Weekend magazine cover
  • In dit nummer Path 400 Created with Sketch.

  • Z magazine - maart 2017 Path 400 Created with Sketch.

  • Menu Path 400 Created with Sketch.

Oval 3 + Path 400

Not as Usual

Ongewoon. Opmerkelijk. Bijzonder.


Abraham Poincheval in opgezette beer

Kunstenaar legt ei

Kunstenaar Abraham Poincheval rolde al eens in een olievat door de Alpen, bracht twee weken door in een opgezette beer en liet zich acht dagen begraven onder een steen. Maar dat  verbleekt allemaal bij het nieuwste artistieke plan van de Fransman.

Voor de performance 'ei' en 'steen' laat Poincheval zich een week lang opsluiten in een uitgeholde mergelsteen. Hij houdt het net zo lang vol tot het dozijn eieren waar hij op zit is uitgekomen.

De kunstenaar licht toe: "Ik zie het als een innerlijke reis om te ontdekken wat de wereld is." Curator Jean de Loisy van het Palais de Tokyo in Parijs, waar de voorstelling plaatsvindt, benadrukt dat er absoluut geen sprake is van een stunt. Volgens hem gaat het om 'een zoektocht naar het mystieke'.

Poincheval staat gedurende de broedperiode voor de 'zware' taak zijn lichaamstemperatuur op precies zevendertig graden te houden om de kuikens de grootste kans te geven uit hun schaal te kruipen. Iedere vierentwintig uur krijgt hij een break van een halfuur. Hij weet al wat hij met de kuikens gaat doen: die gaan naar z’n ouders.


De Mercedes Maybach 4WD

Off-road limousine

Goed, het Nederlandse leger rijdt ook rond in een Mercedes 4x4. Maar dat is wel een iets andere uitvoering dan deze allereerste Mercedes-Maybach 4WD. De auto, een cabrio, is gebaseerd op de Mercedes G-klasse en wordt deze maand tijdens de autoshow in Genève gepresenteerd.

Dat de wagen terecht de naam Maybach draagt, wordt duidelijk na een blik op de luxeonderdelen van dit superstoere monster. Die zijn dan wel weer grotendeels geleend van Mercs uit de S-klasse.

Kopers van een van de schaarse offroaders kunnen straks op de achterbank genieten van films op een van de twee 10-inch schermen. De bekerhouders zijn zowel verwarmd als gekoeld. Beide stoelen zijn voorzien van een massagefunctie. Onder de motorkap zit bovendien een twin-turbo V12 motor die 630 pk laat loeien.

Wie er eentje wil hebben, moet wel opschieten. Van de Mercedes-Maybach 4WD zullen slechts 99 exemplaren gebouwd worden en de kans dat er allerlei celebs op de wachtlijst staan, is groot.


Het botvormige zwembad op JFK

JFK legt je huisdier in de watten

Gevoel voor het Bijbelse kan de mensen achter de New Yorkse luchthaven JFK niet ontzegd worden. De nieuwe dierenterminal die ze lieten bouwen voor 62 miljoen dollar is heel toepasselijk 'The ARK Pet Oasis' gedoopt. Het is daarmee een van de meest luxe dierenhotels ter wereld geworden.

Aan alles is gedacht. Paarden kunnen worden gestald, de kat kan worden gechipt en de hond kan in quarantaine. Voor huisdieren is er een enorme spa gebouwd waar trouwe viervoeters een groomingbehandeling kunnen ondergaan. Daarna mogen ze in een van de vele zwembaden in de vorm van een bot springen.

Het pedicuren van de nagels van de geliefde hond of kat behoort ook tot de mogelijkheden. Wie het huisdier erg mist tijdens de quarantaineperiode weet dat het huisdier mag slapen op levensgrote dierenbedden terwijl ze tv kijken op een flatscreen. Wordt de heimwee te sterk, neem dan even contact op via de webcam in het hok, pardon, dierenhotelkamer.

Hippe brillen van een happy camper

Designbrillen zonder verborgen kosten, dat is in het kort de pitch van upcoming brillenmerk Ace & Tate. Ondernemer Mark de Lange wil van de bril een betaalbare modeaccessoire maken met een passend model voor iedere gelegenheid of stijl.

Mark de Lange is druk, maar maakt een ontspannen indruk. Op de dag dat we hem spreken is hij net terug van een reis door Duitsland en Scandinavië, op zoek naar geschikte locaties voor nieuwe winkels. Dat is geen kwestie van het eerste het beste leegstaande pandje betrekken: "De buurt en straat moeten wel passen bij ons umfeld", zegt De Lange, wiens woordkeus een achtergrond in de marketing verraadt.

Ace & Tate maakt een snelle groei door. Net die ochtend is een nieuwe vestiging geopend in Amsterdam, de derde alweer. Het merk telt inmiddels twaalf vestigingen verspreid over Nederland, België, Duitsland, Denemarken en Zweden. Online groeit het merk zelfs sneller, met een 'home try-on service' van vijf brillen die klanten toegestuurd krijgen zodat ze thuis rustig kunnen passen. De Lange is de avond daarvoor al de nieuwe vestiging wezen inspecteren. Straks gaat hij nog een keer kijken.

Vier jaar geleden startten De Lange en compagnon Camiel de Lange van Bergen het bedrijf. De naam is gebaseerd op het materiaal waar de brillen van vervaardigd worden: de buigzame kunststof acetaat. Vestigingen van Ace & Tate vallen op door een cleane inrichting met veel blankhout, hippe designmagazines voor de wachtenden en jonge, enthousiaste medewerkers, uiteraard mét bril. Oogmetingen zijn gratis.

Ace & Tate winkel in Antwerpen
Ace & Tate-winkel in Antwerpen

Op welke leeftijd kreeg je zelf eigenlijk een bril?

"Ik denk dat ik drieëntwintig was. Ik zat in de collegezaal. Daarvoor had ik wel lenzen, maar dat was geen succes."

Drieëntwintig is nog wel een veilige leeftijd om een bril te krijgen. Ik was vijftien.

"Nou, in mijn tijd was de bril ook nog niet echt een geaccepteerd mode-item. Dat is pas later gekomen."

Heb je je lenzen nog weleens in?

"Nee, dat voelt toch een beetje als vreemdgaan. Als verraad."

Je hebt marketing aan de UVA gestudeerd en later een bachelor communicatiewetenschappen gehaald. Was je omringd door ondernemende medestudenten?

"Bij marketing ietsje meer dan bij communicatie. Maar ik vond het een weinig inspirerende omgeving, om eerlijk te zijn. Ik ben niet uit het juiste hout gesneden voor een studie. Maar mijn familie bestaat uit allemaal ondernemers, dus daar heb ik het van meegekregen."

Dacht je toen al in de richting van de brillenbranche?

"Totaal niet. Ik had geen idee wat ik wilde. Ik wist alleen dat ik eigen baas wilde zijn, pas later viel het kwartje."

Hoe ging dat?

"Ik was met mijn vriendinnetje in New York. We liepen dagelijks langs een hele mooie brillenzaak in de buurt van het hotel. Op de laatste dag was er uitverkoop en toen kocht ik er een bril. Terug in Nederland wilde ik glazen op sterkte in het montuur laten zetten. En toen kwam ik erachter hoe

"De brillenmarkt is zo ondoorzichtig. Dat moet toch beter kunnen?"

ondoorzichtig dat allemaal ging. Hoe duur ook, en ingewikkeld. Het was totaal niet duidelijk waar je nou eigenlijk voor betaalt."

De wereld van de opticiens staat bekend om bait and switch praktijken: je wordt gelokt met een koopje, maar in de winkel zijn er bijkomende kosten.

"Een totaal gebrek aan transparantie. Ik baalde daar zo ontzettend van. Dat moet toch anders kunnen?"

Je bent niet makkelijk bereikbaar. Waar ben je dagelijks mee bezig in het bedrijf?

"Ik ben erg betrokken bij de creatieve kant. Productdesign rapporteert direct aan mij. Daarnaast ben ik bezig met de buitenlandse uitbreiding. Het is nu vliegtuig in, vliegtuig uit. Mijn werkzaamheden worden wel steeds algemener, gelukkig."

Het is een bekend fenomeen dat mensen die hun bedrijf zien groeien, op een gegeven moment hun eigen groei in de weg zitten.

"Absoluut. Ook ik heb de neiging om te gaan micromanagen."

Kun je een voorbeeld noemen?

"De kleur verf in de winkel, een foto op de website die ik niet mooi vind. Van alles."

Eigenlijk ook wel de leuke dingen.

"Ja, maar het kan ook heel demotiverend zijn voor medewerkers om je met elk detail te bemoeien. Ik heb geleerd: pick your battles."

Mark in één van zijn winkels
De Lange in één van zijn winkels

De brillenmarkt consolideert in hoog tempo. Recent zijn de nummer één en nummer drie Luxottica en Essilor gefuseerd, waardoor een wereldwijde brillengigant is ontstaan. Is er sprake van overconcentratie?

"Ik weet niet of het aan mij is om daar een waardeoordeel over te geven. Maar de grote spelers hebben inderdaad behoorlijk wat marktaandeel."

Jij ziet daar kennelijk toch ruimte.

"De markt voor brillen is zó groot. Niet alleen van mensen die een bril nodig hebben, maar ook het belang van zonnebrillen wordt steeds groter. Ik denk dat door de opkomst van online winkelen en online informatievoorziening de klant in de breedste zin veel beter geïnformeerd is. Consumenten zijn zich meer bewust geworden van de manier waarop ze een aankoop doen. Ik denk dat ze daardoor ook meer openstaan voor nieuwe spelers die het transparanter aanpakken. Dat is ons bestaansrecht."

Raar eigenlijk, dat helderheid zo bijzonder is.

"Het is nooit onze ambitie geweest de goedkoopste te worden. Wat we willen: een kwaliteitsproduct verkopen met een heel hoog serviceniveau, tegen een heldere prijs. Bij ons weet je dat wat op het doosje staat ook de prijs is die je betaalt bij de kassa."

"De sfeer is startuppy. Goed idee? Let's go!"

Je hebt gezegd dat je bedrijf een startupachtige sfeer heeft. Waar merk je dat aan?

"We hebben de laatste tijd wel wat meer structuur aangebracht, met betere communicatie. Maar de sfeer is nog wel startuppy. De meeste mensen zijn heel jong en gemotiveerd. We groeien snel, er wordt snel gehandeld. Goed idee? Let's go!"

Ace & Tate ontwerpt zelf de brillen in Amsterdam, maar laat ze maken in Italië. Beschikt Nederland over goede designers?

"Wij hebben hier goede ontwerpers gevonden. Maar dat is eigenlijk een beetje toeval."

Waarom wordt er in Italië geproduceerd?

"De twee landen met de meeste brillenproducenten zijn Italië en China. De keus voor Italië is vooral praktisch vanwege de cultuur en communicatie. Je kunt Italië in één vlucht bereiken. Als er iets misgaat ben je er snel bij."

Zou je op een gegeven moment ook naar China kunnen uitwijken?

"Zeker. Op grote schaal is China kwalitatief beter."

Wat opvalt in de pr rond Ace & Tate is dat jij je als het gezicht presenteert. Is dat een bewuste keuze?

"Ik ben niet de ideale poster boy, eerlijk gezegd. Maar mijn compagnon en ik hebben er wel voor gekozen dat ik het gezicht naar buiten zou worden."

Posterboy Mark
Poster boy Mark de Lange

Je zet daar ook je privéleven voor in, getuige sommige foto’s. Zijn ze daar thuis blij mee?

"Ik weet dat het privéleven er soms onder kan lijden. Voor mijn vriendin is het niet altijd even leuk om met mij te moeten samenleven."

Vertel!

"Ik ben veel onderweg. Mijn leven, en haar leven daarmee ook, draait voor een groot deel om Ace & Tate."

