Weekend magazine cover
  • In dit nummer Path 400 Created with Sketch.

  • Z-Magazine - januari 2017 Path 400 Created with Sketch.

  • Menu Path 400 Created with Sketch.

Oval 3 + Path 400

Not as Usual

Ongewoon. Bijzonder. Opmerkelijk.

Ongeëvenaard uniek: het pop-up hotel

Het punt met exclusieve vakantiebestemmingen is dat ‘exclusief’ vaak nogal relatief is. Er is altijd wel iemand die vóór jou in het bed van de duurste suite van de Burj Al Arab heeft liggen slapen. Vakantiereisjesoperator Black Tomato tackelt dit probleem door, geheel naar wens van de ultiem veeleisende reiziger, overal ter wereld tijdelijke hotels uit de grond te stampen. De belofte is dat ze op alle continenten (inclusief Antarctica) een tijdelijk onderkomen kunnen bouwen, voorzien van alle denkbare luxe. Naast een campsite verzorgen ze koks, bediening, schoon beddenlinnen en een sterrenkundige, mocht men ’s nachts graag een blik op de hemel werpen. Qua pop-up onderkomen kan gekozen worden uit yurts, domes of villatenten. De mogelijkheden zijn onbeperkt, van de zoutvlaktes van Bolivia tot de Kimberly regio van Australië. Kost wel wat: drie nachtjes Marokko voor zes personen komt op zo’n 65.000,- dollar, terwijl vier nachten Bolivia meer dan 177.000,- dollar kost. Daarbij krijg je dan wel de garantie dat niemand precies hetzelfde plaatje uit precies dezelfde hotelkamer zal Instagrammen. Na je vertrek wordt het tijdelijke hotel namelijk ontmanteld en worden alle sporen uitgewist.

Jay-Z en de Saudi’s willen een Uber voor Private Jets

Vorig jaar stortte raptycoon Jay-Z zich ook al in een vliegavontuur toen hij het bedrijfje BlackJets van de grond probeerde te krijgen. Het idee op zich is simpel. De meeste privéjets staan het grootste deel van de tijd werkeloos in een hangar. En als ze wel vliegen, gebeurt dat vaak leeg omdat ze eerst naar een vliegveld vliegen waar de vracht staat te wachten. Als je al die onbenutte tijd nu eens aan de man brengt middels een app (denk Uber), dan kunnen meer mensen van privéjets gebruik maken, en zien de eigenaren hun kosten dalen. Win-win! Met BlackJets slaagde Jay-Z daar helaas niet in. Met JetSmarter hoopt hij meer succes te hebben, mede dankzij de ruimhartige financiële steun van de Saudische Koninklijke familie die miljoenen in het project pompt. Lid worden kan nu. Kost het eerste jaar 15.000,- dollar, daarna nog maar 11.500,- dollar per jaar. Bovendien kan het gebeuren dat je een vliegtuig moet delen met interessante anderen, net als met Uber. Dus wie weet wie je tegenkomt.

Maar Trump houdt wél van dieren

Hoe Amerika’s nieuwe president Donald Trump zijn zakelijke belangen gaat scheiden van zijn baan als leider van de vrije wereld is nog niet helemaal duidelijk. Maar een ding is wel helder en dat is dat zijn nieuwe hotel in Washington, gevestigd in het voormalige postkantoor op een steenworp afstand van het Witte Huis, een uiterst diervriendelijk beleid gaat voeren. Huisdierbezitters die in het hotel verblijven, kunnen gebruik maken van het Trump Pets Signature Program. De service omvat onder meer een uitlaatdienst, hondenoppas, hondvriendelijke speelkamer en een selectie van speeltjes. Daarnaast zijn er speciale hondenbedden, een kaart met leuke parken in de buurt om te wandelen en permanente aanvoer van vers water. Tot slot krijgen de viervoeters hondenkoekjes in de vorm van een bot om op te kauwen, een roze voederbak en een roze drinkbank. Trumps liefde voor huisdieren staat in een bekende traditie. Autoritaire leiders zijn vaak dol op hun honden, de enige levende wezens die ze écht kunnen vertrouwen.

Cornelis is hot in Rotterdam

Wat: Cornelis Bar & Kitchen
Waar: Op de hoek van de Coolsingel, tegenover het historische stadhuis in Rotterdam.
Open sinds: 16 juli 2017
Keuken: Frans/Amerikaanse grill
Historisch gebbetje: Bijna anderhalve eeuw geleden waren bourgondiërs op deze plek al welkom bij de grootouders van Cornelis voor een goed glas wijn en een bord stoofvlees. ‘We doen alsof Cornelis Jr. hier de boel bestiert.’

Met 630 vierkante meter bar en restaurant, 200 vierkante meter terras, 20 kwaliteitswijnen per glas en grande viande gegrild op houtskool, kwam Cornelis in Rotterdam binnen met een knal. 'We kunnen ons qua populariteit al met de Harbour Club meten', zegt eigenaar Marcel Maan.  

Wie zitten er achter Cornelis: Ondernemer Marcel Maan (50) met zijn bedrijf Struisenburg Horeca. Maan wilde altijd al een hoogwaardige horecagelegenheid openen. Iets dat afweek van zijn reeds acht bestaande Rotterdamse (feest)cafés en restaurant. Toen ze de zaak Big Ben op het stadshuisplein overnamen, deed zich een kans voor zijn droom waar te maken. 'We hebben er drie jaar over gedaan om te bepalen wat we met deze plek wilden gaan doen.'

Historische locatie: Nog ver voor de Tweede Wereldoorlog zat tegenover het pand waar Cornelis is gevestigd, Tivoli Schouwburg, een variétetheater dat gerund werd door Jan Cornelis de Vos. 'Hij was voor zijn tijd heel creatief. Hij bestierde de horeca en zorgde voor vermaak', vertelt Maan. ‘We doen net of Cornelis Jr. hier in de voetsporen van zijn vader is getreden. We zeggen: "Cornelis heeft mooi wild geschoten" of "Cornelis houdt van mooie gerechten". Een van onze medewerkers lijkt sprekend op de oude Cornelis. De arme jongen, die moet elke keer opdraven en het toneelstuk meespelen.'

Interieur: Industrieel, luxe en comfortabel. De benedenverdieping wordt gedomineerd door een centrale robuuste bar en imposante koperen biertanks die zweven in de lucht. Het restaurant op de bovenverdieping heeft een open keuken, houten tafels, leren stoelen en oude prenten van Rotterdam aan de muren. Maan heeft zich laten inspireren door de zogeheten ruin bars in Budapest, waar creatievelingen grenzeloos interieurstijlen mixen.

Keuken: Op de eerste verdieping kun je terecht voor fine dining. Op de kaart staan bourgondische gerechten zonder poespas zoals gekonfijte parelhoenbout en dry aged cote de boeuf van de Simmentaler. Dit alles wordt onder het kundige oog van chefs Karim Aggoun en Dennis van Dop gegrild met houtskool zodat traditionele smaken worden behouden. Maan zelf kun je wakker maken voor de Bavette met een glas Malbec of Rioja. In het bargedeelte beneden kun je aanschuiven voor het shared-diningconcept.

Niet te missen: De pui op de bovenverdieping. De raampartijen kunnen zowel onder als boven als een gordijn open geschoven worden. 'Dit geeft een machtig mooi uitzicht op het stadshuis en het terras, helemaal in de zomer', zegt Maan. 

Dansen: In het weekend vinden cocktails gretig aftrek. De muziek gaat harder en gasten doen een poging de zeven gangen eraf te dansen. De dj houdt het bij commerciële lounge en club house. 

Knokken: Maan zit al 25 jaar in de horeca. Zijn kracht? Gastvrijheid en geen gekke dingen doen. 'Rotterdamse horeca moet harder knokken voor succes', zegt de selfmade man. 'Bij ons komen er niet vanzelfsprekend 10.000 mensen per dag langslopen zoals in Amsterdam. Als je geen kwaliteit levert, red je het niet. Het geeft extra voldoening dat we stampend vol zitten.'

Culturele Agenda

Arthouse

Brimstone

Lang verwacht en nu dan eindelijk in de Nederlandse bioscoop: de gitzwarte, internationale western van Martin Koolhoven vol gemuilkorfde vrouwen en andere godsdienstwaanzin. Met Guy Pearce (Memento, L.A. Confidential) als sinistere dominee, voormalig kindster Dakota Fanning, Kit Harington en Carice van Houten als domineesvrouw. Liz is een jonge moeder in het door mannen gedomineerde oude westen van Amerika. Het leven is zwaar, maar met haar haar gezin maakt ze er het beste van. Dan arriveert er een nieuwe dominee in het dorp, die het op Liz gemunt blijkt te hebben. Waarom, dat wordt pas gaandeweg duidelijk in het knappe, niet chronologisch vertelde verhaal. Brimstone ("Zwavel"), waarmee Koolhoven zich op de kaart zet als de Nederlandse Tarrantino, was op het filmfestival van Venetië genomineerd voor de Gouden Leeuw en werd ook geselecteerd voor het internationaal filmfestival van Toronto - beide een bijzondere eer voor een Nederlandse regisseur. Vanaf 12 januari te zien in zowel de grote bioscopen als de kleinere filmhuizen.

Musical

La La land

Laten de duistere beelden van Brimstone je niet los als je s'nachts in bed ligt? Het door critici bejubelde La La Land is in vrijwel alles de tegenhanger van de zwartgallige thriller. Een op en top Amerikaanse romantische musicalfilm, maar dan wel eentje die het genre uit het verdoemhoekje haalt en zelfs de grootste cynicus zingend de zaal laat verlaten. La la land, de openingsfilm van het filmfestival van Venetië, brengt een liefdevolle ode aan de ploeterende kunstenaar, wiens leven wordt gekleurd door ideeën en talent, maar vaak ook vol tegenslagen en teleurstellingen kan zijn. Actrice Mia (Emma Stone) en jazzpianist Sebastian (Ryan Gosling) vinden elkaar terwijl ze met hetzelfde vraagstuk worstelen. Blijven proberen of water bij de wijn doen? Stone en Gosling speelden al drie keer eerder samen en hebben een chemie die van het doek afspat. 'Ze duwen elkaar omhoog in een rijke, prachtig gedraaide film met een groot hart en een flinke dosis levenslust. La La Land voelt als een warme zonnestraal in deze donkere winterdagen', aldus RTL filmrecensent Kita van Slooten. Dat de film een paar dagen voor het einde van het jaar uitkwam weerhield de Nederlandse filmpers er dan ook niet van om hem op de valreep uit te roepen tot de beste bioscoopfilm van 2016. Nu te zien in zowel de grote bioscopen als de kleinere filmhuizen.

