Politiek

Welke partijen luisteren nog naar hun wetenschappelijke bureaus?

Coen van de Ven • 26 februari 2017 15:00 @CoenvdVen

Beeld © ANP

Gefotoshopte politici, venijnige tweets en pinnige debatten doen soms vergeten waar het in de politiek eigenlijk om gaat: ideeënstrijd, botsende visies en maatschappelijke vergezichten. Maar wie luistert er nog naar de partijfilosoof?

Hoewel onze premier er wars van lijkt te zijn – "visie is als de olifant die het uitzicht belemmert" – kent bijna elke partij een rijke filosofische geschiedenis die soms wel eeuwen teruggaat. 

Elke traditionele partij heeft daarom een groep huisfilosofen in dienst: de wetenschappelijke bureaus. Geleerden op afstand die de partij op koers houden door ideeën van de eigen politici langs de ideologische meetlat te leggen. Op die manier moet de VVD liberaal blijven, het CDA christendemocratisch en de PvdA haar grondbeginselen weer terugvinden.

Want wie haar ideologische anker loslaat loopt op de lange termijn gevaar, zeggen hoogleraren en partijfilosofen. Met populisme en electoraal verlies als gevolg.

Ideologische veren

Neem de PvdA als voorbeeld. Eind vorig eeuw domineerden de linkse partij en haar zusterpartijen nog Europa. Maar vandaag de dag is daar weinig van over. In de meeste landen zijn de sociaaldemocraten een marginale speler geworden en bij ons lijkt het na de verkiezingen ook die kant op te gaan.

"Eind jaren 80 besloten deze partijen hun linksactivisme te verruilen voor het politieke midden". zegt Gijs Schumacher, politicoloog aan de Universiteit van Amsterdam. De ideologische veren werden afgeschud en de linkse activisten werden een brede middenpartij.

'Catch them all!'

"De PvdA werd een catch-them-all partij, gericht op zoveel mogelijk kiezersgroepen aan zich binden", verklaart Schumacher. "In het begin is dat heel slim omdat je eindelijk idealen kunt verwezenlijken, maar na verloop van tijd word je onzichtbaar, weet je niet meer wie je bent en implodeer je."

In die zin geldt de start-up regel 'je kunt beter één ding heel goed doen, dan alles een beetje' ook voor politieke partijen. Een regel die volgens verschillende politicologen het best wordt nageleefd door de SGP. "Zij zijn absoluut het meest principieel", zegt Schumacher. "Een echte 'getuigenispartij' die zegt: ''dit zijn onze standpunten en als je iets anders wil moet je maar anders stemmen.''

Marketing versus principes

Maar voor politici met iets meer groeiambitie, is schipperen tussen stemmen winnen en idealisme bittere noodzaak. En precies dat is de strijd die politici voeren met de filosofen op de wetenschappelijke bureaus.

"Uiteindelijk begint het bij ons en volgt daarna een pad waar communicatie en politieke marketing het einde van is", zegt Maarten Neuteboom, medewerker van het Wetenschappelijk Instituut van het CDA. "Maar in de praktijk zie je dat wanneer marketing en strategie te belangrijk worden politieke vergezichten naar de achtergrond verdwijnen."

Als je lang aan de macht bent kun je nu eenmaal minder vrij denken, zegt Neuteboom. "Behoud van macht wordt na verloop van tijd automatisch een doel."

Dikke rapporten

Het overkwam het CDA zelf, na bijna een decennium lang de belangrijkste partij van Nederland geweest te zijn, vond het zichzelf plots onderaan de electorale ladder in 2010 en 2012. "Dan kijken ze toch ook nadrukkelijk naar ons voor oplossingen", zegt Neuteboom. Vuistdikke rapporten met titels als 'Mens waar ben je, een verkenning van het Christendemocratische mensbeeld' worden dan plots weer uit de kast getrokken.

En zelfs dan is het maar hopen dat het goed gaat. "Wij waren in 2008 een project gestart om de partij weer echt sociaaldemocratisch te maken en de wonden te likken van de paarse coalities", zegt René Cuperus, medewerker van de Wiardi Beckman Stichting, het wetenschappelijk bureau van de PvdA: "Helaas gingen we al snel regeren met de VVD. Een heel link avontuur: Net nu we als partij bezig waren terug te keren naar de sociaaldemocratie, creëerden we een neo-paarse regering."

Cuperus verwacht dan ook dat na de verkiezingen van 15 maart er wéér een 'herbronningsmoment' zal zijn.

Marginale positie

Volgens Andreas Kinneging, hoogleraar rechtsfilosofie in Leiden en voormalig huisideoloog van de VVD, sneuvelen filosofische fundamenten snel in het parlement. "Wetenschappelijke bureaus hebben een veel te marginale positie in Nederland."