En zij moet zich daar naar schikken?

"Mijn vriendin weet dat Ace & Tate heel belangrijk voor mij is. Het is fijn wanneer je partner dat begrijpt. Daar ben ik haar wel dankbaar voor."

Online is voor jullie belangrijk. Maar er wordt ook fors geïnvesteerd in fysieke winkels. Geloof je daar nog in?

"Ik geloof niet in pure play, zoals ze dat in Amerika noemen. Het draait om de combinatie. Online heb je te maken met hele grote reuzen zoals Amazon en Bol. Dat ga je altijd verliezen, zowel op inkoop als op keywords. Dus hebben wij winkels, met een gratis oogmeting en andere persoonlijke services."

Je kunt je toch bijna niet voorstellen dat mensen een bril online kopen, zonder 'm gepast te hebben?

"Het gebeurt wel. Wij hebben hiervoor ook een smokkelmodel: vijf modellen die je thuis kunt laten bezorgen om uit te proberen."

Je bent je carrière begonnen bij een investeringsclub. Kwam dat van pas toen je investeerders zocht?

"Ja."

Wat voor investeerders zijn het?

"Wij hebben nu een aantal 'stille' aandeelhouders. Zij zijn niet betrokken bij de dagelijkse leiding. In het begin hadden we vooral investeerders met eigen geld, zoals de jongens die Hyves opgezet hebben en mensen uit de mode-industrie. Die brachten ook veel kennis mee. Nu we wat groter groeien, komen daar institutionele investeerders bij."

Veel beginnende bedrijven hebben moeite met het vinden van financiering. Voor jullie lijkt dat niet op te gaan, hoe komt dat?

"Onze cijfers zijn altijd goed geweest, dat praat gemakkelijk"

"We zijn een consumentenmerk, dus zichtbaar. Onze cijfers zijn ook altijd gewoon goed geweest. Dan is het een stuk makkelijker praten."

Is het doel: snel groeien en de boel dan verkopen?

"Nee. Het doel is een mooi bedrijf bouwen. In het begin was ik alleen maar met groei bezig. Nu wil ik liever een inspirerende werkomgeving creëren. Een duidelijke afspraak met de aandeelhouders is geweest: we bouwen dit bedrijf niet om morgen te verkopen."

Je zult wel doelen hebben gesteld voor jezelf. Kun je er eentje noemen?

"We willen graag een Europese speler worden. Dat is lastiger te definiëren dan het lijkt. Voor mij betekent het dat we in de Europese kernmarkten eenzelfde aandeel hebben als in Nederland. Als dat lukt ben ik een happy camper."

Betaalbaar design zie je ook in andere retailbranches zoals meubels en kleding. Hoe ben je zelf op die insteek gekomen?

"Er is een heel mooi Nederlands voorbeeld in de vorm van Suit Supply. Hoewel ik niet vaak een pak draag, ben ik daar enorm fan van. Het model vind ik heel mooi. Omdat ze zeggen: je hoeft niet veel te betalen voor een product waar je blij en trots op bent. Dus ik dacht: waarom is er geen Suit Supply voor brillen?"


Campagnebeeld SS2017

Heb je andere voorbeelden die je inspireren?

"De meubels van Hay. En COS, het designmerk van H&M vind ik waanzinnig. Het merk is sterk, de producten goed, ze zijn innovatief, de winkels zijn mooi. Een merk waar niemand zich voor schaamt. En nog steeds super betaalbaar. Dat is het bedrijf waar ik vaak naar kijk als ik een stip op de horizon zet voor Ace & Tate."

De Nederlandse brillendrager, valt daar nog wat aan te veranderen?

"Ze zouden allemaal een Ace & Tate-bril op moeten zetten. Of meerdere, ha! De bril is niet alleen een medisch noodzakelijk kwaad meer. Het is ook een mode-accessoire dat grote invloed heeft op hoe je er uitziet. Zet maar eens wat anders op je hoofd. Een bril is letterlijk in your face."

We spraken een paar edities geleden Fabienne Chapot. Zijn er ondernemers waar je je verwant mee voelt?

"Ja, die ken ik wel. Heel knap wat zij in haar eentje uit de grond heeft gestampt. Soms spreek ik andere ondernemers die in hetzelfde schuitje zitten. Ze herkennen je problemen en zeggen: ah, dat komt wel goed. Die morele support is fijn."

Welke groeipijnen ervaar je op dit moment?

"Ik zou happy zijn als Ace & Tate straks de COS voor brillen is"

"We groeien, komen op een plateau terecht, en groeien daarna weer door. Op het moment gaat het erg lekker. Wat nog wel een uitdaging wordt, is de interne communicatie. Daarbij draait het er om dat iedereen weet welke kant we op gaan. In verschillende landen, in verschillende steden."

Geen gemakkelijke klus.

"Het is ook iets wat ik rijkelijk onderschat heb. We zijn nu bezig met een inhaalrace."

Hoe zorg je er voor dat je boodschap overal in het bedrijf terecht komt?

"Overcommuniceren. Dus zelfs als je denkt dat je het allemaal al een keer verteld hebt, alles nóg een keer vertellen. Het punt is dat ik er niet zo van hou om in het middelpunt van de belangstelling te staan. Ik heb daar wat minder aanleg voor en vind het ook wat minder leuk. Maar het hoort er wel bij."

Wat hoop je uiteindelijk met Ace & Tate te bereiken en welke potentie denk je dat het merk heeft?

"Dat is het mooie van merken: die hebben een onbeperkte potentie. Ik denk dat we een Europese speler van formaat kunnen worden. Een household name als je een bril gaat kopen. Ik zou happy zijn als Ace & Tate straks de COS voor brillen is."

 

Door Matthijs van der Pol

Van privécollectie tot Museum Voorlinden

Er zijn in Nederland steeds meer mensen die kunst verzamelen. Ook meer mensen die het zich kunnen veroorloven. Toch is het maar een enkeling die een wereldberoemde collectie in een mensenleven bijeenbrengt, zoals Joop van Caldenborgh.


'Camouflage' van Andy Warhol links aan de muur

Joop van Caldenborgh is oprichter en eigenaar van Caldic, een wereldwijd chemieconcern. Tijdens zijn leven heeft hij duizenden kunstwerken verzameld, van een robuuste metalen sculptuur van Richard Serra tot een fragiel vogelkooitje gevuld met nog fragielere eierschalen van Marcel Broodthaers en van kleurrijke landschappen van Jan Sluijters tot een van de laatste schilderijen van Andy Warhol. In september 2016 opende hij een prachtig museum in Wassenaar, Museum Voorlinden, en maakte daarmee zijn collectie voor iedereen toegankelijk. 

In de afgelopen tien jaar lijkt er iets nieuws te gebeuren in het Nederlandse museumlandschap. Particuliere verzamelaars brengen hun collecties naar buiten en niet door schenkingen te doen aan musea maar door een ‘eigen’ museum te openen. Zo opende Hans Melchers in 2015 het Museum MORE in Gorssel met Nederlandse realistische kunst en enkele jaren eerder, in 2010, maakte Evert Louwman zijn unieke collectie automobielen en antieke meetinstrumenten voor het publiek nog beter bereikbaar. Tegelijkertijd wordt er in Sassenheim gebouwd aan het nieuwe Lisser Art Museum dat de collectie van de familie Van den Broek – ja, van de supermarkten – zal gaan herbergen.

Vanuit passie
Wat bezielt iemand om zo te verzamelen? Is het een investering? Of gewoon een verslaving? In de prachtige bibliotheek van Museum Voorlinden legt Swarts uit hoe een privéverzameling als deze ontstaat en dat klinkt eenvoudiger dan je zou denken. Swarts “Het heeft niets te maken met investeren of het creëren van meerwaarde. Verzamelen ontstaat uit een passie: je vindt iets mooi en wilt het graag hebben.”


Directrice Suzanne Swarts in de bibliotheek

Bij Joop van Caldenborgh begon die passie al vroeg. Hij kocht zijn eerste kunstwerk op zijn 16e: een Peter Struyken – voor 25 gulden, gespaard met een krantenwijk. Swarts: “Een heel bijzonder begin. De meeste mensen beginnen met verzamelen van figuratieve kunst: iets wat je herkent, een stilleven, een landschap. Joop niet. Hij heeft altijd een voorliefde of specifiek gevoel gehad voor wetmatigheid, herhaling, ritmiek en dan kom je al snel terecht bij abstracte kunst.”

Vanuit die passie groeide de collectie snel: veel kunst van levende, en dus vaak betaalbare, kunstenaars en daarom, in die dagen, veel werk van kunstenaars van de Nul-generatie. Toen de muren en gangen thuis vol hingen, werden schilderijen bij de kinderen opgehangen en later op de kamers en in kantines van de verschillende kantoren van Caldic. Swarts: “Toen ik net begon, vloog ik de hele wereld over om werken op te hangen in de kantoren. Het mooie daarvan is dat je feedback krijgt van medewerkers. Eigenlijk is er nooit iets teruggestuurd … maar wel werd Van Caldenborgh door werknemers gevraagd om eens figuratief te verzamelen en daarom heeft hij zich ook een periode op de Haagse School gericht.” 


'The Performance' van Esther Tielemans

Liefde voor het actuele
Als je nu kijkt naar de collectie, dan besef je niet meteen dat de nadruk op actuele kunst ligt. Swarts: “Bedenk dat Joop al 60 jaar verzamelt en dat hij daardoor eigenlijk een stuk kunstgeschiedenis heeft verzameld.” Zijn oorspronkelijke liefde is kunst van levende kunstenaars: “Wat vandaag gemaakt wordt, zit hopelijk morgen in de collectie”. 

"Wat vandaag gemaakt wordt, zit hopelijk morgen in de collectie"

Want, zo bepleit Swarts: “dat is ook het spannendst. Dan ben jij een van de eersten die het ziet. Dan is het nog niet beoordeeld en hebben mensen er nog niet naar gekeken. Jij bent degene die voor zichzelf moet bepalen: vind ik het goed? Vind ik het de moeite waard om het aan de schaffen? Dat is de spanning. Daar doe je het voor”.   

Dit lijkt een goed uitgangspunt te zijn om de collectie proberen te begrijpen: onbeoordeeld en actueel. Daarom is het ook logisch dat er een onderbuikgevoel aan te pas móet komen. Swarts noemt het kunstkijken plus: “Het gaat er bij aankopen om wat het met je doet, hoe het je raakt of bezighoudt of hoe het wringt, zoals bijvoorbeeld bij Martin Creed”.

Respect voor het ambachtelijke
Naast het gevoel is een tweede signatuur van de verzameling de professionele kwaliteit. Het gaat bij hen beide niet alleen om het idee of het concept van het werk, maar ook om de uitvoering: “Je koopt iets aan om het voor een hele lange tijd te bewaren. Wij houden heel erg van degelijkheid en ambacht. Dit wordt vaak uit het oog verloren: gewoon goede schilders, iemand die het vak beheerst, die iets kan.”

"Laten we het ambacht vieren!"

En dit zie je duidelijk terug. Zoals bij de glazen objecten van Roni Horn: “Het is de combinatie van schoonheid en van ambacht. Het maakproces van deze objecten is bijzonder complex. Het glas wordt heel langzaam – om de transparantie tot de bodem te  behouden – in een mal gegoten. Dan volgt het afkoelen. Gedurende drie maanden gaat het glas van gloeiend heet naar kamertemperatuur. Dat móet je langzaam doen, anders barsten ze. De glossy toplaag ontstaat doordat Roni de objecten afkoelt in een loods waar het waait en zoals stenen in de zee, slijt de wind de bovenkant van het glas spiegelglad.” Maar ook voor Richard Serra’s Open Ended, of Couple under an umbrella van Ron Mueck geldt deze combinatie van schoonheid en ambachtskunst.  