Kunst

Hiroshi Sugimoto - Black Box

De veelzijdige kunstenaar Hiroshi Sugimoto is succesvol in de beeldhouwkunst, architectuur en installaties, maar vooral zijn werk in de fotografie wordt als toonaangevend beschouwd. Zo namen onder andere het MoMA, Metropolitan Museum of Art in New York, het Smithsonian in Washington en Tate Modern in Londen foto's van hem op in de vaste collectie. Daarnaast gebruikte U2 een foto van hem voor hun album No Line on the Horizon. Sugimoto wordt gezien als een intellectuele fotograaf, die door zorgvuldig gekozen concepten de toeschouwer poogt uit te dagen tot filosoferen. In de tentoonstelling Black Box presenteert Foam ​een overzicht van het werk van de Japanse kunstenaar, aan de hand van zijn meest bekende fotoseries. De beelden tonen een uitzonderlijke technische virtuositeit (als begaafd ambachtsman geeft hij de voorkeur aan traditionele technieken boven digitale bewerking), die wordt benadrukt door het grote formaat van de afdrukken. Tot 8 maart te zien in Foam Amsterdam.

 

Muziek

Eurosonic Noorderslag

Hoewel ze langer bestaan dan hun elektronische broer en je het dus eigenlijk andersom zou moeten formuleren, laat Eurosonic Noorderslag zich omschrijven als het ADE van de pop- en rockmuziek. Overdag vinden conferenties plaats voor Europese muziekprofessionals, 's avonds beklimt nieuw muziektalent de podia van ruim dertig zalen in de Groningse binnenstad om zich te presenteren aan muziekliefhebbers en professionals. Het evenement trekt ongeveer 33.000 bezoekers (waaronder 3.000 professionals uit de muziekindustrie) uit meer dan 43 landen. ​Eurosonic Noorderslag is voor veel Europese acts een belangrijke stap geweest in hun internationale doorbraak, zo is het festival verantwoordelijk voor het kickstarten van de carrières van artiesten als Bastille, Dotan, James Blake en Jett Rebel.​ De kaarten voor Noorderslag op zaterdag zijn uitverkocht (maar hou Ticketswap in de gaten), voor Eurosonic zijn nog tickets beschikbaar. Tip: de Seven Layers Sessions met Europees singer/songwriter-talent, gepresenteerd door Dotan. Toch nog te laat met het kopen van een kaartje? Zowel Eurosonic Air op de Grote Markt als Grunnsonic (waar Gronings talent op verschillende locaties in de stad in de schijnwerpers wordt gezet) is gratis en vrij toegankelijk. Daarnaast maakt 3FM iedere dag live radio op Eurosonic Noorderslag. Eurosonic Noorderslag, van 11 tot 14 januari op verschillende locaties in Groningen.

Theater

Depressiegala

Op Blue Monday, ‘de somberste dag van het jaar’, organiseert de Mental Health Foundation het Depressiegala. Volgens voorzitter Bram Bakker wordt het 'een feestelijke bijeenkomst voor iedereen die meer wil weten over depressie. Om niet alleen de kwetsbaarheid maar juist ook de kracht van mensen met een depressie te laten zien.’ Doel van de avond: vertellen over een depressie moet net zo normaal worden als praten over lichamelijke klachten. Hoewel depressie een serieus onderwerp is, valt er dankzij optredens van cabaretiers, schrijvers en ervaringsdeskundigen als Mike Boddé, Anita Witzier en Marjolijn van Kooten gelukkig ook een hoop te lachen. Het gala wordt geopend door minister Schippers van Volksgezondheid. Maandag 16 januari in Theater Amsterdam, tickets kosten 50 euro. 

Dit staat ons te wachten in 2017

Het jaar van de drastische beslissingen, het 'slummen' en eten uit serene kommetjes

2016 is een jaar dat menigeen nog lang zal heugen. Of 2017 net zo’n memorabel jaar wordt, bespreken we met drie trendwatchers. En voor wie hoopt dat de gemoederen in het nieuwe jaar wat zouden bedaren: ook in 2017 staat de wereld grote veranderingen te wachten.
 

Terugkeer van de macho

Eigenlijk draait 2017 maar om één ding, vertelt Adjiedj Bakas: bescherming. 2017 is het Chinese jaar van de Haan. En de haan, aldus Bakas, “is niet subtiel, kan zich moeilijk ontspannen en is altijd bezig met lastige kwesties - of het oplossen daarvan.” Een dier, kortom, dat opkomt voor zichzelf en zijn belangen. En dat is precies wat er in 2017 gaat gebeuren.

"Beleidsmakers zullen in gaan zien dat Europa eindelijk weer eens zijn kloten moet laten zien"

De hang naar bescherming heeft nog een ander gevolg: de terugkeer van de macho. “Een bevriend journalist vertelde me dat zijn dochtertje thuis kwam en zei: ‘pappa, alle jongetjes op school zijn net meisjes!’ En ze heeft gelijk. De Nederlandse man is te feminien geworden.” Het moge duidelijk zijn: de metroman is op zijn retour vanaf 2017. “Mannen gaan weer mannen zijn. Ze gaan op schietles, vormen burgerwachten, wagen zich aan vechtsporten en aan de jacht.” De herwaardering van soldaten hangt daar nauw mee samen, zegt Bakas. “We gaan de stoere beschermer weer waarderen. De jongens - en meisjes trouwens ook - die voor defensie werken krijgen respect op straat.” Ook in de politiek zien we de stoere leiders meer en meer op de voorgrond treden. “In Amerika is dat al aan de hand, kijk maar naar Trump. Dan heb je een goed beeld van wat ons hier ook te wachten staat.”Belangrijkste is dat Europa kiest voor een zelfbewuste en eigen koers. “De afgelopen jaren is het continent overspoeld door migranten. De burger had daar al genoeg van, en die bottom-up beweging bereikt nu ook de politiek.” Beleidsmakers zullen in gaan zien dat Europa, in de woorden van Bakas, eindelijk weer eens zijn kloten moet laten zien. “En dat werd potdomme ook tijd.”

Leve het slummen

"Chique Zuidas advocate zoekt grote, zwarte man"

De opmerkelijkste voorspelling van Bakas: de opkomst van het slummen. “Dat kwam mij voor het eerst ter ore toen een chique advocate op de Zuidas vertelde dat ze graag eens met een grote, zwarte man naar bed zou willen gaan. Via Chatgirl heeft ze toen een date geregeld met een enorme kerel uit de Bijlmer.” Ergo, slummen: mensen uit de bovenlaag van de maatschappij die seks zoeken met jongens en meisjes uit lagere klassen. Op deze manier worden sociale scheidslijnen, die van oudsher redelijk sterk zijn in Nederland, toch overwonnen. “Het gaat hierbij niet om een relatie, maar puur om de seks. Ik vind dat eigenlijk wel troostrijk, dat er toch een vorm van contact bestaat tussen werelden die normaal zo gescheiden zijn.” Leve het slummen dus, aldus Bakas.

De drie T's

Vincent van Dijk werkt bij communicatie- en marketingbureau HBMEO en stelt voor het komende jaar de drie T’s centraal. “In de eerste plaats is dat transformatie. De wereld gaat nóg sneller veranderen, het geduld van mensen met de oude instituties en manieren is helemaal op.” Dus of het nu om de taxibranche gaat, de politiek of de bankensector: alles en iedereen moet er aan geloven. “En ook in hun persoonlijke leven gaan mensen drastisch andere keuzes maken. Dat kan een nieuwe studie zijn, emigratie of de carrière over een heel andere boeg gooien.” De blik is naar binnen gericht in 2017, mensen gaan nadenken over wat ze eigenlijk precies willen met hun leven.

Dit proces wordt nog eens versneld door de tweede T: technologie. “Tech gaat steeds verder doordringen in ons persoonlijk leven. En dat ga je overal in terugzien.” Binnenshuis staat alles in verbinding met het internet en elkaar, van de wasmachine tot de tandenborstel. “Maar ook op het gebied van voeding en gezondheid gaat de techniek ons steeds meer helpen.” Slimme apps helpen ons om te zien wat er precies in een maaltijd zit en wat ons eetgedrag betekent voor onze gezondheid.

Transparantie sluit het rijtje van Van Dijk af. “We geven ons bewust en onbewust steeds meer bloot, omdat we zien dat dat voordeel oplevert.” De consument kiest voor openheid en laat de privacy-discussie achter zich, het bedrijfsleven maakt goede sier door openheid van zaken te geven over hun bedrijfscultuur en het productieproces. “Maar die transparantie-trend is nog veel breder te trekken. In de mode gaan ze werken met transparante stoffen en interieurontwerpers gaan met glas en licht aan de slag.”

Terug naar de essentie

Spiritueel trendwatcher Donata van der Rassel van Aurora Concepts omschrijft voor 2017 drie verlangens die volgens haar centraal zullen staan. “In de eerste plaats is dat het verlangen om terug te gaan naar de essentie. Mensen zijn weer op zoek naar echtheid.” In de manier waarop mensen eten, leven, wonen en met elkaar omgaan maakt de opsmuk meer en meer plaats voor de basis, ontdaan van alle franje. “Ik verwacht dat op de eettafel en in restaurants het simpele kommetje een opleving doormaakt. Niet alleen om zijn eenvoud, maar ook op de manier waarop je de handen er omheen vouwt - de rust die daarvan uitgaat. Daar zit ook een aspect van mindfulness in.” Het tweede verlangen, dat naar duurzaamheid, ligt in het verlengde van het eerste. “Consumenten verlangen meer en meer naar eerlijke en verantwoorde producten.”

"2017 wordt het jaar waarin we weer in het hart geraakt willen worden"

Authenticiteit is volgens Van der Rassel het derde verlangen. “Interessant wordt om te zien hoe we technologie daarvoor zullen gebruiken. Denk bijvoorbeeld aan augmented reality: ook de digitale wereld raakt steeds meer doordrongen van de hang naar het authentieke.” Dat moet ook bezien worden als een trend richting het unieke, weg van het massale. “Een artiest die zijn liedjes had geüpload zorgde ervoor dat maar één iemand tegelijk zijn liedjes kon luisteren. Juist door die uniciteit groeide de rij enorm.” 2017 wordt, kortom, het jaar waarin we weer in het hart geraakt willen worden, stelt Van der Rassel.

En dit hebben ze gemist

Trendwatchers zitten er ook wel eens naast. “Vorig jaar had ik voorspeld dat er in 2016 ook in Nederland een Trump-figuur op zou staan,” vertelt Adjiedj Bakas. “Een sterke leider, liefst uit het bedrijfsleven, die het volk achter zich krijgt.” Bakas noemt een Wim van der Leegte. “Iemand die het voor het geld niet hoeft te doen en die weet wat er in de samenleving speelt. Maar alle captains of industry in Nederland vertellen me: alsjeblieft niet, die hondenbaan mag je houden. Nul privacy, en niet te vergeten de bakken kritiek die je over je heen krijgt.”

