Ondernemen

Fietsenbaas verzweeg naderend faillissement voor bank, hypotheek terecht ingetrokken

Mathijs Smit • 04 september 2019 12:19 @Mathijs__Smit

Het bankroet van Keola kostte ondernemer bijna zijn droomhuis. Beeld © Google Maps

Een ongeluk komt zelden alleen. Mede-eigenaar Victor Weng van e-fietsenproducent Keola zag in juli zijn bedrijf failliet gaan. Toen Van Lanschot Bank dat ontdekte, trok het een hypotheekofferte van 1,9 miljoen euro in. Dat geld had Weng nodig voor de aankoop van zijn droomhuis.

De ondernemer sleepte Van Lanschot voor de rechter, om af te dwingen dat hij het geld toch zou mogen lenen. Maar de rechter gaf de bank gelijk.

Kapitale woning

Eind mei sloten Victor Weng en zijn vrouw een koopovereenkomst voor een huis van 2.125.000 euro. Op basis van de financiële gegevens die zij indienden, ging Van Lanschot akkoord met een hypotheek van bijna 1,9 miljoen euro. Niets leek de aankoop van het nieuwe huis in de weg te staan.

Begin juli kreeg hun bedrijf Keola, dat afgelopen jaren was uitgegroeid tot een van de grootste verkopers van elektrische fietsen van Nederland, echter uitstel van betaling. De financiële problemen van het fietsenbedrijf waren het gevolg van een al maanden slepend conflict met een zakenpartner annex leverancier. Niet veel later ging Keola bankroet.

Nadat de bank in de media over het faillissement had gelezen, liet ze de ondernemer weten de leenovereenkomst te ontbinden. Volgens de bank zou de hypotheek wegens de wegvallende inkomsten onverantwoord hoog zijn.

'Voldoende inkomsten'

Volgens de Wengs was dat onterecht. Ondanks het faillissement zou het echtpaar over voldoende inkomsten beschikken om de hypotheeklasten te kunnen ophoesten. Die zouden onder meer afkomstig zijn uit een handel in houten vloeren. Weng bevestigt dat hij aandeelhouder is in vloerhandel Lab21.

Voor de rechter eiste de ondernemer daarom dat de bank hem het geld zou lenen, of anders een voorschot van 212.500 euro op de geleden schade zou betalen.

Die schade zou ontstaan omdat de door hem als 'droomhuis' omschreven woning aan iemand anders verkocht kon worden. Als de Wengs het huis niet konden afnemen, kon de koper bovendien aanspraak maken op een boete van 10 procent van de aankoopsom.

Geschonden vertrouwen

Uit een gisteren openbaar geworden vonnis blijkt dat de rechtbank Oost-Brabant in Den Bosch zijn argumenten vorige week echter van tafel heeft geveegd. Volgens de rechter had Weng de bank 'kunnen en moeten melden' dat zijn fietsbedrijf in de problemen zat.

"Van Lanschot stelt terecht dat het vertrouwen is geschonden", aldus het vonnis. "Dat vertrouwen is in de relatie tussen een klant en een bank onontbeerlijk. Als dat vertrouwen weg is, dan is er feitelijk geen basis voor een goede relatie."

Andere financiering

Dat Weng een boete van 10 procent van de aankoopsom riskeerde, had de ondernemer volgens de rechter 'vooral aan zichzelf te wijten'. Als hij de bank tijdig van de problemen op de hoogte had gesteld, was de aanvraag waarschijnlijk eerder afgewezen. Dan had hij mogelijk via het financieringsvoorbehoud onder de koopverplichting kunnen uitkomen.

Weng wil wegens 'privacyredenen' niet veel over het conflict met de bank kwijt. "Dit verhaal kan misschien negatieve consequenties hebben."

Wel laat hij weten dat hij niet tegen het vonnis in hoger beroep gaat, en dat hij op de valreep elders financiering voor zijn droomhuis heeft gevonden. "Achteraf was de rechtszaak tegen Van Lanschot niet nodig geweest."

Bron • RTL Z / Mathijs Smit