'Open Ended' van Richard Serra

Een museum? Nooit van mijn leven!
Vanuit de idee dat kunst gezien moet worden, heeft de Caldic Collectie altijd veel werk uitgeleend aan musea, zijn er drie tentoonstellingen georganiseerd en was de beeldentuin bij het huis van Van Caldenborgh op afspraak te bezoeken. Maar dat dit uiteindelijk zou leiden tot een eigen museum, had eigenlijk niemand verwacht, want Joop van Caldenborgh had al een bedrijf en een museum is weer een bedrijf erbij.

"Een museum is weer een bedrijf erbij"

Toen hij met pensioen ging, begon er toch iets te borrelen. Swarts legt uit dat je op een bepaalde leeftijd eigenlijk maar een paar keuzes hebt over de toekomst van je collectie: “Je kunt alles veilen. Jij krijgt veel geld en anderen kunnen weer van de kunst genieten, maar alles waar je je hele leven gepassioneerd aan hebt gewerkt, valt weg. Of je kunt schenken aan een museum, maar de kans dat een aanzienlijk deel van de collectie in de kelder belandt, is vrij groot. Of je gaat zelf tentoonstellen. En dan bouw je dus een museum”.
Volgens Swarts hebben zij het drukker dan ooit tevoren. Ook na de bouw en inrichting, moet je een bedrijf neerzetten én op de rails houden. Het uitgangspunt is dat het museum zichzelf moet kunnen bedruipen uit de verkoop van toegangskaartjes, het restaurant en de museumwinkel. En tot nu toe lijkt dat goed te gaan. “Toen ik binnenkwam bij de Caldic Collectie was er een conservator, nu is het een bedrijf met tientallen werknemers. Een nieuwe plek, een nieuwe organisatie en voor ons een nieuw publiek.”


De 'muizenlift' van Maurizio Cattelan

Dat het om actuele kunst gaat, die niet altijd even makkelijk voor het publiek is, lijkt de bezoekers niet te weerhouden Museum Voorlinden in groten getale te bezoeken. Het museum wordt natuurlijk bezocht door de traditionele museumbezoeker – vrouw, 55+ – maar ook yuppen, veertigers en gezinnen hebben het museum en park gevonden. Tekenend is dat, zelfs zonder educatieve programma’s, ruim 10% van de bezoekers in het weekend onder de 12 jaar oud is.

"Bugaboos all over the place"

Er is namelijk, naast het park, een zwembad, een doolhof en een muizenlift. Dat het kunstinstallaties zijn, maakt voor kinderen echt niet veel uit.

Tijdens de bouw en ook bij nieuwe aankopen is er niet echt rekening gehouden met een traditioneel museumpubliek. Volgens Swarts heb je dan de grootste kans op het vertellen van een authentiek verhaal. De huidige tentoonstelling met werk van Martin Creed sluit hier goed bij aan. De werken lijken op het eerste gezicht weinig toegankelijk, tot je er midden in staat, tussen de metronomen of in de ballonnenkamer, en dan wordt je vanzelf meegevoerd in zijn bizarre gedachtenwereld.

Want: “Kunst wordt pas kunst als het door iemand wordt gezien”.

Heb je ook altijd al kunst willen verzamelen of ben je al een 'collectioneur' maar zoek je advies of gelijkgezinden? Er zijn verschillende organisaties die je hierbij kunnen helpen: www.youngcollectorscircle.nl of www.myfirstartcollection.com, en ook verschillende musea bieden cursussen en advies aan, bijvoorbeeld: www.foam.org.

Museum Voorlinden
Buurtweg 90
2244 AG Wassenaar
www.voorlinden.nl
Dagelijks geopend van 11-17 uur. 

Door Quinten Lange

Consultant weet te ontsnappen en opent eigen escape room

Joëlle van der Pol (27) was vastberaden: zij zou strategieconsultant worden. En na haar studies Industrieel Ontwerpen (IO) en Transport, Infrastructuur & Logistiek in Delft kreeg ze inderdaad de baan bij het kantoor dat ze wilde. Toch diende ze na een jaar haar ontslag weer in.

Piepjong was Van der Pol toen ze haar studiekeuze moest maken. Een combinatie van vroege leerling en een overgeslagen klas, maakte dat ze op haar zestiende al klaar was met het vwo. Ze koos voor de studie Molecular Science & Technology in Delft. "Dat leek me wel lekker uitdagend." Maar het vele laboratorium- en onderzoekswerk bleek haar niet te liggen. Ze wilde sneller resultaat zien en switchte daarom naar Industrieel Ontwerpen, veel toegepaster en concreter. Deze tweede studie beviel inderdaad beter en werd met succes afgerond.
Een master Transport, Infrastructuur & Logistiek volgde en ondertussen deed Van der Pol haar eerste ervaringen als strategie consultant op. "Ik werkte naast mijn studie bij een non-profit consultantskantoor gerund door studenten. Ik vond dit erg leuk en ontdekte hier dat het consultantsvak was wat ik wilde, straks na mijn afstuderen." 

"Interessante trainingen, fantastische begeleiding, niet gek voor een eerste baan..."

En zo geschiedde: Van der Pol studeerde af en kreeg direct daarna een baan bij het kantoor dat ze voor ogen had: AT Kearney in Amsterdam. Alles verliep volgens plan. Ze kreeg meteen veel verantwoordelijkheden, mocht de meest interessante trainingen volgen en werd fantastisch begeleid en gecoacht. Lang niet gek voor een eerste baan.

Toch is Van der Pol niet blij. "Ik werkte soms maandenlang in dezelfde Excelsheet, vond het werk veel te detaillistisch, er was weinig afwisseling en ik miste opnieuw snel en direct resultaat." Deze ontevredenheid uitte zich in slapeloze nachten en (logisch) vermoeidheid. Dat was het Van der Pol niet waard. Ze startte een coachingstraject om uit te vinden wat ze dan wél wilde. "Vooral gesprekken met mijn omgeving hebben me hierbij geholpen. Ik vroeg hen hoe zij mij zagen, wat zij bij mij vonden passen en waarbij ze mijn hulp in zouden roepen. Hieruit kwam heel duidelijk naar voren dat mijn omgeving mij als ondernemend en creatief zag. En dat herkende ik zelf ook wel."



Van der Pol (middenvoor) en haar team van game masters

In dezelfde periode bracht Van der Pol een weekend met haar broertje en zusje door. Ze wilde hen meenemen naar een escape room, maar alle ontsnappingskamers in de omgeving zaten vol. Nu er geen mogelijkheid was om hen een escape room te laten ervaren, begon Van der Pol erover te vertellen. Haar broer en zus wezen haar op het enthousiasme en de overtuiging waarmee ze vertelde en dit zette Van der Pol aan het denken. Zou ze niet een eigen escape room kunnen starten? Tegelijkertijd voelde ze twijfel: Welke strategieconsultant begint er nu een spelletje?

"Welke strategieconsultant begint er nu een spelletje?"

Het enthousiasme won van de twijfel en Van der Pol maakte een businessplan. "En toen kreeg ik opeens de kans om het perfecte pand voor mijn idee te huren en werd het allemaal wel heel echt, The Loophole in Utrecht was een feit." Ze nam zich voor om het één jaar te proberen. Mocht haar concept na dit eerste jaar niet de goede kant op gaan, dan zou ze zich opnieuw beraden.

Maar dat beraad is nooit nodig geweest. Vanaf dag één gingen de zaken beter dan verwacht, binnen een half jaar opende Van der Pol een tweede ontsnappingskamer en momenteel is ze bezig met nog verdere uitbreiding. Van der Pol zit vol toekomstplannen en sluit niet uit dat haar concept over tien jaar uitgegroeid is tot een internationale keten. "Maar dan moet er wel al die tijd sprake blijven van groei." Het grootste verschil ten opzichte van haar baan op kantoor is dat ze nu eindelijk afwisseling heeft. " 's Ochtends doe ik meestal mijn mail en andere administratieve zaken en 's middag ben ik vaak meer fysiek bezig in één van de kamers, er moet altijd wel iets gebeuren." Een ander verschil is dat ze nu veel concreter bezig is dan toen. "Ik zie direct resultaat en ben niet meer dat ene kleine schakeltje in een veel groter geheel." Financieel is Van der Pol er niet op vooruit gegaan maar dat komt vooral doordat ze alles nu nog in haar bedrijf investeert. "Ondanks alles ben ik superblij met de keuze die ik destijds gemaakt heb. Het was zeker niet gemakkelijk maar wel een waardevolle ervaring. Wat ik nu doe ligt zoveel dichterbij wie ik ben dan een baan als consultant." 

Door Nynke Nijp

Handtasje op wielen

Iedere maand maakt Z Magazine-redacteur Matthijs van der Pol een roadtrip met een elektrische auto. Deze keer een piepklein boodschappenwagentje met de luxe en degelijkheid van een auto uit een hoger segment. De Renault Zoe brengt je ver, mits je kunt plannen.

De auto

Hoewel geen Fransman het zal beamen mogen we sinds Nederlander Laurens van den Acker de scepter zwaait op de ontwerpafdeling, Renault best een beetje Nederlands noemen. Van den Acker is verantwoordelijk voor het ontwerp van de nieuwe Renaults Clio, Captur en – recent – de Talisman. Met de Zoe heeft hij dan weer niets van doen gehad.
De elektrische Renault Zoe die wij voor de test reden, is niet een auto die snel door ceo’s of dga’s zal worden gereden. Toch is deze hatchback in de meest luxe Signature versie niet karig uitgevoerd. De stoelen zijn met leer bekleed, net als de afwerking van het stuur dat dankzij het grove stiksel iets stoers meekrijgt. Aan de ingebouwde Bose-installatie, die we ook al in de Nissan Leaf aantroffen, kun je zien dat Renault en Nissan verwant zijn. In 1999 gingen beide merken een alliantie aan voor schaalvoordeel en kostenbesparing.
In de van kunststof vervaardigde middenconsole is een touchscreen aangebracht waar een versie van Tomtom op draait. Daarnaast is hier de mobiele telefoon via bluetooth te verbinden en kunnen tal van functies worden ingesteld. Wie van schone lucht houdt, kan de airco op een extra reinigende modus zetten. Handig als je in de buurt van Schiphol woont.
Verder beschikt deze topversie van de Zoe parkeerassistentie in de vorm van een camera in de achterbumper. Een beetje overbodige luxe: de wagen is zo klein dat alleen échte slechtparkeerders moeite hebben om ‘m in een parkeerhaven te stallen. 

 

De techniek

De Renault Zoe komt in twee versies. De ene uitvoering laadt snel op, maar is ook iets sneller weer leeg. Bij de ander is het precies omgedraaid: langzamer opladen, langer doorrijden. De range die Renault bij het ophalen communiceert is zo’n 280 kilometer. In de praktijk zien we dat de teller na een nachtje aan de paal op 230 blijft steken. De beloofde actieradius is afhankelijk van tal van factoren, zoals eerder rijgedrag en de buitentemperatuur. Wat wel erg goed is, is de betrouwbare meter met de resterende kilometerstand. Bij de Nissan Leaf leidde dat soms tot verrassingen.