"Wij dachten dat er conservatief zou worden gestemd"

Vincent van Dijk had de keuze voor Trump en de Brexit niet voorspeld. “Wij dachten dat er toch conservatief zou worden gestemd, dat mensen liever het vertrouwde zouden verkiezen boven het onverwachte. Die keuzes maken wel dat alles in een stroomversnelling komt volgend jaar. Verder hadden we het meeste wel goed voorspeld. Maar goed, wij kijken liever niet achterom natuurlijk, maar vooruit.”Donata van der Rassel had verwacht dat de consument in 2016 nog veel meer zou kiezen voor duurzaamheid en voor modebedrijven met een transparante productieketen, mede als gevolg van de grote ramp in de kledingfabriek in Bangladesh van 2013 en de nasleep daarvan. “Maar juist dit jaar zag je bijvoorbeeld dat bij de opening van een winkel als de Primark alsnog dikke, dikke rijen stonden.”

 

Door Michiel Klaassen

Michiel mijmert, is inconsequent en heeft een hart voor schrijven. Hij werkt als redacteur/ verslaggever bij het RTLZ programma Z Today.

We gaan los!

5x draadloze koptelefoons en oordoppen

Apple heeft de standaard mini-jack koptelefoonaansluiting in de iPhone 7 geschrapt. Andere fabrikanten gaan nu ook Apple's voorbeeld volgen. De opmars van de draadloze koptelefoons en oordoppen is daarmee onomkeerbaar.

De mini-jack koptelefoonaansluiting is sinds de zestiger jaren de standaard poort waarop je je koptelefoon op allerlei kleine apparaten inplugt. Apple heeft echter met de iPhone 7 de dood verklaard aan de mini-jack. In de wereld van de moderne elektronica is deze een 'mega-jack' geworden die veel te veel ruimte op de elektronica printplaat in beslag neemt. 

Nog niet zo lang geleden konden draadloze oordoppen en koptelefoons niet goed concurreren met de bedrade koptelefoons. De geluidskwaliteit van draadloos overgeseinde muziek via bluetooth was minder, de verbinding haperde nogal eens en de batterijduur was dusdanig kort dat je met een draadloze koptelefoon het einde van een Atlantische vlucht niet haalde. 

Die bezwaren zijn nagenoeg verleden tijd. De accuduur van draadloze koptelefoons gaat bij veel modellen richting een etmaal, zelfs als ze over stroom slurpende ruisonderdrukking beschikken. Dat geldt overigens niet voor oordoppen die te klein zijn om forse accu's te bevatten. Draadloze oordoppen zoals de AirPods van Apple gaan om en nabij de vijf uur mee.

De bluetooth verbindingen worden ook steeds beter, hoewel de muziek af en toe nog steeds hapert. Dat hoeft niet perse aan de koptelefoon te liggen maar het kan ook veroorzaakt worden door bijvoorbeeld de smartphone met een verouderde bluetooth versie of andere signalen die de verbinding beïnvloeden. Overigens kan je met vrijwel iedere bluetooth koptelefoons of oordoppen handsfree telefoon gesprekken voeren.

Daarnaast worden koptelefoons veel gebruikt om video en televisie te kijken. De huidige smart televisies ondersteunen vaak bluetooth, waardoor je je draadloze koptelefoon ook voor het televisiekijken kan gebruiken. Veel fabrikanten van koptelefoons bieden dergelijke ‘tv’ koptelefoons aan met een eigen draadloze technologie aan die beter geschikt is voor televisie kijken. In tegenstelling tot bluetooth hoef je deze koptelefoons nooit te pairen, worden ze veelal met een dockingstation geleverd waarmee je koptelefoon oplaadt als je niet kijkt en de draadloze verbinding is van hogere kwaliteit als bluetooth. Sommige fabrikanten zoals bijvoorbeeld Sennheiser leveren zelfs koptelefoons die mensen met gehoorproblemen daadwerkelijk goed helpen om het geluid van de televisie veel beter te doen horen.

 

Sony MDR–1000X koptelefoon

Ik ben zeer gecharmeerd van koptelefoons met ruisonderdrukking. Met deze 'noise cancelling' wordt continu omgevingsgeluid zoals het ruizen van wind, vliegtuigmotoren of geroezemoes elektronisch weggefilterd, zodat je daar aanzienlijk minder last van hebt. De koning van de koptelefoons met ruisondrukking is het audiomerk Bose maar Sony doet met de nieuwe draadloze, bluetooth MDR–1000X een serieuze poging om Bose van de troon stoten.

Niet alleen is de ruisonderdrukking van hoge kwaliteit, de geluidskwaliteit is mooi en neutraal, het ontwerp elegant en de batterijduur ligt ook nog ergens tussen de 16 en 20 uur. De meeste bestemmingen met het vliegtuig haal je dan ook zonder opladen.

Het volume aanpassen of pauzeren doe je door de ‘touch’ oorschelp te swipen. Probeert iemand je aan te spreken dan leg je je hand op rechter oorschelp. De muziek dempt en je kan de stemmen om je heen horen. Heel handig. Er hangt echter wel een stevig prijskaartje aan: 399 euro.


Jabra Move koptelefoon

De Jabra Move mag dan wel geen ruisonderdrukking en oorschelp bediening hebben, het is wel een hele goede budget draadloze bluetooth koptelefoon die veel ‘knallen voor je euro’ levert. Je krijgt een lichtgewicht koptelefoon die lekker zit, fraai is ontworpen en boven verwachting goed geluid geeft, zeker gezien de lage prijs.

Helaas haal je met een batterijduur van 8 uur langere vluchten net niet, maar hij wordt - net zoals de meeste draadloze koptelefoons - ook geleverd met een snoer zodat je alsnog de film kan afkijken. De wat kleinere schelpen lekken overigens ook wat omgevingsgeluid dus helemaal afgezonderd ben je niet. Ondanks deze nadelen; een fijne koptelefoon waarmee je het draadloze muziektijdperk zonder hoge kosten kan verkennen. De adviesprijs is 99 euro maar je vindt hem online zelfs voor rond de 70 euro.

Bose Soundsport Pulse oordoppen

De naam van deze oordoppen verklappen het al. De waterdichte Soundsport Pulse leent zich bij uitstek voor de sporter die meteen ook zijn hartslag wil meten. De oordoppen leveren een prima geluid met een lekkere, maar niet overdreven bas. Je hartslag wordt in de Bose app getoond.

De zachte oordoppen zijn comfortabel en blijven goed op hun plaats tijdens het sporten. Heb je kort haar dan vallen ze wel op want ze zijn redelijk groot vanwege de benodigde bluetooth elektronica. De batterijduur is ongeveer 4 uur. Dat is genoeg voor sporten maar niet voor lange reizen. De Bose Soundsport Pulse oordoppen kosten 229 euro. Er is tevens een goedkopere versie zonder hartslagmeter verkrijgbaar voor rond de 180 euro.

Sudio Vasa Bla

Als je geen behoefte aan hartslagmetingen hebt dan kan je voor aanzienlijk minder geld goede, modieuze oordoppen aanschaffen. Waarschijnlijk heb je nog nooit van ze gehoord, maar het Zweedse Sudio maakt uitstekende draadloze bluetooth oordoppen voor 90 euro.

Ze zijn in vier verschillende kleuren leverbaar inclusief een bijbehorend gekleurd leren opberg etui. Bovendien krijg je er een reeks doppen bij, zodat ze in ieder oor passen. De doppen zijn waterbestendig en je kan er dus prima mee sporten. Bovendien is de batterijduur is met 8 uur verrassend hoog en dat geldt ook voor de geluidskwaliteit, die voor de prijs uitstekend is.

Sennheiser RS195

Als je zoals ik - en vele mensen - aan licht gehoorverlies lijdt is de Sennheiser RS195 wellicht een oplossing. Met name bij het televisie kijken.

Deze draadloze koptelefoon is speciaal ontwikkeld om via profielen het geluid op jouw oren aan te passen. Ikzelf hoor bijvoorbeeld slecht in 1 oor in een bepaald frequentie gebied. Met deze Sennheiser schroef ik niet klakkeloos het volume voor dat oor omhoog maar pas ik het frequentie gebied aan voor dat oor.

Ik gebruik deze koptelefoon al bijna een jaar en het maakt het veel makkelijker om bijvoorbeeld stemmen te verstaan van een film. Je kunt overigens een profiel kiezen speciaal voor muziek en uiteraard kan je met de balansknop het volume per oorschelp aanpassen.

Beschik je over een televisie die het ondersteunt dan kan je partner gewoon luisteren via de ingebouwde televisie luidsprekers terwijl jij het geluid via de koptelefoon aanpast naar jouw wensen. Overigens werkt de Sennheiser niet met bluetooth maar een met eigen draadloze techniek die vlekkeloos werkt. De accu gaat bijna een etmaal mee en opladen is een fluitje van een cent door hem op het docking station te hangen.

Twee kleine minpuntjes: de volumeknoppen aan de zijkant van de rechteroorschelp zijn echter moeilijk te vinden met je vingers. Daarnaast zijn de hoge tonen niet indrukwekkend, wel prima voor televisie maar minder mooi voor muziek. Uiteraard is deze koptelefoon alleen geschikt voor thuisgebruik. De RS195 kost 399 euro. 

Door David Lemereis

Uitpak-koning bij Bright. Kent als geen ander de wereld van de aller-, aller-, allernieuwste gadgets.

Who’s the Baas?

Maarten Baas is een van de succesvolste ontwerpers van Nederland. Vanuit een piepklein Brabants dorpje bedient hij samen met tien man personeel een wereldwijde klantenkring. “Ik ben altijd bereid all-in te gaan.”

Twee vervaarlijk ogende maar brave honden verwelkomen de bezoekers van het werk atelier van Maarten Baas, gelegen in het dorpje Gewande in de buurt van Den Bosch. Buiten rijken de aardappelvelden zo ver het oog kan kijken. Binnen, in de twee overvolle schuren die dienen als werk atelier, ruikt het naar hout en metaal. Assistenten van Baas, gekleed in hippe werkkleding, zijn druk in de weer.

Baas behoort, samen met bekende ontwerpers als Marcel Wanders en Piet Hein Eek tot de generatie die afstudeerde aan de Design Academy in Eindhoven en zo’n beetje de definitie werd van Dutch Design. Hij brak in 2002 door met zijn afstudeerproject Smoke; een reeks meubelen, kasten en stoelen die hij een verkoolde look gaf.

Zijn ontwerpen, die een soort kinderlijke lukraakheid combineren met een complexe, vaak hoogwaardige  afwerking, staan in musea en thuis bij celebrities als Brad Pitt en Kanye West. In lounge 2 op Schiphol is sinds dit jaar zijn real-time klok te bewonderen. Als zelf producerend designer ontwerpt, maakt en verkoopt hij al zijn werk in eigen beheer.  

