Bedrijven

Hoe ING 'lingerieverkopers' miljoenen liet witwassen

Mathijs Smit • 05 september 2018 13:20 @Mathijs__Smit

Beeld ©

Omdat ING onvoldoende onderzoek deed naar klanten en verdachte geldstromen, konden klanten jarenlang nagenoeg ongestoord van rekeningen bij de bank gebruik maken voor criminele activiteiten. Dat bleek gisteren uit de toelichting op de megaschikking van 775 miljoen euro, die ING moet betalen. Hoe liep dat eigenlijk in de praktijk?

Dat blijkt onder meer uit de vier specifieke gevallen, die het Openbaar Ministerie in detail onderzocht. Zo beschrijft het OM in het gisteren openbaar gemaakte onderzoeksrapport de zaak van een bedrijf op Curaçao, dat zou hebben gefungeerd als grootschalige witwasmachine.

Dekmantel

Het betreft een bedrijf van de Nederland-Antilliaanse familie Grynsztein, die door het OM wordt verdacht van het witwassen van 332 miljoen dollar. In de zomer van 2015 vielen de politie en de fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst FIOD binnen bij de bedrijven van de familie, en arresteerden zes verdachten. De rechtszaak tegen de familie loopt nog steeds.

Volgens het OM richtten de verdachten in 2010 een Nederlands farmaceutisch bedrijfje op, dat zij als dekmantel gebruikten voor illegale financiële dienstverlening. Later werd het bedrijf, CPG Worldwide, omgedoopt tot een groothandel in damesondergoed. Via de rekening van het bedrijf liepen volgens het OM talrijke verdachte geldstromen.

Zwarte dollarmarkt

Zo werd de bankrekening bij ING tussen 2010 en 2014 'gevoed' met zo'n 150 miljoen euro aan bijschrijvingen. Dat geld werd overgemaakt naar de VS, Curaçao en Panama. Het OM denkt dat deze geldstroom werd gebruikt om op de Antillen dollars te verkopen aan Venezolanen.

Met nepfacturen, waaruit zou moeten blijken dat zij goederen hadden gekocht, konden de Venezolanen de strenge deviezenwetgeving in eigen land ontlopen. De dollars zouden uiteindelijk terecht zijn gekomen op de zwarte dollarmarkt in Venezuela. Het OM vermoedt dat het geld dat door de witwasmachine werd geleid, deels afkomstig is uit de illegale gokwereld en drugshandel.

ING kende klant niet

Tijdens het onderzoek naar de geldstromen bij CPG Worldwide constateerde de FIOD volgens het rapport dat ING de ‘lingeriehandel’ onvoldoende kende. Toen het systeem van de bank dat financiële transacties in de gaten houdt alarmbelletjes liet af gaan, bleken de identiteit van de uiteindelijke eigenaren van het bedrijfje en de bedrijfsactiviteiten niet duidelijk uit het cliëntendossier.

Het OM constateert dat de daadwerkelijke activiteiten van de klant vervolgens jarenlang onduidelijk bleken. "ING deed nauwelijks iets om vage en ontwijkende antwoorden van het bedrijf te verifiëren." Om witwassen en financiering van terrorisme te voorkomen, zijn financiële instellingen sinds 2008 verplicht om te weten wie hun klanten zijn.

Witwassignalen genegeerd

Het OM noemt het 'opmerkelijk' dat de zogenaamde ondergoedhandel door ING was ondergebracht in het segment midden- en kleinbedrijf (MKB), dat minder streng in de gaten wordt gehouden.

Dat de bankrekening van het 'mkb-bedrijf' volliep met 150 miljoen euro werd door ING niet opgemerkt, aldus het rapport. "Het transactiemonitoringsysteem van ING heeft van 2010 tot 2013 in totaal 49 witwassignalen ('alerts') genegeerd, die allemaal, vrijwel zonder nader onderzoek, door ING werden afgedaan als 'not suspicious'."

Volgens het OM had het de bank duidelijk moeten zijn dat de geldstromen weinig te maken hadden met de handel in lingerie en dus ongebruikelijk waren.

Bezuinigingsdrift

Het OM wijt de misstanden onder meer aan bezuinigingsdrift bij ING, waardoor de bank veel te weinig personeel voor de controles beschikbaar stelde. Ook zouden bij het toelaten van klanten de commerciële resultaten van de bank zwaarder hebben gewogen, dan het voldoen aan de wetgeving die witwassen moet voorkomen.

Dat verwijt het OM nadrukkelijk ook aan het topmanagement van de bank. "De 'tone at the top' onderschreef onvoldoende het belang van een goede uitvoering van de verplichtingen onder Wwft", de wet die witwassen moet voorkomen.

Te late melding

Pas in augustus 2013, dus drie jaar na het eerste alert, deed ING een eerste melding over CPG Worldwide bij het meldpunt ongebruikelijke transacties van de overheid. Pas begin 2015 zette ING de klant buiten de deur.

De misstanden bij de Antilliaanse ondergoedhandel maakt, samen met de andere drie onderzochte gevallen, inzichtelijk wat er bij ING misging. Volgens het OM zijn de gevallen exemplarisch voor de manier waarop ING zaken deed. De FIOD ontving 'tientallen concrete signalen en aanwijzingen' dat ING haar wettelijke plicht als poortwachter van het financiële stelsel volstrekt onvoldoende naleefde.

Al onderdeel van de gisteren openbaar gemaakte schikking moest ING niet alleen 775 miljoen euro betalen, maar de misstanden ook erkennen.