De rijervaring

Kleine auto’s hebben nu eenmaal kleine autoproblemen, waaronder een wat mindere wegligging, gevoeligheid voor oneffenheden op de weg en minder bochtenwerk. De Zoe scoort op bovengenoemde punten eigenlijk opvallend goed. In de bochten bijgassen levert geen problemen op. Rechtdoor gaat rap en stil. Op hobbels en snelheidsdrempels reageert hij wel wat heftig. Maar vooral bij het remmen, merk je dat er iets niet helemaal soepel is afgesteld. Wat in het Amsterdamse verkeer meespeelt, waar fietsers als meteorieten voor je wielen vallen, is de ongelukkig geplaatste deurstijl. Bij het nemen van korte bochten en snel keren wordt het zicht hierdoor danig belemmerd. Om de Zoe echt even uit te testen wordt ook een tripje naar buurland België ondernomen. Zolang we op de rechterbaan achter vrachtwagens blijven hangen, halen we de bestemming prima. De terugweg verloopt echter wat problematischer. Via tussenstops bij een eenzame paal bij douanegebied Hazeldonk, lukt het net om voldoende op te laden voor de volgende laadkans: een Fastned-station in de buurt van Breda. Op dat moment is het humeur van de medepassagier tot het nulpunt gedaald. Die vindt de milieuvoordelen van elektrisch rijden echt geweldig fantastisch. Maar jeetje, wat een gedoe.

Conclusie

De Zoe is een auto waar aan alle kanten het woord 'leuk' bij past. Het ding ziet er leuk uit, rijdt leuk en is leuk. Maar laten we eerlijk zijn: de Zoe is leuker in de stad, dan daarbuiten.

Sir Adam ademt pret uit elke porie

Wat: hotel Sir Adam
Waar: A'dam Toren in Amsterdam
Open sinds: januari 2017
Kamers vanaf: 149 euro per nacht
Slapen: Luxury 
Niet te missen: het waanzinnige uitzicht dat je in detail met je verrekijker kunt bestuderen

Benieuwd naar het leven van een rockster? Een overnachting in het nieuwe urban boutique hotel Sir Adam dat 108 kamers telt, komt dicht in de buurt. Je geeft de Gibson-gitaar op je kamer een aai, bestelt een cocktail in de 360-graden Island bar waar dag en nacht terecht kunt en besluit in welke van de vier jacuzzi's van The Beergarden je deze gaat nuttigen. Sir Adam trekt alles uit de flipperkast - die zijn er in Game of Thrones-thema - om zijn gasten een unieke ervaring te bieden.


'The Hub'

Wie zitten achter Sir Adam: Het vormt een onderdeel van de collectie SIR Hotels dat onder het onafhankelijke Europe Hotels Private Collection (EHPC) valt. Liran Wizman, SIR-oprichter en eigenaar knipte op 16 februari het tweede SIR-lintje in Amsterdam en de derde in zijn keten. Sir Savigny opende in 2016 zijn deuren in Berlijn. Aankomende lente en zomer zullen opeenvolgend Sir Nikolai in Hamburg en Sir Joan op Ibiza haar deuren openen. "Ieder hotel heeft zijn eigen unieke persoonlijkheid die terugkomt in het design, menu en het type events dat we organiseren", zegt Barbara de Jong, hotelmanager van Sir Adam.

Locatie: Het hotel beslaat de eerste acht verdiepingen van de bruisende A'dam Toren in Amsterdam Noord. Hoe prijziger de kamer, des te spectaculairder het uitzicht over het IJ en het historisch centrum van Amsterdam. De bovenburen van Sir Adam zijn onder andere muziekgiganten als Gibson, MassiveMusic en Sony.


Eén van de kamers, mét platenspeler

Thema: Muziekjunkie in hart en nieren. Er is onder meer roomservice voor gitaarles of een dj-set, op iedere kamer staat een Bluetooth Crosley platenspeler, er is een discolift met seventiesvloer en dito muziek en ach, op de gang hangt casual de gitaar van David Grohl (Foo Fighters). Een beetje liefhebber krijgt er natte ogen van. Bij binnenkomst wacht geen traditionele lobby, maar The Hub met een muziekbibliotheek bomvol guilty pleasures op vinyl die je op je kamer af kunt spelen. "De ooh's een aah's zijn niet van de lucht", zegt De Jong. Haar guilty pleasure? "Madonna!"


The Butcher Social Club 

Wat eten we: Het is goed toeven voor liefhebbers van goed vlees in The Butcher Social Club waar je 24/7 terecht kunt voor hamburgers, uitkateren, ontbijten, hangen en indrinken. De Jong raadt de 'Ugly' aan, een chickenburger met jalapeño pepers. "Hij smaakt beter dan de naam doet vermoeden!"


Het interieur van Icrave uit New York is een kleurrijke mix van industrieel en chique 

Not as usual: Een sollicitatiebrief? Dat is zo passé. Anno 2017 werf je personeel met een recruitmentparty. "We wilden mensen met de juiste persoonlijkheid. Daarvoor hoef je niet per se over de juiste papieren te beschikken", zegt de Jong. Op sportclubs, studentenverenigingen en in kroegen verspreiden ze het woord: kom naar ons sollicitatiefeest. "We stonden onze sollicitanten op te wachten met kruiwagens bier en een dj." De Jong noemt het een groot succes. Voormalig schoonmaker Daniël mocht dankzij het feest aan de bak als roadie (portier). "Ik durf te zeggen dat we het leukste hotelteam van Amsterdam hebben."


De gitaar van David Grohl hangt casual op de gang

Publiek: "Iedereen is welkom!", zegt De Jong. Ze merkt dat het merendeel van de gasten op zoek is naar een unieke ervaring. En dat is precies waar de A'dam Toren om draait. Op de 'kroon' staan schommels waarmee je al vliegend van het 360-graden uitzicht kunt genieten, op de negentiende verdieping zit ronddraaiend rooftoprestaurant Moon en onder Sir Adam huist de Shelter, een dance club met een 24-uursvergunning. De Jong: "Je kunt om acht uur 's ochtends de club uitrollen en aanschuiven bij het ontbijt. Ik hoor het gasten geregeld zeggen: we willen de toren niet uit!"

Eén ding is zeker: niets is zeker

Gesponsord door ABN Amro

Verandering biedt kansen, zo blijkt tijdens ABN AMRO Insights Live 2017. In een hoog tempo nemen topsprekers bedrijven en ondernemers mee in de wereld van duurzame transities en razendsnelle innovatie, onderstaand de highlights van vijf inspirerende dagen. The Future is Now.

Overheid & Onderwijs, Real Estate, Healthcare
"We leven niet in een tijdperk van verandering, maar in een verandering van tijdperken." Jan Rotmans, hoogleraar duurzame transities en systeeminnovaties aan de Erasmus Universiteit, opent Insights Live en zet direct alles op scherp. Volgens de Rotterdammer leven we in een zeldzame periode waarin zowel de samenleving als de economie een nieuw fundament krijgen. Een zogenaamde evolutionaire revolutie.

Volgens Rotmans is slechts 5% van de bedrijven voorbereid op deze kanteling. Toch moeten we niet bang zijn voor verandering: “Angst is een hele slechte raadgever. We zitten nu in een periode van chaos. Maar transities uit het verleden leren ons dat chaos ook kansen biedt. Het zijn niet de grootste of slimste bedrijven die overleven, maar de meest wendbare!”

Ondernemer, architect en innovator Thomas Rau laat zich leiden door wat er in de toekomst nodig is en niet door wat op dit moment haalbaar is. Wát er dan nodig is? De overgang naar een circulaire economie waarin we producten en grondstoffen maximaal hergebruiken en afval niet meer bestaat. Een belangrijk thema dat tijdens de week regelmatig terugkeert. Tijd voor nieuwe spelregels: we zijn geen eigenaar meer, maar gebruiker. Eigendom wordt eigenslim. 

International clients
Niets is zeker in het leven. Zo werd in de UK (onterecht) gedacht dat het merendeel van de mensen die tijdens de verkiezingen niet hadden gestemd, ook bij het referendum thuis zou blijven. Sir Craig Oliver is naar Rotterdam gekomen om te vertellen over de lessen die politici en zakenmensen uit Brexit kunnen trekken. Oliver: “De les die Brexit ons leert, is dat het niet langer alleen om de economie draait. Immigratie bleek vele malen belangijker voor veel kiezers in de UK.”

Het vertrouwen van de kiezer is inmiddels lager dan ooit. De onlangs uitgebrachte Trust Barometer van Edelman laat de sterkste daling zien die wereldwijd ooit gemeten is in het vertrouwen in overheden, media, NGO’s en het bedrijfsleven. Volgens Oliver mogen we daarom nooit onderschatten hoe belangrijk vertrouwen is. 

Retail, Agrarisch, Food
Topscheidsrechter Björn Kuipers weet alles over vertrouwen. Hij fluit niet alleen de belangrijkste wedstrijden ter wereld, hij is ook eigenaar van een Jumbo-supermarkt. Zijn winkel werd in december zelfs verkozen tot beste Jumbo van Nederland. Als topscheidsrechter en topondernemer moet hij beslissingen durven nemen.

Op het voetbalveld zelfs in luttele seconden terwijl er miljoenen ogen meekijken. Dan draait alles volgens Kuipers om goed teamwork. “Ik kan het niet alleen. Een sterk team is echt een voorwaarde voor succes. In mijn winkel zijn niet de inrichting of de goederen, maar mijn medewerkers het belangrijkste kapitaal. Dat geldt ook in het veld. Ik moet blindelings kunnen vertrouwen op mijn assistenten. Als je mensen vertrouwt en hen verantwoordelijkheid geeft, krijg je dat van hen terug.”

Transport & Logistiek, Bouw en Industrie
Hoe ziet de slimme stad van de toekomst eruit? Deze vraag staat op dag 4 centraal. Carolien Gehrels is European Cities Director bij Arcadis en reist de hele wereld over om te praten over de ideale stad. “In Nederland is vastgoed een absoluut aandachtspunt. Ik hoop dat er investeringen loskomen waardoor we dingen kunnen gaan bouwen die nodig zijn in de stad van de toekomst. Parijs is een mooi voorbeeld: de stad leek binnen de periferique helemaal dicht te zitten, er gebeurde niets meer. De burgemeester heeft toen voor 25 plekken een prijsvraag uitgeschreven. De industrie, bouw, ingenieursbureaus en architecten hebben consortia gevormd en er zijn 380 plannen ingediend. Parijs is dankzij deze prijsvraag weer ontdooid.”

TMT, Zakelijke dienstverlening en Leisure
Op de slotdag van ABN AMRO Insights Live vertelt de Nederlandse Amazon-CTO Werner over hoe miljardenbedrijf Amazon erin slaagt zijn start-up mentaliteit te behouden. Amazon wil het meest klantgerichte bedrijf ter wereld zijn. En dat is niet zomaar een marketingkreet. Vogels: “We vragen ons altijd af: wat betekent dit voor de klant? Deze focus geeft richting aan alles wat we doen. Klanten sturen de ontwikkeling van ons bedrijf. Natuurlijk raak je soms even de weg kwijt. Daarom gaan we elke drie maanden met het senior management team de hei op. Samen kijken we terug op de afgelopen drie maanden. Waren alle beslissingen die we hebben genomen echt voor de klant? Zo bewaken we onze cultuur.”

Bij de introductie van een nieuw idee is er altijd iemand die nee zegt. Vogels onthult hoe kritiek bij Amazon beperkt blijft: “Wij doen het tegenovergestelde. Wij zeggen altijd ja. Wil je een idee blokkeren? Dan moet je dat uitgebreid schriftelijk onderbouwen. Dat betekent dat we heel veel dingen doen die we eigenlijk niet zouden moeten doen, maar ook dat er dingen wel heel goed uitpakken. In een cultuur waar je kan experimenteren en waar de prijs van falen minimaal is, durven mensen nieuwe dingen te proberen.”

Meer weten over de nieuwe ontwikkelingen binnen de belangrijkste sectoren? Kijk op insights.abnamro.nl/#SECTOR

Living together apart in een gespiegeld huis

Kees van der Hoeven, werkzaam als architect, huurt sinds de jaren tachtig een oude kantine op een voormalig militair terrein in het Wassenaarse Rijksdorp.