Momenteel legt Baas de laatste hand aan een grote overzichtstentoonstelling in het Groninger Museum die half februari van start gaat onder de naam Hide & Seek. Tijdens de rondleiding door de werkschuren wijst hij op objecten die straks tentoongesteld gaan worden. Later nemen we plaats op de stoeltjes die hij ontwierp voor het tv-programma Zomergasten.

Zat de behoefte om iets creatiefs te gaan doen er al vroeg in?

“Ja, eigenlijk wel. Er werd al vroeg gezegd: die zou wel eens naar de kunstacademie kunnen gaan. Ik was altijd heel nieuwsgierig, op zoek naar nieuwe wegen. Niet zo volgzaam en altijd bezig met muziek en theater. Zeker toen ik ouder werd, werd het helderder.”

Hoe werd er thuis gereageerd op jouw ambitie om in de kunsten te gaan werken?

"Ik ga telkens met mijn broek op m’n knieën staan"

“Ik kom niet uit een gezin waar dat spannend werd gevonden. Misschien bestaat het nog wel, dat ouders zeggen: 'zou je niet iets gaan doen waar je je brood mee kan verdienen?’. Maar mijn ouders hebben me nooit een strobreed in de weg gelegd.”

Wanneer werd je ambitie concreet?

“Ik was vijftien toen ik ontdekte dat er zoiets bestond als ‘een ontwerper’. Daarvoor besefte ik me niet dat alles wat je om je heen ziet is ontworpen. Een vriend van mijn broer, die wat ouder was, had voor zijn studie een stoel gemaakt. Het ontwerp hing op een A4’tje bij hem aan de muur. Ik keek daarnaar en voelde hem inklinken: dit was wat voor mij.”

Kwam dat omdat je dingen wilde maken die niet alleen kunstzinnig maar ook nuttig zijn?

“Het gaf een kader. Dit zijn de afspraken. En daarbinnen kon ik dan gaan pielen. En het leukste is om dan vervolgens met die afspraken te gaan rommelen.”

Trok de lifestyle je ook: als sterdesigner van opening naar opening trekken?

“Dat had je toen nog helemaal niet. De enige sterontwerper die ik kende was Philip Starck die van die dikke koffietafelboeken uitgaf waar zijn naam heel groot op stond.”

Ik stel me voor dat er een oceaan is van ontwerpers. Hoe val je daartussen in godsnaam op?

"Je kunt in twintig musea staan, maar als Brad Pitt je tafeltje heeft gekocht, dan bekt dat wel wat lekkerder"

“Ik voelde op de academie wel al snel dat ik iets te melden had. Ik deed iets wat ik anderen niet zag doen. Dus ik maakte me meer druk hoe ik dat voor het voetlicht moest brengen dan of ik wel onderscheidend genoeg was. Ik ga telkens met mijn broek op m’n knieën staan, als je begrijpt wat ik bedoel. Bijvoorbeeld die gekleide meubelen: die maakte ik in een tijd dat iedereen nog industrieel en rationeel strak bezig was. Als je dan met van die kinderlijke, klungelige dingen komt dan denk je niet, nou dat zal wel gaan scoren. Ik wil er altijd in kunnen duiken met het risico dat het faliekant mis gaat. Ik ga altijd all-in. Alle fiches in één keer. Anders krijg ik er geen energie van.”

Je hebt hier tien man rondlopen. Heb je iedereen uitgelegd dat ze nergens op moeten rekenen, qua baanzekerheid?

“Jazeker. Maar risico nemen is mijn unique selling point. Ik wil geen slaaf worden van mijn eigen bedrijf. En maar weer een stoeltje ontwerpen om de boel aan de gang te houden. Ik wil flexibel zijn en meebewegen met de tijd.”

Voel je je niet verantwoordelijk voor je onderneming?

“Tien man is aardig maar ook niet super veel, voor een wereldwijd merk. Ik kan tachtig procent minder opdrachten krijgen en de boel hier toch draaiende houden. Ik woon goedkoop. Ze zeggen wel eens dat mensen het creatiefst zijn tussen hun twintigste en dertigste. Daarna durven ze met hypotheek en kinderen minder risico te nemen. Ik wil wel risico kunnen blijven nemen.”

Ben je thuis omringd door je eigen meubels?

“Ik heb wel veel dingen van mezelf. Anders zou ik het niet maken. Maar ik heb ook werk van andere ontwerpers. En sommige dingen heb ik niet omdat ze zo duur zijn om te maken dat ik dan een dief ben uit eigen portemonnee.”

Veel last gehad van de Grote Financiële Crisis?

“Ik werk veel met freelancers dus ik kon er heel makkelijk op reageren.”

Misschien dat jouw klantenkring ook wat minder hard getroffen werd.

“Dat is een aanname die vaak wordt gedaan, maar die is niet terecht. Zelfs de top van de piramide die onaantastbaar lijkt, let in dat soort periodes wat meer op de kleintjes. Althans, wat je kleintjes noemt.”

Hoe belangrijk is ondernemerschap in jouw werk?

"Ik heb weleens Ikea gehackt"

“Dat is een onderschatte eigenschap. Alle succesvolle ontwerpers zijn als ondernemer niet op hun achterhoofd gevallen. Hoe ze het bedrijfsmatig aanpakken is wel per ontwerper verschillend. Marcel Wanders heeft het merk Moooi opgezet. Piet Hein Eek stampte een hele fabriek uit de grond. Die koopt een nieuwe machine en berekent dan hoeveel tafels hij moet verkopen om de investering terug te verdienen. Dat zou ik dan weer niet kunnen.”

Hou je creativiteit en business strikt gescheiden?

“Nee, dat loopt door mekaar. Maar daar heb ik geen enkel probleem mee.”

Er hangt om creatieve talenten soms iets treurigs omdat de handige jongens er omheen er meer aan overhouden dan zijzelf.

“Ik voorkom dat ik genaaid word doordat ik de controle houd. Er zijn ongetwijfeld ontwerpers die beter zijn dan ik maar die missen het talent om hun producten aan de man te brengen en een bedrijf te runnen. Het gaat om de hele puzzel. Niet alleen het ontwerp maar alles wat er bij komt kijken. Daarom heb ik altijd het liefste een duidelijke opdracht met een budget en een deadline. Geef mij maar een project.”

Gaat er wel eens iets mis?

“Ik heb wel eens iets gedaan met Fokke de Jong die op z’n vijfendertigste Suit-Supply tot een succes had gemaakt. Die zei altijd: ‘Fouten maken is onze core-business’. Zo kwam ik er tijdens mijn eerste expositie in Milaan achter dat je een persmap moest hebben. Wist ik veel.”

Je gaat bijna ieder jaar naar de beurs in Milaan maar zet je ook in voor de Dutch Design Week in Eindhoven. Waarom?

“Er zijn wel meer beurzen maar van Milaan weet je zeker dat iedereen dat in de agenda heeft staan. Wat mij betreft wordt Eindhoven ook zo’n plek, die zich onderscheidt door tijdens de Dutch Design Week het uniekere, oorspronkelijke werk te tonen. Zou wel mooi zijn. Want dat is lekker dichtbij en dat scheelt weer in de transportkosten naar Italië.”

Er zijn celebrities die jouw werk kopen. Draagt dat bij aan de uitstraling van je merk?

“Je kunt in twintig musea staan, maar als Brad Pitt je tafeltje heeft gekocht, dan bekt dat wel wat lekkerder.”

Hoe kom je daar achter?

“Dat van Brad Pitt vertelde een verkoper. Maar ik heb ook wel eens John McEnroe gehad die tijdens een beurs voor m’n neus stond en een klok wilde hebben. Kanye West kwam ik een keer tegen en die vertelde me dat hij een rood kastje van me had gekocht.”

Wat is jouw best verkopende object?

“Mijn iPhone app! Hahaha. In stuks of aantallen zijn dat mijn kastjes en stoelen uit de Clay-serie. Dan heb je het over tientallen exemplaren, niet honderden.”

Kijk je wel eens op een Chinese wholesale site als Alibaba of je werk wordt gekopieerd?

“Mijn ontwerpen kun je niet zo makkelijk namaken. Het blijven dure producten, dus dan kom je al snel in het hoogste segment waar mensen liever de volle mep betalen voor het origineel. Bij die verbrande meubelen heb ik wel gezien dat het een beetje nagemaakt werd, door barokke meubelen zwart te schilderen.”

Beïnvloedt verkoopsucces je werk? Dat je denkt: laat ik dat trucje nog maar een keer herhalen want dan kan ik er meer van verkopen?

"Met zo’n duur stoeltje kom je er niet mee weg om ‘m in een plasticje te verpakken"

“De keren dat ik dat heb gedaan, ging het helemaal mis. Ik moet het hebben van de oorspronkelijke ideeën. Maar ik heb wel concepten die je breder in kunt zetten. Ik ontwerp geen stoel of kast maar een techniek of een beeld. In datzelfde handschrift maak ik een lamp. Nadat ik klokken ging maken, kreeg ik een aanvraag van Schiphol. Maar dan maak ik wel weer een nieuw, origineel werk.”

Werk je graag samen, met merken of andere makers?

“Ja. Laatst nog in Eindhoven (voor de expositie Maarten Baas makes time red.) met andere kunstenaars en met sterkok Sergio Herman. Ik heb ook wel eens wat in opdracht voor Louis Vuitton gemaakt. Maar die hebben zo’n sterke identiteit en ik ook, dus dat was niet zo makkelijk. Swarovski ging beter. Die zeiden: ‘maak maar iets, als er maar kristalletjes in voor komen’.”

Wat is jouw definitie van Dutch Design?

“Letterlijk vertaald is het Nederlands ontwerp. Maar Dutch Design kun je toespitsen op een bepaalde stijl. Je hebt ook Italiaanse en Franse ontwerpers die volgens deze school werken. Het staat voor conceptuele, zelfproducerende ontwerpers die iets ambachtelijks maken met een twist. Een Italiaan die zo werkt zou ik eerder een Dutch Designer noemen dan Jan des Bouvrie, die hoog heb zitten maar meer op de Italiaanse manier werkt.”

Is Dutch Design nog steeds hip?

“De serie explosies met eerst Droog Design, daarna Lidewij Edelkoort en vervolgens mijn generatie is voorbij, maar de aanwas is nog steeds constant. Dat is ook te danken aan de Design Academy. Nederland is na Italië het belangrijkste land ter wereld op het gebied van design.”

Kun je als ontwerper in jouw branche een beetje goeie boterham verdienen?

“Zelfproducerend, conceptueel en met een eigen werkplaats; vaak niet. Als ik voor mezelf spreek, dan wel. Als je zo’n werkplaats als dit hebt, dan moet je wel een financieel model hebben. Maar als je het uurtarief van de ontwerpers in mijn branche omrekent, dan slaat dat nergens op.”