Waar in ons land vaak drie tot vijf mensen de wetenschappelijke bureaus bevolken, hebben Duitse partijen denktanks die vaak vele malen groter zijn. "Je ziet dat het politieke debat daar van een veel hoger intellectueel niveau is", zegt Kinneging. "Nederlandse politici vinden het vooral vervelend als je met een ideologisch rapport door hun beleid heen komt fietsen."

'Mission impossible'

Cuperus noemt het een mission impossible om met vier of vijf mensen een partij ideologisch op de rails te houden. "Wij moeten de beginselen bewaken en ondertussen antwoorden vinden op intellectuele vraagstukken. En dat in een tijd waar de gemiddelde politicus niet meer weet wie Thorbecke was."

De PvdA-wetenschapper maakt zich vooral zorgen om de ideologische invloed van buiten. "Het dominante neoliberalisme dat bijna alle partijen heeft beïnvloed kwam niet uit de politiek zelf maar van het bedrijfsleven: de consultancybedrijven als McKinsey en de MBA-opleidingen, die iedereen daar heeft gevolgd. Met vier of vijf partijfilosofen houd je dat niet tegen."

Twitter en soundbites

Hoewel de andere wetenschappelijke bureaus optimistischer zijn, zien ook zij dat het steeds lastiger wordt om filosofische ankers te bewaken in een mediatijdperk waar tweets en soundbites de toon zetten. "Ik denk dat diepe bespiegelingen steeds vaker afwezig zijn door de dominante beeldcultuur", zegt Neuteboom van het CDA.

Al is dat natuurlijk ook een realiteit die het belang van wetenschappelijke bureaus onderstreept, vindt Joost Sneller, directeur van de Mr. Hans van Mierlo Stichting van D66. Door politici doorlopend intellectueel te voeden, hoopt Sneller dat het gedachtegoed stevig verankerd blijft.

"Als je een penalty moet nemen moet je vooraf allang weten in welke hoek je die gaat schieten. Door trainingen te organiseren en sociaalliberalisme steeds te promoten schieten onze politici gelukkig vaak raak. Ook in een soundbite of een tweet."

Intellectuele dilemma’s

En hoewel de partijfilosofen zich erop laten voorstaan vooral bezig te zijn met de lange termijn volgen ze hun politieke leiders met argusogen. "Als ik hoor dat Alexander het heeft over vrijheid en verbondenheid hoor ik een goede vertaling van sociaalliberalisme", zegt Sneller.

Daarnaast komen Kamerleden geregeld langs bij de denktanks voor advies over bepaalde vraagstukken of – in het geval van Sybrand Buma – voor feedback op zijn boek.

Bij de Hans van Mierlo Stichting kwamen Kamerleden plots langs toen gestemd moest worden over actieve donorregistratie, een wet die mensen die niets hebben opgegeven automatisch orgaandonor maakt. Volgens de rechtsere liberalen van de VVD’ers is dat een te zware aantasting van het zelfbeschikkingsrecht. "Naar aanleiding hiervan heb ik met Tweede Kamerleden gesproken over hoe voor stemmen voortvloeit uit ons gedachtegoed, zo boden wij de filosofische onderbouwing", zegt Sneller.

Weg met de filosofie!

Toch dringt de vraag zich op of de stijgende populariteit van partijen zonder rijke ideeëngeschiedenis – de PVV, 50 Plus en Denk – niet wijst op een weerzin tegen filosofische vergezichten.

Maar daar willen de wetenschappelijke bureaus en hoogleraren niets van weten. "Goed leiderschap gestoeld op een sterk ideologisch fundament voorkomt dat juist", zegt Andreas Kinneging. Als voormalig huisideoloog van de VVD ziet hij met lede ogen toe hoe Mark Rutte zich erop voor laat staan geen visie te hebben. "Dan wordt je roerloos en vatbaar voor populistische tendensen. Juist de afwezigheid van uitgesproken ideologie creëert ruimte voor populisme."

Groepsegoïsme

Iets wat Neuteboom beaamt: "Als politiek niet gedragen wordt door een brede visie, krijg je leiders die een natte vinger in de lucht steken en de richting van de dominante windrichting volgen."

Hoewel ook D66 zegt te vrezen voor toenemend populisme, conservatisme en "het groepsegoïsme van 50 Plus en Denk", gedijen zij in het idee dat filosofie uiteindelijk onmisbaar is: "Als je geen diepe wortels hebt kun je ook niet op een duurzame manier hoog groeien", aldus Sneller.

Bron • RTL Z / Coen van de Ven