In de nabijheid staan vijf grote bunkers en enkele kleinere. Ze werden ooit door de Duitsers gebouwd als verbandpost en later onder meer gebruikt door de Luchtmacht en voor opslag. In de zomermaanden vinden er nu excursies plaats. Het vijf hectare grote bosgebied gebied kwam in de jaren tachtig in bezit van Staatsbosbeheer. Van der Hoeven: “Staatsbosbeheer wilde na de verzelfstandiging liever pachters dan huurders. Ik ben gaan praten en kon de kantine kopen en een stukje grond in erfpacht krijgen.”

Te klein
Terwijl Van der Hoeven in het bos woonde, zat zijn vriendin, inmiddels vrouw, Josette in een appartement aan een Amsterdamse gracht. De twee wilden na vijfentwintig jaar apart graag bij elkaar gaan wonen, maar waren aldus Van der Hoeven na al die jaren ook ‘heel erg gewend’ om alleen te wonen. Bovendien was de kantine prima geschikt voor een persoon, maar te klein voor twee. Hoe dit op te lossen?
De architect besloot zijn ontwerp geheel op beider woonwensen in te richten. De kantine ging op een paar muren na tegen de vlakte. Op het nieuwe grondoppervlak tekende hij een woning waarin bijna alle functies gespiegeld werden. Dus kwamen er twee woonkamers, twee werkkamers en twee badkamers. Ook kreeg ieder een eigen entree. Van der Hoeven: “Alleen de keuken en slaapkamer delen we.” Ze lopen wel gewoon bij elkaar naar binnen, benadrukt hij.

Plattegrond nieuwe situatie

Zelf doen
Uit budgettaire overwegingen, en omdat het gewoon mooi is om je eigen huis met je eigen handen te bouwen, besloot Van der Hoeven zo veel mogelijk zelf te doen. Specialistische klussen als stuken en elektra werden wel uitbesteed. Maar een groot deel van de werkzaamheden voerde hij zelf uit, geassisteerd door zijn zoon. Hij vindt dat de zelfbouwexercitie hem veel van zijn vak geleerd heeft: “Ik moest in de praktijk oplossingen vinden voor problemen die ik op de tekening niet voorzag. Ik heb zodoende beter begrip van mijn eigen werk gekregen.”



Van binnen naar buiten

Aluminium buitenkant
De gespiegelde woning in het bos is gerealiseerd in houtskeletbouw met isolatie en een dampopen vlies en een buitenbekleding van aluminium. De keus voor die gevelbekleding is ingegeven door ervaring, zegt Van der Hoeven. “Als je lang in het bos woont dan merk je dat overal uiteindelijk groene aanslag op komt. Door aluminium te gebruiken, kunnen we de glazenwasser de gevel laten schoonmaken. Daarna ziet het huis er weer als nieuw uit.”
Ook binnen werd geanticipeerd op het vele groen rondom. Van der Hoeven had in de lente- en zomermaanden gemerkt dat de groene gloed van buiten op de witte muren in het interieur een bijzonder, ongewenst effect sorteerde: “Als je dan in de spiegel kijkt, zie je er uit alsof je ziek bent.” Een oplossing werd gevonden door verschillende muren rood te schilderen. Rood neutraliseert als complementaire kleur het groen. Ook in herfst en winter is dat gunstig. “Dan zorgt de felrode wand juist voor wat extra warmte.”


Felrode wand om de groene gloed te neutraliseren

Bibliotheek
Ze zijn allebei heel erg tevreden met hun spiegelhuis, een term die overigens is gemunt door schrijver Tommy Wieringa. Toch is er wel een ding wat Van der Hoeven graag anders zou willen zien: zijn bibliotheek op de eerste etage onder de kap. “Ik had bij het maken van het ontwerp verwacht dat ik daar veel zou gaan werken. Maar ik kom er eigenlijk alleen maar om een boek te pakken.” Hij overweegt nu om in de vloer een vide te zagen, zodat de ruimte visueel bij zijn woonkamer getrokken wordt.
Maar verder? “Als je eenmaal gewend bent aan de stilte, wil je hier nooit meer weg.”

Neo-bistro: le come-bácque van de Franse keuken

Na Parijs dringt gastronomisch eten tegen een betaalbare prijs ook door in Nederland. Ten koste van het eetcafé.

Het Amsterdamse restaurant Bak is een mooi voorbeeld van een Nederlandse neo-bistro. De setting, op de bovenste etage van een voormalig pakhuis met uitzicht op het IJ, is fraai zonder pretenties. Er staan eenvoudige tafeltjes met weinig decoratieve poespas. De gerechten zijn verfijnd en perfect bereid maar niet overdadig. En de bediening is eerder informeel dan stijf en vormelijk. Bovenal: voor de gastronomische kwaliteit wordt een meer dan redelijke prijs gerekend. Bak is populair. Wie een tafeltje wil bemachtigen moet geduld hebben.
Foodtrendwatcher Marjan Ippel: “Na Frankrijk en Noord-Amerika is dit idee ook in Nederland geland.” Ippel beschouwt de recente opkomst in de Nederlandse restaurantwereld van de neo-bistro (of bistronomie) als een duidelijke trend. “En op dit moment bevindt die ontwikkeling zich een stroomversnelling.”

Knellende voorwaarden
In Frankrijk, en met name Parijs, is deze ontwikkeling al een tijd aan de gang. Jonge, klassiek geschoolde koks doen eerst ervaring op bij een restaurant met een Michelin-ster. Om daarna, afgeschrikt door de knellende voorwaarden van het sterrensysteem, los te breken en een eigen culinaire weg te kiezen. Nederlandse koks als Ron Blaauw met zijn Amsterdamse Gastrobar en Hans van Wolde van Beluga in Maastricht volgden eerder dezelfde route, al hebben die hun sterren inmiddels weer omarmd. Ippel: ‘Maar de pas door Blaauw geopende Gastrobar Paris lift duidelijk mee op de neo-bistrotrend.’
De jonge honden in de sector openen een kleine zaak waar ze de vrijheid nemen om te doen wat ze willen. Lekker grof koken, zonder peperdure ingrediënten als kreeften, kaviaar en ganzenlever maar met langzaam gegaard buikspek en veel groenten. Culinair journalist Joël Broekaert doopte de stijl ‘nouveau-ruig’. Gangbaarder is de term neo-bistro of ‘bistronomie’.
Volgens Ippel is het fascinerende dat veel van de bistronomische chefs, zeker in Frankrijk en Noord-Amerika, zich volop laten inspireren door hun veelkleurige culturele achtergrond. Daardoor ontstaan tal van bijzondere combinaties. Ippel: “Er zijn Vietnamees-Franse neo-bistro’s, maar ook Argentijns-Mexicaanse combinaties. Heel verrassend.”


Makreel met ricecrisps-gerecht van Arles

Culinaire verwanten
In de keuken van het Amsterdamse restaurant Arles staan drie Franse koks, allen afkomstig uit de Franse stad ten noorden van het natuurgebied de Camargue in de Provence. Culinair journalist Broekaert was eerder dit jaar lyrisch over Arles: “Afgaand op de hoofdgerechten en dat briljante toetje kunnen we de hosanna-verhalen over Arles goed begrijpen. (…) Arles is leuk, het is bruisend. Het is jong en ambitieus en absoluut een aanwinst.”
Gastheer Xander Waller van Arles twijfelt als hem gevraagd wordt wat nou precies een neo-bistro tot een neo-bistro maakt. Hij beschouwt Amsterdamse restaurants als Rijsel, Bak en De School weliswaar als culinaire verwanten. Maar hij benadrukt ook dat ze allemaal iets eigens doen: “Rijsel is bijvoorbeeld iets traditioneler, wat Franser. Terwijl wij wat experimenteler zijn met meer gerechten op de kaart uit andere landen.”
Voor Waller is de overeenkomst wel duidelijk. Het nieuwe uit eten gaan betekent volgens hem vooral ‘hoogwaardige kwaliteit bieden tegen een toegankelijke prijs in een informele setting’. Waller: “Wij leggen ook een grote focus op gastvrijheid. Onze wijnkaart met zestig wijnen kan zich meten met een sterrenrestaurant, maar dan tegen een veel lager prijsniveau.”
Volgens Marjan Ippel past de opkomst van de neo-bistro in een bredere ontwikkeling. De belangrijkste is dat we het in Nederland eindelijk ‘normaal’ zijn gaan vinden om regelmatig uit eten te gaan. “Daarvoor werd restaurantbezoek lange tijd beschouwd als iets sjieks. En dat zorgde er voor dat mensen zich heel formeel gingen gedragen en ook formeel werden ontvangen, tegen formele prijzen.” Die stijfheid hebben we wel overwonnen.


Arles met bovenin de drie Franse koks en gastheer Waller in het midden

Doodgebloed
Naast dat Nederlanders anders tegen buiten de deur eten aan zijn gaan kijken, is ook de Nederlandse restaurantmarkt volgens haar veranderd. De neo-bistro is het resultaat van druk die zowel van boven als van onderen komt. Aan de ene kant is het topsegment in Nederland flink gegroeid. Nederland kent meer restaurants met een Michelin-ster dan ooit. Chefs zijn tv-persoonlijkheden geworden. Koken is in.
Aan de andere kant drukt kwalitatief streetfood volgens Ippel een grote stempel op de gehele horeca: “Kijk naar de restaurants waar je een goede hamburger kunt krijgen.” Het gevolg is dat het middensegment van de net-niet eetcafés is doodgebloed. Te weinig onderscheidend en niet meer van het juiste prijs-kwaliteitsniveau. “In dat gat is de neo-bistro gesprongen. Mensen willen goed uit eten gaan maar dan wel met de gezelligheid van een kroeg.”
Dat de neo-bistro echt een serieuze trend aan het worden is ziet Xander Waller, gastheer van restaurant Arles, ook om zich heen in de dynamische Amsterdamse restaurantsector. Waller: “Ik zie steeds vaker zaken openen die wel de stijl kopiëren maar het in de keuken niet waar maken.” Het feit dat er gekopieerd wordt, kan gezien worden als een bevestiging.

Prijs-kwaliteit
Ippel legt een directe relatie tussen de opkomst van de neo-bistro in Nederland met de economische crisis die inmiddels achter ons ligt: “We zijn alles gaan evalueren. We vragen van producenten hoe het zit met de prijs-kwaliteitverhouding en de herkomst van producten. Restproducten die vroeger werden weggegooid, worden nu klaargemaakt op een manier die niet onderdoet voor kreeft, kaviaar en truffels. Het is een geweldige ontwikkeling.”

Le Chateaubriand: de oer-neo-bistro
De oorsprong van de bistronomie is volgens foodtrendwatcher Marjan Ippel te herleiden naar het Parijse restaurant Le Chateaubriand waar kok Iñaki Aizpitarte de Franse keuken mixt met Marokkaanse en Aziatische invloeden. Aizpitarte heeft zelf een Baskische achtergrond. Het menu wisselt dagelijks, afhankelijk van seizoensproducten, en wordt geserveerd tegen een vaste prijs. 

Neo-bistro's in Nederland
Honger gekregen? Bij de volgende adressen in Amsterdam kun je een neo-bistronomisch diner ervaren: Rijsel, Breda, Bak, De School, Arles en Caron. In Rotterdam is het aanbod (nog) iets kleiner maar kun je bij Le Nord en CEO Baas van het Vlees terecht.

 

Culturele Agenda

Opera

Opera Forward Festival

Van 18 t/m 31 maart vindt de tweede editie van het Opera Forward Festival plaats. Dit festival bestaat uit nieuwe opera’s, performances, kunst en lezingen en het thema is uiterst actueel zo vlak na de verkiezingen: Macht / Onmacht. Er gaan onder andere twee nieuwe producties van Lotte de Beer in première: The New Prince en Caliban. De kaarten voor de opera's variëren van €15,- tot €55,- en de meeste lezingen zijn gratis. 18 t/m 31 maart in de Nationale Opera & Ballet Amsterdam.