Waarom wordt creativiteit zo slecht beloond?

"Altijd alle fiches in één keer"

“Je bent telkens het wiel opnieuw aan het uitvinden. Dingen mislukken vaak. Als Ikea een kastje maakt, dan gaat het vervolgens maal een paar miljoen. Een half jaar werk wordt zo uitgesmeerd over talloze stoeltjes. Bij ons ontbreekt die schaalbaarheid. Ook al doe je het zo efficiënt mogelijk, dan wordt die stoel nog steeds duurder dan die van Ikea. Dus je moet je onderscheiden, experimenteel zijn en dan wordt het vanzelf duur.”

Waarna je tegen de vraag aanloopt: willen mensen het dan nog wel hebben?

“Inderdaad. Maar deze werkwijze is moeilijk te veranderen. Er komt ongelooflijk veel bij kijken, niet alleen bij de productie maar ook bij het ontwerpproces. Als het object eenmaal af is, dan moet je het goed presenteren. Dus naar Milaan, voor een dure expositie. Vervolgens is het zo’n duur stoeltje geworden, dat je er ook niet mee wegkomt om ‘m in een plasticje te verpakken. Dus moet er een mooi kistje omheen. Die kist zelf is al duurder dan een stoel van Ikea. Deze manier van werken zit in een onvermijdelijke opwaartse prijsspiraal, ook door de loonkosten.”

Zou je ja zeggen als Ikea je vroeg?

“Alleen als ik kan spelen met wat Ikea is. Ik heb weleens Ikea gehackt. Had ik zelf wat tafels en stoelen gekocht, een chaotisch ding gemaakt en daar vervolgens een gebruiksaanwijzing bij geschreven waarin precies stond hoe je dat maffe ding in mekaar moest schroeven. De gebruiksaanwijzing was uiteindelijk mijn product. Ikea als Lego.”

Overweeg je nooit om voor de productie uit te wijken naar een lagelonenland?

“Nee. Dat werkt niet. Ik zou theoretisch een mal kunnen laten maken om dingen te persen. Maar dan ben je de ziel kwijt.”

Is er een merk Maarten Baas?

“Ja. Je kunt mijn persoon wel over mijn werk leggen. Maar ik heb niet het idee dat ik zelf een super interessante persoonlijkheid ben. Dus daar moet ik het niet van hebben.”

Overweeg je nooit om een pret-a-porter collectie ernaast te beginnen? Toegankelijk voor de massa?

“Het maakt mij niet uit dat de massa mijn producten niet kan kopen. Er wordt altijd over geklaagd: ‘is alleen voor de happy few’. Ik heb daar geen enkel probleem mee. Dankzij de happy few kan ik werk maken waar anderen van kunnen meegenieten. Al is het maar via een plaatje op internet.”

Hide & Seek, Maarten Baas in het Groninger Museum

Hide & Seek heet de overzichtstentoonstelling van Maarten Baas. Iedere zaal in Groningen is volgens Baas ‘een jaar Milaan’. Daarmee doelt hij op de –bijna- jaarlijkse expositie die hij sinds het begin van zijn carrière in Milaan organiseert tijdens de grote designbeurs aldaar. Samen vormen ze de rode draad van de tentoonstelling en laten zien hoe hij zich heeft ontwikkeld. 

Door: Matthijs van der Pol

Heeft een neus voor het buitengewone en schrijft vaak en letterlijk hard over vernieuwing en ondernemerschap. Zijn credo: overal zit een verhaal in.

 

De zes van Roderick

Wat was je eerste, met eigen geld aangeschafte album?

Toen ik 10 jaar werd kreeg ik een pick-up. Ik spaarde de eerste jaren singletjes. Eerste album was een beetje een miskoop. Omdat ik een hele grote Veronica-fan was, kocht ik een elpee over het verdwijnen van de zeezender Veronica. Stonden jingles en fragmenten op, maar geen muziek. Vond ik toch een beetje zonde van m'n geld en heb 'm nog mogen omruilen voor 'The Kick Inside' (1978) van Kate Bush.

Welke single kun je (vrijwel) woord-voor-woord meezingen?

Dat zijn er best wat, maar de meest bijzondere is wel Peret met 'Borriquito'. Was veel op de radio, mijn oom had de single. Het was 1971, ik moest nog zeven jaar worden en ik zong 'm letterlijk mee, in het Spaans.

Welk liedje heeft onterecht nooit in de top 40 gestaan?

Dat zijn er ook heel veel. Zomaar willekeurig vijf:

- Johnny Nash - Falling in and out of love (1971), ondanks de airplay van Leo vd Goot
- Dolly Parton - Jolene (1974+1976)
- Patti Smith Group - Because the night (1978)
- Joe Jackson - Is she really going out with him (1979)
- Eva de Roovere - Fantastig toch (2006)

Gestrest: wat zet je op?

Dave Brubeck, Frank Sinatra, Van Morrison, Penguin Cafe Orchestra, filmmuziek van Yann Tiersen, Mark Hollis, Habib Koité of gewoon Radio 4.

Beste artiest/band/act aller tijden?

Manu Chao & Radio Bemba sound system. Ik heb ze gezien 2001 in Paradiso; waanzinnig.

Wat moet iedereen minstens een keer luisteren voor hij/zij definitief de ogen sluit?

Herbert Grönemeyer - Flugteuge im Bauch

I know you’ve got…

Autotest: de Kia Soul

Met de elektrische Kia Soul hebben de Koreanen een allemansvriend gebouwd die zowel stevig als soepel is.

De auto

Geef je neefje van vijf een vel papier een stel stiften en vraag een auto te tekenen. Dan komt er zoiets uit als deze Kia Soul, een archetypisch blokkendoosje op wielen dat vooral afwijkt door de velgen die de auto iets futuristisch meegeven. De Soul wekt, bekeken door de wimpers, nog wel meer associaties op. Bijvoorbeeld met een te heet gewassen Landrover, of -met wat meer fantasie- met een Range Rover Evoque, al zullen diens eigenaressen daar vast heftig tegen protesteren. Opvallend is verder de naamvoering van deze Kia. Waar andere Kia-modellen pizzeria-achtige namen hebben als Primo of Sorento, heet deze simpelweg Soul. Stiekem vermoeden we dat Kia hiermee de rest van de wereldbevolking nu voor eens en voor altijd wil leren hoe men de naam van de hoofdstad van Zuid-Korea dient uit te spreken. Soul. Zo dus.

De techniek

In tegenstelling tot de eerdere EV’s die we testen, is deze Soul niet als puur elektrische auto maar als diesel- en benzinewagen ontworpen. De diesel is inmiddels uit het assortiment en vervangen door dit elektrische werkpaardje. Met de toevoeging van een battery-pack is de wagen wel driehonderd kilo zwaarder geworden. En dat merk je in de bochten.

Het is van alle EV’s die we tot nu toe bestuurden degene met de laagste range: na een volle laadbeurt staat er een luttele 119 kilometer op de teller. Wat mee kan spelen is dat Kia geen echte testauto ter beschikking had, maar zo vriendelijk was een privé-exemplaar van de dealer in Utrecht ter beschikking te stellen. Dagelijks gebruik voor woon-, werkverkeer hebben de batterijen kennelijk op de proef gesteld.

De rijervaring

Qua rijgedrag is de Soul, door Kia als ‘mini-MPV’ in de markt gezet, een prettige ervaring. De hoge instap is vast ook favoriet bij een wat oudere doelgroep. Doordat je sowieso wat hoger zit, is er veel uitzicht over de weg en de mede-weggebruikers. In de stad rolt de Soul soepel over de snelheidsdrempels en bochten zijn nooit een probleem, al voel je hier soms wel het middelpuntzware gewicht van de accu’s in de bodem. Op de snelweg is de auto fluisterstil. Ook inparkeren is een fluitje van een cent.

Conclusie

De Kia Soul is niet echt opwindend, spannend of indrukwekkend. Maar wekt ook geen verwachtingen die niet waargemaakt worden. Het is een tamelijk pretentieloze no-nonsense auto die een speels uiterlijk heeft gekregen en tegelijk een volwassen rijervaring biedt. Kia belooft in de toekomstige modellen verbeterde accupakketten in te bouwen waarmee het bereik aanzienlijk verbeterd gaat worden. Want dat is wel een beetje een punt van deze EV: met 119 kilometer range op de teller krijg je sterk het gevoel de hele tijd met een bijna lege tank te rijden.

Eindscore voor de Kia Soul:

Een nieuw begin

Ieder jaar heb ik het weer. Die laatste weken van december werk je toe naar het einde. Maar welk einde precies? Want op een nieuwsredactie werk je gewoon door met kerst en oud & nieuw, en daarin zijn we echt niet alleen. En toch voelt januari als een nieuw begin. Nieuwe ronde, nieuwe kansen. Tijd om er weer volle bak tegenaan te gaan, op het werk en privé. Hopelijk heb je met de Kerstdagen - naast alle verplichtingen - ook wat tijd gehad om iets te lezen. Zo niet, dan geef ik je wat tips om het nieuwe jaar goed te beginnen. En dat doe ik deze keer niet alleen: RTLZ-presentatrice Elianne Kuepers tipt het eerste boek in dit rijtje:

 

Tim Ferriss (van de 4-urige werkweek) - Tools of Titans: The Tactics, Routines, and Habits of Billionaires, Icons, and World-Class Performers (2016)

Zonder twijfel het beste boek dat ik dit jaar gelezen heb. Tech-ondernemer Tim Ferriss ontleedt met chirurgische precisie de geheimen van 200 mensen die excelleren in hun vak. Ferriss geeft je een schop onder je kont en zorgt dat je het maximale uit je dag en je leven haalt. Sinds ik dit boek uit heb, sta ik elke ochtend om 5u30 op. Tegen de tijd dat het 8u00 is, loop je dan mijlenver voor op de rest van de wereld! Respect Elianne!

 

Renate Dorrestein - Zeven soorten honger (2016)

Heb je het goede voornemen om wat af te vallen de komende tijd, lees dan dit boek ter inspiratie. Zeven soorten honger speelt zich namelijk af in een luxe kuuroord, waar de elite kan komen om de nodige kilo’s kwijt te raken. Voortijdig afhaken is er niet bij: dat kost je namelijk een netto jaarinkomen. Dorrestein is één van de leukste Nederlandse schrijvers, wat mij betreft. Haar boeken zijn steeds weer verrassend en actueel. Natuurlijk is er altijd drama, maar haar toon blijft opgewekt en vrolijk.

