Life

Geen huis met tuintje: minder eengezinswoningen gebouwd

Maaike Homan • 13 maart 2019 06:07 @MaaikeUtrecht

De nieuwbouwwijk Leidschenveen in 2001 in aanbouw. Beeld © ANP

Een huis met voordeur op de begane grond, meerdere verdiepingen en een tuintje achter is voor steeds minder mensen weggelegd. Het aanbod nieuwe eengezinswoningen daalde afgelopen jaar, volgens cijfers van branche-organisatie NVB. "Er wordt niet gebouwd naar behoefte."

Volgens NVB-directeur Nico Rietdijk zijn vraag en aanbod alles behalve in evenwicht. "Veel meer mensen zoeken een eengezinswoning maar er worden vooral appartementen gebouwd", zegt hij.

NVB: Verhouding appartement-woning scheef

Werden er in de tweede helft van 2017 nog 18.973 nieuwbouwwoningen en appartementen gekocht, in de tweede helft van 2018 gaat het om 17.215 stuks, een daling van ruim 9 procent.

De verhouding tussen het aanbod appartementen en het aanbod rijtjeshuizen en twee-onder-één-kap-woningen ligt nu op 70-30 terwijl dat, gezien de vraag, haast andersom zou moeten zijn. Naast het tekort aan vakkrachten in de bouw wijst Rietdijk vooral gemeenten en provincies aan als schuldige.

Leegstand en spookwijken

"Lokale overheden zijn bang voor leegstand en spookwijken", zegt hij. Die angst is ontstaan tijdens de crisisjaren, denkt hij. En die bleek wel gegrond voor de kantorenmarkt, maar het geldt niet voor de woningmarkt. Want volgens hem zal de vraag voorlopig niet afnemen.

"Vanaf de jaren negentig tot een aantal jaar geleden hebben wij de TU Delft twintig jaar lang, elke twee jaar, onderzoek laten doen en mensen gevraagd: 'Hoe wilt u wonen?'" Het antwoord was volgens Rietdijk elke keer hetzelfde: mensen willen een huis met een tuintje op de begane grond.

 

Woonwens: naar buiten

Die woonwens verandert niet, denkt hij. "Nederlanders willen naar buiten kunnen, een eigen tuin. Dat zal zo blijven."

Zelfs ouderen blijven liever in hun huis met tuin zitten dan dat ze naar een appartement verhuizen, zegt hij, zonder deze uitspraak te ondersteunen met cijfers. 

Ouderen maken geen plaats

Peter Boelhouwer, hoogleraar Huizenmarkt aan de TU Delft, denkt ook dat er veel vraag naar rijtjeshuizen en twee-onder-één-kap-woningen blijft. "Jaarlijks komen er zo'n honderdduizend gezinnen bij in ons land", zegt hij. "En de doorstroming op onze huizenmarkt is bescheiden. Ook ouderen maken niet zoveel plaats op de woningmarkt als gedacht."

De stad in, de stad uit

In steden is de bouwruimte beperkt en daarom wordt er de hoogte in gebouwd. Die woningen doen vooral aan de wensen van één- en tweepersoonshuishoudens aldus Boelhouwer. Volgens de hoogleraar Huizenmarkt trekken gezinnen steeds meer de stad uit. 

Maar het is niet zo dat mensen massaal naar het platteland trekken. In de meest recente prognose (uit 2016) van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat ook de komende decennia de bevolking van de grote steden sterk blijft groeien.

In vrijwel alle gemeenten zal het aantal huishoudens toenemen. Tussen 2015 en 2030 komen er zo'n 700 duizend gezinnen bij. Volgens PBL en CBS betekent dit dat bijna overal in Nederland nog extra woningen moeten worden gebouwd.

Jongeren en starters dupe

De NVB denkt dat ook in 2019 de verkoopaantallen van nieuwbouwwoningen onder druk blijven staan. Het aantal bouwlocaties moet daarom echt omhoog. Als er niet voldoende bijkomen, dan zullen jongeren en starters daar de dupe van worden, zegt Rietdijk. "Een hele generatie zal verstoken blijven van een eigen huis. Er moeten voldoende en betaalbare woningen komen."

Bron • RTL Z / Maaike Homan