Beurs

HISWA 2017

De ideale start van het watersport seizoen. Van 8 t/m 12 maart strijkt de jaarlijkse botenbeurs HISWA weer neer in de RAI. Bootjes kijken tot ongeveer 10 meter, de nieuwste trends op watersportgebied (elektrisch varen bijvoorbeeld), interactieve workshops en lezingen (o.a. Bouw je Bootje door Caspar ten Berge). Kaarten zijn nu (tijdelijk) €12,50 voor een hele dag, €8,50 voor een avondkaart.

Theater

De Advocaat

Na de VPRO-serie De Maatschap (die ging over advocatenfamilie Meyer maar duidelijk geïnspireerd was op de familie Moszkowicz) is het verhaal van de bekendste Moszkowicz vanaf deze maand ook in het theater te zien. In De Advocaat speelt Porgy Fransen de rol van strafrechter Bram Moszkowicz en zien we een verhaal van verborgen verdriet en de daaruit voortvloeiende permanente ondraaglijke druk om te slagen. 
De Advocaat is vanaf 3 maart te zien in theaters door het hele land.

Museum

Gestolen Van Goghs weer 'thuis' 

De twee schilderijen van Van Gogh die in 2002 gestolen werden, zijn vanaf 21 maart weer te bewonderen waar ze horen: in het Van Gogh Museum te Amsterdam. De doeken werden daar destijds ook gestolen en doken een half jaar geleden bij de Italiaanse mafia weer op. Helaas niet zonder kleerscheuren dus er zal op termijn nog een restauratie aan te pas komen maar het museum geeft haar publiek eerst de kans de werken te komen bewonderen. Vanaf 21 maart in het Van Gogh Museum in Amsterdam.

Film

Logan

​Na negen films is Logan het afscheid van Hugh Jackman als Wolverine. Een afscheid in stijl, want we zien Logan menselijker en krachtiger dan ooit. Z magazine was bij de premiere van Logan in Berlijn en sprak Jackman over zijn laatste keer als Wolverine, scroll door om dit interview te lezen.
Logan is vanaf donderdag 2 maart te zien in de Nederlandse bioscopen.

5 prikkelende vragen aan conservator Nienke Bakker

Van Gogh-fans kijken reikhalzend uit naar 21 maart 2017. Dan keren na 14 jaar de twee gestolen schilderijen - Zeegezicht bij Scheveningen en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen terug naar het Van Gogh Museum. Voor conservator Van Gogh-schilderijen, Nienke Bakker (44) waren de afgelopen maanden net een speelfilm. Maar wel één met een gelukkig einde.

Hoe is het om zo’n filmisch moment in de kunstgeschiedenis mee te maken?
'Spannender wordt het niet voor kunstliefhebbers. Op een maandagavond (26 september 2016) kwam een collega aan de deur. Of ik met spoed naar Napels kon vliegen? Daar waren mogelijk de twee schilderijen van Vincent van Gogh gevonden die in 2002 uit het museum waren geroofd. Dat was alles wat ik wist toen ik de volgende dag het vliegtuig instapte. Toen ik ze op het politiebureau van Napels zag liggen, wist ik het gelijk. Dit zijn ze. Uiteraard heb ik de schilderijen nog twee uur onderzocht om mijn eerste indruk te bevestigen. De dagen erna mocht ik er nog niets over zeggen, omdat de vondst bewijslast vormde tegen een maffiabaas, terwijl ik van de daken wilde schreeuwen dat ze terug waren. Ik heb mezelf vaak genoeg afgevraagd: gebeurt dit echt?'

 

Curator Nienke Bakker

Heb je de schilderijen gemist?
Ja. De roof heb ik destijds als traumatisch ervaren en veel collega’s met mij. Ik kan me er nog steeds over verontwaardigen. We doen er hier alles aan om Van Goghs werk zo goed mogelijk te behouden zodat we zijn verhaal van generatie op generatie kunnen delen. En ineens ontbreekt er een belangrijk deel van zijn geschiedenis. Zeezicht bij Scheveningen (1882, grote afbeelding) is het enige schilderij in de museumcollectie uit Van Goghs periode in Den Haag (1881-1883). Bovendien is het een van zijn eerste pogingen om buiten in de natuur te schilderen, wat hij zo graag deed. Hier zie je al een eerste aanzet tot zijn woeste eigenzinnige penseelstreken. Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (kleine afbeelding) schilderde Van Gogh begin 1884 om zijn zieke moeder op te vrolijken. Op het schilderij zie je het kerkje waar zijn vader predikant was. In 1885, na de dood van zijn vader, voegde Van Gogh kerkgangers op het schilderij toe, waaronder vrouwen met rouwkleding. Door dit biografische element heeft het schilderij grote emotionele waarde.’

Je bent al sinds 2000 werkzaam voor het Van Gogh-museum. Verveelt Vincent je nooit?
Haha, nee. Dit is mijn droombaan. Voordat ik kunstgeschiedenis ging studeren was ik al geïnteresseerd in Van Gogh. Als kind kwam ik veel in de Provence, waar hij heeft geschilderd. Naast een specialisatie in 19de eeuwse kunst, heb ik tevens Franse taal en cultuur gestudeerd. Als assistent-conservator, en daarna als onderzoeker heb ik Van Goghs brieven bestudeerd. Dan ontdek je wéér nieuwe aspecten. Alle verdieping in mijn voorgaande werk en studie heeft me hier gebracht.’

Wat is jouw favoriete Van Gogh?
Lastige vraag! Dan kies ik vanuit mijn hechte geschiedenis met de Provence Veld met irissen. Het landschap van Arles komt zo mooi naar voren door Van Goghs kleurgebruik. Als ik er naar kijk, voel ik de zinderende hitte, het zuidelijke licht en hoor ik bijna de krekels. Korenveld met maaier vind ik ook prachtig. Het is een grote zee van geel dat met wilde penseelstreken is aangebracht. Van Gogh schilderde het toen hij in een inrichting in Saint-Rémy-de-Provence zat. Het toont het uitzicht van zijn kamer.’

Kun je onze lezers nog verrassen met een weetje over Vincent?
Op dit moment zijn we bezig met de voorbereiding van de tentoonstelling Van Gogh en Japan. Daar had hij veel affiniteit mee. In 1887 legde hij in Parijs een collectie van Japanse prenten aan. In die periode begint hij felle kleuren te gebruiken en past hij aparte composities toe. Japanse kunst heeft zijn techniek en kleurgebruik beïnvloed. Dat is heel mooi te zien wanneer je de prenten en Van Goghs schilderijen vanaf 1887 naast elkaar hangt.

Van 22 maart tot en met 15 mei 2017 zijn 'Zeegezicht bij Scheveningen' en 'Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen' te bewonderen in het Van Gogh museum. Daarna zullen de schilderijen onderzocht en behandeld worden in het restauratie-atelier.

Het grote afscheid van Wolverine

Het is zijn bekendste personage en met de film Logan neemt hij er afscheid van. Hugh Jackman vertelt over de tiende en laatste keer dat hij in de huid kroop van Wolverine, in een grimmige superheldenfilm, waar het niet zozeer om groots spektakel gaat, maar vooral om het persoonlijke drama van de held met de klauwen.

Logan begint met een met een explosie van geweld. De uitgebluste held, die anno 2029 de kost verdient als chauffeur, ligt met een kater in zijn limousine wanneer hij merkt dat er aan de luxe huurwagen gerommeld wordt. Hij stapt uit en probeert redelijk te blijven, maar de criminelen openen het vuur en Logan ziet zich genoodzaakt terug te slaan. Ledematen worden afgehakt en de ijzeren klauwen gaan dwars door iemands hoofd.

De toon lijkt gezet, maar toch is dit actiedrama geen doorsnee superheldenfilm. Het geweld wordt niet verheerlijkt, want het is overduidelijk met hoeveel tegenzin Logan in actie komt. Filmmaker James Mangold en hoofdrolspeler Hugh Jackman legden tijdens het filmfestival van Berlijn, waar de film in première ging, aan ons uit wat ze voor ogen hadden. Mangold: "Ik wil vragen stellen en mensen aan het denken zetten. Daarom maak ik geen films die als een happy meal makkelijk te verorberen zijn."


De première van Logan in Berlijn

Het verdriet en de schade die wordt aangericht, draagt Logan voortdurend met zich mee en hij lijdt er zichtbaar onder. Het vele geweld dat in de film te zien is, heeft daardoor iets confronterends. Dat is precies het effect waar de regisseur, die ook The Wolverine maakte, op hoopte. "Als er geweld en agressie in een film voorkomt, vind ik ook dat je de consequenties ervan moet laten zien. Namelijk dat geweld levens beëindigt. In mijn ogen wordt dat in films te vaak genegeerd."

Logan zelf kan alle ellende niet langer negeren. Hij is moegestreden. Hij moet zorgen voor de aftakelende professor Charles Xavier, terwijl het met zijn eigen fysieke gesteldheid ook niet al te best gaat. Dan verschijnt er een meisje in zijn leven, dat dezelfde krachten als hij bezit. Hij moppert en gromt, maar samen met Xavier zal hij haar moeten beschermen. Het drietal vormt een merkwaardige familie. Ze zijn gevaarlijk en soms komisch, maar delen ook veel ontroerende momenten. Jackman: "Ik ben er trots op dat we een superheld presenteren die met aardse problemen worstelt. Die de zorg draagt voor een vaderfiguur wiens gezondheid achteruit gaat. We vertellen een verhaal over familie, vanuit het oogpunt van iemand die bang is voor intimiteit."

Logan is namelijk graag op zichzelf en laat niemand toe, maar in deze laatste film wordt zijn innerlijke strijd blootgelegd. Jackman, die na 17 jaar zijn personage door en door kent, legt veel nuances in zijn spel en zet een van de beste rollen van zijn carrière neer. Als een ui weet hij Wolverine te pellen. Achter de woede en frustratie schuilen rauwe, menselijke emoties die allemaal boven water komen en ervoor zorgen dat de film integer en krachtig is.

Jackman: "Mijn reis met Wolverine is veel langer geworden dan ik ooit had kunnen bedenken. Voor mij stond er dan ook veel op het spel, want ik wilde dit goed afsluiten. Met een film die een andere toon heeft en een andere opbouw. Waar het echt over de man gaat en niet over de superheld. Toen ik de film voor het eerst zag heb ik gehuild. Ik besefte dat ik van het personage houd. Hem missen ga ik niet, want hij zal voor mij nooit weggaan. Wolverine zal altijd in mij blijven leven. Hij is deel geworden van wie ik ben.”

Door Kita van Slooten

Paardenbloem van licht

Met de Dandelion-lamp maakte designer Richard Hutten een instant klassieker. "Als je gekopieerd wordt, tel je mee."

Het was Marcel Wanders die het eerste aanzetje gaf tot het ontwerp van de Dandelion, vertelt Richard Hutten. Hij benaderde hem in 2003 met de vraag om een lamp te ontwerpen. Wanders is oprichter van het interieurmerk Moooi. Hij wilde graag iets van jaargenoot Hutten in de collectie opnemen. Hutten: "Lasersnijden was net een opkomende techniek. Het vergde weinig investeringen en was relatief betaalbaar. We besloten dat we daar iets mee wilden doen."

Hutten weet niet meer precies hoe hij op het idee kwam. "Het creatief proces blijft een mysterie." Hij maakte eerst talloze schaalmodellen die langzaam maar zeker evolueerden tot het definitieve ontwerp. Daar zaten nog wel een paar uitdagingen bij. "We wilden dat het peertje precies in het midden kwam te zitten. Het lampje moest onzichtbaar worden in de constructie."