 

Kader Abdolah - Papegaai vloog over de IJssel (2014)

Een nieuw begin is natuurlijk een veel groter thema in deze tijd. Want zoveel vluchtelingen wacht een nieuw begin in een vreemd land, waar ze niet altijd met open armen worden ontvangen. Papegaai vloog over de IJssel is het verhaal van een vader die met zijn dove dochtertje naar Nederland komt, waar zij als enige buitenlanders komen te wonen in een klein Overijssels dorpje. Gelukkig is de ontvangst redelijk hartelijk, maar desondanks is Nederland echt geen walhalla voor een vluchteling. Iets wat veel mensen hier zich nauwelijks kunnen voorstellen. Maar ja, dit is dan ook ons thuis.

 

Nicolò Ammaniti - Het laatste oudejaar van de mensheid (2003)

Eén van de grappigste en meest absurde boeken die ik ken. Party like it’s 1999 krijgt hier een heel andere betekenis. Op deze oudejaarsavond leren we in korte tijd een heleboel bijzondere Italiaanse karakters kennen. Eén van hen wil graag dood, de rest niet. En je raadt het al (of misschien wel niet eigenlijk): aan het eind zijn ze vrijwel allemaal dood… op eentje na. Tja, en hoe begin je dan opnieuw?

 

Goede voornemens? 'We hebben helemaal geen zin om te veranderen'

Januari is de maand van de goede voornemens. Maar zijn we eigenlijk niet het hele jaar door bezig om ons leven, -privé en professioneel- te veranderen? En heeft dat eigenlijk wel zin? Volgens deskundige Martin Apello is het geloof in verandering vooral ijdele hoop. Maar dat betekent niet dat alle hoop verloren is.

'Als je bij Bol.com op gedragsverandering zoekt, krijg je eerst honderden boeken die schreeuwen dat het kan. Mijn boek (red. Waarom veranderen (meestal) mislukt) staat daar ergens zielig in een hoek', zegt Martin Appelo. Hij is GZ-psycholoog, cognitief gedragstherapeut, spreker en auteur. Van zijn hand verschenen onder meer de bestseller Socratisch motiveren, Het gelaagde breinHet innerlijk bureaublad en Een spiegel voor narcisten.

Appelo zet serieuze vraagtekens bij het wijdverspreide geloof in verandering. 'Dieet- en zelfhulpboeken blijven gouden bergen beloven, terwijl cijfers dit tegenspreken. Slechts 10 tot 20 procent van van de mensen is in staat om leefstijlveranderingen voor langere tijd vol te houden.' Wat we volgens Appelo nodig hebben is een flinke dosis realiteitszin. 'De mens is veel minder veranderingsbereid dan wordt beweerd.'

Dat we als mens liever doorsukkelen met (schadelijke) gewoontes, heeft volgens Appelo onder andere met de huidige tijdsgeest te maken. 'We leven in de eeuw van de amoebe. Niets moet en alles mag. Zo comfortabel en luxe als nu hebben we het nog nooit gehad. We hoeven ons bijna nooit echt zorgen te maken of we wel een dak boven ons hoofd hebben of genoeg eten. Toch roept iedereen overal dat we de hele tijd van alles moeten veranderen. We moeten meer aandacht voor elkaar hebben, reorganiseren, minder suiker gebruiken. Daar wringt het al. Voor de meeste mensen is er helemaal geen echte noodzaak om te veranderen.'

Onze tijdsgeest verklaart echter maar klein deel waarom we 's ochtends roepen dat we willen afvallen en 's avonds onze tanden in een bitterbal zetten. De hoofdoorzaak moet gezocht worden in de werking van ons brein. Om dit verhaal te snappen, serveert Appelo ons een minicollege hersenanatomie:

Onderste laag van het brein: ook wel bekend als het reptielenbrein. Het wordt gevormd door de hersenstam en het ruggenmerg. Het regelt zaken die noodzakelijk zijn om in leven te blijven zoals hartslag, lichaamstemperatuur, ademhaling en het verteren van voedsel. Bij hogere diersoorten als de mens is het reptielenbrein ook betrokken bij zaken als fietsen of chips eten als je Netflix kijkt. Het is gedrag dat we zelf vaak omschrijven als ‘Ik ben het zo gewend’.

Middelste laag: het limbische brein of zoogdieren brein. Het regelt emotionele zaken als angst, woede, vreugde en verdriet en laat zich leiden door beloning en straf. Als iets lekker is of goed voelt, gebeurt het vaker. Of iets ongezond is, doet er niet toe.

Bovenste laag: de verstandige neocortex. Zorgen de onderste lagen onbewust voor overleven en voortbestaan, de bovenste laag denkt erover na, maakt er verhalen bij, praat erover en maakt plannen om het allemaal nog beter te laten gaan. De neocortex kwam in de evolutie pas 500 miljoen jaar later tot ontwikkeling dan de dierlijke lagen en heeft nauwelijks een vinger in de pap als het aankomt op ons gedrag.

De beschaafde neocortex kan zich onder invloed van reclames over een gespierder lichaam of een zorgenvrij leven van alles voornemen, maar de dierlijke lagen kunnen ervoor zorgen dat we er niet eens aan beginnen of steeds terugvallen in oude patronen. De neocortex maakt er dan een mooi verhaal bij: je leeft maar een keer, morgen weer een kans of het lag niet aan mij.

Erkennen dat het zoogdier in jou veelal jouw gedrag bepaalt, kan een lastige dobber zijn voor mensen die zichzelf als de bekroning van de schepping zien. Maar het vormt de eerste stap naar duurzame gedragsverandering.

Succesvol veranderen
Het is een belangrijke reden dat Barbara van der Steen, psycholoog/coach en docent bij The School of Life, bij veranderingsprocessen voornamelijk op gewoontes gericht is. Via haar bedrijf InPlace helpt ze werknemers die zich om willen vormen tot ondernemers. Voor dat proces trekken ze minimaal een half jaar voor uit. 'Alles wat we doen is gericht op gedrag. Dat gaat tot op het niveau van 'hoe laat ontbijt je?' en 'wanneer bezoek je je moeder?' We blijven zoogdieren met routines. Onze aard is behoudend, we houden van onze bekende patronen. Het enige wat je kunt doen om die te veranderen, is nieuwe, sterkere routines inbouwen. Dat kost tijd en discipline.'

Een belangrijk onderdeel van het ondernemerstraject is het werken in een groep. Volgens Van der Steen wordt groepsdynamiek nog veel te weinig ingezet bij veranderprocessen. 'Kijk naar de zorg: daar zit meestal een gezond persoon tegenover een ongezond persoon. Terwijl de verbinding van een groep essentieel kan zijn om verder te komen.' Herkenning, wegvallen van schaamte, steun, tips, opbouwen van een (sociaal) netwerk; het zijn een paar voordelen die Van der Steen noemt wanneer je werkt aan verandering binnen een groep mensen die een doel of probleem delen.

De aanpak binnen InPlace van Van der Steen en haar collega’s blijkt succesvol: de overgrote meerderheid van hun deelnemers heeft binnen een half jaar een levensvatbare onderneming opgezet. Maar daarbij moet gezegd worden dat alle ondernemers in spe uit eigen beweging komen, bereid zijn te betalen voor het traject en dus al intrinsiek gemotiveerd zijn. 

Moet je het überhaupt proberen?
Intrinsieke motivatie is ook volgens Appelo een absolute voorwaarde om tot duurzame verandering te kunnen komen. Om te voorspellen of je überhaupt een poging moet wagen een betere versie van jezelf te worden, heeft de gedragstherapeut een formule ontwikkeld:

Duurzame gedragsverandering = innerlijke drang (lijdensdruk + een alternatief om naar uit te wijken) x discipline x interne attributie

Om erachter te komen hoe je scoort in deze formule, moet je jezelf vragen stellen. Wat wil je bereiken? Hoeveel last ondervind je van een gewoonte? Kun je een alternatief voor je zien? Kun je een gewoonte veranderen, ook als anderen dat niet leuk vinden? Kun je sociale druk -doe niet zo ongezellig! Neem een kroketje!- weerstaan? Ben je bereid eventuele voordelen -bier is lekker en depressief op de bank zitten is makkelijk- van je oude gedrag op te geven? Kun je accepteren dat het probleem aan jezelf te wijten is of dat je er in ieder geval invloed op hebt?

Als je denkt dat je deze vragen positief kunt beantwoorden dan is de score hoger dan nul. Scoor je op een van de onderdelen van de formule nul, dan kun je volgens Appelo je goede voornemens beter laten voor wat ze zijn. Dat moet je volgens de psycholoog niet zien als een kwestie van falen. 'Je gaat simpelweg de realiteit onder ogen zien. Dat is een stuk prettiger dan in een eindeloze cirkel blijven hangen van goede voornemens, falen, vergeten, goede voornemens, etc.' 

Blinde vlek
Van der Steen ziet het iets minder zwart-wit. 'De vraag is: hoe kunnen we gedragspatronen creëren die ons helpen nu we alles zelf kunnen kiezen? Ik denk dat dit de uitdaging van de 21ste eeuw is. Er zijn genoeg mensen die wel willen veranderen, maar ze weten niet waar ze bijvoorbeeld hun discipline vandaan moeten halen. Het is ons vak erachter te komen waar de blinde vlek van mensen zit.'

MISSCHIEN LIGT HET TOCH AAN MIJ

Martin Appelo weet uit ervaring hoe moeilijk is om te veranderen. Hij heeft een narcistische persoonlijkheid en deed er 48 jaar over om dat toe te geven. Pas toen hij in het ziekenhuis belandde (lijdensdruk), kon hij erkennen dat het anders moest. 'Ik dacht: als zelfs mijn lichaam het niet met mij uithoudt, dan zal het wel aan mij liggen.' Met heel hard werken is Appelo milder geworden naar mensen in zijn omgeving:

Door Rachel van de Pol

Is naast het schrijven van haar boek dagelijks druk met het verrichten van een heldendaad. 

Al dertig jaar futureproof

Roy de Scheemaker ontwierp de Pallone als een verlaat eindexamenobject. Zo groeide zijn eerste, echte werk uit tot een evergreen.

Interior designer Roy de Scheemaker zat nog op de HKU toen hij de Pallone ontwierp. Althans, hij had de stoel in de basis gemaakt maar de verfijning ontbrak nog.“En ik had eigenlijk geen geld voor de stoffering.” Hij kon hem dus niet indienen.

Vlak na zijn opleiding in 1988 kreeg hij via zijn nieuwe werkgever de opdracht om het Huis van de Toekomst in te richten, een initiatief van Chriet Titulaer die destijds het tv-programma Wondere Wereld maakte. Een grote kans voor De Scheemaker die zichzelf  overigens meer interieurarchitect voelde dan meubelontwerper.

“Wij zijn toen naar Leolux gestapt. Zij hadden als enige de ambachtelijke vaklui in dienst die de ovale vormen mooi konden stofferen in leer.” Hij wilde de stoel graag toevoegen aan de totaalinrichting, die louter uit prototypen bestond, maar kende slechtst één Nederlandse fabrikant die het meubel goed zou kunnen produceren.

