Bedrijven

Multinationals helpen vluchtelingen aan het werk: 'Het is niet vrijblijvend'

Veel vluchtelingen zijn hoogopgeleid, maar hebben toch moeite een nieuwe baan te vinden. Beeld © Archieffoto ANP

Vijftien Nederlandse bedrijven beloven samen meer dan 3500 nieuwe banen voor vluchtelingen. Daarnaast willen ze meer dan 10.000 mensen helpen hun toekomstkansen te verbeteren.

Het gaat om organisaties als Philips, Accenture, Asito en Randstad. Ook grote banken Rabobank, ING en ABN AMRO doen mee. De multinationals sluiten zich aan bij Tent Partnership for Refugees, een samenwerkingsverband van 120 internationale organisaties die vluchtelingen helpen.

Zakelijke kans

"Het is niet alleen goed dat bedrijven vluchtelingen helpen, het is zakelijk gezien ook verstandig", zegt Hamdi Ulukaya, oprichter van het Tent Partnership for Refugees en directeur van de grootste producent van Griekse yoghurt in Amerika. "Veel vluchtelingen zullen blijven. Dat biedt bedrijven de kans om getalenteerde mensen met een enorm doorzettingsvermogen een plek te geven in hun bedrijf."

Dat beaamt Nicole Böttger, hoofd Diversiteit bij ABN Amro. Voor de bank is werken met vluchtelingen niet nieuw. "We hebben sinds 2017 vluchtelingen met een verblijfsvergunning in dienst."

Er werken nu 24 vluchtelingen bij ABN Amro, waarvan er vijf inmiddels een vast contract hebben. Het zijn vooral it'ers. Niet zo gek, want daar had de bank tekort aan.

Huiverig

Ghenowa Al Daher Azzam uit Syrië was één van de eerste vluchtelingen in dienst van ABN Amro. Ze kwam in 2015 met haar baby naar Nederland. In Syrië behaalde Ghenowa haar bachelordiploma Computer System Engineering. "Omdat we wereldwijd dezelfde computertaal spreken kan ik ook hier werken", vertelt ze.

Toch was het niet makkelijk om aan een baan te komen, want bedrijven waren huiverig en Azzam sprak geen Nederlands. Via de gemeente Amsterdam kwam ze terecht bij een speeddatesessie bij ABN Amro Bank voor statushouders met een it-achtergrond.

Met succes: Ghenowa kreeg een contract bij ABN. Daar werkt ze inmiddels drie jaar en ze heeft het naar haar zin. Ze kreeg volop begeleiding; van taal- en cultuurcursussen tot een persoonlijke mentor.

Inwerken en bedrijfscultuur

"Begeleiding is heel belangrijk", vertelt Böttger. "Soms hebben mensen een tijd lang niet gewerkt, dan moeten ze er weer even inkomen. Verder is onze bedrijfscultuur vaak anders dan ze gewend zijn. Begeleiding kost tijd, maar is het waard."

Het levert veel op, vindt ze. "We zijn heel blij met de vluchtelingen, het zijn goede medewerkers met de juiste kennis", zegt Böttger. "Komende drie jaar willen we elk jaar twintig vluchtelingen aannemen. Niet alleen it'ers: ook in andere functies zijn ze welkom. Het is ook de bedoeling om ze binnen te houden en uiteindelijk een vast contract te geven."

Van 40 naar 140

Ook directeur Irine Gaasbeek van Accenture Nederland heeft goede ervaringen. Bij haar bedrijf werken nu 40 vluchtelingen, en Accenture neemt komende jaren nog eens 100 mensen in dienst.

Gaasbeek vindt het 'een verplichting voor bedrijven' om vluchtelingen aan te nemen. "Anders gaat veel talent verloren", waarschuwt ze. "Veel vluchtelingen zijn hoogopgeleid, gedreven en gemotiveerd om te werken. Deze mensen hebben moeite hun weg te vinden op de arbeidsmarkt en dat is jammer, want werk helpt ze integreren."

Administratief veel werk

Ook Böttger vindt dat meer bedrijven dit zouden moeten doen, maar ze snapt dat het soms lastig is. "Het is administratief veel werk", zegt ze. "Het is bijvoorbeeld een stuk ingewikkelder om een verklaring omtrent het gedrag te krijgen. We kunnen iemand niet zomaar aannemen, je moet echt goed uitzoeken hoe het werkt. Contact met instanties zoals de gemeente, dat helpt."

Kennis en ervaringen uitwisselen tussen bedrijven vindt Böttger dan ook een goed idee. Gaasbeek benadrukt dat de bedrijven vandaag echt een belofte doen: "Het is niet vrijblijvend."