Wow

Zijn team stond voor de uitdaging een lamp te maken die door de ronde uitsparingen een spannend schimmenspel op het plafond en de muur moest creëren, als een gestileerde paardenbloem. Ook belangrijk: het object moest niet gaan vervelen. Hutten wil geen producten maken die snel over de houdbaarheidsdatum raken.

Een jaar later, in 2004, presenteerde hij de Dandelion op de belangrijkste meubelbeurs in Milaan. Er kwamen twee versies: een staande en een hangende variant. Volgens Hutten waren de reacties gelijk overweldigend: "Iedereen had zoiets van: wow!" 

Instant klassieker

De goede ontvangst vertaalde zich ook naar uitstekende verkoopcijfers. In de beginjaren na de introductie maakte de lamp zo’n tien procent van de verkoop van Moooi uit. Inmiddels hangen exemplaren in het Delano hotel in Miami (ingericht door Philip Starck) en in musea over de hele wereld. "Ik krijg nog steeds spontaan foto’s opgestuurd van mensen die hem ergens hebben zien hangen."

Hutten is dan ook niet ontevreden met zijn instant-klassieker. Volgens hem is de houdbaarheid van een ontwerp het bewijs van de kwaliteit die het heeft. "Ieder item is een ambassadeur voor je werk. Hoe langer ze meegaan, des te beter dat is." De kracht van de Dandelion is volgens hem dat de lamp op heel veel plekken inpasbaar is.

Gekopieerd

Dat zijn lamp echt tot een design evergreen is uitgegroeid, blijkt ook op een wat minder gunstige manier. Hutten reist regelmatig naar China. Toen hij onlangs op bezoek was in de regio waar de lampenindustrie zich heeft geconcentreerd, zag hij plots overal zijn eigen ontwerp in de werkplaatsen. Op Chinese groothandelssites worden goedkope knock offs in honderdtallen aangeboden. "Dat hebben we wel gemerkt."

Hutten begrijpt, ondanks dat het hem flink wat royalties scheelt, wel iets van de kopieerdrift uit het Oosten: "Toen Japan net opkwam, begonnen ze ook met namaak. Op een gegeven moment is dat niet houdbaar. En toen gingen ze zelf dingen bedenken." Hij verwacht dat China dezelfde weg zal gaan.

Aan de andere kant denkt hij vaak aan de woorden van Rem D. Koolhaas (niet de architect, maar de ontwerper van schoenenmerk United Nude): "Pas als je gekopieerd wordt, dan tel je mee."

Richard Hutten verzamelt stoelen. Die verzameling, aangevuld met eigen ontwerpen, is eind dit jaar te zien tijdens een overzichtstentoonstelling in het Gemeentemuseum in Den Haag. 

Verborgen verleiders

Tomaten zien er in het juiste licht roder en sappiger uit, chocola smaakt romiger met mellow muziek en door sinaasappelgeur willen we meer consumeren. Drie marketingexperts onthullen hoe ze onze kooplust aanjagen via ons onderbewustzijn.

Muziek: 'Snelle beat versnelt de doorloop van klanten'

In een fraai vormgegeven etalage zie je een leren designstoel naar je lonken. Je aarzelt geen moment en loopt de store binnen. Een vrolijk deuntje van Justin Bieber verwelkomt je. De stoel ziet er precies hetzelfde uit, en toch bekoort die je minder dan in de etalage. "Muziek beïnvloedt de perceptie van kwaliteit", zegt Heleen Biemans, muziekprogrammeur bij Mood Media, een ontwikkelaar van instore marketingconcepten.

Grote kans dat de muziek die je in de supermarkt hoort, uit de koker van Biemans komt. Ze creëert playlists die merken moeten versterken en daarmee omzet verhogen. "Draai je in een meubelzaak rustige complexe muziek, dan gaan klanten dat associëren met de meubels en zijn ze bereid meer te betalen", legt Biemans uit.

Dit werkt ook door op smaakniveau. Zo kwam uit wetenschappelijk onderzoek van de Radboud Universiteit naar voren dat chocola romiger smaakt bij zachte (mellow) muziek. De onderzoekers vermoeden dat we zo zijn geëvolueerd dat er interactie is tussen de neuronen voor smaak en die voor geluid. En van dat mechanisme maken bedrijven gretig gebruik.

Dat gebeurt niet alleen op bewust niveau - popmuziek voor een jongere doelgroep -, maar ook op onbewust niveau. Het draait om tempo, volume en associatie: "Snelle, luide, complexe muziek doet de hartslag en ademhaling verhogen en beïnvloedt onze perceptie van tijd. Het brein concludeert: 'Hoe meer prikkels, hoe meer tijd er gepasseerd zal zijn'. Omgekeerd werkt het hetzelfde", zegt Biemans.

Met een strategische inzet van muziek zouden consumenten 15 procent langer in een winkel blijven hangen en 30 procent meer geneigd zijn tot aankopen. Biemans: "Het gaat natuurlijk om het complete plaatje. Interieur, personeel, product, belichting; het moet elkaar versterken. En muziek speelt daar een belangrijke rol in."

Zo heeft de programmeur samengewerkt met een grote lingerieketen waar ze harde top 40-muziek draaiden. "Dat gaf een verkeerd signaal. Door het hoge volume gingen klanten minder snel advies inwinnen bij verkopers. Bovendien gaf de snelle beat een haastig gevoel. Bij een sensueel product wil je klanten juist het gevoel geven dat ze zeeën van tijd hebben." Inmiddels ligt het tempo en volume van de muziek een stuk lager. En warempel, het aantal adviesgesprekken en de tijd die klanten in de winkel blijven hangen, namen toe.

In een fastfoodketen werkt snelle muziek juist wél goed: 'Consumenten gaan sneller eten, wat zorgt voor betere doorloop en hogere omzet', zegt Biemans. Of dat misleiding is? Biemans vindt van niet. 'Als jij in een Italiaans restaurant zit met kaarslicht, zilverbestek en op de achtergrond opera, dan smaakt die gnocchi gewoon lekkerder.'


Geur: 'Pas achteraf denk je: goh wat rook het hier lekker'

Kooplieden in het Verre Oosten lokten eeuwen geleden al voorbijgangers naar hun handelswaar met wierook en bloemblaadjes. En na een openhuizendag kun je geen appeltaart meer ruiken. Geur inzetten om verkoop te stimuleren is zo oud als de weg naar Rome. Toch is het een relatief nieuw instrument in marketingland waar blik- en gehoorvangers nog altijd op de eerste plaats komen.

"Zonde", zegt Patrick Castellain, oprichter en CEO van het Belgische bedrijf Scents. "Emoties bepalen welke producten we kopen. En niets beïnvloedt onze emoties zo sterk als geur." Dat komt omdat ons reukorgaan in directe verbinding staat met ons limbisch systeem, een verzameling van hersengebieden dat belangrijk is voor de herinnering van emoties. Daarnaast stuurt onze neus signalen naar gebieden die belangrijk zijn voor eten en seksueel gedrag.

In 2007 ervoer Castellain voor het eerst hoe krachtig de verleiding van de neus is. "Ik liep in Miami langs een moderne kledingzaak. Alles vulde elkaar aan: de muziek, kleding, belichting, interieur. Maar het meest werd ik gegrepen door de bloemengeur die me vanaf het voetpad tegemoet kwam. Het herinnerde me aan een fijne vakantie in Thailand en ik móest naar binnen."

Een jaar later richtte hij zijn bedrijf Scents op, toen het eerste geurmarketingbedrijf in België. Ze verzorgen de hardware in de vorm van geurtoestellen die een aroma verspreiden en software voor bedrijven. "Door middel van een moodboard bepalen we samen met een klant wat hun merk wil uitstralen en welke geur daar bij past", zegt Castellain.

Hout wekt nostalgie op, jasmijn werkt kalmerend en sinaasappel opwekkend. Het laatste wordt ingezet in discotheken omdat jongeren er langer door dansen en er meer door consumeren. "Als je de juiste geur aan je product koppelt, zorgt dat voor toegevoegde waarde en daarmee omzetstijging", zegt Castellain.

Een voorbeeld: "Bij het outdoormerk A.S Adventure waant u zich op een bloemenweide wanneer u bergschoenen past en op de wintersportafdeling wordt u verwelkomt door de geur van de bergen. Hierdoor blijven klanten langer hangen wat de kans op een aankoop vergroot." Geurmarketing gaat onbewust volgens Castellain. Pas achteraf denk je: goh, wat rook het daar lekker.

Geurmarketing staat nog in de kinderschoenen. "In Amerika lopen ze tien jaar op ons voor. Slechts 15 procent van de Belgische merken houdt zich met geur als marketingtool bezig." Momenteel ontwikkelt Scents een huisgeur voor de modeketen van Nikkie Plessen. Het is een opkomende trend waar steeds meer merken mee aan de slag gaan. "Sfeerparfums slaan soms zo goed aan bij consumenten dat ze er naar vragen in winkels. Met de verkoop van jouw huisparfum sla je twee vliegen in één klap: er wordt over je gesproken én de consument wordt thuis op positieve wijze aan je merk herinnert."

Licht: 'Met de juiste belichting kan je omzet 40 procent stijgen'

Door de ramen van een McDonalds lijkt warm licht te schijnen. Eenmaal binnen wordt je door koud tl-licht verwelkomt. Je brein redeneert: die Big Mac naar binnen schuiven en wegwezen. Dit marketingkunstje van de fastfoodketen geniet al grote bekendheid, maar licht heeft meer foefjes om consumentengedrag te sturen. Denk aan de belichting waarmee rood vlees of tomaten appetijtelijker ogen.

"Hoe we dingen zien en wat we zien, wordt bepaald door licht. Daar kun je slim gebruik van maken", zegt Malaika Brengman, professor aan de Vrije Universiteit van Brussel. Ze doceert consumentengedrag en marketing en bezette twee jaar een onderzoekleerstoel in samenwerking met Philips Lightning naar de effecten van wit en gekleurd licht op consumentengedrag in supermarkten.

"Met een lichtkoof leidden we de aandacht van consumenten naar specifieke producten in de schappen, met warm licht probeerden we producten een exclusievere uitstraling te geven en met wit licht wilden we klanten een aangenaam gevoel geven", zegt Brengman. Dat lukte. Klanten bleven langer in de winkel waardoor er meer in hun mandje belandde.

Conclusie van het onderzoek: met de juiste inzet van licht kun je de perceptie en gevoelens van klanten op een positieve manier beïnvloeden.

 

HOE LICHT ONS GEWILLIGER MAAKT OM TE KOPEN

  • Visueel: licht trekt onze aandacht en kan kleuren mooier doen uitkomen. Denk aan appels die met het juiste licht net iets groener en verser lijken.
  • Cognitief: de associaties die bepaald licht oproept. Daarom zet Ikea wijnglazen in warm kaarslicht. Zo simuleren ze een gebruiksituatie van een diner.
  • Kwalitatief: tl-licht zorgt voor een goedkoop imago. Hierdoor kun je de kwaliteit van producten bij de discounters lager inschatten. Omgekeerd werkt dit ook.

 

Livera past deze kennis al toe, zegt Brengman. Het licht in de paskamer reageert op het type kleding dat je past: live (badmode), life (nachtmode) en love (lingerie). "Lingerie wordt begeleid met rode en paarse tinten, nachtmode met pastels en badmode met wit fel licht. Het zorgde voor een omzetstijging van 15 procent", zegt Brengman.

Triumph in Singapore gaat nog een stapje verder. Daar kun je zelf de stemming in de kleedkamer bepalen: van relaxing tot business. Het verhoogde de omzet met maar liefst 40 procent. Brengman vindt dat winkels nog te weinig nadenken over licht. "Zolang ze het inzetten om waarde te vermeerderen en daarmee de ervaring van de klant veraangenamen, is het een hele krachtige marketingtool."

