je tijdens een ontspannen tochtje van twee uur langs Møns Klint neemt.

Van dat ruige stukje natuur is het door naar de idyllische, oude huisjes van Stege, het grootste stadje op Møn dat alsnog maar amper 4000 inwoners telt. Hier kun je een wandeling maken langs mooie middeleeuwse panden, lunchen in een van de cafeetjes of een lokaal biertje proberen bij Bryghuset Møn.

Vanf Møn kun je vervolgens de omringende eilanden gaan ontdekken. Snel en makkelijk over de brug of de leuke route: vanaf Bogø het pontje IDA nemen naar het eiland Falster. Er passen slechts een handjevol auto's op, maar de schipper verzekert ons dat dat genoeg is. Van overtoerisme hebben ze hier nog nooit gehoord.

Kasteel Liselund. Beeld © Kita van Slooten

Ook leuk om te doen:

Het Fuglsang kunstmuseum - op het eiland Lolland - is gevestigd in een opvallend gebouw omringd door weilanden. Naast een flinke collectie Deense kunst is er ook een ruimte waarin het omliggende landschap als kunstwerk gepresenteerd wordt.

Kajakken in Guldborgsund, de zeestraat die de eilanden Lolland en Falster van elkaar scheidt. Een rustgevende plek, waar ook veel jonge zwanen zich ophouden. 

Op Møn staan verschillende middeleeuwse kerkjes, zoals Elmelunde Kirke. De kerk en haar eeuwenoude fresco's zijn bijzonder goed bewaard gebleven.

Op hetzelfde eiland vind je kasteel Liselund. Naast het 18e eeuwse slot zijn het vooral voor de gigantische tuinen die de aandacht trekken, met wilde stukken natuur, maar ook romantische hoekjes en grappige gebouwtjes in verschillende stijlen.

Hoe kom je er?

Vanuit Utrecht is het zo'n 8 uur rijden naar Møn. Als je het combineert met een bezoek aan Kopenhagen, waar vanuit Amsterdam dagelijks meerdere vluchten heen gaan, is het nog anderhalf uur in de auto voor je op het eiland staat.

Voor dit artikel is onze redacteur naar Denemarken gereisd op uitnodiging van Visit Denmark. De inhoud van het artikel is redactioneel onafhankelijk bepaald.

Bron • RTL Z