Buitenland

Italië verder stilgelegd, fabrieken dicht: 'Stap naar een oorlogseconomie'

Pepijn Nagtzaam • 22 maart 2020 17:51 @pepijnnagtzaam

Een van de weinige geopende winkels in Venetië, een groentewinkel. Beeld © Getty Images

De Italiaanse economie is tot stilstand gekomen. Premier Giuseppe Conte maakte zaterdagavond bekend dat alle niet-essentiële zakelijke activiteiten onmiddellijk gestaakt moesten worden. Alleen wat hoognodig is om het land door de crisis te helpen mag doorgaan. "Dit is gigantisch."

Vijftien dagen lang worden alle fabrieken, winkels en bedrijven die niet te maken hebben met virusbestrijding gesloten. Supermarkten, apotheken, banken, postkantoren en fabrieken voor levensmiddelen en medicijnen kunnen open blijven. Het besluit werd genomen nadat gisteren bijna 800 mensen overleden aan het virus, een triest record.

Stap naar oorlogseconomie

De rest van het land is dicht, in ieder geval voor ruim twee weken. Mogelijk duurt de 'full lockdown' ook langer. "Het is weer een stap naar een oorlogseconomie", stelt econoom Francesco Daveri van de universiteit van Bocconi.

Een oorlogseconomie is een economie waarbij álles ten dienste staat van het winnen van het conflict. Hierbij is de vijand het virus.

De grote vraag is volgens hem of de bedrijven 15 dagen dicht moeten blijven, of langer. "Als het langer wordt, moet de overheid verder ingrijpen. Dan moet je bedrijven nationaliseren."

'Twee derde van economie ligt stil'

"Ruim twee derde van de economie ligt stil", zegt econoom Maartje Wijffelaars van RaboResearch. Wijffelaars let voor de Rabobank op de economische ontwikkelingen in Spanje, Italië, Portugal en Griekenland. "Dit is gigantisch", zegt ze, al benadrukt ze dat een groot deel van de industrie al eerder was stilgelegd. "We gaan niet van 100 naar nul, maar van 50 naar bijna niets."

Volgens Wijffelaars berekeningen draait ongeveer een derde van de economie nog wel door. Daarbij rekent ze de overheid, de zorg, defensie. Sectoren die nu overuren draaien. "Nog maar een kwart van de maakindustrie functioneert op dit moment. Alleen industrie die verantwoordelijk is voor voedsel, energie, dat soort dingen draait nog door. Er worden geen auto's gemaakt, geen machines. Tenzij ze nodig zijn voor de virusbestrijding."

Economie in cijfers

De Italiaanse economie is met een Bruto Nationaal Product van 2300 miljard dollar (2140 miljard euro) groot voor Europese begrippen. Het is de derde economie van de EU, na Duitsland (4200 miljard) en Frankrijk (2850 miljard).

Ter vergelijking: Nederland staat met een BNP van 924 miljard dollar op plek 6. Daarbij moet wel opgemerkt dat Italië ongeveer 3,5 keer zo groot is als Nederland, met ruim 62 miljoen inwoners.

De maakindustrie is groot in het land. Alleen die van Duitsland is nog groter. Zeker in het noorden van Italië, het gebied dat het eerst hard getroffen werd door het virus, zit veel goedlopende industrie.

Elektriciteitsgebruik daalt snel

Daveri haalt het snel dalende gebruik van elektriciteit aan. "Dat is het eerste signaal van de economie die tot stilstand komt", zegt econoom Daveri. Er wordt ruim 11 procent minder elektriciteit gebruikt in het land sinds vorige week, en dat daalt nog verder. "Dat duidt er ook op dat de economie nog verder kan gaan krimpen.

Daveri zit nog met een hoop vragen over welke bedrijven precies open zullen blijven. "Wat is vitaal", vraagt hij zich af. "Als je drinken wil maken, moet je ook verpakkingen hebben en moet de verpakkingsindustrie blijven draaien. En daarvoor moet ook de chemische industrie die plastic maakt voor verpakkingen open blijven", zegt hij. De keten is lang, wil hij maar zeggen.

Aanbodschok is zeldzaam

Hoe groot de impact op de economie is, is volgens Wijffelaars nog een moeilijke vraag. "Alle modellen die economen gebruiken zijn ingesteld op vraagschokken. Die zagen we in de financiele crisis en daarna in de schuldencrisis. De vraag valt terug, waardoor bedrijven minder maken, waardoor er ontslagen vallen, waardoor de vraag verder terugvalt", somt de econoom op.

"Maar dit is een aanbodschok. Dat zien we zelden", zegt Wijffelaars. Een aanbodschok treedt op als een groot deel van het aanbod opeens wegvalt, terwijl er nog wel vraag is. Dat is nu ook aan de hand in Nederland, waar de horeca is gesloten. Mensen willen wel naar de kroeg, maar dat kán niet. 

"Dus we moeten hier anders naar kijken. We hebben weinig voorbeelden, en het is de vraag wat de overheid kan doen. Vooralsnog hebben wij geen grote financiële crisis in de verwachte cijfers staan."

Lege pleinen in Venetië. Beeld © Getty Images

De Italiaanse premier Conte heeft 25 miljard euro uitgetrokken om de crisis te lijf te gaan en werknemers en bedrijven te beschermen. Hypotheken kunnen later betaald worden, er kan geld terug worden gevraagd van de overheid. Ook bedrijven kunnen aankloppen voor steun. Daarnaast heeft de overheid aangekondigd garant te staan voor leningen.

ECB steun in de rug voor overheden

"In vergelijking met wat Nederland doet is die 25 miljard euro weinig", zegt ING-econoom Bert Colijn. "De directe impact is niet zo groot. Wat belangrijk is, is wat de ECB nu doet." Die zaaide eerst twijfel over hoe of ze hulp zouden bieden. Uiteindelijk maakte de ECB bekend 750 miljard aan obligaties op te gaan kopen.

"Daarmee zet de ECB een sterke backstop achter overheden die geld willen uitgeven voor noodmaatregelen", zegt Colijn. "Ze zeggen: We've got your back. Op de korte termijn moet er genoeg vertrouwen zijn om flink uit te geven hieraan."

Dat is hard nodig volgens de econoom van ING. "Hoe diep een economie nu valt is niet zo belangrijk", zegt Colijn. "Zolang er maar niet te veel bedrijven omvallen en te veel mensen werkloos raken. Dat zorgt voor langetermijnschade, en die wil je zo goed mogelijk voorkomen. Dat er faillissementen zullen komen is een gegeven."

Bron • RTL Z / Maarten Veeger & Pepijn Nagtzaam