In eerste instantie was niet iedereen enthousiast bij Leolux. De Scheemaker: “Gelukkig geloofden de directeur en verkoopdirecteur van Leolux wel in het ontwerp.” Eind jaren tachtig was Leolux een degelijk en kwalitatief hoogwaardig merk dat vooral oudere welgestelde stellen aansprak. Met deze stoel, zo was de gedachte, zou er gelegenheid zijn om een nieuwe jongere doelgroep te bereiken.​

De stoel werd een instant-succes. In 1989 ontving De Scheemaker prijzen voor het beste meubeldesign, in zowel Nederland, Duitsland en Zwitserland. Zijn naam als ontwerper was gevestigd. “Je bent jong..., je hoofd zit vol ideeën..., Leolux wilde meewerken.... Alles viel op zijn plek.”

Halverwege de jaren negentig start hij een eigen meubellabel dat goed loopt, maar na een tijdje begon het  interieurontwerpen weer te trekken waarna hij toch verder ging als interieurarchitect. “Een meubel daar loop je omheen, een interieur daar loop je doorheen. Dat is een wereld van verschil.” De Scheemaker ontwerpt inmiddels interieurs voor villa’s, winkels als Skins Cosmetics en kantoren.

Achteraf vindt hij het niet makkelijk om het succes en vooral de lange houdbaarheidsdatum van de stoel te verklaren. “Ik heb later nog wel eens een sofa  ontworpen voor Leolux en daar werden er dan tien van verkocht.”

Volgens De Scheemaker is de kracht van de Pallone dat hij compact, innovatief en veelzijdig toe te passen is. Hij doorbrak er destijds het dogma mee dat vorm altijd de functie moet volgen. “Hier was het ‘form follows idea’.

Nog steeds vindt hij het leuk om ergens een winkel binnen te stappen en te zien dat zijn stoel als blikvanger bij de entree staat. Sowieso kijkt hij met veel genoegen terug op zijn designklassieker: “Ik heb er een mooie woning in Amsterdam-Zuid aan overgehouden.”

‘Mijn leven is een Amerikaanse roman’

Remco Claassen was voor hij een veelgevraagd leiderschapstrainer werd, werkzaam in de IT als programmeur en verkoper. “Ik was veel te verbaal en sociaal om achter een computer te zitten.”

Voor het gesprek van start gaat waarschuwt Remco Claassen: “Je moet me wel vaak onderbreken hoor. Als ik eenmaal ga praten sta ik op zenden.” Claassen is vandaag de dag vooral bekend als coach en spreker. Hoewel hij nu een household name is in de wereld van de training en coaching, zag de start van zijn carrière er bepaald anders uit.

"Alle seinen stonden op rood"

Gangmaker

“Cito-toetsen wezen uit dat ik een beta-pakket moest nemen, dus dat heb ik gedaan. Ik kwam uiteindelijk op de HTS terecht waar ik ‘cum fraude’ afstudeerde.” De tijd waarin Claassen de arbeidsmarkt betrad, was begin jaren negentig. Er was destijds een explosie van IT-bedrijven, dus het vinden van werk was geen probleem. Claassen: “Er gebeurde van alles. Je had ondernemers als Eckhart Witzen. Daar ging ik werken.”

Als snel bleek dat achter een computer zitten niks voor Claassen was.  Na vier jaar programmeren hield hij het voor gezien. Zijn toenmalige werkgever, de voorloper van het huidige Ordina, pushte hem in de richting van de sales: “Ik was een gangmaker. Veel te verbaal en sociaal.”

Dilemma

Claassen had de ongelooflijke mazzel, zegt hij terugkijkend, dat er geld in overvloed was bij de IT-bedrijven en dat dit betekende dat er navenante opleidingsbudgetten waren. Bij het inhuren van trainers voor salesmensen zoals hij, werd er niet op een dubbeltje gekeken. “Ik kreeg de kans om alle toppers uit het vak voorbij te zien komen zoals Anthony Robbins en Stephen Covey.” Claassen vermoedt dat het hier ergens ‘mis’ is gegaan.

“Wat zij deden wilde ik ook gaan doen. Dat stelde me wel voor een dilemma: mensen in mijn omgeving verklaarden me voor gek. Ik was negenentwintig, verdiende anderhalve ton per jaar en had een mooie leasebak met een autotelefoon. Ik had het gemaakt! Waarom zou ik dat opgeven voor een onzeker bestaan als trainer in zaaltjes?”

"Ik was bereid om mijn welvaart op te geven"

Hij besloot toch door te zetten, vooral omdat het salesvak alle energie uit hem leek weg te zuigen. “Alle seinen stonden op rood. Ik kwam voor de vraag te staan: doe ik iets wat ik kan of wil ik succesvol worden?” Hij beschrijft zichzelf in die tijd als ‘kwispelaar’. “Ik deed dingen om anderen tevreden te stellen. Maar zelf kreeg ik er geen energie van.”

Een dosis geluk

Naast de ruimhartige opleidingsbudgetten, die Claassen in de baas z’n tijd de gelegenheid bieden om nieuwe skills te leren, heeft hij nog ergens geluk mee: “Mijn laatste baas zag me worstelen en heeft me toen van sales manager, personal development manager gemaakt. Zo kon ik binnen het bedrijf mijn eerste ervaring opdoen als personal coach en trainer.”

Zo kon Claassen vanuit de veiligheid van een vaste baan, zijn werkende leven over een andere boeg gooien, en tegelijk de eerste ervaring opdoen. Best wel een droomstart toch? Claassen: “Als je geluk hebt, bereik je je doelen sneller.”

Uiteindelijk zet hij de grote stap en begint volledig voor zichzelf: “Ik was bereid om mijn welvaart op te geven.” Kennelijk was er grote behoefte aan wat hij te vertellen had, want vanaf dag een lopen de zaken boven verwachting. “De mensen uit de tweede sessie waren getipt door de mensen uit de eerste sessie. En zo ging het maar door.” Claassen heeft nimmer spijt gekregen: “In het eerste jaar dat ik leiderschapstraining gaf,  verdiende ik al meer dan in de sales.”

Tip

Twintig jaar later is rondom Remco Claassen een hele school ontstaan, ondersteund met onder meer boeken (de vijfde komt er aan), e-learningprogramma’s, coachingsessie’s en noem maar op. Hij heeft nog wel een tip dan wel waarschuwing voor mensen die ook het gevoel hebben dat ze vast zitten in hun baan: “Als je werk meer energie kost dan het oplevert, dan brand je op een gegeven moment op.”

5 prikkelende vragen aan psychiater Bram Bakker

Op het zogenaamde Blue Monday -16 januari 2017- vindt het Depressiegala plaats in Theater Amsterdam. Onder anderen The Voice winnares Laura van Kaam, cabaretier Mike Boddé en voetbalkenner René van der Gijp zullen acte de presénce geven. Het brein achter het gala is Nederlands bekendste psychiater Bram Bakker. Hij schrijft, rent (veel en hard), staat op het toneel, geeft boeken uit, leidt een verslavingskliniek en arbeidsconsultancy en organiseert dus feesten met een zwart randje. Een mooie gelegenheid om naar de gemoedstoestand van Bakker zelf te informeren.

Is een depressiegala niet tegenstrijdig?
We hebben expres voor dit woord gekozen. Depressie associëren we met somberheid, gala met feest. Depressie is een ziekte, maar je kunt het in tegenstelling tot een gebroken been, niet duidelijk zien bij mensen. Mensen die ermee kampen kunnen nog steeds grappig, getalenteerd of ambitieus zijn. Die kant willen we op het depressiegala belichten. Er is veel ruimte voor zelfspot en humor. Mijn oma zei altijd: ‘Gedeelde smart is halve smart.’

Heb je zelf ooit met een depressie te maken gehad?
Nee, ik heb tot nu toe mazzel gehad. Een depressie kan iedereen overkomen. De een heeft alleen minder aanleiding nodig om depressief te worden dan de ander. Misschien heb ik wel weinig aanleg. Maar ook mensen met weinig aanleg kunnen een dusdanige bak ellende over zich heen krijgen dat ze overmand worden door depressie. Die pech is mij bespaard gebleven.’

Jouw resumé vult eenvoudig een boekwerk. Hoe houd je zo’n druk leven vol?
Het precieze antwoord heb ik niet. Het voelt in ieder geval niet alsof ik druk ben. Dat laatste komt denk ik door drie dingen. Als ik op vakantie ben, doe ik echt helemaal niets. Mijn telefoon gaat op voicemail en ik check mijn mail niet. Wanneer ik wel aan het werk ben, maak ik altijd tijd om te hardlopen. Dat is mijn manier om te ontspannen. Zodra je het te druk hebt om bijvoorbeeld te tuinieren of muziek te maken, ben je verkeerd bezig. Die tijd bepaalt namelijk of je het volhoudt. Boven alles probeer ik me bezig te houden met dingen waar ik goed in ben, al het andere koop ik af. Dat scheelt bakken tijd en stress.

Geloof jij in de maakbaarheid van het leven?
Nee. Sommige mensen maken de gruwelijkste dingen mee. Daar heb je echt geen invloed op. Dat betekent echter niet dat je je eigen aandeel niet in het leven moet nemen. Ga niet klagen over je partner; werk aan je relatie of verbreek hem. Bepaalde dingen heb je wel zelf in de hand. Mensen die het gevoel hebben dat ze invloed op hun leven hebben, zijn significant gelukkiger dan mensen die denken dat alles ze maar overkomt.

Heb jij nog goede voornemens voor 2017?
Ik wil de hele triatlon lopen. Op 9 juli doe ik mee aan de IronMan (red. 3,8 km zwemmen, 180 km fietsen en 42,2 km rennen) in Zweden. Het trainingsschema heb ik al klaarliggen. Ik heb al tig marathons gelopen. Ik weet dan ook zeker dat het me gaat lukken. Het is meer een kwestie van: het moet weer eens even.

Waarom vervelen niet vervelend is

Wakker worden van de wekker op je smartphone. Voordat je voeten naast je bed staan, heb je de hoogtepunten van het nieuws (en de virals uit Amerika) al op je netvlies. We vliegen van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat van belevenis naar belevenis en het lijkt erop dat vervelen een kunst is geworden. En dat is jammer, want een beetje verveling is zo bevorderlijk voor je creativiteit.

"In onze zoektocht naar nieuwe ervaringen wint de technologie het steeds vaker van de cultuur," ziet Filosoof de Vaderlands Marli Huijer. "Blijkbaar moeten we dingen meemaken om een leven te hebben. En als we ze niet zelf meemaken, dan willen we het via allerlei technologische hulpmiddelen zien bij anderen."