Het gaat om een subtiele balans: "Klanten hebben snel genoeg door wanneer ze misleid in plaats van verleid worden. Als je bijvoorbeeld thuiskomt met boodschappen en die moot zalm blijkt in gewoon daglicht lang niet meer zo rosé en vet. Dan ben je een klant kwijt."

Brengman ziet spannende ontwikkelingen. Denk aan stimulerend licht bij weinig klanten, of rustig licht bij drukte. "Je zou de sfeer zelfs kunnen afstemmen op voorgaande aankopen van een klant. Uiteraard alleen als een klant dat wil!"

Meer weten over verborgen verleiders en waarom we blijven kopen? Kijk woensdag 22 maart naar de Z Doc ‘The men who made us spend’, een boeiende docureeks over koopdrift en hoe die wordt aangejaagd. Woensdag 22 maart om 21:30 uur op RTL Z.

Door Rachel van de Pol

Dystopische romans

Een week na de inauguratie van president Trump stond 1984 van George Orwell ineens bovenaan de bestsellerlijstjes. Heel uitzonderlijk voor een boek dat al uit 1949 stamt, maar het zijn dan ook uitzonderlijke tijden. Ik vind het mooi om te zien dat mensen dan naar literatuur grijpen. Wellicht als hoop in bange dagen: zo erg is het gelukkig nog lang niet. Of willen we ons ermee wapenen? Helpen dystopische romans (een dystopie als de tegenhanger van een utopie: niet de ideale wereld maar een akelige samenleving waarin niemand wil wonen) ons alert te blijven, opdat wij het niet zover laten komen in de echte wereld? Naast 1984 wordt ook The plot against America van Philip Roth veel besproken. Want ook in dat verhaal schuilt ineens een kern van waarheid. Ik vul het lijstje graag verder voor je aan:

De man in het hoge kasteel - Philip K. Dick

Hoe zou de wereld eruit hebben gezien als niet Franklin D. Roosevelt, maar vliegenier Charles A. Lindbergh de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 1940 zou hebben gewonnen? Lindbergh, die een sympathisant van Hitler was. Dat is het uitgangspunt van The plot against America. En vanuit zo’n zelfde dystopische veronderstelling vertrekt De man in het hoge kasteel: wat als niet Amerika en de geallieerden de Tweede Wereldoorlog hadden gewonnen, maar Duitsland en Japan. In dit geval is Noord-Amerika opgedeeld in verschillende territoria: de westkust valt onder Japanse heerschappij, de oostkust is onderdeel van het nazirijk. In het niemandsland daartussen woont een schrijver, die een boek heeft geschreven waarin de geallieerden juist weer wel gewonnen hebben. Een utopische roman binnen een dystopische, zeg maar. Een heel ingenieus en tegelijk verontrustend verhaal.
Van het boek is ook een serie gemaakt, door Amazon. Twee seizoenen zijn al uitgezonden, een derde komt er aan.

De vette jaren - Chan Koonchung

Een boek dat in China niet verkocht mag worden (maar via internet inmiddels wel duizenden Chinese lezers heeftbereikt). Uit angst dat mensen feit en fictie niet helemaal uit elkaar kunnen houden, of omdat fictie hier wel heel erg dicht bij de feiten ligt? Het China dat in het boek beschreven wordt, heeft alles weg van het China van nu. Het gaat het land economisch voor de wind en op het wereldtoneel spelen ze een steeds grotere rol. En toch klopt er iets niet: alle Chinezen zijn continue vrolijk en volmaakt gelukkig. En een complete maand is uit het collectief geheugen gewist. Slechts een klein groepje intellectuelen herinnert zich nog iets, en zij gaan samen op zoek naar de waarheid.

 

Daar is hij weer - Timur Vermes

Een boek dat veel losmaakte in Duitsland. Wat als Hitler helemaal niet dood is en ineens weer opduikt in het hedendaagse Duitsland? Veelmensen willen graag geloven dat de voedingsbodem voor zijn boodschap weg is, dat de tijden echt veranderd zijn. Maar Vermes houdt de Duitsers en ons een interessante spiegel voor. Want dankzij televisie en social media slaagt Hitler er opnieuw in veel mensen te bereiken. Ze nemen hem misschien nog niet serieus, vinden het geweldige satire. Maar dat wat jarenlang niet gezegd kon of mocht worden, is ineens toch weer te horen. Het boek laat open hoe het verder gaat. En dus kunnen wij erin blijven geloven dat het heus met een sisser zal aflopen. Want hoe groot is nou de kans dat iemand met dit soort retoriek echt de machtigste man van het land kan worden? Toch?
Er ist wieder da is in 2015 verfilmd.

 

Lekker Slim

Kunstmatige intelligentie, machine learning en deep learning zijn kreten die je voortdurend tegenkomt. Maar wat is het eigenlijk en hoe gaat deze digitale intelligentie een rol in jouw dagelijks leven spelen?

Ieder zichzelf respecterend apparaat krijgt tegenwoordig het predicaat 'slim'. Slimme lampen, thermostaten, horloges, webcams, koelkasten, schoenen en ga zo maar door. 

De slimsten onder deze moderne slimmeriken maken gebruik van kunstmatige intelligentie. Een voorbeeld is een beveiligingscamera voor in de huiskamer, die een notificatie stuurt zodra er onraad wordt gesignaleerd. Maar hoe voorkom je nou dat bij ieder passerend huisdier of iedere huisgenoot de alarmbellen afgaan?

Artificial intelligence: problemen oplossen

Hier komt kunstmatige intelligentie aan te pas. Bij de installatie van de camera 'leert' het systeem eerst de familieleden en huisgenoten herkennen om zo valse meldingen in de toekomst te voorkomen.

Gezichtsherkenning is een klassiek voorbeeld van artificial intelligence (AI). Simpel gezegd is AI een verzamelnaam voor verschillende technologieën waarbij een computer aan de hand van een reeks instructies en algoritmes een probleem kan analyseren en oplossen.


Gezichtsherkenning: klassiek voorbeeld van AI

Machine learning: zelflerende computers

Hoewel de term al sinds de jaren vijftig bestaat, werd de technologie gemeengoed in de jaren zeventig toen een schaakcomputer op de markt kwam. Erg slim waren die computers in het begin niet. Het duurde tot 1997 voordat de IBM Deep Blue supercomputer in staat was de wereldkampioen schaken Garry Kasparov te verslaan. 

In het begin bestond AI vooral uit brute rekenkracht. De eerste generaties schaakcomputers berekenden alle mogelijke zetten en kozen vervolgens de beste. Toch was slim nog niet zo slim. De computer versloeg de mens dan wel tijdens een schaakpartij, maar leerde niet van fouten.

In de jaren tachtig maakte AI een nieuwe ontwikkeling door toen programmeurs aan de slag gingen met machine learning. In plaats van alleen maar voorgekauwde instructies in de computer te stoppen werden algoritmes gebruikt die in staat waren te leren van de data die ingevoerd werd.

Camera leert je familie te herkennen

Beveiligingscamera's die in staat zijn tot gezichtsherkenning, zijn een goed voorbeeld van machine learning. De eerste dagen dat de camera aan staat, regent het notificaties als dochter, zoon en partner de kamer binnenlopen.

Door handmatig in te voeren wie wie is, leert het systeem de familieleden te herkennen. Dit werkt redelijk maar kan nog niet niet tippen aan de mate waarin mensen gezichten kunnen herkennen. Een nieuw kapsel of een rare hoed is al voldoende om het systeem voor de gek te houden. Wat de webcam niet is aangeleerd, wordt simpelweg niet herkend. Dat is anders dan bij mensen, die ondanks een hoed of een raar kapsel iemand onmiddellijk herkennen aan mond, ogen en neus.

Deep learning: de computer als menselijk brein

Maar er is goed nieuws: er wordt aan gewerkt. Na de brute rekenkracht van de eerste schaakcomputers en machine learning is de volgende stap in AI deep learning. Het idee daarachter is dat computers ongeveer net zo gaan werken als het menselijke brein. Dat betekent dat ze echt kunnen leren, beslissingen kunnen nemen en zelfs de toekomst tot op zeker hoogte kunnen voorspellen door intelligente analyses te maken.

Een klein kind leer je een aap, giraf of olifant herkennen door bij herhaling, telkens weer naar plaatjes te kijken. In het kinderbrein wordt het biologische neurale netwerk getraind en opgebouwd om het plaatje van bijvoorbeeld een chimpansee als aap te herkennen.

Slimmer dan mensen

Het bijzondere is dat het jonge brein van een kind na verloop van tijd een gorilla als aap herkent, zonder dat het kind ooit een plaatje van een gorilla heeft gezien. Deep learning computers zijn geïnspireerd op het menselijke brein en maken gebruik van een kunstmatig neuraal netwerk.

Andrew Ng, één van Googles AI-goeroes, voerde in 2012 10 miljoen YouTube-video's van katten aan een deep learning computer. Beetje bij beetje leerde de computer zelf uit de video's katten te herkennen en na de training kon de computer katten in allerlei situaties die het nooit eerder had gezien toch herkennen, zelfs beter dan mensen.


Bots taking over

Schrijfbot produceert 10.000 artikelen per dag

Dankzij deep learning ontwikkelt kunstmatige intelligentie zich de laatste vijf jaar explosief. Dat gaat deels ongemerkt. Zo zijn een fors deel van de Wikipedia-pagina's niet door mensen geschreven maar door schrijfbots. De beroemdste is de Lsjbot van de Zweedse natuurkundige Sverker Johansson. Deze Zweed liet zijn algoritmes drie jaar geleden al 10.000 Wikipedia-artikelen per dag schrijven. In 2014 was Lsjbot goed voor het schrijven van 8,5 procent van alle Wikipedia-artikelen wereldwijd.

Op Amazon zijn zelfs al miljoenen boeken te koop die door bots geschreven zijn. Met titels als 'The 2007-2012 World Outlook for Wood Toilet Seats' of 'Ellis-van Creveld Syndrome - A Bibliography and Dictionary for Physicians, Patients, and Genome Researchers' levert dat niet het meest inspirerende leesvoer op. Maar het zijn wel boeken die voorheen door mensen geschreven werden.

Robots taking over

Een van de beroemdste deep learning computers is IBM Watson. Deze supercomputer versloeg in 2011 de twee beste menselijke spelers van het televisiespel Jeopardy ooit. Google's AlphaGo deep learning computer heeft vorig jaar ook voor het eerst een topspeler van het Aziatische bordspel Go verslagen. En het computerprogramma Libratus overblufte begin dit jaar de beste pokerspelers met deep learning poker.

IBM Watson is niet alleen slim maar ook creatief. Als je vindt dat een goede kok creatief is, dan mag je Chef Watson ook best creatief noemen. Watson heeft namelijk geleerd welke combinaties van ingrediënten in de smaak vallen door miljarden online recepten te analyseren. Chef Watson komt vervolgens met recepten die menselijke koks nooit zouden verzinnen maar eenmaal gekookt toch smakelijk blijken. Jamie Oliver eat your heart out!


De IBM Watson

En zo zijn er nog veel meer banen die, sneller dan je denkt, waarschijnlijk door bots overgenomen zullen worden. In de Amerikaanse stad Seattle heeft Amazon bijvoorbeeld een eerste experimentele kassaloze supermarkt geopend.

Werknemers van Amazon lopen deze supermarkt binnen, pakken de levensmiddelen die ze willen en lopen vervolgens de winkel uit. Dankzij technologieën die ook in zelfrijdende auto's worden gebruikt, computervisie, sensoren en deep learning weet de slimme winkel precies welke producten de klant pakte of terug heeft gezet en wordt het juiste bedrag automatisch van de rekening afgeschreven. Dat is pas een slimme winkel.

David Lemereis