Het lijkt steeds moeilijker om te niksen. Want, als je nikst ligt verveling op de loer en verveling is een teken dat er iets niet klopt. Je hebt het niet naar je zin en daarom zoek je naar prikkels om dat nare gevoel weg te poetsen. En zo komt het dat we 200 keer per dag naar het schermpje van onze smartphone staren in plaats van dat even uit het raam turen of een ommetje maken als onze aandacht verslapt.

Creatief in je kop
Wat als je niet vlucht voor verveling en het teken serieus neemt? Er klopt iets niet, dus moet je iets veranderen. Duits onderzoek toont aan dat de prefrontale cortex in onze hersenen actief wordt als we ons vervelen. Dat is het gebied waar het verwerken van emoties, het bewaren van herinneringen en het nemen van beslissingen plaatsvindt. Hoe meer het even kabbelt in je hoofd, hoe sterker de reactie op dit gebied. En juist dat gebied voedt de creativiteit.

Je kent het vast wel: de beste ideeën komen op het moment dat je je losgemaakt hebt van je werk. Na het hardlopen bijvoorbeeld, of onder de douche. Je onderbewuste denkproces gaat door, terwijl jij je in een soort ontfocussing-fase bevindt. En die ontspanning geeft je creativiteit de ruimte. Het tegengestelde geldt ook: wanneer je belevingen blijft zoeken, blijft je hoofd aan het werk. Prikkels zijn een vorm van stress en daardoor blijft je frontale cortex geactiveerd. Dit belemmert je creativiteit en je wordt er nog moe van ook. Dus welk gevoel poets je dan eigenlijk weg?  

Vervelen op commando

Oké, maar hoe dan? Je dag is gewoon vol en je baan is nu eenmaal druk. Je bent blij als je eens een avondje kunt Netflixen. Dan zoek je nog steeds naar een belevenis. Dus in feite heb je er niks aan. Huijers idee: plan verveling bewust in. Elke week. "Laat bijvoorbeeld de zaterdag helemaal leeg. Zet je mail uit en je telefoon op stil. Geen afspraken, geen moetjes. Het voelt even ongemakkelijk om niks te doen, maar je zult zien dat lijf en hoofd er vanzelf aan wennen. Ze gaan zich vormen naar de rust die komt."

Vroeger, in de tijd dat de winkels nog dicht waren en er niet overal internet was, hadden we zondagen die eindeloos leken te duren. Je verveelde je kapot en het voelt voor velen als een opluchting dat die tijden voorbij zijn. Toch was die saaiheid wel een zegen. Lichaam en geest hebben het nodig om regelmatig tot stilstand te komen, stelt Huijer. Persoonlijk en in je werk. "Alleen dan kom je tot nieuwe ideeën. Voor creativiteit moet je uitgerust zijn."

En verder, vindt Huijer, moet je voor verrassend resultaat vooral gewoon aan het werk gaan. De combinatie van ambacht en creativiteit zorgt dat je tot nieuwe inzichten komt. "Het is de rust die ervoor zorgt dat wat je 10 keer doet, de elfde keer eens anders gaat. Zo voed je je talent."

Dagelijks lummelen

Zie verveling dus maar als een cadeautje. Het is een kans in plaats van een last. Schrijver Alexander Pang gaat zelfs nog een stukje verder en pleit voor een paar uur vervelen per dag. Hij is groot voorstander van de vijf á zes-urige werkdag. Een paar uur buffelen en dan bewust ruimte maken voor verveling en dus voor creativiteit.

Zijn tip: werk twee uur totaal gefocust op één ding en stop dan, ook als het niet af is. Neem daarna een actieve pauze van een minuut of twintig. Loop een stuk buiten, trap een balletje of kook een uitgebreide lunch. Laat tijdens deze pauze je mail en je telefoon voor wat ze zijn en geef je gedachten de kans om te dwalen. Doe dit later op de dag nog een keer en je zult zien dat je veel fijner en vooral succesvoller werkt. 

Als je werk doet waar je van houdt is het vaak moeilijk om niet te veel hooi op je vork te nemen. Maar júist als je werk hebt waar je van houdt, moet je jezelf rust gunnen om dat werk beter te kunnen doen. Om het met de woorden van Alex Pang te zeggen: ‘The more you love your work, the more you have to take rest from it.’

Waarom eigenlijk?

Volgens de Duitse hoogleraar Thomas Goetz is niet alleen de constatering, maar ook de aard van je verveling van belang. Hij onderscheid vijf typen: 

1. Onverschillige verveling. Een rustige soort, waarin het je eigenlijk niet zoveel kan schelen dat je je verveelt. 

2. Kalibrerende verveling. Wat onprettiger, waarbij je gedachten afdwalen naar wat je allemaal beter zou kunnen doen. 

3. Zoekende verveling. Je vindt het irritant om je zo te vervelen en gaat actief op zoek naar iets leukers om te doen. 

4. Reagerende verveling. Het ergste type, want hierin zet je je af tegen je verveling, bijvoorbeeld met rusteloos of zelfs agressief gedrag.

5. Apathische verveling. Je voelt je naar en lusteloos en je gevoel neigt naar dat van een depressie. 

Over type 4, reagerende verveling, gaat de documentaire Boredom die deze week te zien is op RTL Z. Filmmaker Albert Nerenberg onderzoekt waarom er over zo'n veel voorkomend fenomeen eigenlijk zo weinig bekend is en laat zien hoe groot de gevolgen zijn van het negeren van verveling. 

Dus, mocht je nou echt niet weten wat je met jezelf aanmoet vanmiddag, gun jezelf dan gewoon een uurtje schermtijd en kijk Boredom.   

De keerzijde van verveling: een bore-out

Wanneer je je in je werk kapot verveelt, loop je kans op een bore-out. Je wordt dan letterlijk ziek van het gebrek aan uitdaging en variatie. Als je dag in dag uit om 14.00 uur al klaar bent met je taken voor die dag levert dat uiteindelijk meer stress op dan wanneer je flink moet aanpoten om de dag met een afgevinkt to-do-lijstje te eindigen. Te weinig uitdaging is dodelijk voor je creativiteit, dus trek op tijd aan de bel. 

De Zelfbouwers

Opvallend vakantiehuis in het bos

Een buitenhuis wilden ze wel maar daarvoor uren in de auto naar Zuid-Frankrijk zitten niet. Dus viel de keus op het plaatsje Wellerlooi in de Limburgse Maasduinen, waar Rene Verbruggen en Dominique van der Lingen een duurzaam boshuis lieten bouwen.

Architect: Joop Bensdorp
Vloeroppervlak: 300 m2
Kavel: bosperceel van vijf hectare
Bouwtijd: Vijf maanden

De locatie: Rene Verbruggen en zijn vrouw Dominique van der Lingen kochten acht jaar geleden een oud boerderijtje in de Limburgse Maasduinen, een fraai natuurgebiedje bij het kerkdorp Wellerlooi dicht tegen de Duitse grens. Het stel woont in Haarlem en zocht een buitenhuis op niet al te grote afstand. Verbruggen: “We wilden op vrijdagavond om half negen in de auto kunnen stappen en dan twee uur later arriveren. En op zondagavond weer terug.”

Het stel startte een zoektocht op internet en kwam uit in Limburg. Ze waren gelijk verkocht toen ze de Maasduinen zagen, een prachtig oud duinlandschap waar de reeën, vogels en konijnen rond fladderen en dartelen. De oude boerderij viel ook in de smaak maar spoedig kwam er een kink in de kabel: “Mijn vrouw kon steeds slechter lopen. Toen besloten we een nieuwe, gelijkvloerse woning te bouwen, een bungalow.”

De voorbereiding: “We besloten een groot vakantiehuis te laten bouwen. Het moest tegelijk ruimte bieden aan veel mensen, een man of vijftien. Maar ook gezellig en intiem zijn als we er met z’n tweeën zijn.” Vanwege de volstrekt natuurlijke omgeving was het vervolgens logisch dat ze dit zo duurzaam gingen doen, aldus Verbuggen. Met de kanttekening dat ze het begrip duurzaam niet ‘religieus’ benaderden.  

De architect: Via-via hoorden Verbruggen en zijn vrouw van architect Joop Bensdorp die al twintig jaar één van de voorvechters is van biobased bouwen in Nederland. Bensdorp heeft meerdere duurzame familiewoningen op zijn naam staan. Er werd contact gezocht en het klikte. Verbruggen: “Dat is wel belangrijk als je met elkaar zo’n proces ingaat. Je gaat toch een soort menage à trois aan met de architect.”

Het ontwerp zit vol met duurzame foefjes. De grote kelder die zich onder de helft van het huis uitstrekt, houdt de bewoners ook in hete zomers aangenaam koel. Op het dak ligt sedum, een dakbedekking van groene vetplantjes die zorgen voor isolatie en gelijkmatige waterafvoer.

Het ontwerp dat Bensdorp tekende is volledig houtskeletbouw met duurzame isolatie van schapenwol. Er zijn zo min mogelijk middelen als lijm en purschuim toegepast. In plaats van mechanische afzuiginstallaties voor de klimaatbehandeling, zijn er dakramen voor een natuurlijke doorstroom van lucht. Twee grote open haarden houden het vakantiehuis ‘s winters samen met de vloerverwarming warm. Voor de gevelbekleding werd Braziliaans hardhout gebruikt. Braziliaans hardhout? Verbruggen: “Natuurlijk wel met het FSC-keurmerk.”

De bouw: Verbruggen zegt dat ze niet alleen duurzaam wilden bouwen, maar dat de omgeving ook moest meeprofiteren. Dus werden de aannemers en werklui uit Limburg betrokken. Ook de prefabbouw vond daar plaats. Verbruggen heeft weinig te klagen over het verloop van de bouw: “Eigenlijk is er geen wanklank gevallen. Alles ging volgens plan.”

De bouw in 2015 verliep ook vrij rap: binnen drie weken stond het houtskelet. Daarna duurde het nog ruim vier maanden eer de rest van het huis was afgewerkt. Verbruggen: “Dat laatste is iets waar we nog steeds mee bezig zijn.”

100% tevreden? Volgens Verbruggen en zijn vrouw moesten de buurtbewoners in het begin wel een beetje wennen aan het ontwerp. De omgeving staat vol met traditionele architectuur. Sommigen kwamen een kijkje nemen en zeiden dan dat ze het ‘bijzonder’ vonden. “Gelukkig niet in de Britse zin van het woord, wat eigenlijk een belediging is.”

Zelf zijn ze ook tevreden. De woning fungeert volgens Verbruggen regelmatig als groepsaccomodatie. “Kinderen, aanhang, vrienden van vrienden; er komen veel mensen over de vloer. Iedereen kan hier ook tegelijk zijn zonder dat je elkaar voor de voeten loopt. Die opzet is heel geslaagd.” Nou goed, als er dan toch een puntje van kritiek genoemd moet worden: “De domotica waarmee we de dakramen op afstand kunnen openen is nogal foutgevoelig. Maar verder: geen wanklank.”